Allergisch voor gezag

Johan Cornelis Princen gaf tijdens de oorlogsjaren in Nederland al blijk van een onafhankelijk karakter. Bij een poging te vluchten naar Geallieerd gebied werd hij door de Duitsers gevangengenomen. De bijnaam Poncke kreeg hij in de gevangenis omdat hij daar met veel gevoel voorlas uit het boek Pastoor Poncke van Jan Eekhout.  Als dienstplichtige kreeg hij nationale bekendheid omdat hij in 1947 deserteerde en overliep naar het Indonesische leger TNI (Tentara National Indonesia). Piet Scheele, een andere dienstplichtige, vroeg zich later af: mag hem zijn desertie worden vergeven?

Door Piet Scheele

J.C.’ Poncke’ Princen (1925-2002)

Poncke Princen schoot op eigen maats. Vaak sprak hij dat tegen, doch niet altijd. Hij verhaalde met trots, dat ‘deserteur Princen’, in de Preanger Bode van 4 juli 1949 werd genoemd als leider van een overval. Er vielen twee doden aan Nederlandse zijde. Princen moest zijn loyaliteit ook aan de andere kant bewijzen omdat hij als Nederlander toch door de Indonesiërs met wantrouwen werd bekeken.

Poncke Princen beklaagde zich over de haat die zijn overlopen opriep bij zijn maats, de vele dienstplichtige Nederlandse militairen die in Indië dienden. Die haat was echter begrijpelijk als je bedenkt hoe wij daar leefden. Onze sectie van 12 jonge militairen leefde in Indonesië samen als een eenheid meestal op een buitenpost onder bijzondere en soms gevaarlijke omstandigheden. We rekenden op elkaar. Op patrouille en ’s nachts werden we soms beschoten. We stonden op wacht, deelden spanningen en vertelden elkaar in het nachtelijke duister vertrouwelijke zaken. We waren een soort familie. Als er één van de maten naar de vijand overloopt, op je schiet, je op een trekbom probeerd te laten lopen of je in een hinderlaag lokt, dan is haat geen verwonderlijk resultaat. Zeker niet als één van je maats sneuvelt. Als je beschoten wordt zie je de mensen aan ‘de andere kant’ als vijanden.  

Er zijn meerdere aanwijzingen dat Poncke Princen op eigen maats schoot. Ger Vaders, oud-hoofdredacteur van het Nieuwsblad van het Noorden en Indië-veteraan, ging later terug naar Indonesië en ontmoette daar Poncke Princen. Hij schreef: “Samen dwaalde ik met de ex-vijand langs de plaatsen waar we tegen elkaar vochten. Na drie beroerten hangt Princen’s linkerarm krachteloos tegen zijn lichaam, het linkerbeen sleept, en pleisters bedekken zweren die het gevolg zijn van huidkanker. En hij heeft encefalomyelitis (ontsteking van hersenen en ruggemerg). Maar Princen lacht, heeft zelfspot en geniet van het leven. Onderweg, ergens in de buurt van Sukabumi, laat Princen de plaats zien waar hij op Nederlandse soldaten schoot. Volgens Princen was dat de enige keer. Het gebeurde toen een Nederlandse patrouille in een truck passeerde. Princen zegt ‘Ja, god, ik heb die mensen nauwelijks gezien, want jij knalt maar en zij knallen maar en je zit in de zenuwen. Daar zijn waarschijnlijk doden bij gevallen. Om nu te zeggen: hoe was dat nou…’ Princen maakte de zin niet af. Even later haalt hij de schouders op en zegt hij: ‘Ze joegen harder op mij dan ik op hen, met betere wapens en beter opgeleid’.”

Politiek bewustzijn of crime passionel?

Inscheping Nederlandse militairen a/b Volendam, april 1947

Soms wordt ter verdediging van Poncke Princen aangevoerd, dat hij politiek bewuster was dan de andere 120.000 Nederlandse militairen. Bij de dienstplichtige militairen was het politiek bewustzijn laag. Maar om de desertie van Poncke Princen als een zuiver politieke idealistische daad te zien gaat te ver. Voor zijn desertie was Poncke Princen ingedeeld bij de brigade van luitenant-kolonel Spier. Spier schrijft: “Daar had hij al een bijzondere, weinig populaire naam. Hij had een ongebreidelde fantasie en geldingsdrang en hield zich bijzonder veel met de dames op”. (Dat laatste lijkt geen argument voor een negatief beeld, wel een reden om buiten het kamp contacten met Indonesiërs te zoeken.) “Nadat hij herhaaldelijk contact zocht met de buitenwacht, is hij via-via in contact gekomen met een afdeling van de TNI waar hij een afspraak mee maakte. Op een goede dag was hij verdwenen.” In de biografie van Poncke Princen Een kwestie van kiezen laat hij weten, dat de aanzet voor zijn desertie bepaald werd door het blauwtje dat een schildwacht liep bij een meisje waar Princen net de liefde mee had bedreven. De schildwacht schoot het meisje dood. Onwaarschijnlijker lijkt zijn verhaal dat het afhing van een luciferdoosje dat hij opgooide: kwam de gele kant boven dan bleef hij. Het werd de blauwe kant en Poncke deserteerde. Een weinig doordachte politieke idealistische keuze: het heeft meer weg van een crime passionel.

Tegen elk gezag

Poncke Princen was allergisch voor gezag. Als gezag alleen op macht berust kan ik me daar iets bij voorstellen. Hij schrijft, dat zijn vader atheïst was en dat zijn moeder niets moest hebben van ‘zwartrokken’. Toch besluit hij ondanks het celibaat, terwijl hij van vrouwen hield, om op het seminarie in Weerd een priesteropleiding te volgen. Later krijgt hij onenigheid met de paters. In de Tweede Wereldoorlog maakte hij anti-Duitse pamfletten. Tegen het einde van de oorlog, toen het zuiden van Nederland was bevrijd, meldde hij zich als vrijwilliger bij het leger, het Bureau Nationale Veiligheid. Na zijn demobilisatie weigerde hij om als dienstplichtig militair naar Indonesië te gaan. Hij dook onder maar kwam er later op terug. Na zijn desertie in Indonesië bleef hij ook bij de TNI omstreden. De TNI vertrouwde hem niet en sloot hem eerst op. De TNI moest hem verdedigen tegen aanvallen ‘van het volk’: die in hem een Nederlander bleven zien. Later lag hij voortdurend met de Indonesische overheid overhoop over mensenrechten. In totaal bracht Princen veertien jaar in Indonesische gevangenissen door. Hij had een karakter dat moeilijk gezag boven zich accepteerde. Hij verzette zich tegen elk gezag.

Poncke Princen schrijft in een verweer om aan te tonen dat hij aan de gebeurtenis die hij aanhaalt geen schuld heeft: “Bij een overval op 28 februari 1949, het was een actie van de jongens van Bakhtiar onder commando van een zekere Nuh, hebben die soldaten acht Nederlandse militairen gevangen genomen en ze de nek afgesneden”. Dat was een oorlogsmisdaad. Maar je kunt de ene wandaad niet tegen de andere wegstrepen. In elke oorlog gebeuren dingen die het daglicht niet kunnen verdragen. Wij hebben als militairen in Indonesië lang niet altijd een fraaie rol gespeeld. Er zijn mensen gemarteld en vermoord. Er zijn huizen in brand gestoken. Het is allemaal verleden tijd en onvoldoende onderzocht. De Indonesiërs zijn evenmin allen happig op nader onderzoek. Beide kanten maakten zich schuldig aan oorlogsmisdaden.

Mag je aan veteranen, oud-Indië militairen toen nog jongens, vragen om de desertie (het verraad) van Poncke Princen te vergeven? Aan militairen die daar maats zagen sneuvelen? Nee. Maar in het licht van de geschiedenis, de inzichten en de ontwikkelingen, misschien wel om te relativeren en te vergeten.
Het is allemaal voorbij: Poncke Princen is dood. Hij is op 22 februari 2002 overleden en in Jakarta begraven.

x

Naschrift van de Java Post:
Op 23 september 2012 werd tijdens het Nederlands Filmfestival door filmmaker Arend Steenbergen een scenario gepresenteerd voor een film over het leven van Poncke Princen, getiteld: De Witte Guerrilla. Er wordt nog een producent gezocht.
Zie: http://www.stichtingbijvoorbeeldponckeprincen.nl/

Dit bericht werd geplaatst in 3. Bersiap en Merdeka, 1945-1949 en getagged met , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

107 reacties op Allergisch voor gezag

  1. A nony mouse zegt:

    Op 23 september 2012 werd tijdens het Nederlands Filmfestival door filmmaker Arend Steenbergen een scenario gepresenteerd voor een film over het leven van Poncke Princen, getiteld: De Witte Guerrilla.
    Zo’n oerlelijke man vindt men nooit meer om hem na te spelen!

  2. jJim Jasper zegt:

    De Nederlandse regering had helemaal niet een oorlog tegen Indonesie mogen beginnen
    Een land dat nota bene zelf zich heeft vrij gevochten zou toch beter moeten weten
    Om Nederlandse Jongens van 20 , die net uit een oorlog waren bevrijdt, in te zetten in een oorlog om een ander land te overheersen, was een grote misdaad. Niet alleen tegenover deze Jongens maar ook tegenover de Indonesiers, Nederlanders hebben zich in het verleden wel meer misdadig gedragen in Nederlands Indie. Als je toen als 20 jarige dienstplichtige hier geen zin in had, werd je zonder pardon in de gevangenis gegooid. De mensen uit deze regering zijn allemaal dood en ze kunnen dus nu niet meer ter verantwoording worden geroepen. Maar eigenlijk zouden ze nu, achteraf moeten worden getoetst op hun wandaden

  3. j.w.hoegen. zegt:

    Sjoerd Lapre vertelde mij dat de heer Princen,
    in het unform van de Nederlandse soldaat ,
    eens een Nederlandse patrouille in een hinderlaag lokte.
    Sjoerd overleefde die hinderlaag.
    jan willem hoegen.

  4. theo van Altenburg zegt:

    Poncke Prinsen wilde eerst niet als militair vertrekken, maar dook onder. Later meldde hij zich toch, was hij van mening veranderd ? ?? Nee ik heb respect voor degenen die geweigerd hebben om naar Indie te gaan en toen veroordeeld werden tot 3 jaar. Ontdanks dat ik er niet mee eens ben ( zelf geboren aldaar en blij dat er Nederlandse troepen kwamen heb ik met degenen die weigerden respect voor hun mening. Ik denk dat Poncke een figuur was dat geen verantwoordelijkheid ken.

  5. M.F.Bus zegt:

    Van de 120000 was er één, die als landverrader en deserteur optrad: moet daar een film over worden gemaakt? Bij Soekaboemi was hij bijna gepakt, maar ontglipte en liet zijn Indonesische vrouw dood achter, een held was hij dus ook al niet: moet daar een film over worden gemaakt? De TNI vertrouwde hem voor geen cent, hij had ook niets te bieden, zelfs niet voor propagandadoeleinden: moet daar een film over worden gemaakt?

    • RonLMertens zegt:

      Op de voor laatste dag van het bestand 10/8/’49 werd een actie op touw gezet olv.van een officier, kapt.Ulrici om Princen, hoe dan ook, te doden. Hij ontsnapte, maar zijn Indon.vrouw werd zonder pardon neergeschoten.Haar lijk werd in een brandend huis gegooid! Dit voorval is het zeker waard om op een film vast te leggen.Zo ook de naam van deze officier te noemen, die later geridderd! werd door prins Bernard! De laatste actie van een Ned.leger onderdeel, hevig gefrusteerd, omdat op 30 juni daarvoor het Ned.leger de ingenomen stad Djokja, op last van de VN, weer moest prijsgeven!
      -zie ook vooral de indrukwekkende docu.film van Marion Bloem; ‘Wij komen als vrienden’
      uit 1984-nu op dvd!

    • j.Braun zegt:

      Zijn argumenten vind ik nu wel discutabel,ik had het wat rooskleuriger in m,n hooft,door een uitzending op tv jaren terug.
      Maar wat als een Duitse bezetter overgelopen was naar ons in ww2 ,die was hier zeker een held geweest,maar wat zou hij dan in z,n thuisland zijn geworden na de oorlog?
      Ik zelf denk,dat hij daar toch met open armen was ontvangen,dit omdat de schuldvraag erg duidelijk was.
      Wat NL allemaal uitgespookt heeft in Indonesie,is ook Jniet iets om trots op te wezen.

      • M.F.Bus zegt:

        Van nabij heb ik deze geschiedenis meegemaakt, maar de vergelijking met die Duits overloper kan niet worden gemaakt en hij zou als verrader van zijn eigen landgenoten ook nooit als held in Duitsland zijn ontvangen. Dat is Princen in Indonesia ook nooit geweest en zal hij ook nooit worden. Hoewel betrokken bij hinderlagen tegen Nederlandse konvooien, was hij uiteindelijk te laf en moeilijk grijpbaar. Zowel hier in Nederland als in Indonesia verdiende hij uiteindelijk minachting, maar moet daar nu zo nodig een film over worden gemaakt?
        Tenslotte de suggestie, dat Nederland niet trots hoeft te zijn op wat wij daar allemaal hebben uitgespookt, slaat nergens op en doet denken aan de bekende tang op het varken: hoe je ook mag denken over de politionele acties, de overige 120000 militairen hebben het toch voor elkaar gekregen, dat bij soevereinteitsoverdracht op 15 decemcer 1950 een zekere orde en rust was weergekeerd.

      • Jan A. Somers zegt:

        “slaat nergens op en doet denken aan de bekende tang op het varken” Wijze woorden, maar een profeet wordt in eigen land nooit geëerd! Geeft niet.

      • RLMertens zegt:

        @MFBus. ‘op 15 dec.(? mi. na 27 dec.1950) een zekere orde en rust was weergekeerd’.
        Toen begon ene Westerling met z’n actie in Bandoeng. Over ‘de overige 120000 militairen’; daarvan zijn er wel degelijk velen, die oorlogsmisdaden hebben gepleegd.
        Zie de media oa ook een tentoonstelling in het Verzetsmuseum, Amsterdam, die hier melding van hebben gemaakt. Poncke in Indonesië ‘uiteindelijk geminacht’?

      • Jan A. Somers zegt:

        Op 15 (of 27) december 1950 lag het gezag toch al een jaar bij de RIS? Die zorgden toch voor orde en rust? Hoe kon zo’n klein clubje van Westerling de zaak zo overhoop halen? Die Westerling deed dan wel macho, maar was strategisch wel een sukkel. En die 120.000(?) Nederlandse militairen waren toch voor een groot deel al weer thuis?

