Seks in de tropen

Door Piet Scheele

Hoe zat het met seks bij de Nederlandse dienstplichtigen in Indonesië? Het was iets waar, na terugkomst, vrienden graag naar vroegen. Deden we aan seks en hoe? Bij andere oorlogen, vroegere en huidige, lees je geregeld over verkrachtingen. Die heb ik in Indonesië gezien noch meegemaakt. Mogelijk zullen ze er geweest zijn, maar ik merkte daar op de buitenposten waar ik was niets van. Het was ook een andere oorlog. Geen hevige straatgevechten waar na lange strijd soldaten een stad innemen, vele tegenstanders doden en maats zien sneuvelen. Door de verschrikkingen zullen die weinig gevoel voor normen en waarden hebben overgehouden. Daaraankaneen oorlogstribunaal weinig veranderen. Ja, als oorlogen zouden kunnen worden uitgebannen, maar die zijn zo oud als de wereld.

We waren nog jongens…

De moraal in die tijd was ‘geen seks voor het huwelijk’. Niet dat ieder zich daaraan hield. In Nederland moesten nog alwat jonge paartjes trouwen. De meeste dienstplichtigen in Indonesië waren, toen ze er kwamen, jong, zo tussen de 19 en 20 jaar. De meeste zagen er ook erg jong uit. Als je naar oude foto’s uit die tijd kijkt, dan lijken we jongens van 16 á 17 jaar van nu. We hadden ook net een Tweede Wereldoorlog achter de rug, waarin velen in West-Nederland in het laatste oorlogsjaar honger leden en ondervoed waren. We hadden door de oorlogshandelingen ook nauwelijks een ‘normale’ jeugd gekend. Een beperkt aantal had al verkering en enkele waren getrouwd voor ze naar Indonesië gingen. Seks met een andere vrouw was onder de bestaande huwelijks- en verlovingstrouw bedrog en dus overspel. Geen seks betekende echter in de vaak drie jaar, dat je in Nederlands-Indië verbleef, volledige onthouding en dat was een moeilijke opgave.    Lees verder

Geplaatst in 3. Bersiap en Merdeka, 1945-1949 | Tags: , , , , | 30 reacties

Zeepost 2012/3

Vragen en oproepen van lezers

Sophie Elisabeth de Groot-Saueressig in kamp Tjideng

S.E. de Groot-Saueressig (OGS)

Mijn grootmoeder, Sophie Elisabeth (maar werd altijd Fee genoemd) de Groot-Saueressig is, van wat ik kan achterhalen, in maart 1944, vanuit Kramat naar Tjideng gekomen met haar 3 kinderen: Marijke (1937-2004), Roland (1939) en Boudewijn (1944). Zijzelf is in Tjideng overleden (22 juni 1945) en ik heb haar dus nooit gekend. Mijn vader spreekt nooit over het kamp maar ik zou zo graag wat horen van hoe mijn grootmoeder was.
Zij er wellicht mensen die zich haar, of anders mijn vader Roland of mijn tante Marijke kunnen herinneren en mij daar iets over kunnen vertellen? Ik (en ongetwijfeld mijn broers, neven en nichten) zou ontzettend blij zijn met wat herinneringen!!!!    Lees verder

Geplaatst in Zeepost | Tags: , , , , , , , , , , | 2 reacties

De waarde van een foto

Een executie?

De Volkskrant bracht het deze week maar liefst paginabreed op de voorpagina, “Eerste beeld van executies in Indië”. Alsof het de aankondiging van een nieuwe wereldoorlog betreft of de ontdekking van het Higgs-deeltje. Het enige dat in de kop ontbreekt zijn de uitroeptekens.
Nu is het niet gebruikelijk dat  “historisch nieuws” zo breed wordt uitgemeten. En dus, denk je in eerste instantie, moet wel iets bijzonders aan de hand zijn. Bij nader inzien blijkt het verhaal nogal wankel. De suggestie dat de gevonden foto het beste bewijs vormt voor wreedheden gepleegd door Nederlandse militairen wordt niet goed onderbouwd.

