De scherpe bocht van Koningsplein-Zuid

Uit het Nieuws van den Dag voor Nederlands-Indië, 2 januari 1915, onder de titel ‘Een ongeluk dat goed afliep’:

“Zij die gisterenmorgen in alle vroegte Koningsplein Zuid passeerden, hetzij ernstige lieden die van plan waren het nieuwe jaar in te luiden met een bezoek aan het bedehuis, hetzij meer werelds aangelegde personen die laat hun woonstede opzochten na de zorgen van 1914 van zich te hebben afgeschud — zij dan, herzeggen wij, die op Nieuwjaarsmorgen langs Koningsplein Zuid wandelden, aanschouwden daar een toneeltje dat te denken gaf.

De verongelukte Fiat

De verongelukte Fiat

In de slokan, aan de zuidelijke kant van de weg, stond daar, steigerend op zijn radiator met de wielen hoog omhoog, een Fiat auto. De radiator, de voorruit, de vooras en de beide voorste wielen waren zwaar beschadigd. Er had blijkbaar een ongeluk plaats gehad. Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 12 reacties

Oorlog aan de Overkant – mijn vaders verleden

Mijn vader, Dirk Biesheuvel, was een lieve man. Een man met een verleden. Maar daar sprak hij nooit over. Tijdens zijn diensttijd was hij in Indonesië gelegerd. Als kind was ik niet geïnteresseerd in zijn oorlogsverleden, later wilde ik het liever niet weten. Nu is de tijd aangebroken. Tijd om te graven in zijn verleden. Op zoek naar de waarheid.

Door Sanne

Dirk Biesheuvel (1926-1991)

Dirk Biesheuvel (1926-1991)

Het hospitaal in Tjilatjap waar mijn vader werkte in de zomer van 1948 was nagenoeg leeg. Er was niet veel te doen en mijn vader vermoedde dat er één of andere actie op stapel was. In de tussentijd probeerde mijn vader zich te vermaken met de vele vrije tijd die hij had. Hij zwierf graag over het nabijgelegen strand. Hij vond het er heerlijk:

“Soms ga ik met een stel kameraden maar ook vaak alleen. Je stapt gewoon in je zwembroek uit het kamp en binnen een paar minuten ben je al op het strand. Als je naar rechts gaat kom je bij de haven, maar meestal ga ik linksaf. Daar zijn de vissers bezig. De vissers zijn een ruw volkje, maar gezellig en altijd vrolijk.”

Hij keek graag naar de bedrijvigheid van de vissers en beschrijft de handelingen uitgebreid in zijn plakboek. Hij maakte vaak een praatje met de vissersfamilies en al was het dan in “Laag Javaans”, ze hadden leuk contact met elkaar. Omdat ze vrouwen en de kinderen van de vissers ook de hele dag op het strand aan het werk waren, kwamen en ook vrouwen op het strand bij wie je eten en drinken kon kopen. Van de vissers kreeg hij vaak verse vis en op zijn beurt deelde hij aan hen weer sigaretten uit. Het ging er kameraadschappelijk aan toe.

“En steeds weer als ik zo langs het strand loop langs de altijd bewegende zee, en als ik praat met deze arme maar vrolijke en gelukkige mensen, moet ik denken aan de waanzin van de oorlog waarin zij en ik meegesleept worden zonder er iets aan te kunnen doen. Op die momenten voel ik mij één met hen…”    Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 29 reacties

Waarom wordt op oude foto´s zo weinig gelachen?

Door Jonathan Jones

Degenen die deze vraag op Google achterlieten hebben het juist gezien: op oude foto´s wordt zelden geglimlacht. Tijdens de beginjaren van de fotografie was portretkunst het belangrijkst. In 1852, bijvoorbeeld, poseerde een meisje voor haar Daguerreotype met haar hoofd iets gedraaid, waardoor ze een zelfverzekerde uitstraling kreeg. Haar serieuze blik werd voor altijd vastgelegd.