      • M.F.Bus zegt:

        Inderdaad uiteraard 27 december 1949: het gezag kwam toen formeel bij de soevereiniteitsoverdracht bij de RIS, niet eerder. Westerling trad daarna op met zijn actie in april 1950 in Bandoeng om inhoud te geven aan de wens om een federale staat Pasoedan op West-Java te stichten mede namens de toen reeds aanwezige (gouverneur) Warga Negara Djajadidiningrat.
        Het restant van de Nederlandse krijgsmacht droeg op dat moment nog bevoegdheden en materieel over onder andere aan de toen reeds in de stad aanwezige (miden-javaanse) Indonesische Siliwangi-divisie. Een en ander leidde toen tot zeer verwarrende situaties in de stad, vooral omdat partijen nauwelijks uit elkaar waren te houden.
        Inderdaad zijn omstreeks 120000 Nederlandse militairen in Indonesie geweest in die jaren: over een klein clubje gesproken, dat was eigenlijk een heel klein clubje voor zo’n immens land en zeker voor een tegenstander, bestaande uit guerillastrijders. Daardoor ontstond een vuile oorlog, maar je kunt deze krijgsmacht geen verwijten maken van brute moorden en roofpartijen, zoals de tegenpartij al dan niet georganiseerd uitvoerde op de eigen bevolking en terugkerende Nederlanders naar hun vooroorlogse verblijfplaatsen.
        Nogmaals, Princen is geen held, hier noch daar, je zult in Indonesie ook geen standbeeld van hem vinden tussen alle vele wel aanwezige gedenktelens aan die periode. Naar mijn mening is toentertijd heel begrijpelijk gebruik gemaakt van deze deserteur, daarna heeft men laten vallen.

      • RLMertens zegt:

        @MFBus. ‘ een klein clubje … voor een tegenstander. Daardoor ontstond een vuile oorlog! – Nou dan, dat heeft dat kleine clubje toch maar voor elkaar gekregen; die vuile oorlog! Met als resultaat een merdeka voor de Republiek. En voor ons?
        En wat Poncke betreft; bij hem gold als hoogste waarde; de strijd tegen het onrecht. Desnoods ten koste van zijn Nederlanderschap. Tot aan zijn dood, als advocaat en verbonden aan Human Rights ! Ik doe hem zeker niet na. U toch ook niet?

  6. van den Broek zegt:

    Citaat: “Na drie beroerten hangt Princen’s linkerarm krachteloos tegen zijn lichaam, het linkerbeen sleept, en pleisters bedekken zweren die het gevolg zijn van huidkanker. En hij heeft encefalomyelitis (ontsteking van hersenen en ruggemerg)”. ….einde citaat
    Als dan wordt geschreven dat “Zo’n oerlelijke man vindt men nooit meer om hem na te spelen” dan vraag ik me af hoe ik die opmerking dien te qualificeren: lijkenschennis of necrofilie. Ongestraft kan de overleden dhr. Princen belachelijk (er is weer geen argument) gemaakt worden zonder dat iemand er hoegenaamd iets van zegt. Bij zo’n schaamteloze voorstelling ben ik totaal sprakeloos.

    Bovengenoemde beschrijving is vooral gericht op de desertie van dhr. Princen. Om recht te doen aan de persoon van dhr. Princen dienen ook andere facetten getoond te worden.
    “Na de oorlog zet hij zich in zijn nieuwe vaderland in voor de mensenrechten. Hij kwam echter al snel in botsing met de nieuwe machthebbers, (Sukarno, ook een landverrader en collaborateur), waardoor hij jarenlang in de gevangenis verbleef. Vooral in de regeringsperiode van Soeharto (een grote vriend van Nederland en daar werd niet moeilijk over gedaan) keerde hij zich fel tegen het regime, waar ernstige schendingen van de mensenrechten aan de orde van de dag waren. Dat hij een keuze maakte voor de mensenrechten kan je moeilijk beschouwen als opportunisme, hier is geen sprake van eigenbelang om ‘over te lopen naar de vijand’, maar dat hij zich gedwongen voelde tot een ‘keuze’, omdat hij zich niet kon verenigen met wat Nederland deed.

    Daarnaast heeft Princen een bijzondere rol vervuld bij de strijd voor de bevrijding van Oost-Timor. Hij steunde hun streven naar zelfbeschikking in een periode dat zelfs de meeste vooruitstrevenden in Indonesië zich daar niet aan durfden wagen. Hij raakte bevriend met de Timorese vrijheidsstrijder en latere president Xanana Gusmão en gaf in 1991 een aantal gevluchte Timorezen onderdak in zijn huis. De belegering wist hij succesvol uit te onderhandelen met de Indonesische generaal Hendropriono zodat de vluchtelingen uiteindelijk vrije doortocht naar Portugal kregen. In 1994 bracht Princen voor de subcommissie voor de mensenrechten van de Verenigde Naties in Genève rapport uit over martelpraktijken in Atjeh en Oost-Timor. In die tijd kreeg hij ook een visum voor Nederland en hij beschouwde dit als een rehabilitatie. Natuurlijk was over het visum in de provincie Nederland grote commotie.

    Princen stond dus ergens voor, hij vocht tegen het onrecht, maar gegeven de reacties is hij en blijft een omstreden figuur in Nederland.

    Soms krijg ik de indruk dat dhr. Princen posthuum gekruisigd wordt om het Nederlands militair ingrijpen in Indie te rechtvaardigen,.
    Maar de Geschiedenis heeft hem wel groot gelijk gegeven, hij stond aan de juiste kant en dat is wel wat sneu voor Nederland en die militairen van de 7de December divisie in het bijzonder. Dan heb je niet veel argumenten meer in handen om tegen hem te ageren..

    • A nony mouse zegt:

      Ondanks dat Poncke Princen door velen als held wordt uitgeroepen moet er toch geld op tafel komen om het multimediaal publiceren v.e. film over het leven van P.P. te financieren.
      U wordt verzocht – minimaal – €75 te storten!
      (In verband met de kosten voor onder meer productie en verzending van het ScenarioBoek dat iedere donateur krijgt toegezonden, vragen wij of een donatie tenminste 75,- kan bedragen)
      http://www.stichtingbijvoorbeeldponckeprincen.nl/folder/Boekje_SBPP.pdf

      Ja, u doet ook financieel mee met deze ‘dappere poging’ om
      het thema “vechten tegen je vaderland” in de schijnwerpers
      te krijgen door het uitgeven van een ScenarioBoek
      over het leven en de daden van Poncke Princen in de
      hoop en verwachting dat er ook een aangrijpende,
      meeslepende film over wordt gemaakt.

  7. Surya Atmadja zegt:

    Ondanks zijn keuze om onze) kant(R.I) te kiezen en later ook zijn activiteiten bij mensenrechtenorganisaties zou ik hem niet graag ontmoeten of zijn hand schudden.

    • van Beek zegt:

      En waarom dan niet Surya? Ik heb grote respect voor deze Nederlander die aan de ‘goede kant’ stond.

      • Ed Vos zegt:

        Surya Atmadja heeft nog steeds geen antwoord gegeven op mijn vraag waarom hij P. Princen niet graag zou willen ontmoeten of hem de hand schudden, terwijl deze toch koos voor de ‘goede Indonesische kant’ waartoe hij, Surya Atmadja, gerekend kan worden 😉
        Uiteraard ook voor Surya Atmadja is het recht van zwijgen van toepassing…

      • Surya Atmadja zegt:

        Ik heb jaren geleden ergens geschreven dat ik niet echt gecharmeerd kan zijn van een verrader. Bisa dicek (wink)
        Als een verrader zijn eigen volk kan verraden dan vraag ik me af hoe groot zijn loyaliteit zal zijn voor zijn nieuwe vriend of volk.
        Ik heb meer respect voor de Indie weigeraars uit de rode hoek die hadden gedeserteerd en een grote tjap kreeg van de Nederlandse regering en samenleving.
        Met hun wil ik wel samen kopi tubruk gaan drinken.

      • buitenzorg zegt:

        De schrijver van dit artikel, de heer Scheele, is een man met een gewogen oordeel, iemand die afstand kan nemen van zijn eigen ervaringen. Toch laat hij in dit artikel ook duidelijk blijken waar voor hem de pijn ligt (dezelfde pijn die hier ook door Surya Atmadja wordt verwoord) door de overdonderende openingszin “Poncke Princen schoot op eigen maats”. Scheele geeft hiermee tegelijkertijd te kennen dat dat niet hoort, nooit niet. En daarmee heeft hij mogelijk gelijk. Dit maakt de accceptatie van de keuze van Princen ook zo moeilijk. Andere deserteurs werden radio-omroepers, of schoenmakers, maar Princen draaide zich om en schoot de andere kant op. Dat en dat alleen is natuurlijk al als een Grieks drama, en dus een film waard.

      • van Beek zegt:

        Nou pak surya, je kunt wel zeggen dat ik het altijd met u eens ben wat betreft de Ned-indie/vrijheidstrijd etc. Maar dat is dan nu niet het geval. Poncke Princen heeft inderdaad zijn eigen land verraden, maar is de reden waarom niet belangerijker? Het is meer dan logisch dat mensen hun volk verraden als hun ‘eigen’ volk verkeerd/fout handelt. Ik zou u zeggen pak Surya, waren er maar meer Nederlandse landverraders toen! ik kan alleen maar hopen dat als ik toen leefde ook hetzelfde pad zou kiezen. Dan zou ik (omdat ik een indo ben met de NLse nationaliteit, dus Nederlander) ook een landverrader zijn, en in uw ogen onbetrouwbaar. Een duitser die in nazi tijd zou vechten voor de Nederlanders(de toen bezette) is hij dan ook onbetrouwbaar?

      • van Beek zegt:

        En pak surya als ik Indonesier was had ik niet alleen met hem kopi tubruk gedronken, maar hem gelijk uitgenodigd voor nasi tumpeng thuis. Wees blij met deze ‘landverraders’

  8. Ed Vos zegt:

    – Ik vind het knap dat de heer Van den Broek opkomt voor Princen.
    Overigens lijkt het me een goed bezigheid om op geregelde tijden advocaat van de duivel te spelen: misschien wel om te relativeren en te vergeten.

    – De daad van Princen an sich kun je als “verraad aan de Nederlandse zaak”, en als desertie aanmerken.
    En wanneer je als soldaat in Indie opeens te maken hebt met vuur uit de bosjes, die dan uit de loop van het geweer van Princen blijkt te komen, dan kun je daarvan aardig mata gelap worden.

    Maar goed, ik wil me onthouden van het geven van een moreel oordeel over Princen’s handelingen.

    – De opmerking van Surya Atmadja, behoeft toch nadere uitleg::
    “Ondanks zijn keuze om onze) kant(R.I) te kiezen en later ook zijn activiteiten bij mensenrechtenorganisaties zou ik hem niet graag ontmoeten of zijn hand schudden.”

    Er blijken overigens nog meer verraders rond te lopen in Indonesie.
    Dat Teuku Umar die verrader inmiddels opgenomen is in de Indonesische galerij der Helden, is hem blijkbaar ontgaan (?).
    Dat Soekarno, al dan niet terecht, de status van landverrader (collaborateur) kreeg aangemeten van deze en gene zijde, is ook iedereen bekend.
    Minder bekend is dat de achterneef van Eduard Douwes Dekker, Ernest Douwes Dekker (uit pure frustratie jegen de Nederlanders) spioneerde voor de Japanners en vervolgens parlementslid en Minister van Staat werd voor de Indonesische onafhankelijkheidsstrijders.

    • Surya Atmadja zegt:

      Er zijn collaborateurs rondlopen, bekend of onbekend.
      V.w.b “mijn”eigen Sejarah Indonesia weet ik bij benadering wie wie is.
      Was mijn lievelingsvak op de SMA.

      Ik ken die namen Douwes Dekker en Teuku Umar ook , komt vroeger , zelfs nu ook vaak langsrijden in 2 straten met met die 2 namen in Bandung en Jakarta
      Alle 3 zijn ook Pahlawan Nasional ( Nationale Held).
      Ik ken persoonlijk verschillende oud KNIL-ers en RMS ers , koffie gedronken/pisang goreng gegeten etc plus veel omong kosong.
      Ik ken zelfs iemand die zegde dat hij ex Gadjah Merah is , iemand van een vereniging waar ik toevallig bestuurslid ben.
      Moet nog bij hem op bezoek komen.

  9. Richard Lauw-IJmuiden zegt:

    Niet alleen in Bandung, hoor! Óók In Bali komt die naam TEUKU UMAR op 3 plaatsen voor: 1) Denpasar-Barat, even voorbij de MataHari 2) Pekudelan-Amlapura en 3)Tampuagan ook in Amlapura.
    Het is maar ’n weet.

  10. Ed Vos zegt:

    buitenzorg zegt:
    21 november 2012 om 6:20 pm
    De schrijver van dit artikel, de heer Scheele, is een man met een gewogen oordeel, iemand die afstand kan nemen van zijn eigen ervaringen. Toch laat hij in dit artikel ook duidelijk blijken waar voor hem de pijn ligt (dezelfde pijn die hier ook door Surya Atmadja wordt verwoord)
    ———————————————————————————————–

    Bert, dat begrijpen we, of liever ik (zie eerste reactie), volkomen, maar SA verwoord het toch anders…

    Surya Atmadja zegt:
    21 november 2012 om 5:53 pm

    —————————————————————–
    Ok, duidelijk! Dank u wel, voor uw reactie.

    — “Als een verrader zijn eigen volk kan verraden dan vraag ik me af hoe groot zijn loyaliteit zal zijn voor zijn nieuwe vriend of volk.”

    Dat zou u toch inmiddels na zoveel jaar moeten weten?

  11. van den Broek zegt:

    Ik wil toch nog wat aan de selectieve en objectieve verontwaardiging van Piet scheele toevoegen, want hij laat onvermeld dat bvb dhr. Princen onder de Duitsers in de gevangenis heeft gezeten, want waar heeft Princen niet in de gevangenis gezeten.
    Dhr Princen werd na zijn desertie in Nederland opgepakt en als dienstplichtig militair TEGEN ZIJN WIL in naar indie gestuurd. De grondwet verbood dat dienstplichtigen buiten Nederland werden gestuurd en dus veranderde het toenmalige kabinet de grondwet. Zo gaat dat in een democratisch land. ik vraag me af of de regering zich toen niet schuldig maakte aan een onrechtmatige daad. Piet Scheele heeft van het bovenstaande voor de volledigheid datgene genomen dat in zijn verhaal past.

