Dekolonisatie Nederlands-Indië: de onderste steen boven

Vandaag wordt officieel het startschot gegeven voor een breed opgezet onderzoek naar de dekolonisatieoorlog in Indonesië, van 1945 tot 1950. Al enkele jaren wordt gepleit voor een nieuw wetenschappelijk onderzoek naar deze periode, waarbij beide kanten, zowel de Indonesische als de Nederlandse, worden belicht.

Evacuatie van gewonden. Tandjoeng Priok, 1945

Aanleiding voor het onderzoek zijn recente publicaties over het optreden van Nederlandse militairen in toenmalig Nederlands-Indië. Met name in Remy Limpachs ‘De brandende kampongs van generaal Spoor‘ kwam aan het licht dat de Nederlandse krijgsmacht structureel extreem geweld heeft gebruikt tegen de Indonesiërs.

Het kabinet ging eind vorig jaar akkoord met nieuw onderzoek naar de dekolonisatieperiode, en stelde er 4,1 miljoen euro voor beschikbaar. In september 2021 moet het onderzoek klaar zijn. Het wordt uitgevoerd door het NIOD, het Koninklijk Instituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde (KITLV) en het Nederlands Instituut voor Militaire Historie (NIMH).  Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 76 reacties

Ik moet de op bloed beluste Indonesische strijder begrijpen

Historici moeten zich verdiepen in het perspectief van de ander, schrijft Onno Sinke bij de ‘kick-off’ van het onderzoek naar de Dekolonisatie-oorlog in Indonesië, 1945-1950.

Fritz Behrendt in Algemeen Handelsblad, 1 augustus 1961: ‘Hoogste tijd voor een revisie’.

Door Onno Sinke

Enkele jaren geleden raakte ik op een feestje met een Indonesische vrouw in een discussie verzeild of Ancol (Java) een pretpark of een erebegraafplaats is. „Een pretpark”, zei de vrouw stellig. „Dat kan, maar het is ook een erebegraafplaats”, zei ik. „Ik weet het vrij zeker want mijn opa is daar begraven.” Ik legde haar uit dat hij een KNIL-officier was die door de Japanners was geëxecuteerd vanwege zijn verzetsactiviteiten tijdens de Tweede Wereldoorlog. „Ah, KNIL, moordenaars!”, riep ze. Verontwaardigd zei ik dat hij ook gevochten had voor de vrijheid van Indonesië. Hier was zij het totaal niet mee eens. Er was duidelijk sprake van een botsing van twee perspectieven op de gedeelde Nederlands-Indonesische geschiedenis.  Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 23 reacties

Ethische politiek in de praktijk

De landbouwtentoonstelling te Bondowoso, 1902

In 1901, vrijwel gelijk met de invoering van de ethische politiek die de inlandse bevolking op termijn tot politieke en economische zelfstandigheid moest brengen, vatte men onder leiding van resident J.R. Couperus van Bondowoso het plan op de Javaanse Oosthoek in de schijnwerpers te zetten. Was men geïnspireerd door de wereldtentoonstelling in 1900 in Parijs? Of door de ethische politiek? We weten het niet. Met een beetje goede wil vinden we echter van beide iets terug in de voorgestelde landbouwtentoonstelling.

Bondowoso tentoonstelling 1902, worstelwestrijden

Bondowoso, een slaperig stadje met niet meer dan 8700 inwoners (volgens de volkstelling van 1905), waarvan 125 Europeanen, 800 Chinezen, 700 Arabieren en ongeveer 7000 inheemsen, maakte zich op voor een grote sprong voorwaarts. Een tentoonstellingscomité ging aan de slag voor de voorbereidingen.

“15, 16 en 17 Mei 1902 zal te Bondowoso een gewestelijke tentoonstelling gehouden worden van producten van landbouw, veeteelt en nijverheid. De tentoonstelling is verdeeld in drie afdelingen, terwijl iedere afdeling weder is onderverdeeld in 4 groepen: landbouw, bosbouw, tuinbouw, nutten en plagen, hulpmiddelen, gereedschappen, werktuigen daarop betrekking hebbende. Afdeling II vormt de groepen: veeteelt (runderen, paarden en geiten), hoenderteelt, in het wild levende viervoetige dieren, vogels enz. en ten slotte jacht en visserij. Alle soorten van ambachten en nijverheid worden vertegenwoordigd door Afdeling III.

Voor 1 Maart 1902 moeten exposanten een opgaaf indienen van de verlangde plaatsruimte, terwijl voor het vervoer langs de lijnen van de Staatsspoor op Java een reductie van 50 percent wordt verleend.”

Aldus De Locomotief op 25 oktober 1901. Die exposanten waren voor een groot gedeelte Europese ondernemingen van Oost-Java, maar ook detailhandel uit steden als Djember, Malang en Soerabaja, en karbouwhandelaren van Madoera. Veel ruimte werd gegeven – en dit was nieuw – aan lokale ambachten.  Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 2 reacties

De koning gaat, als regel, niet naar Indië-herdenkingen

Vandaag is in Roermond, zoals altijd op de eerste zaterdag van september, de nationale herdenking van militairen die tussen 1945 en 1962 vielen in het voormalige Nederlands-Indië en Nieuw-Guinea. Koning Willem-Alexander zal er, in tegenstelling tot een regeringsvertegenwoordiging, niet bij zijn. Piet van Asseldonk, redacteur Koninklijk Huis van de NOS, legt uit waarom niet.