Charles Darwin

Charles Darwin

Die ernst komt steeds terug in Victoriaanse foto´s. Charles Darwin, volgens alle verhalen een warm mens en een liefdevolle, speelse vader, lijkt in foto’s verstard en bevroren. Julia Margaret Cameron’s portret uit 1867 van de astronoom John Frederick William Herschel toont een diepe melancholieke introspectie. Zijn wilde door het licht bestreken haar geeft hem het aanzien van een tragische King Lear. Waarom werden onze voorouders, of ze nu onbekenden waren of beroemdheden, steeds zo somber als ze werden gefotografeerd?   Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 16 reacties

Juridisch afgedwongen excuses

Rawagedeh, Zuid-Celebes en de Nederlandse terughoudendheid

In de zomer van 2013 bood Nederland voor het eerst in de geschiedenis officieel excuses aan voor misdaden begaan tijdens de onafhankelijkheidsoorlog in Indonesië (1945-1949). Indonesische slachtoffers hadden de Nederlandse regering hiertoe gedwongen door middel van twee civiele rechtszaken. Het bewandelen van de juridische weg verschafte aan hen een stem in het land van de daders en gaf ze een kans hun rechten op te eisen. Maar de juridische benadering van het spreken over historisch onrecht kan ook keerzijden hebben. Het beperkt namelijk het publieke debat tot nauw omlijnde gevallen die binnen de parameters van de juridische bewijsvoering vallen. Bovendien zorgt het feit dat excuses juridisch afgedwongen moeten worden ervoor dat de kans op verzoening – het doel van de excuses – aanmerkelijk vermindert. De juridisering van het spreken over historische excuses is daarmee een tweesnijdend zwaard.

Ambassadeur Tjeerd de Zwaan in 2011 tijdens zijn bezoek aan Balongsari (Rawagedeh) om aldaar excuses aan te bieden. (ANP)

Ambassadeur Tjeerd de Zwaan in 2011 tijdens zijn
bezoek aan Balongsari (Rawagedeh) om aldaar
excuses aan te bieden. (ANP)

Door Bart Luttikhuis

Op 30 augustus 2013 trad minister-president Mark Rutte aan voor zijn gebruikelijke wekelijkse persconferentie. De regering had juist die week aangekondigd dat Nederland op korte termijn excuses zou gaan aanbieden voor standrechtelijke executies die tijdens de Indonesische onafhankelijkheidsstrijd door Nederlandse militairen begaan waren. Rutte kreeg de vraag voorgelegd of deze excuses een breuk met het verleden betekenden. Hij was stellig in zijn ontkenning. Hij benadrukte daarbij meermaals dat de Nederlandse excuses slechts een aantal specifieke gevallen betroffen. Nederland bood geen excuses aan voor de oorlog als zodanig, laat staan voor het koloniale verleden in het algemeen.[1] Een kleine twee weken later, op 12 september, sprak de Nederlandse ambassadeur in Jakarta, Tjeerd de Zwaan, de volgende excuses uit:

De Nederlandse regering is zich ervan bewust dat zij een bijzondere verantwoordelijkheid heeft voor Indonesische weduwen van slachtoffers van standrechtelijke executies zoals begaan door Nederlandse militairen in het toenmalige Zuid-Celebes en Rawahgedeh. Namens de Nederlandse regering bied ik excuses aan voor deze excessen.[2]   Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 28 reacties

Echo´s van Indië

RECENSIE/ De onafhankelijkheid van Indonesië in verhalen en herinneringen

Door Peter van Zonneveld

Als het om Indië gaat, is iedereen het nog altijd van harte met elkaar oneens. Vooral de discussie over periode 1945-1950 lijkt nog mank te gaan aan historisch onderzoek, aan feiten. In zijn Echo’s van Indië wil Kester Freriks echter laten zien wat deze periode voor de betrokkenen heeft betekend, hoezeer hun leven is bepaald door de gebeurtenissen van toen. Zijn boek is een verrassende mengeling van gesprekken met vertegenwoordigers van uiteenlopende groeperingen, eigen ervaringen en impressies. Uit al deze verhalen en herinneringen ontstaat geleidelijk aan een caleidoscopisch beeld van de relatie tussen Nederland en Indonesië.

Reenactment Strijd om Soerabaja

Reenactment Strijd om Soerabaja

Zo geeft Freriks de notities weer van een vrouw, die eind 1939 van plan was naar Indië te gaan. Ze volgde een cursus van de Stoomvaart Maatschappij Nederland, en wat ze daar vernam werd opgetekend in een schoolschrift, waaruit Freriks uitbundig citeert. Waar moest je allemaal aan denken? Wat nam je mee aan kleding, schoeisel, keukenspullen en anderszins? De bespreking van gewoonten en gebruiken aldaar roept een koloniale wereld op, waar Freriks zich over verbaast. Zijn conclusie dat de blanken van toen zich op geen enkele manier aanpasten, deel ik niet. Wat bedoelt hij daarmee? Alle praktische tips zijn immers gericht op het leven in de tropen?   Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 30 reacties

Nakamura Papers nog steeds niet openbaar

Een kwestie die in de jaren ’60 iedereen bezighield, blijkt geen enkel spoor te hebben nagelaten in de nationale archieven. Peter Schumacher zoekt uit hoe het zo ver is gekomen.