    Dan werden de Nederlandse Waffen-SS militairen toch anders behandeld, alhoewel zij toch ook landverraders en nog erger Nationaal-socialisten waren. Als zij in Indie vrijwillig vochten dan zou hun straf kwijtgescholden worden. geen vuiltje aan de lucht dus. Hun enige probleem was dat elke keer aan hun kop gezeurd werd wat die cijfertjes onder hun oksel betekenen..

    Waar het mij om gaat dat goed en kwaad speciaal bij dhr. Princen in een ander daglicht wordt gezet. Ik ben niet vertrouwd met ethische kwesties of hoe je het handelen van niet alleen dhr Princen en tegelijkertijd een Kapitein Westerling kan beoordelen. Ik denk dat dhr. Vos daar toch iets meer over kan zeggen, dus niet een ethisch oordeel maar hoe wij dienen te oordelen, zoals was deze oorlog een rechtvaardige oorlog en wat is rechtvaardig?

    Het is toch wel sneu voor al die veteranen die in Indie hebben gevochten, dat zo’n man als dhr. Princen toch wel na de oorlog in Indonesie werd gehuldigd en beloond voor zijn inzet , terwijl de Nederlandse militairen met hun 5.000 doden bij terugkomst in Nederland met de nek werden aangekeken. Ze werden toch door hun regering in de steek gelaten en dat doet natuurlijk toch wel pijn en dan ga je vanzelf op zoek naar een zwart schaap, de scapegoat en dan kom je bij dhr. Princen terecht.

    • buitenzorg zegt:

      Een kleine technische toevoeging: Om wille van de leesbaarheid van het artikel heb ik een tweetal zinnen van Scheele naar het inleidende (cursieve) deel opgeschoven. In het oorspronkelijke artikel meldde Scheele wel degelijk dat Princen in een Duitse gevangenis had gezeten.
      Zie: http://members.chello.nl/pscheele/ponckeprincen.html

    • Ed Vos zegt:

      Ik lees hier mijn naam mbt tot het geven van etische oordelen. Laten we mijn mening maar buiten beschouwing laten.

      1. Ik stelde ooit de vraag aan een veteraan (geen vrijwiliger) en nu reeds wijlen, of hij de politionele acties goed vond.
      Zijn antwoord was:”volgens de Nederlandse regering wel, maar volgens mij niet.”
      Met dat antwoord stelde ik me tevreden, want ik had er geen behoefte aan om zo’n iemand die nauwelijks de oorlog(en) had verwerkt te bestoken met allerlei lastige vragen; wie weet wat hij daar op dienstbevel daar in Indie allemaal had had uitgespookt.

      Voorts, is het genoegzaam bekend dat in bepaalde kringen — en niet alleen in militaire — men niet zo gesteld is op verklikkers en vooral niet op matennaaiers.
      Ook dat standpunt kan ik volledig begrijpen.
      En dat is nou in het geval Princen het hele eieren eten.

      2. Waarmee ik wel moeite heb is met het antwoord van SA:” “Als een verrader zijn eigen volk kan verraden dan vraag ik me af hoe groot zijn loyaliteit zal zijn voor zijn nieuwe vriend of volk.”

      Wat moest zo’n verrader dan doen, behalve een kantoorbaan nemen, wanneer hij naar het leger van de vijand overliep of daarin zonder verrader te zijn dienstnam?
      Nou heb ik begrepen dat er wel eens situaties voorkwamen dat wanneer 2 legereenheden, de TNI en het KNIl elkaar tegenkwamen men soms niet op elkaar schoot omdat zowel in de ene als de andere partij zich familieleden bevonden.
      Ja ik zie u al vreemd opkijken bij dit verhaal, maar in het KNIL zaten niet alleen totoks.
      Hoe moest PP zijn loyaliteit dan als TNI-militair bewijzen bij een treffen met het KNIL? In de lucht schieten of zo?

      3. Nou waren er indo’s die na de soevereiniteitsoverdracht WNI’er werden, en zij waren beslist geen PP’s. Desondanks werden ze door andere indo’s met vreemde ogen bekeken als waren ze verraders..
      Stel je voor dat je zo’n iemand harddop zou beweren dat hij pro-Soekarno was.

      Zelfs toen werd de loyaliteit van deze indo’s/indischen voor hun nieuwe vriend of volk door veel Indonesiers betwijfeld.
      Het gevolg hiervan laat zich makkelijk raden: pesterijen, discriminatie.

      In het licht hiervan vind ik het antwoord van SA — als Indonesier — twijfelachtig en hinkend op twee gedachtes.
      Alsof hij zowel de ene Indonesische als de andere Nederlandse partij te vriend en tevreden wil houden.
      Zeer diplomatiek, maar me dunkt diplomatie van de koude grond.

      OK dan.

      • Surya Atmadja zegt:

        Voor mij is een verrader een onbetrouwbaar iemand.
        Als een Nederlandse soldaat niet eens is met de politiek/besluiten van zijn regering/oversten dan kan hij weigeren( zie de verhaal van de 3 mariniers) .
        Of desnoods deserteren/niet opkomen zoals de dienstweigeraars.
        Daar heb ik respect voor.
        Er zijn vele manieren om niet te moeten vechten, je officier/commandant klap geven is ook een manier .Kom je in de bui.
        Of je “gek”laten verklaren.
        Bij die bewuste meneer is hij in mijn ogen te ver gegaan .
        Weet niet wat het hem opgeleverd had .
        Kreeg gewoon de kriebels van hem (en zijn soortgenoten)

        Ik hoef de Nederlanders niet te vriend houden, ik kies mijn eigen vrienden.
        Als er toevallig Nederlanders zijn die aan mijn persoonlijke eisen voldoen, dan kan ik een relatie opbouwen.

        Bij punt 3 van Pak Vos : was het ook een discussiepunt geweest bij Indische mensen die ik gekend heb.Het was een splijtzwam zeg ik dan .
        Voor zo ver ik weet werden ze niet over een kam geschoren als die PP , NOOIT.
        Ik ben op school geweest met Nederlandse-Indische kinderen in Djakarta , froebel-lagere school.
        Heb 2 jaren gewoond(inde kost) bij 1ste generatie Indo , veel kennissen gehad van de oude KNIl en” Oom Ambon” (RMS). Minimaal 6-7 jaren in Holland.

        Zelfs Tjalie Robinson( Ja , de vader van alle Indo’s= voor mij dan) kreeg harde kritiek van zijn tijdsgenoten toen hij te vriendelijk uitlaat over de nieuwe Indonesia na zijn bezoek naar zijn Betawi omstreeks 1966 .

    • Jan A. Somers zegt:

      Het kabinet heeft de grondwet niet veranderd, dat kon het niet eens. Er is dus geen sprake van een onrechtmatige daad. De wijzigiging is in twee lezingen, met tussentijdse verkiezingen, met 2/3 meerderheid door beide Kamers aanvaard. De zwaarste democratische procedure! Als je het hier niet mee eens bent, gewoon op een andere partij stemmen.

  12. Eppeson Marawasin zegt:

    @buitenzorg zegt: 21 november 2012 om 6:20 pm
    /…/“Poncke Princen schoot op eigen maats”. Scheele geeft hiermee tegelijkertijd te kennen dat dat niet hoort, nooit niet. En daarmee heeft hij mogelijk gelijk./…/@

    Mag ik de kwestie vanuit een andere invalshoek benaderen. Toen onze dochter de basisschoolleeftijd naderde heeft mijn vrouw de lokale bibliotheek afgestruind om maar alles te weten te komen over ‘pesten’ en ‘pestgedrag’. Dochterlief ontwikkelde zich echter als een ‘popi jopie’. Kan ze natuurlijk maar van één iemand hebben, maar goed om op dat ‘pesten’ terug te komen. We hebben haar wel opgedragen om, als ze ziet of merkt dat anderen het wel overkomt, er dan meteen wat van te zeggen of het aan de leerkracht te melden, ook al zeggen vriendinnetjes dat je dat niet moet doen. Zo heldhaftig was ze dan wel niet gaf ze later toe, maar op haar manier nam ze het toch op de een of andere wijze voor de gepeste op vertelde ze dan.

    Het probleem is niet de kleine groep, die eventueel met de ‘pester’ meedoet, maar de grootste groep die weliswaar niet meedoet, doch om verschillende reden ‘de gepeste’ (toch) niet te hulp schiet.

    De kwestie Poncke Princen roept bij mij die associatie op met ‘pesten’. Niet om te bagatelliseren of afbreuk te doen aan de heftige emoties aan beide kampen. Maar ‘die ene’ die opstaat en weigert met de grote groep mee te doen. Sterker er zelfs tegen in durft te gaan ondanks de mogelijke dreiging van straf, uitsluiting of welke sanctie dan ook. Voor ‘die ene moedige’ kan gelden, wie eens je vrienden waren, zullen dat misschien nooit meer zijn; of in het ergste geval blijvend ‘je vijand’.

    Met respect voor andersdenkenden kies ik dan toch de kant van die ‘ene moedige’ die durft op te staan tegen wat bij voorkennis al verkeerd handelen kan worden genoemd. Ja, ik ben me ervan bewust dat ieder zijn of haar eigen waarheid heeft.

    In de Bersiap-periode waren het de Gurkha’s die voor menigeen tot aan de dag van vandaag diens waarheid schreven. Andere danken hun waarheid in de Bersiap-periode aan –hoe tegenstrijdig- gezagstrouwe Japanners. Een derde categorie dankt haar waarheid wellicht aan zelfstandig opererende (KNIL-)Ambonezen.

    Ook in het geval Poncke Princen heeft iedere betrokkene zijn of haar eigen waarheid. Dat heb ik te respecteren. Mijn waarheid ligt bij ‘die moedigen die weigerden!’

    Mijn vader zaliger was een ‘Ambonese politionele activist’. Hij was op het verkeerde moment op de verkeerde plaats. Vader heeft eeuwig mijn respect. “Niet De Soldaat Vervolgen Nederland!”

    e.m.

    • buitenzorg zegt:

      Dit artikel is van de heer Scheele, destijds dienstplichtige. Gelet op zijn formulering van het probleem heeft hij, na afweging van datgene wat “hoort” en met medeneming van zijn eigen emoties (een jongen die net als zovele een lange reis maakte om aan de andere kant van de wereld een zekere orde te creëren, want dat was toch de bedoeling), en datgene wat moet worden begrepen, ruimte gemaakt voor iemand als Princen. Hij verdient daarom lof.
      De “Princen”, op hun beurt, verdienen dit in zekere zin eveneens: omdat ze ons na laten denken.

    • Jan A. Somers zegt:

      Inderdaad zijn er vele waarheden. Alleen zijn de waarheden die u noemt, de Gurkha’s, de Japanners, de Ambonezen (ook die van een ander eiland!) nauw verbonden met het in leven blijven. Je hebt je leven aan hen te danken waarmee je een waarheid hebt gevonden. Met iemand als Poncke Princen heb ik geen eigen ervaring en daarmee ook geen specifieke waarheid. Bij gebrek aan emoties kan ik alleen kil analytisch denken. Maar dat doe ik nu even niet.

      • Eppeson Marawasin zegt:

        U kennende meneer Somers gaat u daarbij dan uit van ‘de formele’ uitgangspunten. In een discussie zouden wij dan op een punt geraken ‘to agree to disagree’. U spaart mij leermeester. Respect!

        e.m.

    • Ed Vos zegt:

      Princens keuze betekent NIET dat degenen die wel gevochten hadden fout waren. Ze kregen een kadobon en een paar honderd gulden mee en daar stonden ze dan. Zo ging dat toen.

    • Ed Vos zegt:

      Eppeson Marawasin zegt:
      21 november 2012 om 10:36 pm Mijn vader zaliger was een ‘Ambonese politionele activist’. Hij was op het verkeerde moment op de verkeerde plaats. Vader heeft eeuwig mijn respect. “Niet De Soldaat Vervolgen Nederland!”

      ——–
      Pak Eppeson ik denk dat je indien schuldigen moet aanwijzen, je terug moet gaan naar de tijd van de Petitie Soetardjo. Toen werd aan het koloniaal beleid gestalte gegeven.

      Na WOI en WOII, die wat mij betreft “standaardoorlogen” waren, kwam nederland terecht in een andere oorlog, een vuile guerila-oorlog, waarbij de tegenstanders nu eens net niet in uniform liepen. Nederland werd van slachtoffer opeens dader. Een situatie die zij niet gewend was. Niemand overigens. Ik zou in zo’n verwarrende periode ook niet eens weten wat te doen, dan geleid door emoties beslissingen nemen, die (achteraf) natuurlijk verkeerd zouden uitvallen. Mijn vader zou ook daden hebben gepleegd tijdens zijn acties waarbij wij beiden ons hoofd zouden schudden.

      Indien zo, waaraan maakte hij zich dan schuldig in situaties waarbij alles kon en alles mocht – i.e. een geurillaoorlog? Controle van bovenaf was er nauwelijks, je kwam vaak ook terecht in ongecontroleerde situaties (die je vaak dreven tot mata gelap), en niet zoals in een normale oorlog in een standaardsituatie waarbij je aan de ene kant tanks en kanonnen plaatst van partij A, en aan de ander kant het materieel van partij B.

      Volgens mij was iedereen schuldig, en wellicht ook niemand verantwoordelijk.

      OK, dit is dan slechts een visie.

      • Ed Vos zegt:

        p.s.
        De regering in Nederland was voor haar informatie en beleid ook afhankelijk van informanten uit de andere kant van de wereld. Helaas had men toen niet de beschikking over facebook en internet; wat ik hiermee wil zeggen is, dat in die tijd tijdens de overdracht van informatie ook veel ruis kon zitten, en de informatie ook best onvolledig kon zijn..

      • Ed Vos zegt:

        p.s. 2
        Aan veteranen , zoals mijn vader, die van uit een oorlog terugkeerden werd vaak de vraag gesteld: “En hoe was het daar?”

        Welk antwoord kun je dan van zo iemand verwachten, ik geef hier een aantal alternatieven.