Het nieuwtje werd wel leuk gebracht. Een voorbijganger in Enschede had twee foto-albums uit een vuilcontainer gevist en deze afgegeven bij het stadsarchief. De albums lagen daar een tijdje te verstoffen, totdat weer een andere voorbijganger de archivaris wees op het belang van de foto´s, en één daarvan in het bijzonder. Twee keer toeval dus, en dát bij de fotovondst van de eeuw. Dat móet het wel bijzonder maken, moet de Volkskrant hebben gedacht. Voor de lezer is dit verhaal echter onvoldoende om te overtuigen. Er blijven genoeg vragen te beantwoorden.    Lees verder

Geplaatst in 3. Bersiap en Merdeka, 1945-1949 | Tags: , , , , , | 86 reacties

Een kwestie van willekeur

Al eerder schreven we in de Java Post over de registratie van de Indo-europeanen tijdens de Japanse bezetting. Het verschil tussen méér of minder dan 50% blank bloed was niet onbelangrijk. In de meeste gevallen betekende het wél of geen internering, met alle gevolgen van dien. Een bevolkingsgroep die vóór de oorlog één was, werd nu op basis van raciale herkomst in tweeën gesplitst, waarbij het niet uitzonderlijk was dat zelfs binnen één gezin sommigen wél en anderen niet werden geinterneerd.
Als voorbeeld van deze registratie volgt hier de geschiedenis van de heer Oscar L.A. Helfrich.

Pendaftaran (detail)

Helfrich was voor de oorlog inspecteur bij het gevangeniswezen in Batavia. Kort voor de Japanse inval was hij ingedeeld bij de Bataviasche Stadswacht en als zodanig afgereisd naar Bandoeng. Na de KNIL-capitulatie, 8 maart 1942, mochten deze stadwachters terug naar hun woonplaats. Helfrich trok weer in in zijn woning aan de Sumatrastraat: “Mijn eerste werk was een koffertje en andere spullen klaar te leggen voor het geval ik, hetgeen ik verwachtte, zou worden geinterneerd.”
Pas op 10 mei kwamen Indonesische politie-beambten hem ophalen. Mevrouw Helfrich vertelde hun echter dat Oscar Helfrich al twee maanden eerder was opgepakt (wat in zekere zin waar was want haar zoon, ook Oscar geheten, was krijgsgevangen) en de mannen vertrokken weer zonder het huis te doorzoeken. Helfrich bleef nog even vrij.   Lees verder

Geplaatst in 2. Japanse Bezetting, 1942-1945 | Tags: , , , , , | 39 reacties

Zeepost 2012/2

Vragen en oproepen van lezers

Families Neys en Morpey

Ik ben één van de nazaten van de familie Neys. Na de dood van mijn opa (die
destijds in een Jappenkamp heeft gezeten) heb ik een aantal geboorte-,
huwelijks-, en overlijdensaktes in bezit gekregen die mij veel inzichten
hebben geven. Nu strandt mijn onderzoek, omdat ik niet verder kom. Ik ben al in het
Nationaal Archief en het CBG geweest in Den Haag.   Lees verder

Geplaatst in Zeepost | Tags: , , , , | 8 reacties

Twintigduizend onderbroeken

De steunverlening aan Indo-Europeanen in Bandoeng lag vanaf januari 1944 in handen van het plaatselijke Indo-Comité onder leiding van Frits Suyderhoud. Over deze steunverlening, die bestond uit huisvesting, voedsel en werkverschaffing, werd in het verleden al meermalen geschreven, echter vrijwel slechts alleen over de werkkampen. De meeste jongens uit Bandoeng herinneren zich nog levendig de kampen Goenoeng Haloe en Pasir Benteng. Het verhaal van de andere tewerkstellingsprojecten, vooral bedoeld voor vrouwen en meisjes, kreeg veel minder aandacht.

