We schrijven 11 november 1945. Terwijl in de stad nog kanongebulder klinkt, worden in Tandjoeng Perak voorbereidingen getroffen voor de afvaart van alweer een volgend evacuatieschip. Gisteren is een groep vrouwen en kinderen uit het Darmokamp naar Singapore vertrokken met de ´Rocksand´, vandaag was het de beurt aan de ´Van Heutsz´. Ook arriveerden nog tientallen vrachtauto´s met zojuist bevrijde gevangenen uit de Werfstraatgevangenis. Bij het uitladen op de kade bleek een deel van deze groep er slecht aan toe. De Britten besluiten de zwaksten meteen te verschepen met het eerstvolgende schip dat klaar ligt voor vertrek, ´HMS Princess Beatrix´.
De Werfstraat-geïnterneerden zullen op dat moment niet beseft hebben hoe bijzonder het schip was waarmee ze de volgende dag zouden vertrekken. ´Weg is weg´, zullen ze hebben gedacht. Maar bijzonder was het wél. De ´Beatrix´ was samen met haar zusterschip ´HMS Queen Emma´ misschien wel het Nederlandse schip met de meest eervolle staat van dienst in oorlogjaren.
Beide schepen waren kort voor de oorlog gebouwd in opdracht van de Stoomvaart Maatschappij Zeeland (SMZ), als veerboten voor de lijnverbinding Hoek van Holland – Harwich. De ´Koningin Emma´ werd te water gelaten op 14 januari 1939, de Prinses Beatrix korte tijd later. Na enkele proefvaarten kwam de Beatrix op 3 juli 1939 in dienst, om na twee maanden al weer uit de vaart te worden genomen. De Duitsers waren Polen binnengevallen en de Britten hadden Duitsland de oorlog verklaard. Gevolg was, dat alle Britse havens voor de burgervaart werden gesloten. Toen de Duitsers ook Nederland binnenvielen kon de Prinses Beatrix te nauwernood wegkomen naar Engeland.











