Guerrillagroep overleefde 2,5 jaar in de jungle

Tropische ziekten, extreme hitte en kou, voedseltekorten en de constante dreiging van Japanse aanvallen hebben ze doorstaan: de zeventien personen die op 4 oktober 1944 na 2,5 jaar in de jungle van Nieuw-Guinea (onderdeel van Nederlands-Indië) zijn gevonden. Een van overlevenden is een meisje dat slechts 16 was toen hun guerrillastrijd begon, Coosje Ayal.

Een van de militairen kort na de vondst (Bronbeek)

Onder leiding van kapitein Willemsz Geeroms trok in april 1942 een groep van 79 mensen de jungle in om te ontsnappen aan de Japanners. Onder hen was ook een ambtenaar die uit voorzorg al voedseldepots had aangelegd in de binnenlanden, zijn vrouw en hun geadopteerde dochter.

De groep moest talloze ontberingen doorstaan om aan de vijand te ontsnappen: muggen en bloedzuigers, malaria en beriberi, zompige moerassen en koude bergtoppen. Medicijnen of verband had men niet, kleren werden vodden, waarna de groep zich met boombast of bladeren bedekte.

Ayal: “Er was afgesproken dat wij geen zwaar gewonden of zieken mee zouden nemen. Wie om welke reden niet verder kon, werd gefusilleerd. De Japanners zouden een gevangen genomen strijder immers zodanig kunnen martelen dat hij de schuilplaats van de hele groep zou kunnen verraden.”

´Het was net of we altijd zo geleefd hadden´

Het dieet van groente of vruchten uit de jungle kon men soms aanvullen met voedsel dat men van de Papoea’s kreeg of van de Japanners stal. Met Kerst 1943 werd een gestolen hond geroosterd als feestmaal.

“Het was net of we altijd zo geleefd hadden en altijd zo door zouden gaan”, vertelt Ayal. Als er werd gebivakkeerd werden er altijd drie kampen opgeslagen, zodat de Japanners nooit in één keer de hele groep zouden kunnen oppakken.

Zo wist Ayal een keer te ontsnappen toen de Japanners een kamp vonden. Toen ze terugkwam van het water halen zag ze hoe kapitein Geeroms en een groep soldaten met haar adoptiefmoeder werden weggevoerd. Ayal weet niet wat er met hen is gebeurd, maar het is bekend dat Japanners krijgsgevangenen soms onthoofden.

Ayal moest in haar eentje de andere groep terugvinden. Dat lukte pas na enkele dagen in de jungle.

Kokkelink (in het midden) met zijn mannen en Coosje Ayal (Bronbeek)

Aanvallen op Japanners

Na het verlies van Geeroms bleef de groep onder leiding van onderofficier Kokkelink rondtrekken door het oerwoud. “Vaak stonden we op het punt ons over te geven, maar de onderlinge collegialiteit, de moed en het doorzettingsvermogen gaf ons de kracht door te gaan”, vertelt Ayal.

In dertig maanden voerde de groep meerdere aanvallen uit op de Japanners. Volgens eigen zeggen zijn er zeker 30 Japanse militairen gedood en is er zelfs het vuur geopend op een Japans schip. De bezetter zette een prijs van 10.000 gulden en een partij rijst en zout op het hoofd van Kokkelink.

Nadat de Amerikanen grote delen van Nieuw-Guinea van de Japanners hadden overgenomen, bereikte hen ook berichten over een guerrillagroep. Na een maand zoeken kon contact worden gemaakt met de kleine groep overlevenden.

Naar verluidt wilde Kokkelink, hoewel hij ziek en verzwakt was, niet door de Amerikanen geëvacueerd worden, maar bood hij aan hun gids te worden bij aanvallen op de Japanners. Hij vroeg alleen om wat aspirine, tabak en kinine tegen malaria.

 

Bronnen
http://www.vriendenvanbronbeek.nl/3%20Nieuws20151213AyalCoos.htm
Het Parool, ‘Gewone oma met een wat ongewoon verleden´, 29 augustus 1996

Dit artikel verscheen eerder op 4 oktober 2019 op de speciale herdenkingssite van de NOS.

Dit bericht werd geplaatst in 9. Java Post. Bookmark de permalink .

30 reacties op Guerrillagroep overleefde 2,5 jaar in de jungle

  1. P van Geldere zegt:

    Wij vochten in het bos,is het boek van sergeant Kokkelink.
    Dit heb ik in mijn bezit.

  2. Ziska zegt:

    Ayal is wel een Manadonese naam

  3. walter zegt:

    Uitstekend deel van onze Indische geschiedenis

  4. Marjoleine Bosma zegt:

    Wat waren de namen van al deze guerillastrijders?