Door Peter Schumacher

Eduard Brunsveld van Hulten

Eduard Brunsveld van Hulten

In 1963 verscheen in het geïllustreerde weekblad Televizier een lange serie van maar liefst 16 artikelen over een kwestie waar ik in mijn jeugd over had horen praten: de Schat van Nakamura. Wat me was bijgebleven, was dat deze kapitein Hiroshi Nakamura omstreeks 16 augustus 1945 veel goud en juwelen uit het centrale pandhuis in Batavia op Kramat had geroofd, en dat hij een sexy Indische maîtresse had gehad. Nog terwijl wij in Indonesië woonden, was er een hele reeks spectaculaire strafprocessen geweest. De Nederlandse Indische kranten stonden er vol van, maar, helaas, ik was nog te jong (14 jaar) om daarvan mee te genieten.

De schrijver van de serie in Televizier, mr. Eduard Brunsveld van Hulten, was direct bij de processen rond de Nakamuraschat betrokken geweest, als substituut officier van justitie en als auditeur-militair bij de Temporaire Krijgsraad. Hij was zeer goed gedocumenteerd, want hij had alle processtukken persoonlijk bewaard. Brunsveld had zich na de soevereiniteitsoverdracht van eind 1949 blijvend in Indonesië gevestigd als advocaat. Hij en zijn vrouw waren zelfs warga negara (Indonesisch staatsburger) geworden.  Al die loyaliteit met de nieuwe Indonesische republiek mocht niet baten, in 1961, tijdens het hoogtepunt (of dieptepunt) van het Nieuw-Guinea conflict, werden Brunsveld en zijn echtgenote zodanig door anti-Nederlandse agitatoren bedreigd dat ook zij noodgedwongen met hun kinderen naar Nederland vertrokken.   Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 16 reacties

Toespraak minister-president Rutte

Toespraak van minister-president Mark Rutte bij de herdenking bij het Nationaal Indië-monument 1945-1962 in Roermond, 5 september 2015.

Minister-president Mark Rutte

Minister-president Mark Rutte

Indië was in mijn jeugd nooit ver weg, maar ook nooit echt dichtbij.

Dat moet ik uitleggen.

Mijn vader maakte de oorlog mee in een Jappenkamp. Zijn eerste vrouw zat met hun drie kinderen in een ander kamp. Zij overleefde de internering niet. Na de oorlog hertrouwde mijn vader met haar zus, mijn moeder, en vol goede moed gingen ze samen terug om opnieuw te beginnen. Dat was in die moeilijke en onrustige jaren direct na de oorlog bepaald niet zonder risico, maar mijn vader hield van het land en geloofde in de mogelijkheden daar. Toen later, eind jaren ‘50, de spanningen tussen Indonesië en ons land opnieuw opliepen en Nederlandse bedrijven werden genationaliseerd, kwamen mijn ouders terug. Dit keer voorgoed. Voor de tweede keer in hun leven begonnen ze helemaal opnieuw.   Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 38 reacties

Staat? Soevereiniteit?

Nederlands-Indië wordt, terugkijkend, vaak gezien als een ondeelbaar geheel, drie eeuwen onder juridisch gezag van de Nederlandse overheid. Een gebied waar ‘wij’ het voor het zeggen hadden. Was dat echter wel zo? En op basis waarván eigenlijk?
Jan Somers geeft ons een inkijk in zijn kanttekeningen. 

Door Jan Somers

8 Maart, 15 augustus, 17 augustus, 27 december. Data waar de begrippen Staat en Soevereiniteit een grote rol spelen in de Indische geschiedenis. Onderwerpen aan de basis van het volkenrecht, conflicten en bloedvergieten. Maar zelfs juristen en politicologen komen er niet helemaal uit. Mensenwerk! Het zijn begrippen uit de late middeleeuwen, bij het begin van staatvorming in het roerige Europa verder geëvolueerd langs diverse rechtsfilosofische lijnen.