        1. O, goed, ging wel (en dan volgt er een stilzwijgen)
        2. Het was er kl*te
        3. Ze hadden er niet aan moeten beginnen

        Of je voor hem al of niet de vlag uithangt, is je persoolijke keuze maar zo iemand is natuurlijk niet gediend van het feit dat hij opeens met boe-geroep wordt onthaald of als oorlogsmisdadiger wordt bestempeld.
        De 2 politionele acties waren ahw een voorafschaduwing van hetgeen er daarna aan guerilla-oorlogen werden gevoerd, inclusief de oorlog in Vietnam

      • Eppeson Marawasin zegt:

        Dag meneer Vos, dit is voor mij persoonlijk niet SLECHTS een visie. U brengt bij mij levende emoties op een verhelderende manier onder woorden. Klasse!

        In the end voelde mijn vader zich ‘verraden’, waarbij ik mijzelve niet wil vrijpleiten. Want ik had in mijn jonge jaren en ook later belangstelling voor andere zaken. Tja … maar nu zijn mijn ouders er niet meer. Al had Ik maar de fotoboeken van Heshusius, waar ik Pak Pierre dit voorjaar voor het eerst over hoorde, met vader kunnen delen.

        Zo schiet ik elke keer weer vol als ik aan de afsluitende woorden van Buitenzorg denk in zijn artikel ‘De schatten van het Waterlooplein’ [CITAAT]’/…/ Vaak heb ik aan mijn moeder moeten vragen ´hoe of dat ook al weer zat´, en ze heeft me gelukkig nog veel kunnen vertellen. En ja, minstens de helft van de tijd dat we over de familie spraken ging het over de oorlog. Soms met pijn, soms met verdriet, maar ook steeds met het plezier dit samen nog te kunnen delen.'[EINDE citaat]

        Ik zou voor dochterlief (voor later) Opa’s afkomst en KNIL-carrière op papier gaan zetten, maar tot dusver zetten JavaPost en I4E mij alleen maar aan tot ‘nog meer (willen) lezen’. U verwijst in uw bijdrage @Ed Vos zegt: 9 december 2012 om 12:18 pm@ naar de befaamde, helaas door sommigen onder ons ten onrechte ondergewaardeerde ‘Petitie Soetardjo’. Ik wil voor mijn eigen Ambonese geschiedenis aan de hand van meneer Somers toch eerst maar terug naar de Portugese tijd en het begin van de VOC. Mogelijk dat het me daarbij lukt om mijn eigen ‘sweet sixteen’ voor haar profielwerkstuk, indachtig Robin van Doorn, ook in die richting te kunnen sturen. Ze vertoont al lichte verschijnselen van gerichte belangstelling. Dus vooralsnog geen allergie voor het verleden. Waar je al niet gelukkig van kan worden.

        Ten besluite nog even dit, sedert ik de artikelen en reacties op JavaPost en Indisch4Ever mag lezen, ben ik anders tegen zaken gaan aankijken; niet meer in zwart-wit tegenstellingen en ben ik me ervan bewust geworden, dat ik in elk geval niet ‘de waarheid’ bezit. Maar of ik opensta voor elke ‘allergie voor gezag’?

        e.m.

        ps: Ik heb een heuse Fuji Finepix J37 🙂

  13. van den Broek zegt:

    In bovenstaande worden WAARDEoordelen geveld die veelal te maken hebben met één aspect van dhr. Princen, hij schoot op zijn eigen maatjes, was een matennaaier en een verrader, en ander schoons. Ik heb al verteld dat dhr Princen in eerste instantie deserteerde in Nederland, toen als dienstplichtige onrechtmatig en tegen zijn wil in naar indie werd getransporteerd. Daar deserteerde hij weer, nam dienst in een vreemd leger. Hij verloor daarbij zijn Nederlanderschap. Dus wat weerhieldt hem ervan tegen Nederland te vechten, met als consequenties tegen de maten??

    Een en ander heeft natuurlijk te maken met een ruimer kader,of de oorlog waarin dhr Princen en vele anderen terecht kwam wel een “rechtvaardige” oorlog was (in de ogen van Nederland natuurlijk). was deze oorlog op een (rechts)principe gebaseerd. in de hele discussie over deze koloniale oorlog wordt weinig over deze kwestie gesproken terwijl Nederland altijd haantje de voorste is om een vingertje op te steken.

    Op basis daarvan kan een antwoord gegeven worden of het handelen van dhr. Princen, ethisch verantwoordis, op een rechtvaardigheidsprincipe gebaseert is. Naar het schijnt heeft Aristoteles zich al met deze vragen bezig gehouden.

    E.e.a. om de oordelen of stilzwijgende afspraken aangaande dhr. Princen op hun principes te beoordelen en het beoefenen van een gezonde hersengymnastiek

  14. Ed Vos zegt:

    van Beek zegt:
    21 november 2012 om 6:59 pm

    “Ik zou u zeggen pak Surya, waren er maar meer Nederlandse landverraders toen! ik kan alleen maar hopen dat als ik toen leefde ook hetzelfde pad zou kiezen.”

    Ja Van Beek, een strofe als onderstaande zul je dan ook nooit hebben gezongen:
    p.s. nooit met de bril van nu de gebeurtenissen van toen beoordelen, voortschrijdend inzicht weet je wel 😉

    ‘Wij zijn de jongens van Jan Pieterszoon Coen; geef ze van katoen en ‘heel Yogja staat in gloed, zo gaat ‘ie goed, zo moet ‘ie wezen, zo moet ‘ie zijn’.

    Tot slot heb ik voor u een site opgediept met daarin een interview met Ponke Princen

    http://www.vpro.nl/programma/marathoninterview/afleveringen/41951928/

  15. van den Broek zegt:

    De toch wat boute en summiere reactie van dhr Somers aangaande het rechtmatige karakter  van de uitzending van dienstplichtigen naar Indie zoals vastgelegd in de Grondwet in 1946 is niet verantwoord noch zorgvuldig die in een discussie betaamd. Ik heb niks tegen een grondwetprocedure maar hoe die procedure is toegepast

    Dhr Somers beroept zich veelvuldig op formele uitgangspunten zo ook in dit geval maar gaat volledig voorbij aan de feitelijke situatie (Popper zou zeggen eerst verifieren)
    Hij verplicht mij om gedetailleerd in het vraagstuk in te gaan, dat kan soms door het langdradige karakter van een grondwetswijziging fnuikend zijn maar ik heb door deze studie niet alleen van de grondwet geleerd maar ook iets van de Indische koloniale geschiedenis. Hopelijk zal de lezer deze indruk ook hebben. 

    Want hoe was de situatie toen op 24 september 1946 het eerste troepenschip met dienstplichtigen, de zogenaamde Zeven December-divisie, uit de haven van Amsterdam vertrok?
    Al kort na de in mei 1946 in Nederland gehouden algemene verkiezingen trad het kabinet Beel aan. Eén van de eerste, al in juli 1946 genomen, besluiten van dit kabinet was een Commissie-Generaal in te stellen en naar Indonesië te sturen, “teneinde de besprekingen met de Republiek weer op gang te krijgen voor het einde van de Britse bezetting op 30 november. 
    Het verschepen van vele duizenden “dienstplichtigen” naar Indonesië lijkt daarom onlogisch want er waren toch vredige besprekingen aan de gang . Toch werd door het kabinet besloten met deze troepenzending haast te maken.

    Nog altijd luidde artikel 192 van de Grondwet: “De dienstplichtigen te land mogen niet dan met hunne toestemming naar Nederlandsch-lndië, Suriname of Curaçao worden gezonden.” In juni 1944 had de Londense regering, in verband met de oorlogvoering tegen Japan, deze bepaling tijdelijk bij Koninklijk Besluit buiten werking gesteld. Maar nu de oorlog tegen Japan sinds 15 augustus 1945 geëindigd was, werd begin 1946 op initiatief het kabinet Schermerhorn een wijziging van dit grondwetsartikel 192 bij de Tweede Kamer ingediend die het mogelijk moest maken dienstplichtigen ook tegen hun wil naar Indië te sturen. 
    Dit grondwetsvoorstel werd nog voor mei 1946 met 20 stemmen tegen en 54 voor, door de Tweede Kamer aanvaard. Voor een grondwetswijziging dienden, na de aanneming in eerste instantie door de Tweede Kamer, eerst algemene verkiezingen te worden gehouden. Hetgeen in mei 1946 inderdaad geschiede. Maar daarna diende het wetsvoorstel opnieuw bij de Tweede Kamer in haar nieuwe samenstelling te worden ingediend. Na goedkeuring moest ook nog de Eerste Kamer haar fiat geven. En dan moest , volgens de voorgestelde herziene tekst van artikel 192, ook nog een speciale wet worden ingevoerd, krachtens welke de mogelijkheid om dienstplichtigen tegen hun wil naar de overzeese gebiedsdelen te sturen uitdrukkelijk werd vastgelegd.
    Nadat eind 1946 de Grondwetswijziging het Staatsblad had bereikt, werd deze nadere wet pas in augustus 1947 in het Staatsblad afgekondigd, dus nadat de eerste ‘politionele actie’ al aan de gang was! . Door L. de Jong wordt dit alles eveneens vermeld. 

    Tevens meldde dr van Mook in een brief aan de Minister van kolonien: “Ik moge uw aandacht vestigen op het feit dat op dit moment een wijziging van artikel 192 der Grondwet voor ons nadelige misverstanden kan verwekken. Voor hen, die hier of in het buitenland geen goede kennis bezitten van ons staatsrecht en de omstandigheden niet overzien, kan de schijn gewekt worden dat de maatregel speciaal ter voorbereiding van een grootscheepsche militaire actie in Indonesië getroffen wordt. Dit misverstand dient bij publicatie hierover zo nadrukkelijk mogelijk voorkomen te worden.”  Die troepenverzending zou het kruitvat worden en er waren vele Nederlandse militairen die de lont in het kruitvat staken

    Ik heb aangegeven dat de eerste verzendingen van dienstplichtigen tegen hun wil naar Indie een wettige grondslag ontbrak. Ik heb tevens aangegeven dat dit een onrechtmatige daad ex art 1401 BW met zich meebrengt. De onrechtmatige daad is één van gecompliceerde artikelen maar ook de meest interessante van het BW of Burgelijk Wetboek, ik heb in het verleden eea bestudeerd alhoewel ik niet kan zeggen dat ik een expert in ben.
    Het betekent dat vele dienstplichtigen onrechtmatig naar Indie zijn gesleept. Ik heb me afgevraagd waarom deze jonge dienstplichtigen zonodig naar Indie moesten. Er waren toch veel ervarene militairen zoals de beroemde Prinses Irenebrigade, die zeker in de motteballen zat. Maar deze jonge en onervarene dienstplichtigen (tenminste 5.000) zijn op het altaar van het vaderland geofferd

    Dus Meneer Somers welke partij moet ik kiezen???

    • Jan A. Somers zegt:

      Sorry, ik wilde alleen maar reageren op citaat: “dus veranderde het toenmalige kabinet de grondwet. Zo gaat dat in een democratisch land.” Ik wilde alleen maar zeggen dat een kabinet de grondwet helemaal niet kan veranderen. Voor alles eromheen had ik niets willen schrijven, ik ben al zo lang van stof. Over een onrechtmatige daad ben ik ook helemaal geen deskundige, ik vraag mij alleen af of het BW hier van toepassing is. Er is overigens vanuit de 2e en 1e Kamer helemaal niet gepiept terwijl de scherpe tegenstellingen in ons parlement hiertoe best aanleiding zouden kunnen hebben gegeven.
      Tot ca. november(?) 1946 zijn alleen oorlogsvrijwilligers en andere KV-ers in Indië aangekomen. Ik dacht zo’n 15.000 man, stelde niets voor. Ongeveer eenderde van de Britse troepenmacht die daarmee slechts een paar grote steden rustig wist te houden. Ik weet niet of de Prinses Irenebrigade hierbij zat. In ieder geval te weinig voor de bloedige situatie in Indië. En het reservoir beroepsmilitairen in Nederland raakte op. Vandaar de noodzaak van dienstplichtigen. En welke partij u moet kiezen? Mogelijk een van de partijen die toen tegen waren.

    • RonLMertens zegt:

      Ook opmerkelijk hoeveel haast onze regering toen had, nog maar net bevrijd van nazi Duitsland,terwijl koffie/suiker etc. alleen op de bon verkrijgbaar was, om een troepenmacht naar Indië te zenden op ethische gronden:nl. Indië bevrijden!. De alhier wonende Indonesische studenten, veelal in het Nederlands verzet geweest, kwamen met ontzet tot de ontdekking dat hun vaderland nu in oorlog was met ‘hun vaderland’!
      Een school voorbeeld hoe een volk misleid kan worden. En dat net na wat in nazi Duitsland is gebeurd.

      • Jan A. Somers zegt:

        Niks geen ethische gronden, gewoon geldend staatsrecht. Na afloop van het militair gezag van het SEAC moest het militair gezag overgenomen worden van de Engelsen. Net zoals in Nederland het gezag moest worden overgenomen van de Canadezen. Helemaal geen misleiding, gewoon gezag uitoefenen in een deel van het Koninkrijk. Indië bevrijden was natuurlijk een prachtge kreet, maar de Engelsen hadden heel wat voorwerk verricht. Veel Europeanen waren al door de Gurkha’s bevrijd, vandaar dat ik dit kan schrijven. Enkele familieleden, waaronder mijn grootmoeder, zijn hier niet aan toegekomen.

      • Ed Vos zegt:

        Meneer Mertens, ik dacht dat de soevereiniteit over Indie nog steeds behoorde bij Nederland?
        Die Indonesische studenten (o.a. Hatta en Sjahrir) in Nederland werden overigens helemaal niet misleid. Die waren juist de (ware) pemuda, waarvan er een aantal het ook niet eens waren met Soekarno’s deal met de “Japanners”. Ik heb hierover al eerder geschreven op dit blog.

      • Ed Vos zegt:

        Ed Vos zegt:
        26 november 2012 om 6:55 pm
        …………………………………………………
        Die waren juist de (ware) pemuda, waarvan er een aantal het ook niet eens waren met Soekarno’s “deal” met de Japanners.

        Zo, zo staan de aanhalingstekens goed 😉

      • Ed Vos zegt:

        Om misverstanden te voorkomen, Hatta en Sharir hadden in Nederland gestudeerd, maar verbleven voor WOII in het een of ander Nederlands concentractiekamp in Nieuw-Guinea.
        Soekarno was ook verbannen (ergens in oost-Indonesie) en de Nederlanders hadden hem daar ook maar na het binnenvallen van de Japanners laten stikken.