Japans officiersuniform

Vanaf het begin van het functioneren van het Indo-Comité was al sprake van een schoenenfabriekje aan de Kebon Kawoeng, naast de gaarkeuken van, en evenals deze geleid door, ‘ Paatje’  van der Capellen. Als we de bronnen mogen geloven dan hield Van der Capellen zich de helft van zijn tijd samen met zijn vrouw bezig met het runnen van de gaarkeuken, en de andere helft met het aansturen van enkele jongens die bezig waren om uit lappen rubber schoenen te snijden. De bestellingen voor de rubber en benodigde benzine (?) verliepen via het Indo-Comité. Het bedrijfje bleef in functie tot het einde van de oorlog. Op 26 juli 1945 meldde Van der Capellen nog bij Suyderhoud dat er “een Nip van de burgerkampen” bij hem was langsgekomen voor de bestelling van 1500 paar schoenen.    Lees verder

Geplaatst in 2. Japanse Bezetting, 1942-1945 | Tags: , , , , , , | 24 reacties

Zeepost 2012/1

De postbeambte

De Java Post brengt verhalen over Nederlands-Indië en alles wat daar mee samenhangt, zo regelmatig mogelijk, en zo veel mogelijk aansluitend bij het actuele nieuws. Af en toe komen echter ook berichten binnen met een ander karakter, zoals bijvoorbeeld vragen en oproepen van lezers. Om deze berichten de ruimte te geven, publiceren we ze hier onder de noemer ´Zeepost´, als ware het pakjes die van de loopplank van de Sibajak of Zuiderkruis worden afgedragen.

x

Diet Kramer

In verband met een promotieonderzoek zou ik graag in contact komen met mensen die de schrijfster Diet Kramer (1907-1965) hebben gekend. In de periode 1933-1946 woonde zij in Nederlands-Indië. Tijdens de oorlog zat ze in Banjoe Biroe kamp 11. Tevens ben ik op zoek naar het door haar geschreven boek ‘Lodewijk de rattevanger’, dat in 1941 inBandung is verschenen. Na de oorlog is hiervan een Nederlandse editie verschenen. Het gaat mij echter om de eerste uitgave. Ten slotte zou ik graag in het bezit komen van het artikel dat Diet Kramer over de inval van de Japanners heeft geschreven in het Djokjase dagblad Mataram. Vermoedelijk is dit begin maart 1942 gepubliceerd.   Lees verder

Geplaatst in Zeepost | Tags: , | 5 reacties

Het verhaal van Oom Karel

Door Herman Keppy

Prima wat er door die instituten is voorgesteld: nieuw, objectief onderzoek naar het militair geweld in Indonesië tussen 1945-1949. Dat zal moeilijk genoeg zijn. Maar het krijgt slechts echte historische diepgang en ‘kleur’ als die geschiedenis wordt aangevuld met persoonlijke, subjectieve getuigenissen van zo veel mogelijk verschillende mensen ‘uit het veld’. Zoals die van ex-verzetsstrijder en ex-marinier Karel Poetiray.

Ontscheping mariniers

Oom Karel was een onvervalste Hagenees met bijbehorend accent, al was hij geboren in Bandung. Hij was in de jaren tachtig van de vorige eeuw lid van de VVD. Toen die partij de minister van Defensie leverde, ik meen Wim van Eekelen, bestookte hij de fractie met klachten over de nieuwe fregatten van de Koninklijke Marine. Oom Karel had ontdekt dat wanneer een vijandelijk vliegtuig die schepen van achteren zou naderen, het afweergeschut eerst de eigen commandotoren en de communicatieschotel van het dek moest blazen, voordat het misschien het vliegtuig zou kunnen raken. Hij had een punt, maar zijn partij negeerde hem. Misschien omdat oom Karel ook lid was geweest van de Centrum Partij, al was hij zelf tot de conclusie gekomen, dat het fascisten waren. Dezelfden die hij zo had gehaat in de Bezettingstijd, toen hij op zijn zeventiende met zijn neven in een naïeve en levengevaarlijke poging om verzet te plegen, Duitse mijnen uitgroef op het strand van Scheveningen. Na de Bevrijding meldde hij zich meteen als oorlogsvrijwilliger om tegen de Japanners te vechten, het werd een andere oorlog. Hij is al lang overleden, zoals de meesten die erover kunnen vertellen. Toch laat ik hem posthuum aan het woord over de periode die nu pas nieuw onderzoek behoeft.   Lees verder