    • buitenzorg zegt:

      Het boek ´Wij vochten in het bos´ van Mauritz Kokkelink geeft hierop hoogstwaarschijnlijk het volledige antwoord.
      De groep startte aanvankelijk o.l.v. kapitein J.B.H. Willemsz Geeroms, met een man of zestig, vanuit Manokwari. Deze leider werd na een jaar gevangen genomen. Een kleine groep o.l.v. Kokkelink hield het vol tot oktober 1944 toen zij door de geallieerden werden bevrijd. Tot deze laatste groep (14 personen) behoorden, naast Kokkelink en Koosje Ayal: Nahuwae, Sagrang, Socha, De Mey, De Kock, Beaufort, Jacquard, Attinger en Sandiman.

      • Robbert Hoekstra zegt:

        Ook ikheb eens in de 50er jaren een foto gezien in een magazijn van hun Rood/Wit/Blauwe vlag met hun namen in EIGEN BLOED geschreven. Als deze HELDEN voor hun eer en trouw aan de Nederlandse vlag, land en volk bewezen nog geen restiturie hebben ontvangen voor de opoffering van hun leven en de gedragen ontberingen dan verklaar ik het land van Nederland, de Rood/Wit/Blauwe Vlag, het Nederlandse volk, de Nederlandse Regering en het Huis van Oranje als lafhartig, oneerbaar en onbtrouwbaar voor de hele wereld gemeenschap der Verenigde Naties!

    • R Geenen zegt:

      Als ik mij niet vergis staan alle namen op een Nederlandse vlag en die vlag staat in een vitrine in Bronbeek. En als U daar een oude Indischman ziet rondlopen en zijn naam is Bo Keller, dan kan hij U alles over die geschiedenis vertellen.

  5. Lieuwe de Haas Weston Connecticut USA zegt:

    Ben blij om te lezen over wat onze mensen hebben mee gemaakt in Nieuwe Guinea, inplaats van al dat ge oha over het museum in Amsterdam, het nu eenmaal een feit dat de naoorloogse generaties eigenlijk geen benul hebben wat er in Indie is gebeurd in de oorlog en wat daarna is gebeurd.

  6. F.H.Dijkstra Sneek zegt:

    Op de foto zie ik Kokkelink met Menadonese of Ambonese volgelingen. De familie leden van hen en mogelijk zelfs zijzelf ook, werden na 1950 naar Nederland overgebracht. De Nederlandse overheid bleek daarbij minder trouw aan haar woord, dan de volgelingen van Kokkeling aan Nederland. Het zou interessant zijn te horen hoe – en of – de groep Kokkelink is beloond. Zou het boek over de groep Kokkelink nog verkrijgbaar zijn ?

    • buitenzorg zegt:

      Op de website Antiqbook.nl (site van gezamenlijke Nederlandse antiquairs) wordt het boek drie maal vermeld:
      https://www.antiqbook.com/search.php?action=search&l=nl&owner_id=&full=m.ch.kokkelink

      PS Bij Minerva is het het goedkoopst….

    • Arthur Olive zegt:

      “De Nederlandse overheid bleek daarbij minder trouw aan haar woord, dan de volgelingen van Kokkelink aan Nederland.”
      De Nederlandse overheid bleek al vlak na de oorlog ontrouw te zijn in Manokwari waar ze alle vooroorlogse goederen van Kokkelink hadden uitgegeven aan anderen. Dit bleek ook uit zijn brief aan de koningin. Zelfs de vlag die ze al die tijd bij zich hadden werd in Bronbeek vele jaren getoond zonder uitleg. De Japanse vlag kreeg meer aandacht.

      • R Geenen zegt:

        @@Zelfs de vlag die ze al die tijd bij zich hadden werd in Bronbeek vele jaren getoond zonder uitleg. De Japanse vlag kreeg meer aandacht.@@
        Dat klopt! De heer Keller heeft zich daarover ook enorm over opgewonden en zich er persoonlijk mee bemoeid. Hij kreeg voor zijn inzet zelf bezoek van een hoge officier, die eerst dacht dat hij wat mankeerde. Vaak stank voor dank.

      • Erik Becking zegt:

        Bronbeek is nog steeds niet geïnteresseerd! Ik vraag mij af wat er van dit prachtig Indisch Herinneringscentrum overblijft met zo’n opstelling. Zeker nu ze anderhalf miljoen euro subsidie hebben moeten afstaan aan dat ‘collectieve’ gedrocht Sophiahof.