        De in Nederland verblijvende Indonesische studenten deden mee aan het verzet tegen de Duitsers. Eerst Nederland helpen in het verzet, zo dachten ze, daarna zien we wel.

        Hen werd door de Nederlanders niets beloofd, dus ze konden ook niet misleid worden.

      • Jan A. Somers zegt:

        Ik dacht (weet niet zeker) dat Hatta en Sjahrir naar Banda waren verbannen. Digoel was oorspronkelijk bedoeld voor geïnterneerden van de PKI met hun gezinnen. In 1925-1927 verbleven daar ca. 1300 personen. Nadat in 1930 vele geïnterneerden met hun gezinnen waren vrijgelaten verbleven in Digoel nog 442 mannen en 2 vrouwen. Soekarno was verbannen naar Flores. In 1938 is hij overgebracht naar Benkoelen (Sumatra), onder grote belangstelling bij zijn treinreis. Ik dacht dat hij in Benkoelen onderwijzer was. Ik dacht niet dat men hem heeft laten stikken bij de inval van de Japanners. Bij verbanning werd alleen een woonplaats aangegeven, daar was men verder vrij.

      • RonLMertens zegt:

        Het Nederlandse volk dat misleid werd, met ethische slogans; ‘Indië bevrijden’!etc, om in feite een oorlog te ontketenen.En dat net na een bevrijding van nazi Duitsland.
        En het resultaat…..? En dat allemaal door het geldend staatsrecht!,aldus Somers. Het door Nederland,sept 1941, ondertekend!! volkenrechtelijk Atlantisch Handvest (voorloper VN)-art.3.Elk volk heeft het zelfbeschikkingrecht! werd verdonkermaand, voor datzelfde staatsRECHT.Op het Weteringplantsoen te A’dam, staat gedenkmuur met een tekst; ‘Een volk dat voor tirannen zwicht, verliest meer dan have en goed; dan dooft het licht’. Een spreuk van verzetstrijder H.M. van Randwijk.Die in 1947 ook een artikel schreef; ‘toen in 1940 onze koningin Wilhelmina naar Engeland vertrok, klonk op de radio het Wilhelmus. Als lied van hoop en troost. De radio aankondiging van de 1e politionele actie werd eveneens afgesloten met het Wilhelmus. Echter toen klonk het als een vloek!’

      • Jan A. Somers zegt:

        Op de akte van 27 december 1949 staat wie de soevereiniteit aan wie heeft overgedragen. Mede ondertekend door de Verenigde Staten van Indonesië als ontvanger van soevereiniteit. Het is dus algemeen bekend waar vóór die datum de soevereiniteit lag. Zo eenvoudig is dat. In dit geval geen staatsrecht, maar volkenrecht.

      • RonLMertens zegt:

        Het is het ‘politiek beleid’ van weleer waarop ik reageer.Een beleid dat vergaande konsekwenties heeft gehad op het handelen van inviduen en groepen van beide partijen.Wat moord en doodslag heeft gebracht.Leed heeft veroorzaakt.En tot op heden nog tot reacties leidt. Een oprechter Nederlandse houding met het oog gericht -zie Atlantisch Handvest- op een toekomstige samenwerking ( 7 dec.rede-de unie) had toen zeker een betere verhouding opgeleverd.( zie het Britse Gemenebest) Dat mag men toch verwachten van hen, die toen regeerden! (=vooruit zien!). Nederland, een gevestigde natie, net bevrijd van nazi Duitsland versus een opkomende natie, hunkerend naar onafhankelijkheid.
        Dat is toch wat anders dan maar mekkeren over het staatsrecht en souvereiniteit van
        toen!.

      • Jim Jasper zegt:

        O HEBT HELEMAAL GELIJK HR: MERTENS

      • Jan A. Somers zegt:

        citaat: “mekkeren over het staatsrecht en souvereiniteit van toen!.” Dat was de realiteit! En mijn ‘mekkeren’ is het ophalen uit de geschiedenis van het belangrijkste onderwerp van de onderhandelingen. Oorspronkelijk werd alleen gesproken over vrijheid of onafhankelijkheid (merdeka). Maar in Linggadjati wist Van Mook tijdens een door Soekarno aangeboden diner de impasse te doorbreken door het begrip ‘vrije staat’ te vervangen door ‘soevereine staat’: (…) vestiging van een souvereine, democratische staat op federatieve grondslag, genaamd de Verenigde Staten van Indonesië. Soekarno en Hatta accepteerden deze concessie en gaven op andere punten toe. Het begrip ‘soevereiniteit’ maakte Linggadjati tot een succes.
        Verder is de heer Mertens op zijn wenken bediend. Al vóór het Atlantisch Handvest (14/15 augustus 1941) was in de Volksraad op 23 februari 1940 de motie-Wiwoho c.s. ingediend. In aansluiting op de petitie Soetardjo werd het wenselijk geacht:
        1. dat aan den staatkundigen opbouw van Nederlandsch-Indië op de grondslagen gelegd door de grondwetsherziening van 1922 gestadig voortgearbeid dient te worden,
        2. dat die opbouw behoort te leiden tot zelfstandigheid van Nederlandsch-Indië binnen het Rijksverband.

        Minister Welter had inmiddels laten weten dat na de oorlog een conferentie kon worden bijeengeroepen om hervormingen op staatkundig gebied voor te bereiden. De gouverneur-generaal ging echter verder. Als vervolg op de motie Wiwoho werd bij gouvernementsbesluit van 14 september 1940 de ‘Kleine commissie van bekwame mannen’ ingesteld onder de naam ‘Commissie tot bestudeering van staatsrechtelijke hervormingen’. (Commissie Visman) Aan de commissie werd opgedragen: te onderzoeken, welke wenschen, strevingen en opvattingen bij de verschillende landaarden, lagen en standen in de Nederlandsch-Indische gemeenschap leven op het terrein van de staatkundige ontwikkeling van Nederlandsch-Indië .
        Ik sla nu maar een aantal ontwikkelingen over (kan je in mijn boek nalezen).
        Mede als vervolg op de rede van koningin Wilhelmina van 10 mei 1941, de daaropvolgende aankondiging van een rijksconferentie, en in januari de aankondiging dat ten behoeve van die rijksconferentie de leden konden worden aangewezen, besloot in juli 1942 de Nederlandse regering tot de voorbereiding van een beginselverklaring over staatsrechtelijke hervormingen. Hiervoor werden alle bereikbare deskundigen geraadpleegd, en werd ook gebruik gemaakt van alle beschikbare ambtelijke stukken uit Batavia van de laatste maanden vóór de bezetting. Bij deze voorbereiding werden als uitersten enerzijds gesteld dat na de oorlog allereerst de vooroorlogse toestand zou moeten worden hersteld, en anderzijds, dat ‘het onafwendbaar [scheen] te erkennen, dat alsdan, na verdrijving van de Japanners, de oude grondwettelijke positie van Indië en zijn bevolking definitief zou blijken te zijn verdwenen door feiten, welke het rechtsoordeel heeft te erkennen.’ De besprekingen in de ministerraad leverden een eenstemmige principeverklaring die werd weergegeven in de radiorede van koningin Wilhelmina van 6 december 1942. Die rede, waarin werd verwezen naar de voordien aangekondigde rijksconferentie en naar het rapport van de Commissie Visman, benadrukte drie uitgangspunten voor de naoorlogse staatsrechtelijke verhoudingen: erkenning van het zelfbeschikkingsrecht, ook voor de overzeese gebiedsdelen; medeverantwoordelijkheid van het moederland voor herstel en wederopbouw; een voortgezet samengaan in een deelgenootschap tussen gelijken. Dit werd het basisschema voor de onderhandelingen tussen Sjahrir en Van Mook.
        De met Indonesië overeengekomen unie was een getrouwe kopie van het Britse gemenebest. Waarom zou je iets nieuws verzinnen als er al een redelijk werkend systeem bestaat. Het enige verschil bestond uit het vervangen van de functienaam ‘gouverneur’ door ‘hoge vertegenwoordiger van de kroon’. Dat die unie binnen de kortst mogelijke tijd in de prullenbak was verdwenen is Nederland niet aan te rekenen. Ook was geleerd van de Duitse bezetting: collaborateurs die vervolgd en berecht dienden te worden.

  16. RonLMertens zegt:

    Poncke Princen, een open zenuw voor een deel van Nederland. Een man met enorm rechtsgevoel. Verliet huis en haard om , wat voor hem het onrecht vertegenwoordigde desnoods ten koste van zichzelf, te bestrijden. Zijn broer Kees Princen, vocht als marinier in diezelfde periode tegen de Republiek.Zijn mening; ‘wij hoeven niets goed te praten. Met de kennis van nu,mag je toch achteraf zonder gezichtsverlies concluderen dat wij fout waren.Is dat zo erg?’ Pah K. ,bij wie ik ooit in Indonesië logeerde, noemde hem een Blanda, maar dan wel met Hoofdletter! Aantijgingen zoals landverraad etc.verliezen hun betekenis door de daden, die hij in zijn leven heeft begaan! Gelijk een Prince(n) van Oranje, die de koning van Spanje eerde.Maar opkwam voor het onderworpen volk der Nederlanden.

    • RonLMertens zegt:

      Begrippen als volken-/staatsrecht en souvereiniteit worden veelal gebezigd door ‘rechtgeaarde Nederlanders’, als Somers. Alsof deze begrippen indertijd op
      RECHTmatige wijze zijn verkregen/vastgesteld. In de toen imperialistische periode werden landen en inwoners met handel, list/bedrog en vooral geweld gekoloniseerd en door zgn. imperialistische landen onderling verdeeld! Gebieds ruilingen kwamen ook voor. De bevolking van die veroverde gebieden hadden niets in te brengen. Volkenrechtelijke besluiten werden toen genomen en men had de ‘soevereiniteit’ over die gebieden. Vandaar dat op 14 Aug.1941(nog vóór de Japanse aanval) het Atlantisch Handvest= voorloper van de VN werd opgericht met een belangrijk artikel 3; Elk volk heeft het zelfbeschikkingsrecht! Citaat; “Zij eerbiedigen het recht van ALLE volkeren, de vorm van bestuur te kiezen waaronder zij willen leven”. Dit Handvest werd 24 sept.1941 te Londen door Nederland ondertekend. De ondertekende landen werd verzocht dit besluit ook bij hun ‘kolonieën’ kenbaar te maken. Nederland deed dit( had er moeite mee), ruim anderhalf jaar later!, middels de zgn. 7 December 1942 rede van Koningin Wilhelmina. De enige Indonesische minister Soejono in het Londen kabinet deed (vergeefse) pogingen om het begrip ‘onafhankelijkheid’ in de rede op te nemen.Zelfs een zinsnede met enig ‘inspraak’ in de eventuele totstandkoming van een naoorlogse koningrijk, werd door het kabinet weggestemd Een ‘wollige tekst’, welliswaar met verwijzing naar het Atlantisch Handvest, echter zonder enig concrete toezegging; “De laatste jaren hebben getoond, aldus de Koningin, dat in beide volkeren de wil en het vermogen tot harmonisch! en vrijwillig samengaan aanwezig zijn! Ik stel mij voor, zonder vooruit te lopen op de adviezen der rijksconferentie, dat zij zullen richten op een Rijksverband!! etc etc…Dus van zelfbeschikkingsrecht was geen sprake!, wel een vaststelling nl. een Rijksverband! Min of meer in antwoord op de afgewezen petities van Soetardjo 1936 en Wiwoho 1940 (Indië een zelfstandigheid), toen de Nederlandse regering Oostindisch doof bleef( zie de Kadt; De Indonesische tragedie). De kwestie werd toen slechts ‘vooruit geschoven’ met de instelling van een commissie ‘die de in Indië staatkundige wensen! zou inventariseren!’-alsof het nog niet bekend was.
      Het lijkt erop dat men nu nog steeds Oostindisch doof blijft aangaande wat toen werkelijk gebeurd is!
      Note: Linggadjatie conferentie; ‘vrije staat’ vervangen door ‘soevereine’ staat is op aandrang van Soekarno!( niet van Mook), die de Republiek als onafhankelijke staat wilde accentueren!

  17. van den Broek zegt:

    Ik ben geen anti-militairist, ik hang ook niet het gebroken geweertje aan, integendeel ik kom uit een familie waar veel over de Marine wordt gesproken, mijn oom was beroeps bij de Koninklijke Marine, mijn vader heeft als burger bij de Marine gewerkt. Ikzelf heb mijn dienstplicht (3 maanden langer dan normaal) vervuld bij de Marine, ik ben reserve-officier en heb les gegeven aan het KIM in Den Helder, ik heb dat altijd een eer gevonden, kijk nog met trots naar die periode. Dus niemand hoeft mij te vertellen wat landverraad, desertie,eed van trouw of eergevoel is. Dit om misverstanden over mijn persoon apriori uit te sluiten.

    Mijn belangstelling voor dhr. Princen komt voor uit de wel gebrekkige qualificaties die hem toegedicht worden zoals:
    landverrader/deserteur:
    ik noem als voorbeeld de Ieren die in WO2 (Ierland was neutraal) deserteerden en in het Britse leger (toch hun aardsvijand) tegen Duitsland en Japan vochten. Dat zijn dus laffaards volgens sommigen.
    Een ander voorbeeld zijn Duitsers die deserteerden en veelal standrechterlijkgeexecuteerd en ik praat niet over Kolonel van Stauffenberg (landverrader) die een aanslag pleegde op Hitler, hij werd ook standrechtelijke geexecuteerd, dus dan komt een landverrader/deserteur wel in een apart daglicht te staan.

    En dan de opmerking dat hij op eigen maatjes schoot. Ik vele uren informatie over dhr. Princen gelezen en dan komen wel opmerkelijke dingen boven water drijven zoals.
    Toen hij een oproep kreeg voor zending naar Indie, vluchtte hij naar Frankrijk. Toen hij hoorde dat zijn moeder ziek was keerde hij terug naar Nederland, Daar werd hij gearresteerd. Ondanks dat hij deserteerde werd hij niet gelijk veroordeeld, maar werd hij onder politiebewaking naar het schip gebracht dat hem naar Indie transporteerde. Ik ga ervan uit dat hij aals deserteur onder dwang naar Indie ging (zoniet een onrechtmatige daad van de Regering danwel ongrondwettelijk) en dan wordt dhr Princen toch een veiligheidrisico, dhr. Princen lijkt mij dan niet een betrouwbare Jan om als soldaat op te treden maar de legerleiding besliste anders. Hij moest in Indie toch zijn straf voor desertie uitzitten en daarna mocht hij bij de manschappen. Als je nadenkt dat onder de militairen in Indie ook Waffen-SSers zaten (dus soldaten die niet alleen landverraders maar Nazi-fanatiekelingen waren) die voor verzending naar Indie als beloning kwijtschelding van hun straf zouden krijgen, dan kan je indenken wat voor leuke maatjes daar zaten en wat voor gigantische zooitje daar moest gaan vechten.
    Ik vind het dan wel een vorm van selectieve waarneming als je dhr. Princen, iemand die deserteerde, tegen zijn wil naar Indie ging, in Indie gevangen en mogelijkerwijze met Waffenssers in een compagnie zat ,over zijn maatjes laat spreken, die keken hem met zo’n conduite met de nek aan. Dus dat maatjes neem ik wel met een hele grote korrel zout.