Geplaatst in 3. Bersiap en Merdeka, 1945-1949 | Tags: , , , , , | 11 reacties

Depressie en Muiterij

Door Jan Somers

Als je over de huidige financiële crisis leest, ga je onwillekeurig terugdenken aan de grote depressie uit de jaren dertig van de vorige eeuw, die ook in Indië behoorlijk heeft huisgehouden. Het is vreemd dat we ons van die crisis alleen nog de muiterij op De Zeven Provinciën herinneren. Zelfs de zware salarisverlagingen zoals binnen ons gezin, ik dacht zo’n 17%, zijn uit het geheugen verdwenen. Waarschijnlijk had de opstand (nota bene: binnen de hooggeachte Koninklijke Marine!) een onuitwisbare indruk nagelaten.

Het snijden van suikerriet op Java

De wereldwijde crisis, begonnen met de Wall Street Crash van oktober 1929, veroorzaakte prijsdalingen voor suiker en andere agrarische exportproducten die van belang waren voor de handelsbalans van Nederlands-Indië. In 1935 was de waarde van de export nog slechts 32 procent van de waarde in 1929. Vanwege de hoge arbeidsintensiviteit van de cultures was de invloed op de werkgelegenheid nog groter; het oppervlak suikerriet dat in 1934 al gedaald was tot 200.000 ha. bedroeg in 1939 nog slechts 90.000 ha., maar de loon­som in deze industrie daalde met 90 procent! Bij een inzameling op mijn school brachten de meeste kinderen geld mee, kinderen van een suikerfabriek kwamen met een vrachtauto met zakken suiker.   Lees verder

Geplaatst in 1. Het vooroorlogse Nederlands-Indië | Tags: , , , , , , | 71 reacties

De Indische Kwestie

De laatste weken wordt in Indo-kringen in Nederland en daarbuiten druk gecorrespondeerd over een aan de regering aan te bieden petitie, waarin wordt aangedrongen op een oplossing voor ´De Indische Kwestie´. De voorzitter van het Indisch Platform, Herman Bussemaker, legt uit wat deze kwestie precies inhoudt, en wat de petitie beoogt.

Door Herman Bussemaker

Koers West

De Indische Kwestie betreft twee zaken, waarbij de Indische Nederlanders heel anders behandeld werden dan de Nederlanders die de Duitse bezetting hebben meegemaakt.

In de eerste plaats werden de achterstallige salarissen van de ambtenaren en militairen als gevolg van 41 maanden Japanse internering noch door de Nederlands-Indische regering, noch door de Nederlandse regering uitbetaald. Dit in tegenstelling tot de Nederlandse ambtenaren en militairen die geïnterneerd werden of als gegijzelde vastgehouden door de Duitse bezetter. Zij kregen na afloop van de oorlog hun achterstallige salaris volledig uitbetaald. Extra pijnlijk is dat het door de Japanners geïnterneerde personeel van de Koninklijke Marine WEL deze salaris-uitbetaling heeft ontvangen, terwijl hun collega-militairen van het KNIL dat niet kregen. De toenmalige minister van Marine in het kabinet Schermerhorn vond het niets meerdan een plicht om aldus de ereschuld aan het Marinepersoneel in te lossen.   Lees verder

Geplaatst in 6. Onderzoek, Aanspraken en Verwerking | Tags: , , , , | 122 reacties