Maurits ontvangt de afgezanten van de sultan van Atjeh, 1602, Jan Frederik Christiaan Reckleben, 1840 - 1884

Maurits ontvangt de afgezanten van de sultan van Atjeh, 1602, Jan Frederik Christiaan Reckleben, 1840 – 1884

Staat

Een staat, wat ís dat eigenlijk? De vroegste omschrijving komt van Machiavelli in 1513: Een organisatie met het vermogen macht uit te oefenen over bepaalde mensen en over een bepaald gebied. De voorwaarden: 1. Er moet een territoir zijn. 2. Er moet op dat territoir een bevolking woonachtig zijn. 3. Er moet een regering zijn die effectief en daadwerkelijk gezag uitoefent over de op dat territoir woonachtige bevolking.  Dus, Nederlandsch-Indië was een staat? Niet dus: om staat te zijn moet je ook door andere staten erkend kunnen worden. Maar, om als staat erkend te kunnen worden moet je wel eerst staat zijn. Met als consequentie dat een entiteit wel staat kan zijn met betrekking tot staten die wél tot erkenning zijn overgegaan, maar staatskarakter mist met betrekking tot andere staten die erkenning hebben geweigerd. Erkenning van een staat is dan niets anders dan het uitspreken van de bereidheid met die entiteit betrekkingen aan te gaan, m.a.w. het accepteren van reeds bestaande omstandigheden. Erkenning niet als volkenrechtelijk, maar politiek criterium. Dit zou inhouden dat er ook staten kunnen zijn die niet als staat worden erkend, en daardoor bijvoorbeeld geen lid kunnen worden van de Verenigde Naties. Met soms de toevoeging ‘de facto’ als doekje voor het bloeden. Maar de praktijk wijst daarbij wel uit dat een niet-erkende staat wel degelijk geacht wordt gebonden te zijn door het internationaal recht.   Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 36 reacties

De terugtocht

RECENSIE/ Nederland en de dekolonisatie van Indonesië

Door Peter van Zonneveld

Zeventig jaar na de Japanse capitulatie zijn we nog altijd bezig met de verwerking van het drama dat zich in Indonesië heeft afgespeeld. Het trauma van de dekolonisatie, de vrijheidsstrijd en de repatriëring heeft diepe sporen nagelaten. Het lijkt wel of de aandacht voor dit deel van onze geschiedenis – en die van Indonesië – alleen maar toeneemt.

Lt. GG Van Mook en prof. Schermerhorn in de wandelgangen, Weltevreden 1947. (foto Cas Oorthuys)

Lt. GG Van Mook en prof. Schermerhorn in de wandelgangen, Weltevreden 1947. (foto Cas Oorthuys)

Over wat er precies heeft plaatsgevonden tussen de Japanse capitulatie in 1945 en de soevereiniteitsoverdracht in 1949 zijn de afgelopen jaren in binnen- en buitenland tientallen studies verschenen, aangevuld met biografieën en memoires van een aantal sleutelfiguren in dit drama. Naarmate de afstand in tijd groeide, is het inzicht in de complexiteit van de geschiedenis alleen maar toegenomen. Maak uit dit alles maar eens een sluitend en bevredigend verhaal.   Lees verder

Geplaatst in 8. Recensies | Tags: , , , | 5 reacties

Learning from the past — If you can

By Erik Meijaard

Being a Dutchman in Indonesia has some advantages. As a member of one of the most ridiculously tall people in the world, in Indonesia I can stand in any packed train or concert crowd and still breathe and see things. The Dutch are also known for their big noses, which gave rise to the moniker Monjet Belanda, “Dutch Monkey” for the rather comical, big-nosed and big-bellied Proboscis Monkey. Those big noses however, come in handy for sticking it into all sorts of issues, and writing about them.

Pieter Johannes Veth (1814-1895)

Pieter Johannes Veth (1814-1895)

But more than anything, being Dutch means that I know a language that was once commonly used here. It came in handy in my early years in Indonesia for chatting to people, especially older folk, but that’s now disappearing. More importantly, knowing Dutch opens up a wealth of colonial-era literature about the country.

I recently read one of these books, Dr. Veth’s 1875 doorstopper “Java: Geographisch, Ethnologisch, Historisch” — you don’t need to be Dutch to guess what that means. I realized that because few of these works have been translated into English or Indonesian, hardly any Indonesians could actually use this. Now, you may ask why anyone would want to bother with a 140 year-old book? I will explain.   Lees verder

Geplaatst in 5. Indonesia | Tags: , , , | 16 reacties