    Dhr Princen blijft een omstreden man en ik hoop door die documentaire een volledig beeld van hem geschetst wordt zodat een evenwichtig oordeel geveld kan worden. Dat zou toch recht doen aan zo’n opmerkelijke man.

  18. A nony mouse zegt:

    Dokumentasi Militer Indonesia aangaande P.P.
    http://garudamiliter.blogspot.nl/2012/04/poncke-princen.html
    – sumber wikipedia –

  19. A nony mouse zegt:

    Waarom Garuda Militer blogspot.nl?
    nl is Nederland?

  20. Ed Vos zegt:

    Jan A. Somers zegt:
    27 november 2012 om 11:29 am
    “Ik dacht (weet niet zeker) dat Hatta en Sjahrir naar Banda waren verbannen.

    Dat klopt helemaal. 😉
    In 1936 werden beiden naar Banda over gebracht.”

    OK dan.

    • HenkAnthonijsz (1926) zegt:

      In 1934 waren Hatta en Soetan Sjahrir eerst naar Boven Digoel verbannen. Ze hebben daar twee jaren gezeten en zijn toen naar Banda overgebracht.
      In het boek “Vijftien jaar Boven Digoel”, geschreven door I F M Salim, lees je er meer over.

  21. Surya Atmadja zegt:

    Jan schreef:
    Dat die unie binnen de kortst mogelijke tijd in de prullenbak was verdwenen is Nederland niet aan te rekenen.
    —————————————————————————————————————
    Op wiens bord werd het dan gelegd ?
    Als het bij de Indonesiers dan kan je mss onderbouwen ?

    • Jan A. Somers zegt:

      Ik weet niet hoe of het precies is gegaan. Mijn geschiedenis van Indië houdt op 27 december 1949 op. Ik heb de stukken dus niet meer gezien, en mijn kennis is dus niet betrouwbaar. Ik dacht dat Soekarno in 1950 een eind maakte aan het federale bestel en een eenheidsstaat heeft gesticht onder (Javaans) republikeinse suprematie. Ik weet niet of dit parlementair is gegaan of bij presidentieel decreet. In januari 1956 zegde Indonesië het Uniestatuut eenzijdig op. Ook hiervan weet ik niet of het parlementair is gegaan of bij presidentieel decreet.

      • Surya Atmadja zegt:

        Bij de meeste aansluiting gebeurde het of op parlementair basis of omdat de vorsten vrijwillig hadden aangesloten.
        Zelfs bij de Negara Indonesia Timur .
        De volksvertegenwoordigers hadden besloten om aan te sluiten bij Jogja.
        Dat was ook de reden waarom een “daerah: te weten de Zuid Molukken waren uitgestapt .
        Over de juiste gebeurtenissen kan men de 2 boeken van Ir Manusama na lezen.
        Over het onstaan van de RMS , die gebaseerd was op verzet en geweld van een kleine groep Christelijke “Ambonezen” onder leiding van Nederlands georienteerde Zuid Molukkers( o.a Soumoukil en Knil-ers).
        Men vergeet soms te vermelden dat op dat moment ook andere Ambonesezen/ Kei groepen die pro Republiek zijn .
        Alles te lezen bij de 2 boeken van Manumasa en andere Nederlandse schrijvers .

        Aceh, Jogja en andere grote vorstendommen in Sumatra-Java zijn pro R.I.(geworden)
        Zelfs Pasundan (West Java).
        De coup van Westerling was eigenlijk de doodsteek van de deelstatendroom van Van Mook , mijn inziens moet Westerling een bedankbriefje krijgen , want zijn actie (APRA) was het bewijs van de Republiek dat Nederland dubbele agenda had.

      • Jim Jasper zegt:

        Niet dat ik het niet wist, een Nederlandse regering met een dubbele agenda die dit zei maar wat anders deed. Westerling werd na zijn terugkomst in Nederlad in bescherming genomen, vanzelfsprekend stonk dit natuurlijk al enorm. Westerling was een domme militair die graag deed wat hem werd bevolen. Dat deze schaamteloosheid onbetrouwbaarheid eens en vooraltijd wordt uitgezocht is uiterst noodzakelijk. Maar ik denk niet dat ze de uitslag graag willen horen

  22. A nony mouse zegt:

    Van Fredrik Willems “Raymond Westerling Online”
    http://westerling.wordpress.com/
    http://westerling.wordpress.com/doel/
    ** Oproep ** (met 24 reacties)
    Beste bezoeker van Raymond Westerling Online,

    Het is inmiddels weer enkele jaren geleden dat ik mijn studie geschiedenis aan de Radboud Universiteit Nijmegen heb afgerond. Als opdracht voor mijn scriptie koos ik de beeldvorming over Raymond Westerling in de Nederlandse geschreven pers te bestuderen. Het onderwerp liet mij niet los. Aangezien ik tijdens mijn onderzoek zoveel informatie verzameld had, besloot ik na mijn studie een biografie over Westerling te schrijven. Het is mijn bedoeling om een evenwichtiger beeld van Westerling te schetsen dan helaas in het verleden is gebeurd. In mijn boek wil ik tevens niet alleen zijn jaren in Indonesië, maar ook zijn jeugd in Turkije en zijn verblijf in Nederland beschrijven. Mijn onderzoek beperkte zich niet alleen in Nederland, maar bracht mij ook in Engeland en Indonesië. Diverse vrienden, kennissen en familieleden van Westerling hebben reeds toegezegd aan deze biografie mee te werken. Ook uw hulp is van harte welkom! Heeft u informatie, foto’s of anekdotes over Westerling, die u wilt delen, dan kunt u contact met mij opnemen per email of door het onderstaande formulier in te vullen.

    Met vriendelijke groet,

    Fredrik Willems

  23. van den Broek zegt:

    Hans Meijer gaat in zijn boek Den Haag-Jakarta, De Nederlandse Betrekkingen 1950-1962 in op het vraagstuk van de Unie.blz 276 “De Unie een doodgeboren kind”.

    De Unie was niet levensvatbaar want van het oorspronkelijk plan om de Uniesecrtariaat de bestuurlijke spil te laten worden was niet veel overgebleven. De Indonesische Uniesecretarisgenaal Mr. Pringgodigdo combineerde zijn functie met die van directeur van het kabinet van Ir. Soekarno en dat zegt genoeg over de geringe Indonesische animo voor de Unie
    Andere Unie-organen kwamen niet van de grond zoals het Uniehof, deze was wel in mei 1950 geinstalleerd maar het leidde slechts een slapend bestaan.
    Bovendien was na het vertrek van Dr. Rum (Indonesisch HC) uit Den Haag geen opvolger benoemd. De plv HC Djumhana nam zijn plaats in.

    J.J.P. De Jong schrijft in de Avondschot (blz .688) dat Den Haag dacht dat via de Unie nog altijd mogelijkheden aanwezig waren om de oude interventionistische neigingen uit te leven maar na de soevereiniteitsoverdracht werd geen nieuw hoofdstuk in de relatie aangevangen.

    Dat de Uniesamenwerking nauwelijks iets voorstelde bleek ook uit de non-coordinatie van het buitenlands beleid , de enige post waarbij Indonesie de plaats van Nederland innam was Saoedie-Arabie.

    Lambert Giebels rept in zijn biografie van Sukarno, President 1950-1970 (blz 77) dat de samenwerking in de Unie werd bemoeilijkt door
    a) de afwerking van de Westerling-coup
    b) het uitroepen van de RMS in 1950
    c) de Nieuw-Guinea kwestie

    Ik denk dat niet alleen door de geografische ligging de belangen van Indonesie wezenlijk verschillen van Nederland maar ook de verschillen in wereldbeeldenn maakt een nauwe samenwerking tussen de landen A PRIORI onmogelijk.

    Terwijl Nederland de zijde koos van de VS en lid was geworden van de NAVO wenste Indonesie zich niet aan een van beide machtsblokken te binden en koos voor een niet-gebonden actieve zelfstandigheidspolitiek in de Koude Oorlog. De Indonesische afzijdigheids tav het uitbreken van de oorlog in Zuid-Korea spreekt boekdelen.

    Daarom kan niet aan één van beide partijene de verantwoordelijk voor het mislukken van de Unie toegeschoven worden. De uitgangsposities van Nederland en Indonesie waren te verschillend en onoverbrugbaar.

    • Jan A. Somers zegt:

      Dat klopt voor het merendeel wel. Ik ben er op ingegaan omdat regelmatig Nederland verweten wordt geen gemenebest te hebben gesticht. Terwijl die unie toch een kopie moest worden van dat gemenebest. Ik denk dat Nederland de mislukking niet zo erg vond, de eenzijdige opzegging door Indonesië is door Nederland (geloof ik) niet bestreden. Het grote verschil in uitgangsposities was misschien niet zo belangrijk, in het Britse gemenebest zijn wel grotere verschillen aanwijsbaar. Misschien had Indonesië voor intern gebruik wat zwaarder geschut nodig tegen de voormalige kolonisator. In diezelfde tijd begon Indonesië zich overigens ook te oriënteren op communistisch China. Ik dacht dat de ontwikkelingshulp wel is doorgegaan. Maar daar mocht niet al te veel over worden gepraat. Ik vind het allemaal niet meer zo belangrijk. Maar het is natuurlijk wel geschiedenis.

      • Surya Atmadja zegt:

        De probleem wijt ik aan het feit dat Nederland nog steeds wil(of droomde) om de baas te spelen over Indonesia .Het verliezen van zo’n rijke wingewest was toen als ramp beschouwd.
        Zelfs DE KNIL werd tijdelijk omgetoverd tot Kon.Nederlands Indonesische Leger .
        Daarna spelen andere factoren, zoals die Giebels schreef ( Westerling-RMS-West Irian).
        Ook had Nederland Indonesia economisch gezien in houdgreep ( dacht aan de voorkeurspositie van Nederland).

        De nationalisten hadden van af begin ook over R.I , niet over R.I.S ( als uitslag van RTC)
        Het is logisch dat ze terug willen naar hun oude droom.
        Van de deelstaten waren alleen Sultan Hamid ( Borneo) en Anak Agung Gde Agung (Bali) die pro federale staat waren.
        De gedachte van R.I (eenheidsstaat) was gebleven toen de top van R.I(Yogya) opgepakt werd.
        Toen had R.I een regering in balingschap in Sumatra.
        Was ook de reden dat de VN zaken deed met R.I Yogya toen Soekarno cs bevrijdt werd na de 2de Pol.Actie

      • RonLMertens zegt:

        Een kopie van het Gemenebest? Bij het Britse Gemenebest werden opgenomen alle! onafhankelijke staten, voorheen koloniën! (over grote verschillen gesproken !)
        Zelfs Pakistan (los van India) werd al vanaf 1948 lid.Anno 2011, bij het 60e jr. regerings jubileum van Kon.Elisabeth gaven alle ex.koloniën acte de presence! Nederland toen; Logemann en Van Mook gingen er vanuit, dat Indonesië 25 tot 30 jaar!! in het Rijksverband ad.7 dec.rede zou blijven. Wat dachten de Indon.leiders bij het aanhoren van deze wens, bij het gedésavoueerd gesprek dd.4 Okt.1945 van dr.Van der Plas(met medeweten van Van Mook) en Soekarno? Bersiaaaaap!! en de achterban werd matagelap! Ten koste van Indo gezinnen(zonder vaders-nog in het kamp), Molukkers, Chinezen en Indonesiërs, die verdacht waren pro Nederland te zijn.

  24. van den Broek zegt:

    Ik blader wat door het boek van Hans Meijer en dan gaat het vnl over het verwachtingspatroon van beide zijde:

    Ik citeer blz 275 : “er was het eerste jaar zeker bij de Indonesische elite nog zoveel goodwill. De euforie van de vrijheid werkte nog lange tijd door. De verwachting was dat het allemaal wel goed zou komen. Nieuw Guinea zou worden afgestaan , dan gaat Sukarno op staatsbezoek naar Nederland en er is geen wolkje aan de lucht. En dat nu bleef uit. Het was één grote teleurstelling.
    .
    Van Nederlandse zijde had Romme (KVP) te kennen gegeven dat Nieuw Guinea belangrijker was dan een hechte Unie-samenwerking en dat Nederland zich daarmee niet mocht chanteren. Indien gekozen dient te worden dan viel de keus op Nieuw Guinea.

    Blz 306.Begin November 1951 zou de Grondwet in Nederland veranderd worden omdat Indonesie nog steeds in de constitutie vermeld stond als deel van het Koninkrijk. het kabinet greep de wijziging aan om de status van Nieuw Guinea als Nederlands grondgebied in de Grondwet vast te leggen..
    Het kabinet Sukiman bestempelde de opname van NG in de grondwet als een “onvriendelijke daad” en dan zijn de aardappelen wel gaar in diplomatieke termen uitgedrukt.

  25. Surya Atmadja zegt:

    van den Broek zegt:
    5 december 2012 om 8:57 pm
    Ik blader wat door het boek van Hans Meijer en dan gaat het vnl over het verwachtingspatroon van beide zijde:
    Ik citeer blz 275 : “er was het eerste jaar zeker bij de Indonesische elite nog zoveel goodwill. De euforie van de vrijheid werkte nog lange tijd door.
    —————————————————–
    -De Indonesische nationalisten voormannen en vrouwen (de “elite”) waren meestal de kinderen van “Inlandse hoofden en Grooten “die sinds hun toelating aan de E.L.S vanaf 1864 min of meer Nederlands georienteerd waren , ook omdat ze Nederlandse opleiding en vorming genoten hadden.

