Indië is paraat!

De inval van de Duitsers in Nederland, mei 1940, deed in Indië het ergste vrezen. Vanaf dat moment werd koortsachtig gewerkt aan een verdediging tegen een verwachte Japanse aanval. De burgers waren er niet gerust op. De pers werd echter ingeschakeld om de gemoederen te bedaren.

“Een gedeelte van de ‘sierlijke’ schuilloopgraaf op het erf van Lindeteves in de benedenstad. Voor zitplaatsen is gezorgd.”

Uit het Bataviaasch Nieuwsblad, 12 juni 1940:

“Batavia wil niet achterblijven, doch het voorbeeld van de Europese steden volgen, daarbij uiteraard rekening houdende met de mogelijkheden, welke deze tropische stad biedt, en zich voorbereiden op eventueel gevaar uit de lucht. Overal in de stad worden schuilplaatsen gemaakt. Er wordt gewerkt in versneld tempo. Op verschillende plaatsen tegelijk wordt gegraven en gehamerd en in enkele dagen verrijzen de schuilplaatsen, klaar om er de laatste hand aan te leggen en het houten geraamte te bekleden met zand en zandzakken.  Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 23 reacties

Beste Marjolein

Het historisch onderzoek naar de periode 1945-1950, recent gestart door de onderzoeksinstituten KITLV, NIOD en NIMH, wordt bekritiseerd door een groep personen waaronder Jeffry Pondaag, Francisca Pattipeilohy en Marjolein van Pagee, verenigd in de Stichting Histori Bersama. Op 28 november 2017 stuurde de groep een open brief aan de Nederlandse overheid.  Bert Immerzeel reageert op zijn beurt met een open brief aan Marjolein van Pagee, oprichter van Histori Bersama.

Malang, 1948

Beste Marjolein,

Naar ik begreep zond je samen met 124 anderen een open brief naar drie Nederlandse ministeries, alsmede naar een keur aan andere Nederlandse en Indonesische instituten, om je grieven kenbaar te maken met betrekking tot het recent gestarte breed historisch onderzoek naar de periode 1945-1950. Omdat je brief de (verwerking van de) geschiedenis van Nederlands-Indië behelst, het onderwerp van Java Post, ben ik zo vrij hierop te reageren. Om mijn gedachten beter te kunnen verwoorden, ben ik tevens zo vrij me hierbij tot jou persoonlijk te richten, er vanuit gaande dat jij één van de initiatiefnemers bent geweest, en mede-opsteller van het schrijven.

Om te beginnen: je haalt wel érg veel overhoop. De brief heeft maar liefst 13 bladzijden, – wel héél veel voor iets waarvan je zelf in de inleiding zegt dat “meer onderzoek naar deze periode (is) toe te juichen”.

Je vindt dat het onderzoek ‘niet onafhankelijk’ is, omdat de opdrachtgever partij is (geweest) in enkele rechtszaken die de afwikkeling van deze periode betreft. Tevens heb je kritiek op het feit dat het onderzoek geen afstand neemt van de ‘koloniale mind set’, en vraag je om een soort geloofsbelijdenis van de onderzoekers vooraf: “Gezien (de)kolonisatie het onderwerp van de studie vormt, verwachten wij dat de onderzoekers er blijk van geven besef te hebben van de eeuwenlange, menselijke tragedie die achter deze term schuilgaat.”
In concreto noem je in de brief vier eisen. Laat ze mij becommentariëren:  Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 122 reacties

De kracht van een lied

De laatste dagen van het jaar geven vaak aanleiding tot bijzondere herinneringen. Voor Ludolphine Grijns is er geen herinnering zo bijzonder, als die aan het vrouwenkamp Poeloe Brayan bij Medan, december 1943.

Paradise Road (1997)

Door Ludolphine Grijns

De reeds meer dan anderhalf jaar durende internering begon zijn tol te eisen. Ziekte, honger, uitputting, irritaties, onzekerheid over het lot van de mannen – het drukte de stemming. Waar het jaar ervoor nog Kerstfeest gevierd was met kleine lekkernijen die men had bewaard of had kunnen bemachtigen, met allerhand zelfgemaakte cadeautjes, maar vooral met de hoop, nee, de zékerheid dat het niet lang meer zou duren, daar kostte het nu de grootste moeite om  nog iets van feestgevoel op te brengen.

En toen gebeurde er een klein wonder. In de nacht van 24 december 1943, trok een groepje vrouwen, vrijwel onzichtbaar door de laaghangende nevel, door het kamp. Ze hielden op verschillende plekken halt en zongen! Daar klonken de vertrouwde kerstliederen – ‘De herdertjes lagen bij nachte’, ‘Stille nacht, heilige nacht’ – tweestemmig, driestemmig, helder en klaar…. Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 23 reacties

Raden Saleh, wereldberoemd in Indonesië

Hier totaal vergeten, in zijn vaderland ‘wereldberoemd’. Raden Saleh, ooit hofschilder van de Oranjes, krijgt deze herfst in Singapore een groot retrospectief.