    • H. van den Bos zegt:

      Uitgereikte onderscheidingen aan de Groep Kokkeling:
      Ridder MWO 4, bij Kon. Besluit van 1204’45, nr 17. aan Militie-Sgt. KNIL M.C. Kokkeling.
      Bij Kon. Besluit van 1204’45, nr 18 werd het Bronzen Kruis uitgereikt aan: P.P. de Kock; I. Koch; L. Attinger; F. Coenraad; G. van der Mey; A.J.C. Beaufort; R. Jacquard; Sandiman; H. Sagrang; Soeha Soedan.
      (Gegevens: ‘Bronzen Leeuw, Bronzen Kruis’. H.G. Meijer. De Bataafsche Leeuw, Amsterdam 1990 en ‘De Militaire Willemsorde sedert 1940’. P.G.H. Maalderink. Sijthoff Pers 1982.)
      H. van den Bos

  7. P van Geldere. zegt:

    ” Wij vochten in het bos ‘ Het boek hierin de beschrijving van het geen serg.M.GH.Kokkelink mee maakte is een uitgave van : P.N.VAN KAMPEN & ZOON N.V. AMSTERDAM.
    ‘In Nieuw-Guinea’s Vogelkop is iets zeer groots verricht !.
    Aldus de woorden van De kapitein der Invantrie S.A.Lapré.
    Ridder M.W.O.IV.

  8. joost van bodegom zegt:

    Ik prijs me nog steeds gelukkig dat ik één van de leden van de Kokkelink groep persoonlijk ken. Dat is Pieter de Kock, inmiddels 101 jaar oud maar nog steeds redelijk gezond en met name nog steeds strijdvaardig. Hij heeft na de oorlog als ambtenaar op Nieuw Guinea gewerkt. Naderhand zijn in Nederland een drietal publicaties van zijn hand verschenen te weten
    De ongelijke strijd in de vogelkop
    Op zoek naar koppensnellers
    Worstelend voor de erkenning.
    Het laatste boekje over zijn niet aflatende strijd om financiële genoegdoening. Tijdens de laatste ronde een paar jaar geleden kreeg hij alsnog 20.000 euro….
    Van Wilhelmina kreeg hij indertijd een dankbrief. Haar dochter, kleindochter en achterkleinzoon heeft hij enkele malen ontmoet. Laatstelijk nog de koning tijdens de opening van de Sofiahof (hoe verzinnen ze zo’n naam).
    Deze korte reactie geef ik met zijn toestemming een half uur geleden. Old soldiers never die!

  9. j.w.hoegen zegt:

    Matta Mezach was wel blij toen hij vernam dat er 200.000 Japanners op Nieuw Guinea waren omgekomen .

  10. Bert Deelman zegt:

    GEWELDIG BOEK. Heb het in èèn adum uitgelezen. Ben geen betrokkene maar heb veel respect voor de betrokken mensen. Was dit nou werkelijk het enige vrije stukje Nederland in de Indische archipel?

    • RLMertens zegt:

      @BertDeelman; ‘geweldig boek etc.’- Het allereerste boek waarin dit verhaal; De Helden van den Vogelkop; over Geeroms?Kokkelink verscheen heet; Oerwoudstrijders onder onze driekleur. Door H.George Franks(in het Engels) vertaald door MH.Szlékely-Lulofs(Rubber) Uitgave Elsevier 1946. Mijn vader kocht het in Soerabaja 1947. Met een intro foto van gen.maj.van Straten, die aan sgt.Kokklink de Willemsorde uitreikt. Min of meer als eerherstel/propaganda na het debacle tegen Japan 1942. Uit de inleiding; ‘hulde aan de mannen, die de vlag van hun vorstin hoog hielden in een tijd , toen alles verloren leek. Het was een groote zege, die zij bevochten!’ – Inhoudende diverse acties in de Archipel oa. over de Timorese heldin Johanna Soesah. – In de begin jr.50(1951) is er over de Vogelkop-Geeroms?Kokkelink een hoorspel geweest. Het waren spannende avonden.
      ( tv.bestond toen nog niet)

      • Bert Deelman zegt:

        Beste hr.(?)Mertens . Bedankt voor de info. Wat een geweldige site is dit toch voor niet goed geïnformeerde mensen als ik. Veel meningen en ervaringen uit de eerste hand. Ook veel info waar ik mij als Nederlander diep voor schaam. Mensen ,groepen en zeker in de Indische Archipel (nu ook weer de Papua’s) die wij in de steek hebben gelaten. Ik volg Uw info vaak op de voet. Veel Dank. P.S. Ga het boek zeker zoeken.

  11. Ger Hoppe zegt:

    Er is, naar mijn mening, minstens nog 1 andere groep geweest die het lang heft uitgehouden in de hoetan van Nieuw Guinea. Voor zover ik weet zijn ze uiteindelijk per vliegboot geëvacueerd van de Wisselmeren en naar Australie gebracht. Het is overigens wel jammer dat er in de Java Post zo weinig vermeld wordt over Nederlands Nieuw Guinea. Er zijn, denk ik, nog heel wat mensen in leven die daar gewerkt en gewoond hebben.