Herdenking Roermond

Door Piet van Asseldonk

Ruim twee weken geleden, op 15 augustus, was in Den Haag de jaarlijkse nationale herdenking van de capitulatie van Japan in 1945. Daarbij wordt ook stilgestaan bij de gevolgen van de Japanse bezetting voor Indische Nederlanders. Beide herdenkingen heten in de wandelgang Indië-herdenking.

Het staatshoofd gaat, in tegenstelling tot bewindslieden, als regel niet naar deze herdenkingen. In Roermond laat hij zich bij wijze van hoge uitzondering, aldus het Koninklijk Huis, vertegenwoordigen door zijn Chef Militair Huis. Naar Den Haag gaat de koning eens in de vijf jaar. Hij was er in 2015 en zal er dus weer zijn in 2020.  Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 36 reacties

De verzwegen moordpartij van Palembang

Weinigen weten dat Nederland al in januari 1947, een half jaar vóór de zogenaamde ‘Eerste Politionele Actie’, een verwoestende aanval uitvoerde op de stad Palembang. In Indonesië geldt de verzwegen moordpartij als een van de eerste grote clashes met Nederland. Een reconstructie.

Mitrailleurstelling bij slag om Palembang [foto: Duizend Dagen Indië]

Door Anne-Lot Hoek

Op 4 januari 1947 seinde H. J. Wijnmalen, hoofd van de Tijdelijke Bestuursdienst in Palembang, een bericht naar de Nederlands-Indische regering in Batavia. Hij meldde dat er bij een militair treffen ‘twee Chinezen en één Indonesiër werden gedood’ en voorts ‘nog enkelen’. Daarmee deed Wijnmalen de waarheid op grove wijze geweld aan. Er vielen vermoedelijk duizenden doden in de Zuid-Sumatraanse stad tijdens die eerste dagen van 1947. Het Rode Kruis zou later spreken van 2000 tot 3500 doden. De stad was een rokende puinhoop na aanvallen door de Nederlandse luchtmacht, de marine en gevechten in de straten. De burgerbevolking was totaal verrast omdat de luchtaanvallen in flagrante strijd met het internationaal oorlogsrecht niet van tevoren waren aangekondigd. Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 62 reacties

‘De brug over de rivier Kwai heeft nooit bestaan’

‘De brug over de de rivier Kwai heeft nooit bestaan’, kopte de Spaanse kwaliteitskrant El Pais kort geleden. Volgens het blad was sprake van een verzinsel, handig gebruikt door de commercie. Is dit wel juist? Wat is de waarheid? Java Post gaat op zoek naar het antwoord.

De brug over de rivier Kwai, uit de gelijknamige film van David Lean.

Door Bert Immerzeel

Een korte vertaling van het artikel in El Pais, 12 augustus 2017:

“Van de beroemde oorlogsbruggen weten we dat die bij Remagen niet meer bestaat. De conclusie met betrekking tot de brug over de rivier de Kwai lijkt vreemder: deze brug heeft nooit bestaan. En tóch, raar maar waar, je kunt hem bezoeken.

Het boek van Pierre Boule

De brug over de rivier de Kwai, die van de film van David Lean uit 1957, is eigenlijk een verzinsel van de auteur van het boek waarop de film is gebaseerd, Le pont de la rivière Kwai (1952), van de Fransman Pierre Boulle. De brug heeft nooit bestaan, maar werd toch, dank zij het verlangen van vele filmfans, uiteindelijk gematerialiseerd.

Over de Kwai (Khwae in het Thai) lag geen enkele brug die voldoende leek op die in de film. Omdat vele reizigers op zoek gingen naar de brug, en de Thaise overheid besefte dat hier geld te verdienen was, werd een mooie brug uit de Tweede Wereldoorlog over de Mae Klong aangewezen als zijnde de bewuste brug, en werd de naam van de rivier veranderd in Kwai. Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 14 reacties

In naam van merdeka

Soetan Sjahrir, Rachmad Koesoemobroto – in Nederland kennen we de voormannen van de Indonesische revolutie nauwelijks. Maar ook hun strijd, hun verlangen naar vrijheid, tekent de Nederlandse geschiedenis.

Soetan Sjahrir pleegt overleg in het voorlopige Indonesische parlement, de K.N.I. Poesat, 1947. [Cas Oorthuys, NA]

Door Anne-Lot Hoek

In zijn autobiografie Op jacht naar het leven beschreef Nederlands beroemdste verzetsman, de Soldaat van Oranje Erik Hazelhoff Roelfzema, hoe zijn vrijheidsdrang, net als voor veel jonge jongens in 1940, vooral was vermengd met het destijds in Europa heersende patriottisme, ‘een overdreven vaderlandsliefde’. Roelfzema’s interpretatie van vrijheid vergroeide tot een nationale jongensdroom, waaraan films, boeken en theaterstukken zijn gewijd. Vrijheid bleef voor hem ook na de oorlog verbonden aan nationale gevoelens, zoals blijkt uit zijn weerstand tegen een onafhankelijk Indonesië, het land waar hij was opgegroeid.   Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 35 reacties