Door Karel Ankerman

Raden Saleh, ca. 1860

Het gemaskerde bal duurde tot zes uur in de morgen. Er waren beroemdheden aanwezig, onder wie de schrijvers Alexandre Dumas, Al­phonse Karr en de gracieuze gravin de Renneville. Maar alle ogen waren gericht op een oogverblindende Javaanse prins in een smaragdgroene tuniek met gouden borduursels, op zijn hoofd een tulband met pluim en diamanten, en aan zijn gordel een met edelstenen bezette kris.

Zo bericht Le petit courrier des dames in 1845 over de entree van de kunstenaar Raden Saleh in de Parijse salons. De correspondent beschrijft hem als volgt: ‘De 32-jarige prins heeft een nobel voorkomen, een fluweelzachte gebronsde huid, ademt een parfum van bon ton en heeft een eenvoudige smaak. Zijn grootste passie is de studie van wetenschap en schilderkunst.’

Wie is deze Indonesische kunstenaar die zich de westerse stijl en techniek zo perfect had eigen gemaakt en die ze in Indonesië Vader van de Indonesische schilderkunst noemen? Wie is de schilder die eerst in hoge achting stond van diverse vorsten van het Nederlands koningshuis, maar wiens spectaculaire schilderij Boschbrand drie jaar geleden voor een bedrag tussen drie en vijf miljoen euro door de kleinkinderen van koningin Juliana aan de National Gallery in Singapore is verkocht?  Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 13 reacties

Fake News

We schrijven december 1947. Terwijl op Java de strijd nog aan alle kanten woedt, wordt in Djokja een jongetje het Militair Hospitaal binnengedragen. Een geval van oorlogje spelen. Ibra en Jusuf hadden hun spel wat ál te letterlijk opgevat, het was uit de hand gelopen, en, Ibra, de jongen van de foto, had Jusuf met zijn houten geweer een klap gegeven. De laatste sloeg zijn vriend terug, misschien harder dan hij bedoelde. Ibra bloedt. De schaafwonden zijn niet zo erg, maar hij moet nu vier tanden missen. Oorlogsfotograaf Hugo Wilmar ziet er een mooi plaatje in en vereeuwigt het slachtoffer.

‘Een republikeinse soldaat met gezicht in verband’ [Hugo Wilmar, NA 344023_006]

De Dienst Leger Contacten zorgt later voor het bijschrift. Niet bekend met de geschiedenis van het voorval, wordt plichtmatig genoteerd: ‘republikeinse soldaat met gezicht in verband’. Volgende!  Lees verder

Geplaatst in 1945-1949 | Tags: , | 12 reacties

Mijn eerste jaren in Indië

De jonge Hongaarse tandtechnicus Géza Szabó is bij Java Post-lezers al bekend van zijn inzet bij de steunverlening aan armlastigen in Djokja tijdens de Japanse periode. We blikken nog een keer terug, en laten hem verhalen van zijn aankomst in Batavia en Djokjakarta, zo rond 1930.   

Door Géza Szabó

Géza Szabó in de jaren ´40.

De aankomst in Batavia wekte geen bijzondere gevoelens bij mij op. Ik was waar ik zijn wilde en daarover was ik tevreden. Echt warm vond ik het er eigenlijk niet, maar achteraf bleek dat juli in Indië een soort wintermaand is.

Kort voor het van boord gaan, werd ik aangesproken door een man die zich voorstelde als agent van de scheepvaartmaatschappij. Hij had van mijn nieuwe werkgever opdracht gekregen mij in Batavia op te vangen en eventueel te assisteren, totdat ik de volgende dag naar Djokja zou afreizen. De agent bracht me naar hotel Daendels, waar een kamer voor mij was gereserveerd.

Ik had enorme behoefte me op te frissen en zocht direct de badkamer op. Dat was een grote teleurstelling, want een douche of bad was er niet. Er stond alleen een vierkante bak met water en een emmertje op de rand. Hoe ik ermee om moest gaan was me een raadsel.  Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 4 reacties

Het Puttertje van de Apenberg

Sommige landmarks uit Nederlands-Indië werden met veel geschreeuw en veel gebaar omvergetrokken, andere kwijnden weg tot dat niemand ze zich meer herinnerde. Met genoegen ontrukt Java Post er zo af en toe een aan de vergetelheid. Wie herinnert zich nog het Puttertje? 

Op de achtergrond het havenlicht

“Gistermiddag omstreeks 12 ure stak de wind op en woei met hevige kracht uit het noordwesten; gelukkig dat de storm al spoedig ging liggen en de bui voorbijdreef.
Hedenmorgen omstreeks 6 ure kwam de wind wederom met groot kracht uit dezelfde richting op en ging de zee met groot geweld tekeer. Een aantal vissersprauwen, die juist van wal gestoken waren, werden in ontredderde staat op ‘t land geworpen, terwijl de bemanning zich gelukkig wist te redden.  Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 13 reacties