De honderden gezichten van het jappenkamp

Een herinnering aan je familie, je kinderen of ouders. In de huidige tijd is dat zeer vanzelfsprekend. Elke stap leggen we vast met onze mobiele telefoon of camera. In de Tweede Wereldoorlog was dat anders. Tussen 1940 en 1945 verloren veel geliefden elkaar uit het oog met alleen een herinnering in hun gedachten. Niets tastbaars.

Bep Rietveld

Schilderes Bep Rietveld veranderde dat in de oorlog tijdens haar verblijf in een jappenkamp. Ze maakte honderden kinderportretjes voordat ze van hun ouders werden gescheiden. Jongens van 10 jaar oud die naar een mannenkamp zijn weggevoerd, zoals ook haar zoon Fons, heeft zij de dag voor de deportatie geportretteerd.

Kinderen die ziek waren en soms overleden in het kamp vereeuwigde zij als aandenken voor de ouders. Bep tekende op elk stuk papier dat zij maar te pakken kon krijgen en ruilde de tekeningen voor wat voedsel of textiel om kleertjes voor de kinderen te maken.  Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 19 reacties

Out of office

Het is al weer een vijf maanden geleden dat de Java Post iets publiceerde. Tijd voor een uitleg.

Door Bert Immerzeel

Het typen van deze regels kost me nog wat moeite. Mijn vingers zijn wat stram, alsof ik last heb van arthritis. Omdat oefening kunst baart, geef ik echter niet op, en blijf schrijven.

Nadat in september 2016 bij mij een hartklep was vervangen, bleef ik last hebben van vermoeidheid en een tekort aan lucht. Bezoeken aan een tiental cardiologen leidden tot de zekerheid dat ik last had van een constrictieve pericarditis: mijn hartvlies was onstoken, en verhinderde dat ik een normaal leven kon leiden. De enige oplossing was een nieuwe hartoperatie, dit keer om het hartvlies te verwijderen. Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 72 reacties

Een land met toekomst

De landbouwkolonisatie Metro in Lampong

De bevolkingsdruk op Java, in combinatie met een algehele economische malaise, noodzaakte het gouvernement een kolonisatieprogramma op te zetten. Ingezet aan het eind van de jaren ’20, werd het programma verder uitgebouwd in de jaren ’30. De grootste kolonisatietransporten vertrokken naar de nabijgelegen Lampongse Districten op de zuidpunt van Sumatra.

Douane in Oosthaven

De belangrijkste kolonisaties in het Lampongsche vonden plaats onder het bestuur van twee residenten: F.J. Junius (1930-1933) en H.R. Rookmaker (1933-1937). Beiden werden daarvoor uiteindelijk bij hun afscheid door de lokale bevolking bedankt met een stoffelijk aandenken. Junius kreeg een naar hem genoemde bank in Telokbetong, Rookmaker een herdenkingszuil in de kolonisatie Metro.

Overbodig te vermelden dat niet zíj degenen waren die de spade in de grond staken en het oerbos voor bewoning gereedmaakten, maar toch: hun rol was verre van onbelangrijk. Zij waren degenen die een wat slaperig gewest nieuw leven inbliezen door de kolonistentransporten te organiseren, voorbereidingen te treffen voor de werkzaamheden van landmeters en waterstaatsingenieurs, richtlijnen verstrekten voor de houtkap, nieuwe wegen openden, Javaanse ambtenaren verwelkomden om hen te wijzen op de voordelen van de projecten etc. etc.. Meer dan een dagtaak, en het succes van hun arbeid was van levensbelang voor het welslagen van kolonisatieprojecten elders.

Onder het bestuur van resident Junius was Gedong Tataän, de eerste grote kolonie, tot stand gekomen. In deze kolonie ten noordwesten van Telokbetong zou uiteindelijk een 40 duizend nieuwe bewoners hun toekomst vinden. In 1932 werd geconcludeerd dat de grenzen van de groei in zicht waren.  Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 44 reacties

Het land aan de overkant

Volksverhuizingen naar de buitengewesten

Het was een grootste première. In het Deca Park te Batavia werd, in aanwezigheid van de gouverneur-generaal en vele andere hoogwaardigheidsbekleders, op 31 januari 1939 de film ‘Tanah Sabrang’, ‘Het land aan de overkant’, vertoond. Vóór de lichten werden gedoofd, werd echter eerst een toespraak gehouden door edeleer (lid van de Raad van Indië) J.H.B. Kuneman, lid van Centrale Commissie voor Emigratie en Kolonisatie van Inheemsen:

Migranten onderweg naar Sumatra, aan boord van de Van Riebeeck

‘In 1850 telde de bevolking van Java ca. 11 miljoen zielen, in 1920 ca. 34 miljoen, in 1930 bijna 41 miljoen en thans naar schatting ruim 45 miljoen. In de laatste 130 jaar heeft deze bevolking zich dus vertienvoudigd. Op het Centraal Kantoor voor de Statistiek is berekend, dat zonder emigratie en met het geboorteoverschot van het laatste anderhalve decennium, de bevolking van Java in het jaar 2000 116 miljoen zielen zal tellen (deze schatting bleek achteraf redelijk nauwkeurig: in het jaar 2000 telde Java 121 miljoen inwoners, thans ca. 150 miljoen – JP).’  Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 23 reacties

De ‘witte hadji’ Snouck als avonturier

Christiaan Snouck Hurgronje

Deze islamoloog en arabist was een van de eerste westerlingen die doordrong in Mekka. Later streek hij voor onderzoek neer in Java en Atjeh. En steeds weer schreef hij voorbeeldige etnografieën.

Door Dirk Vlasblom

Snouck Hurgronje in Mekka

Philip Dröge heeft een scherp oog voor intrigerende, weinig bekende stukjes geschiedenis dicht bij huis. Dat bleek eerder uit zijn boeken Moresnet (2016), over dat vergeten buurlandje van Nederland, en De schaduw van Tambora (2015), een huiveringwekkend verhaal over de vulkaanuitbarsting van 1815 in Nederlands-Indië. Met Pelgrim, een biografie van de Leidse islamoloog en arabist Christiaan Snouck Hurgronje, heeft hij alweer een boeiend onderwerp te pakken dat niet is opgenomen in de vaderlandse geschiedeniscanon.  Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 70 reacties

De dood van Ferry Tan

Een mysterieuze epidemie aan boord van de ‘Insulinde’

Iedere familie kent zo zijn eigen verhalen, waar of minder waar, verteld, of juist verzwegen. Zelfs na een eeuw is soms mogelijk ze te ontrafelen. Sioe Yao Kan gaat op zoek naar de waarheid achter de dood van zijn oom Ferry.

Door Sioe Yao Kan

Ferry Tan

Mijn moeder zei vaak als ze me bezig zag met plantjes: ‘Wat lijkt je toch op Ferry. Jammer dat hij er niet meer is.’ Op mijn vraag: waarom is hij dood? kwam meestal een vaag antwoord zoals: ‘Hij is overleden aan boord van een schip.’ Of, iets uitgebreider: ‘Hij was op weg naar Europa om te trouwen. Hij zou de eerste zijn die niet met een Chinese vrouw zou trouwen. Maar ja…’ Over wat er dan precies aan boord was gebeurd, zei ze nooit iets. Wél, dat ze haar vader nooit eerder zo bedroefd had gezien als op het moment waarop hij het overlijdensbericht kreeg.

Als ik de vraag stelde aan háár moeder, mijn oma Han Tek Nio, dan volgde meestal een emotionele stortvloed van verwijten. Het was altijd de schuld van de rederij. ‘Wij (zijn ouders) hadden hem nota bene eerste klas laten reizen en dan wordt hij toch zo ziek dat hij overlijdt. En ze (de rederij) wilden het lijk zo maar in zee dumpen.’ Wat er nu precies gebeurd was aan boord van dat schip was ook háár niet duidelijk. Er had een besmettelijke ziekte geheerst, maar welke?  Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 6 reacties

Per rijwiel van Batavia naar Buitenzorg

Alhoewel eerdere modellen (toen nog onder de naam vélocipède) al in de jaren ’60 van de 19e eeuw in Indië werden verkocht, mogen we aannemen dat de fiets in de huidige vorm voor het eerst met enige regelmaat werd gebruikt in de jaren ’80. Europeanen met een goed inkomen verstoutten zich in Batavia rijtoertjes te maken in de lommerrijke lanen van Weltevreden, en, geïnspireerd door krantenverhalen uit Europa, soms nog verder. In 1890 publiceerde een zekere ‘S.’ het eerste echte Indische rijwielverslag in de Java Bode.

Weltevreden, sociëteit Harmonie, ca. 1870

Batavia, 7 April 1890. Mij voorgenomen hebbende, eens per rijwiel naar Buitenzorg te rijden, besloot ik te wachten tot de Paasdagen om aan dit voornemen een uitvoering te geven. Ik koos hiervoor expres twee vrije dagen, om bij een eventueel ongeluk een extra vierentwintig uur te hebben teneinde dit ongeluk weder te boven te komen, daar men toch moeilijk vooruit kan weten wat er gebeuren zal. Hoe meer ik over het plannetje nadacht, hoe meer het mij bekoorde, niettegenstaande de inlichtingen aangaande de toestand van de weg, mij welwillend verstrekt door de heer Lehnert, welke die weg te paard glorieus in 3.32 uur had afgelegd, allesbehalve bemoedigend waren, maar misschien droeg juist die vermeerdering van obstakels er toe bij om de bekoring te vergroten.  Lees verder

Geplaatst in 9. Java Post | 14 reacties