  12. Erik Becking zegt:

    Blij dat ik dit artikel toevallig tegen kwam. Om een lang verhaal kort te maken… het gaat om het volgende:
    Mijn zus heeft op Manokwari het grafmonument van Kapitein Willemsz Geeroms terug gevonden. In deplorabele staat! Wij waren in ieder geval dolblij dat het er tot onze grote verrassing nog was. Ik heb de Oorlogsgravenstichting benaderd, maar na aanvankelijk groot enthousiasme trokken zij zich terug, want de kapitein en zijn dochter zijn ondertussen herbegraven op Kalibenteng.
    Dat monument, dat in 1955 in bijzijn van Oom Maurits Kokkelink, mijn ouders en mijzelf is onthuld, staat echter voor veel meer dan de dapperheid van de kapitein. Het eert ook de hele verzetsgroep Kokkelink en staat symbool voor de onverzettelijkheid van alle Indo’s die na 1949 naar Manok kwamen en daar uit het niets een bestaan opbouwden, èn een stad waar de huidige bewoners nog profijt van hebben.
    Dat monument heeft dus voor mij als boreling Manokwari heel veel waarde. En, dacht ik, voor velen met mij. Dat bleek niet zo te zijn.
    Na de begrijpelijke desinteresse van de gravenstichting, liep ik stuk bij Bronbeek! Daar waar de bijbehorende vlag hangt nota bene. Maar de leiding en de conservator blijken niet zoveel betrokkenheid te hebben.
    Toen een poging gedaan bij het nieuwe Sophiahof. Daar bleek mij nogmaals dat dit nieuwe ‘Indisch herinneringscentrum’ een farce is. De eerstbeste expositie ‘Vechten voor vrijheid’ over verzet in NI tegen de Jap vergeten ze de belangrijkste en meest aansprekende actie, de strijd in de Vogelkop! Ongelooflijk amateurisme en ik wist eigenlijk al genoeg, maar toch geprobeerd. En inderdaad: geen interesse!
    Mijn ideaalbeeld: een replica op Bronbeek, á la de replica’s van de beelden ‘Vrouwenkampen’ en ‘Jongenskampen”, die zowel in Semarang als in Bronbeek staan.
    Het origineel van het prachtige monument ter plekke restaureren en laten onderhouden door de familie van Barent Mandatjan, de medestrijder van Kok. Zo verdienen die mensen een extra centje en heeft Manokwari er een toeristisch dingetje bij.

    • R Geenen zegt:

      Erik, ken je Bo Keller? Misschien moet je hem eens te spreken krijgen.
      Keller was gedurende vele jaren na zijn pensionering als vrijwilliger werkzaam als gids van Koninklijk Tehuis voor Oud-Militairen en Museum Bronbeek. In 2010/2011 zorgde hij er persoonlijk voor dat de Kokkelink-vlag, symbool voor het verzetswerk van de groep Kokkelink tijdens de bezetting van Nieuw-Guinea door Japan, een meer eervolle plaats, in een eigen vitrine, in de permanente tentoonstelling “Het verhaal van Indië” kreeg.
      Bo keller, nu 90 jaar, heeft zelf als KNIL op Nieuw Guinea jaren doorgebracht.
      Laat me weten wat je will.

      • Erik Becking zegt:

        Meneer Geenen, ja, ik wil graag in contact komen met Bo Keller. Ik ken hem van naam en weet wat hij voor Kok heeft gedaan. Ik was van plan zijn gegevens op te zoeken als ik geen bevredigend antwoord zou krijgen van de stichting ‘Vrienden van Bronbeek’. Als ‘Vriend’ hoopte ik dat zij ook wat konden betekenen en heb me eerst tot hen gewend. Dus mocht U contactgegevens van dhr Keller hebben… graag.

      • Erik Becking zegt:

        Meneer Geenen, ik wil U bedanken voor het idee contact te zoeken met de heer Bo Keller. Die heb ik ondertussen en het bleek dat hij niet zomaar een oud-KNILLER was, maar een soldaat uit de groep van mijn vader en samen met hem uit Medan naar Manokwari is gekomen. Een heel bijzondere ontmoeting dus. Verder heb ik begrepen van de heer Keller dat hij zeer teleurgesteld is in het huidige Bronbeek en dat ik voor de verwezenlijking van mijn plannen zeker niet bij de huidige besturen van de diverse stichtingen moet zijn. Nogmaals dank voor uw aanzet dat heeft geleid tot een prachtig weerzien.

      • R Geenen zegt:

        Geweldig Erik. Als inwoner van SoCal is mijn hoofdreden dat ik op Nederlandse forums aanwezig ben, is wijzer worden, informatie vinden en krijgen. Maar daarnaast wil ik ook iemand helpen. Daarvoor zijn wij Indo’s, niet waar.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s