    Zelfs de iets jongere generatie zoals mijn ouders (en waarschijnlijk de generatie van hun oudere broers /zusters die nog leven) hadden nog warme gevoelens voor de Nederlanders en hun konningshuis.
    Weet nog dat ze teleurgesteld werden toen Beatrix weigerde te komen op de 50 jaarsviering Indonesia Merdeka in 1995.
    Werd behoorlijk gediscusieerd hoe “haatdragend” sommige Nederlanders zijn .
    Wat een gemiste kans.

    • Jan A. Somers zegt:

      Koningin Beatrix weigerde niet. Zij mocht niet.

    • Ed Vos zegt:

      U heeft het geleerd “sommige Nederlanders”.

      Dat ze LATER kwam, was omdat ze de gevoelens van bepaalde aan Indie-gerelateerde organisaties, en zeker die der veteranen, niet wilde kwetsen. Deze organisaties moesten uiteraard rekening houden met hun achterban, en ik twijfel zeker niet aan de oprechtheid van hun gevoelens (die zouden dan het gevoel hebben voor voor niks te hebben gevochten), maar ik betwijfel wel of zij de gevoelens van het gehele Nederlandse volk vertolkten.

      Overigens werden op de 50e jaarviering van Indonesia Merdeka in 1995 ook de naar schatting 100.000 Indonesische doden herdacht die tijdens de onafhankelijkheidstrijd vielen. Dat was — van Nederlandse kant bezien — ook niet kies ten aanzien van de ruim 6000 doden die sneuvelden voor vorstin volk en vaderland. Wat dit laatste betref kan ik me eea best indenken.

      • Jan A. Somers zegt:

        Natuurlijk mag je rekening houden met je achterban. Maar het ging om een staatsiebezoek, daar zijn alle Nederlanders achterban! Belangrijker vind ik dat de Koningin, die onschendbaar is en geen mening mag hebben, in een voor haar onmogelijke positie is gedrukt. En daarvoor persoonlijk is afgestraft door president Suharto.
        Die herdenking op 15 augustus van de Indonesische doden is toch normaal bij zo’n gelegenheid? Wij herdenken op 4 mei toch ook onze (Nederlandse) doden en niet de Duitse. Wij herdenken op 15 augustus bij het Indisch Monument toch ook onze (Indische) doden? Behalve dan de bersiapslachtoffers. Die zijn van na 15 augustus 1945 en doen niet mee.

  26. van den Broek zegt:

    @Surya Atmadja
    ik ben me van bewust dat ik louter Nederlandse bronnen raadpleeg en dat dit wel een letterlijk eenzijdige beeld kan geven. Daarom enkele vragen aan dhr Atmadja:.
    Ik denk nog na over “de verwachting van Indonesie over een bezoek van ir. Sukarno aan Nederland. Was dit een persoonlijke wens van de President of paste dit in het buitenlands beleid van de democratische krachten achter de President (de partijen en de TNI). Heeft indonesie er ooit over nagedacht Koningin Wilhelmina of Prinses Juliana voor een staatsbezoek uit te nodigen?

    Een andere vraag.
    Heeft bij Indonesie de conferentie van Bandoeng enige invloed uitgeoefend op de verhoudingen met Nederland. Ik krijg soms de indruk uit zijn biografie en het is maar een indruk dat ir. Sukarno insbijzonder Nederland als een soort kop van Jut heeft gebruikt om zich te profileren voor deze conferentie.

    Een laatste vraag in het algemeen
    En wat heeft het Unie-conflict tussen Indonesie en Nederland voor invloed gehad op de Indische Nederlanders in Indonesie? Die zaten in het ping-pong spel op de meest ongemakkelijke plek, die waren het balletje wel te verstaan.

    • Jan A. Somers zegt:

      Ik geloof niet dat er een Unie-conflict is geweest. Indonesië had er geen zin meer in en Nederland vond het best. Het enige is dat een afspraak in een (volkenrechtelijk) verdrag wel wat netter had mogen worden afgehandeld. Vooral omdat Indonesië meteen een aantal andere (wel belangrijke) afspraken had afgezegd.

      • RonLMertens zegt:

        Indon.heeft nimmer een unie gewild.Het werd hen opgedrongen door Ned.Die (Logemann) sprak zelfs over een”zware unie” bv. om Indon. nog 25 tot 30 jr.binnen (het Rijksverband) te houden. De Indon.slogan was altijd een republiek “Van Sabang tot Marouke!” Met chagerein heeft Ned., na de 1e ‘politionele actie’ kenbaar gemaakt Nw.Guinea te willen aanhouden.Wat in tegenspraak was met de Linggadjatti overeenkomst 25/3-1947- art.3 overdracht aan de Ver.Staten van Indon. omvat ‘het gehele gebied van Nederlands Indië….etc.’ Deze overeenkomst werd door Ned. ‘aangekleed’ met;1-Nw.Guinea buiten de overdracht te houden.2- Alle ‘lusten en lasten’ van de Ned.Indische gournement worden door Indon. overgenoem( incl. achtrstallige salarissen van ambtenaren,KNIL tijdens de Japanse periode – daarom actie Indisch Platvorm!) met protest door Indon.,die zelf geen enkele toevoegingen heeft gedaan. Nog opmerkelijker is art.17-2;- De Ned.regering en de Republiek zullen alle geschillen voorleggen aan het Internationale Hof van Justitie!!Ned.negeerde dit. Net voor de 1e ‘politionele actie’ heeft Sharir hierop gewezen, echter Ned. had zijn aangevoerde troepen op sterkte en wilde als vanouds toeslaan, toen gezagsherstel via de Britten niet lukte. Het had al vanaf de 17 Aug.proclamatie één doel; gezagsherstel, hoe dan ook, en geen concessies aan Soekarno. Men wende alle gelden aan om wapentuig/manschappen etc.aan te schaffen.Men rekende op een oorlog zoals de Java oorlog of Atjeh oorlog, derhalve met meer dan 70.000 manschappen! Na het informeel gesprek dd.1/10/45 van Van Mook’s, (Indon.) Nica officier Abdoelkadir Widjojoatmodjo (met instemming van Van Mook) met Soekarno cs namen de onlusten toe! Dat werd dan weer als reden aangevoerd om ; “Indië te bevrijden”! en de troepenmacht verder op te voeren. Een beleid, die moord en doodslag heeft gebracht aan vele onbeschermde buitenkampers!( Indo families,Molukkers etc.) en tenslotte het einde van Indië heeft ingeluid! (zie dr.L.de Jong dl.Voorspel, dl.11 t/m 14, tevens R.Boekholt het comité tegen
        dr.L.de Jong)

    • Surya Atmadja zegt:

      Beste VdB .
      Ik hoorde alleen de weinige verhalen van mijn ouders en hun oudere broers en zusters .
      Het was “bekend” dat Soekarno graag uitgenodigd werd door de Nederlanders , maar ya Nederland kan moeilijk een ex “collaborateur” en de bron van alle ellende voor de Nederlanders uit te nodigen naar Nederland .
      Dacht dat Luns ook iets van geschreven had over de stille wens van Soekarno.
      Soekarno werd te veel zwart gemaakt, een weg terug was te moeilijk voor de Nederlanders.

      De oudere generatie Indonesiers hadden min of meer een redelijk positieve houding voor Nederland, en de mensen die Nederlandse opleiding en vorming hadden genoten sturen hun kinderen vaak naar Nederland ( Delft-Rotterdam-Leiden-Amsterdam).
      Thuis spreken ze ook Nederlands , zelfs na de diplomatieke verbreking met Nederland(na 1957 ?) .
      De regering sturen beursstudenten , meestal voor Ph.d naar USA , Duitsland of in mindere mate naar Engeland.

      Kon. Juliana en Bernhard waren wel op bezoek in Indonesia , bij Soeharto .
      http://nos.nl/video/261182-koningin-juliana-en-prins-bernhard-op-staatsbezoek-in-indonesie-1971.html
      Bij de eerste Konperensi A.A in Bandung in 1955 zal S mss bepaalde houding aannemen t.o.v Nederland maar dan is het waarschijnlijk voor binnenlandse politieke doeleinden , zie de West Irian kwestie.

      Wat ik wel weet waren tot 1957 niet zo veel “anti Nederlandse gevoelens” te bespeuren bij mijn landgenoten .Ik speelde met Nederlandse en Indische buurjongens.
      Nederlands was de 3de taal bij ons thuis./
      Tot dat het duidelijk werd dat Nederland niet van plan was om West Irian aan Indonesia over te dragen.
      Toen werd de betrekkingen zodanig verstoord , resultaat alle Nederlanders werden uitgewezen .

    • Jan A. Somers zegt:

      Koningin Wilhelmina en Prinses Juliana hadden nooit uitgenodigd kunnen worden, Indonesië bestond nog niet in die tijd. Ik vind het wel jammer dat koningin Wilhelmina noit in Indië is geweest. Over Soekanrno heb ik ooit een mystiek verhaal gehoord dat hij, in de traditie van een oud-Javaanse vorst, in een goed gesprek met zijn collega-vorst Wilhelmina alle problemen zou moeten oplossen. Zoiets laat je niet aan anderen over. Jammer dat Soekarno niet in de gelegenheid werd gesteld zijn rol te spelen in het onderhandelingsproces. Maar ja, Nederland was bezig collaborateurs te berechten en te executeren; dan nodig je Soekarno niet op de thee bij Wilhelmina. Het was een geweldige list van Sjahrir/Van Mook de afsluitende conferentie te organiseren in Linggadjati. Republikeins gebied, waar Soekarno aanwezig kon zijn. Een rijsttafel waarbij de laatste plooien konden worden glad gestreken!

  27. van den Broek zegt:

    Alhoewel dhr. Somers enigszins in zijn algemeenheid spreekt, kan ik me best indenken wat die andere (wel zeer belangrijke) afspraken zijn.

    Ik citeer Hans Meijer (blz 163) en met een schuin oog naar Giebels: Voor de van enig kennis gespeende en met tal van vooroordelen behepte Nederlandse bevolking vormde het “oprollen” van de deelstaten een hernieuwd bewijs dat Indonesie de RTC-afspraken met de voeten trad en dat Nederland nooit had mogen instemmen met de onafhankelijkheid van Indonesie. De verdwijning van de federatie (RVSI= Republiek Van Verenigde Staten van Indonesie)) werd als contractbreuk ervaren. Dit tekende de sfeer in Nederland. De RVSI had nauwelijks draagvlak en dat wisten Jakarta en Den Haag van te voren.

    Het legalisme van Den Haag kreeg groteske vormen. De toenmalige MP Dr Drees schakelde de UNCI (United Nations Commission Indonesia)maar de HC Dr Hirschfeld (Hoge Commissaris) verzette zich hiertegen omdat Indonesie toch al in gewonnen positie stond.

    Dr Hirschfeld als realist had verschillende redenen: a) de soevereiniteitsoverdracht was onherroepelijk en onvoorwaardelijk . B) volgens geldend volkerenrecht is het goed recht van iedere SOEVEREINE staat zijn eigen staatsvorm te bepalen, maar dat had men blijkbaar in koloniaal Nederland vergeten en dat zou tot verstrekkende gevolgen leiden (zie Nieuw Guinea).

    Ik heb me voorgenomen bovengenoemd boeken te lezen, te beginnen met de Kerst. Ik heb ze wel gekocht maar zoals gewoonlijk laten liggen voor betere tijden.. Ze zijn allemachtig interessant want ze geven een tijdsperiode aan, die ik oppervlakkig ken. Ik merk dat de voetnoten veelvuldig naar elkaar verwijzen en dat spaart lezen uit. Van een afstandje zie ik op de boekenplanken meerdere boeken die ik als naslagwerk gebruik (bladeren) zoals de biografie van dhr Robinson maar niet als studieboek. Er zijn nieuwe voornemens voor het volgend jaar

    • Jan A. Somers zegt:

      Natuurlijk mag Indonesië zijn eigen staatsvorm bepalen. Maar als dit in een verdrag is afgesproken, meld je veranderingen op een nette manier aan je verdragspartrner. Als je de Unie wilt verbreken is dat best, maar dan heropen je de onderhandelingen. (en Nederland niet verwijten dat ze geen gemenebest hebben gesticht). Als je je financiële verplichtingen niet wilt nakomen is dat best, maar dan heropen je de onderhandelingen. In het volkenrecht kan en mag veel, maar er zijn wel geschreven en ongeschreven regels. Gelukkig vond Nederland het best, ze waren nu van de ellende af. En de salarissen uit de oorlog zijn nog steeds niet betaald. En op Bali is er nog altijd een mooie blonde dame die ’s ochtends de Telegraaf uitdeelt. En in Nederland interesseert het niemand. Die sturen de Koningin op een verkeerde datum op staatsiebezoek.
      Een klein recent voorbeeld. Nederland en België hadden afspraken gemaakt binnen het Westerscheldeverdrag. Een belangrijk verdrag waarin Nederland het verkeer regelt op de belangrijkste Belgische vaarroute. Staatssecretaris Bleker lapte die afspraken aan zijn laars, het was tenslotte verkiezingstijd. Niet zo belangrijk, maar zo ga je in de wereld niet met elkaar om. Maar zijn opvolger is wel door België op het matje geroepen. Komt allemaal in orde, maar je moet het wel netjes doen.

  28. van den Broek zegt:

    Meneer Somers
    U kunt wel zo mooi de les lezen maar ik heb boven al gemeld wat Nederland deed tav Nieuw Guinea en naar ik weet heeft zij Indonesie nooit ingelicht. Het werd door Indonesie als onvriendelijke daad bestempeld. In diplomatieke taal, geschreven of ongeschreven is dat wel heel duidelijke taal. Uw legalisme komt me wat onbestemd over.

    Ik citeer:
    Blz 306.Begin November 1951 zou de Grondwet in Nederland veranderd worden omdat Indonesie nog steeds in de constitutie vermeld stond als deel van het Koninkrijk. het kabinet greep de wijziging aan om de status van Nieuw Guinea als Nederlands grondgebied in de Grondwet vast te leggen..Het kabinet Sukiman bestempelde de opname van NG in de grondwet als een “onvriendelijke daad” .

    Ik ben ook dat boek van J.J.P. De Jong Avondschot aan het doorbladeren en dan sta ik versteld van hoe Indonesie werd behandeld, dat was dus de verdragspartner. Ik zal daarover volgende keer wat voorbeelden aanhalen met de door U gebruikte criteria.

