Door Rob Cassuto
Toen de oorlog in Nederlands Indië uitbrak in 1942 was ik net één jaar. We – mijn moeder, grootmoeder en ik – kwamen na een kleine twee jaar kamp Tjihapit terecht in kamp Moentilan.
In de tweede helft van mijn leven wilde ik méér weten: hoe was het daar in dat kamp Moentilan, hoe was het toen? Herinneren doe ik mij praktisch niets, maar uit de herinneringen van anderen en een paar eigen flarden heb ik een reconstructie gemaakt.
Op weg van Bandoeng naar waar?…
Mijn moeder zegt dat ons transport uit Bandoeng begin 1944 plaats vond, maar het moet later in dat jaar zijn geweest, volgens de boeken was het in november: een paar honderd vrouwen en kleine kinderen stonden in lange rijen opgesteld op het Oranjeplein in Bandoeng, het plein dat deel uitmaakte van de wijk Tjihapit, de wijk die de Japanners tot vrouwen- en kinderkamp hadden getransformeerd en die ons al twee jaar gevangen had gehouden.
De geruchten over vertrek gingen al langere tijd en nu was het zo ver.
Ik moet er ook bij gestaan hebben, een kleuter van ruim drie. Bijna alle vrouwen hadden rugzakken genaaid voor de schaarse artikelen die ze mee mochten nemen op het aanstaande transport – niet meer dan 10 kilo en voor één maaltje eten. Gespannen afwachting.
Waarheen ging het? Lees verder