    Misschien kunt U IN CONCREET aangeven wat in het Volkenrecht precies kan en mag in dit kader, soms laten Uw beelden mij achter in verwarring,

    • Jan A. Somers zegt:

      Van de gebeurtenissen na 1949 weet ik niet veel concreet. Wel dat rond 1950 vergeten bleek te zijn Indonesië uit de grondwet te verwijderen, en Nieuw-Guinea, Nederlands grondgebied, in de grondwet moest worden opgenomen. Een soevereine staat mag zelf de grenzen van zijn grondgebied aangeven. Geen probleem zolang de VN niet piept. Ik dacht dat Nieuw-Guinea rond 1962 weer uit de grondwet is verwijderd, zoals het hoort. De laatste zoon van mijn zus is in 1960 in Nieuw-Guinea geboren, de laatste daar geboren Nederlander. Ja het staat goed geschreven, vanzelf de Nederlandse nationaliteit. Het zou best kunnen dat Indonesië de grondwetswijziging een onvriendelijke daad zou hebben gevonden. Als ik Indonesiër was, zou ik dat ook hebben gevonden. Maar het lidmaatschap van de VN stond op naam van het Koninkrijk der Nederlanden, dat was inclusief Nieuw-Guinea. En daar is niet tegen geprotesteerd. Zo eenvoudig kan volkenrecht zijn. Natuurlijk kan je je mond open doen. In 1928 is in een conflict met Amerika de soevereiniteit over het eiland Palmas door het Internationaal Gerechtshof toegewezen aan Nederland. Een paar jaar geleden (moet nog opzoeken) is door hetzelfde hof in een conflict tussen Indonesië en Maleisië de soevereiniteit van een eiland aan Maleisië toegewezen. Dat kan het volkenrecht dus ook.

      • Ed Vos zegt:

        Wat mij verbaast is dat ik, na een rondje internet, geen foto’s zag van een door koningin Juliana officiele (formele) ondertekenig van de soevereiniteisoverdracht van Nieuw-Guinea, met daarbij aanwezig de ministers van buitenlandse Zaken, het voltallige kabinet.

        Bij de officiele overdracht van Indonesie bijvoorbeeld op het Paleis op de Dam in Amsterdam gebeurde dat wel door koningin Juliana en Mohamed Hatta. Ook alle Nederlandse ministers en vertegenwoordigers van Suriname en de Nederlandse Antillen ondertekenden dit document.

        Dus eerst zet je Nieuw-Guinea in de grondwet, vervolgens haal je datzelfde Nieuw-Guinea uit de grondwet. Ik vraag me af wat de functie van Indonesie in dit proces wel was, behalve dan langs de lijn fluiten of liever vlaggen. Waarop baseerde Nederland haar soevereiniteit over Nieuw-Guinea?

        Het was maar een inval hoor, en ik wil deze hogere discussie over grondwetswijzingen gelardeerd met citaten uit boekjes niet verstoren. Een en ander gaat wel boven mijn peci 😉

        Ik zal toch wat meer boekjes moeten lezen over deze andere onderwerpen, anders kan ik het niet meer volgen.

  29. bokeller zegt:

    Resultaten

    United Nations Temporary Executive Authority – Wikipedia
    http://nl.wikipedia.org/wiki/United_Nations_Temporary_Executive_Authority
    United Nations Temporary Executive Authority of UNTEA was het tijdelijke bestuur van de Verenigde Naties over Westelijk Nieuw-Guinea/West-Irian ( Papoea) in …
    siBo

    • Ed Vos zegt:

      Mijn vraag was: waarop baseerde Nederland haar soevereiniteit over Nieuw Guinea? Maar goed er gingen veel Indische Nederlanders naar Nieuwg Guinea toe, en ook ene P.R. Winkler die het frisse idee opvatte om de op Nieuw Guinea levende papoea’s in reservaten te stoppen en op deze wijze kon er een door blanken bewoonde subcontint ontstaan,. Zijn geschift ” Blank Nieuw Guinea ” uit 1935 uitgever NENASU kun je via een googlesearch aantreffen op papua.web.org
      Ik begin het al te begrijpen: overigens waar ging dit topic eigenlijk over?

      • Ed Vos zegt:

        Waar ging dit topic nu weer over? Over Poncke Princen, die streed voor de mensenrechten in Indonesie, iets wat wij allen luid toejuichen terwijl anderen weer hem als persoon om redenen van desertie en collaboratie niet konden apprecieren.

        Inmiddels heb ik begrepen dat Indonesie zowel als Nederland even veel als even weinig recht op aanspraak hadden op Nieuw Guinea.
        Hoe verkreeg Nederland dit gebied eind 19e eeuw?
        Dit deed zij simpel op basis van territoriale aanspraken op gronden door inheemse vorsten die aan het Nederlands gezag waren onderworpen.
        Voor Nieuw-Guinea was het de Molukse vorst van Tidore. Voor het overige bekommerden de Nederlanders zich in het geheel niet voor de bevolking of voor het land behalve waarschijnlijk het plaatsen van bordjes met de tekst:”Verboden voor honden en inlanders”.
        Later kwam daar de vestiging van het bekende concentratiekamp Boven-Digoel bij.
        Na de soevereiniteitsoverdracht in 1949 gingen zij er maar gevoegelijk van uit dat zij bevoegd bleef over de westelijke helft van Nieuw-Guinea te beschikken.
        Althans zo luidt de theorie.

        Over dit recht tot beschikking hoefde zij uiteraard de inheemse bevolking NIET (NIET dus) te raadplegen, want het idee was om aan West-Papua een aparte status te geven en het te bestemmen voor de Indische-Nederlanders die daar onder eigen bestel wilden leven.
        Men voelde totaal niets voor overdracht van Nieuw-Guinea aan Indonesie, wellicht misschien wel aan de voogdijschap van de Nederlands-Indonesische Unie of aan de VN.

        Het gehakketak om West Papua was louter een strijd van twee grote ego’s van wie de een het ging om de restauratie van het rijk van Majapahit en de ander om prestige op het wereldtoneel.
        Uiteraard wilde Nederland in de persoon van Luns op dat schouwtoneel niet plat op de bek vallen en hij werd in zijn streven daarbij gesteund, op zijn minst gesouffleerd door (ex-) nationaal socialisten, de (hervormde) Zending en een groep Indische Nederlanders (dit waren er meer dan 2000 voornamelijk op Manokwari)
        .
        Het vooruitzicht van een zelfbeschikkingsrecht aan de bevolking lijkt mij meer op een konijn uit de hoge hoed dan dat Nederland zo begaan was met het lot der papoea’s – van honderden verschillende stammetjes waaronder een aantal radicale kannibalen.
        Daar stonden andere belangen op het spel en voornamelijk economische.
        Men verzond allerlei redenen waarom het van belang was dat Nieuw-Guinea onder Nederland bleef, maar het behartigen van de belangen van de inheemse bevolking werd als reden NIET genoemd.

        Maar een en ander leidde wel tot de uitzending van militairen voor een uitzichtloze koloniale oorlog en de uitwijzing van personen met de Nederlandse nationaliteit uit Indonesie.

        Nou hoop ik dus niet dat al die betrokkenheid met het de papoea’s bij bepaalde personen in Nederland geschiedt op grond van rancune voor Indonesie en liefde voor de papoea, zoals de japanners na WOII opeens liefde opvatten voor
        Java, haar bevolking en Gesang (Bengawan Solo).
        Alles prima, maar maak daarvan geen Indische zaak!

        Nou, dit was dan mijn visie in hopelijk simpele bewordingen voor si Peci, en al die analyses mbt politiek geharrewar met de daarmee samenhangende diplomatieke beslissingen en besluiten laat ik maar over aan anderen.

  30. A nony mouse zegt:

    Terug naar Manok
    Een vriendelijke en aantrekkelijke website voor degenen die een verbintenis hebben met Manokwari, Nieuw Guinea.
    http://terugnaarmanok.com/index.html

  31. A nony mouse zegt:

    Wat is met de heer Dennis G. Kloeth gebeurd in Indonesië nadat hij een open brief heeft geschreven naar de minister?
    http://matapribadi.com/2011/12/01/inbound-golf-tourism-mp-says-no/

  32. Ed Vos zegt:

    RonLMertens zegt:
    8 december 2012 om 7:19 pm
    “Gebieds ruilingen kwamen ook voor. De bevolking van die veroverde gebieden hadden niets in te brengen.”

    Interessant, want mij leek Nieuw-Guinea ook een aan Indonesie (Soekarno) opgedrongen gebiedsruiling dan wel wisselgeld, afhankelijk van hoe je de zaken bekijkt.

  33. van den Broek zegt:

    Ik wil toch even iets zeggen over een wel erg storende geschiedkundige fout en dhr Vos teleurstellen:

    er bestaan helemaal geen foto’s van de Koningin die de soevereiniteitsoverdracht van Nieuw Guinea tekende, want er was helemaal geen soevereiniteitsoverdracht, dus er valt niets te tekenen. Wel is er een mooie foto van de Secr.Generaal OuThant, die de overeenkomst in New York medeondertekent.
    Voor Indonesie tekent Dr Subandrio. Voor Nederland tekenen vreemd genoeg 2 Ambassadeurs= 1 Minister. van Roijen en Schurmann. . U mag raden wie de minister was. Het was voor Nederland waarschijnlijk niet belangrijk genoeg en hiervoor heeft Nederland is dus van 1949 tot 1962 geknokt

    De Republiek en het Koninkrijk tekende op 15 Augustus (ja ja op 15 Augustus, dus hier zat de hele diplomatieke dienst van Nederland te slapen en dhr. Somers dit is wel symbolisch en tekent de volledige nederlaag van Nederland) een overeenkomst en werd het bestuur tijdelijk aan de VN overgedragen zoals ook dhr Bo Keller zo treffend vermeldt: United Nations Temporary Executive Authority of UNTEA was het tijdelijke bestuur van de Verenigde Naties over Westelijk Nieuw-Guinea/West-Irian.

    Op het Internet wordt dezelfde bovenvermeldde fout op verschillende plaatsen gemaakt en dat heb je ervan als je Wikipedia gaat raadplegen om geschiedkundige verhalen af te steken. Ik hou me bij mijn stripboekjes.

    ik heb andere ook storende geschiedkundige fouten ontdekt maar die zal ik gezien het tijdstip op een ander tijdstip becommentarieren.

    • Ed Vos zegt:

      van den Broek zegt:
      9 december 2012 om 12:48 am
      Ik wil toch even iets zeggen over een wel erg storende geschiedkundige fout en dhr Vos teleurstellen:
      “er bestaan helemaal geen foto’s van de Koningin die de soevereiniteitsoverdracht van Nieuw Guinea tekende, want er was helemaal geen soevereiniteitsoverdracht, dus er valt niets te tekenen. ”

      Hiermede is mijn “eerste vraag ” beantwoord, en mijn constatering juist. 😉

    • Jan A. Somers zegt:

      Mijn zwager was in die tijd belastingambtenaar op Nieuw-Guinea. Bij de overdracht aan de VN is hij in dienst van de VN gekomen voor de afhandeling van financiële zaken. Na de overdracht aan Indonesië is hij nog korte tijd als VN-er bezig geweest voor die afhandeling. Daarna met zijn gezin naar Nederland vertrokken.

  34. Surya Atmadja zegt:

    Als je “Persetujuan New York , Irian Barat ” intikt dan zie je een foto van Dr Soebandrio en een Nederlandse meneer (?) .
    De overeenkomst werd min of meer beschreven in diverse Indonesische site .
    In de wikisite aangedragen door Pak Bo (Umtea) staat dat Indonesia hun “islamitische musyawarah”hadden toegepast in 1969 .
    Ik weet wel dat de Nederlanders (zelfs Drooglever) het nog steeds nog niet uitgesproken zijn over
    die volksraadpleging .
    Kennelijk willen ze het op “westerse” democratische manier uitvoeren, de zgn “one man one vote”

  35. RonLMertens zegt:

    Terug naar Poncke.
    De titel van dit stuk; Allergisch voor gezag is onjuiist!
    Het moet zijn: Allergisch voor ONRECHT!
    Wat het fenomeen Princen zeker toekomt.

  36. van den Broek zegt:

    maken zich blind???
    in het Duits of in Duden (vergelijkbaar met van Dale) staat:
    BLENDEN 1) een zodanige indruk maken , dat objectief oordelen niet meer mogelijk is
    2) licht in de ogen krijgen zodat nauwelijks gekeken kan worden.

    Die Anhänger eines großen Mannes pflegen sich zu blenden, um sein Lob besser singen zu können (Nietzsche)

    De vertaling is dan wel heel erg vrij, het komt toch niet uit de Wikipedia???…Of er scheelt wat aan mijn Atheneum-Duits (eindcijfer 7).

  37. Ed Vos zegt:

    Een correctie op de rol van de hervormde zending in de kwestie Nieuw-Guinea , voordat uit die hoek een aantal personen over mij heen vallen.

    De rol van deze zending, zo blijkt uit het boek “Een aanvechtbare en onzekere situatie, de Hervormde Kerk en Nieuw Guinea 1949-1962 door Hans van de Wal, Uitgeverij Verloren, 2006, was een andere dan die ik mij heb voorgesteld.

    In 1961 vroeg de synodeleiding zowel tegemoet te komen aan “de gerechtvaardigde wensen” van Indonesie als ook garanties te scheppen voor de verdere ontwikkeling van Nieuw-Guinea.

    De verklaring van de de synodeleiding werd beschouwd als een dolksteek in de rug van de regering en als’onvaderlandslievendheid.

    Het belang van de Papuabevolking had nooit een rol gespeeld in het Nederlands beleid in 1949-1950.
    De toespitsing van het Papua-beleid in de vorm van opvoeding tot zelfbeschikking werd door zowel vriend als vijand met een korrel zout genomen en als ongeloofwaardig beschouwd.

    Meer heb ik niet te melden over de inhoud van dit boek want het omvat ruim 383 pagina’s in heel kleine lettertjes en ik heb het pas aangechaft.

  38. Jim Jasper zegt:

    Mijn moeder is in 2003 overleden. Zij zei mij eens, weet je dat jouw grootvader al in 1928 zei dat hij de NL regering, waarvan hij als Resident en later Gouverneur van Djockjakarta deel van uitmaakte, had geadviseerd dat het wel eens tijd werd on NI onafhankelijk te maken van Nederland. Mijn grootvader sprak de Javaanse taal vloeiend en ging toen al altijd de kampongs in om met de mensen te spreken. De Sultan van Djockja kende hij goed. Hij is in 1945 in het kamp in Tjimahi overleden.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s