Merdeka in Hoogeveen

Herinneringen aan een betere samenleving

Hoe moet het al die repatrianten zijn vergaan die misschien wel liever dáár waren gebleven, maar daartoe geen mogelijkheid zagen? Hoe vele duizenden van hen vonden zich later terug in een portiekflat in Capelle aan den IJssel of een doorzonwoning in Hoogeveen met een schamel inkomen en met hun gedachten nog altijd ´thuis´ in Cheribon of Salatiga? Met hun twijfels, en weemoed?

Poerwokerto, Banjoemas

Deze vragen kunnen we ons ook stellen bij het levenslot van de leider van het Indo-Comité in Poerwokerto, residentie Banjoemas, de heer L.. Net als zo vele andere Indo-Europeanen had hij aanvankelijk getwijfeld, maar ook geweten dat alles anders zou worden. Als hoofdcommies op het residentiekantoor had hij voor de oorlog al zijn collega´s kenbaar gemaakt dat voor de Indonesiërs een grotere rol was weggelegd dan die van bedienden. En hij moet sterk voor zijn mening zijn uitgekomen, want hij was twee keer samen met zijn gezin op verlof in Nederland geweest, en hij wist dus waarvan hij sprak. Ook aan zijn kinderen moet hij hebben doorgegeven dat er andere tijden zouden komen.

Na de komst van de Japanners werden alle mannen van Europese afkomst uit de residentie Banjoemas geïnterneerd in de Broederschool in Poerwokerto. In september van dat jaar werden de meesten doorgezonden naar een ander kamp. Enkele tientallen anderen, waaronder de op dat moment 50-jarige L., werden echter vrijgelaten. Van L. ging het gerucht dat zijn oudste dochter hierin de hand zou hebben gehad. Zij had omgang gekregen met de Japanse resident en deze hebben gevraagd iets voor haar vader te willen doen. Vanaf dat moment zou L. weer in dienst treden op het residentiekantoor, maar nu onder de Japanners, voor een salaris van fl. 75,- per maand.  

Naar een organisatie

De niet-geïnterneerde Indo-gemeenschap in Poerwokerto was niet zó groot: misschien enkele honderden personen. Het verging hen echter net als de Indo-Europeanen in de andere plaatsen op Java: hoe langer de oorlog duurde, des te meer verpauperden ze. Na aanvankelijk te hebben toegestaan dat sprake was was steunverlening door de kerk en door privé-organisaties, verboden de Japanners vanaf eind 1943 dit soort initiatieven. Steunverlening mocht nog slechts plaatsvinden middels door de Japanners gecontroleerde Indo-Comité´s, die vanuit Batavia werden geleid door P.F. Dahler.

Eind oktober 1943 verscheen Dahler ook in Poerwokerto. Tijdens een bijeenkomst voor Indo-Europeanen liet hij weten hoe men zich moest ´gedragen´ ten overstaan van de Japanners, en pleitte hij voor de oprichting van een plaatselijk Indo-Comité. ´Omdat niemand anders zich daarvoor meldde´, zoals hij later zélf verklaarde, werd L. de voorzitter van dit comité, de Kaoem Indo.  De andere bestuursleden waren de commies O.H. Zitter, de PTT-er W.W. Dias, en de bloemiste Jo Willems. Deze laatste twee werden overigens begin 1945 door L. uit het bestuur gezet omdat ze zich onvoldoende zouden hebben ingezet. Het werk werd vanaf dat moment slechts voortgezet door L. en zijn rechterhand Zitter, met administratieve hulp van de klerk Platt.    

Het werk van het Indo Comité

Poerwokerto: moeder en kind, 1947

Waaruit bestond het werk van de Kaoem Indo?  Het hoofddoel was het ondersteunen van armlastige Indo-families. Door de werkende Indo´s werd maandelijks een dagsalaris afgedragen. De ingezamelde gelden, ongeveer fl. 375,-, werden uitgekeerd aan een 30-tal gezinnen in Poerwokerto en een 15-tal in het nabijgelegen Tjilatjap. Verder werden ziekenhuisrekeningen betaald en begrafeniskosten gedekt. Daarnaast werden verschillende werkprojecten opgezet. Door de vrouwen uit de gemeente werd – tegen betaling – naaiwerk verricht en een aantal jongens werd ingezet bij het graven van visvijvers in Batoeraden.

De Kaoem Indo had echter ook een politiek doel: de Indo´s moesten zich langzaam maar zeker invoegen in de verjapaniseerde samenleving. Propagandabijeenkomsten moesten worden bijgewoond en er moest steun worden betuigd aan de bezetter. En hier nu, zo lijkt het erop, heeft de voorzitter zich in zijn ´belangrijkheid´ laten meeslepen. Zelf schreef hij later dat ´huisbezoeken werden afgelegd om de Indo´s te raden geen handelingen te plegen en uitlatingen  te doen die de Jappen zouden kunnen kwetsen´. De bij deze huisbezoeken gebezigde toon zal belangrijk zijn geweest. Was het voor L. misschien niet meer dan ´waarschuwen´, voor de gewaarschuwden klonk het soms als een bedreiging. Wat vele Indo´s ook onaangenaam trof, was het feit dat L. een pro-Japanse toespraak hield tijdens een door de Japanners georganiseerde bijeenkomst, en dat ook zijn 15-jarige zoon zich in soortgelijke bewoordigen had geuit. Het gezin van L. was voor velen besmet.

Wat ging er mis?

Vanwege dat politieke doel hadden de Indo-Comités op Java sowieso de schijn tegen. Ook de voorzitter van de Bandoengsche afdeling, Frits Suyderhoud, heeft zich na de oorlog moeten verantwoorden. Hierbij bleek echter dat lidmaatschap van een Indo-Comité door zeer diplomatiek laveren tóch niet hetzelfde was als collaboreren.

In het geval van L. lag dit iets lastiger. De redenen daarvoor lijken tweeërlei: als klerk met slechts een lagere schoolopleiding had hij zich weliswaar opgewerkt tot hoofdcommies, als geen ander moet hij zich als Indo bewust zijn geweest van de beperkingen van zijn positie. Toen hij dan ook in de gelegenheid was om leider te worden van de ´gehele Indo-gemeenschap´ in Banjoemas, moet hij dat als een buitenkansje hebben gezien. Zelf zag hij zich als leider; anderen vonden dat hij de baas uithing.

L. heeft echter ook een belangrijke fout begaan door niet en-Comité te werken. Twee andere leden zette hij op straat, en in de gepensioneerde Zitter zag hij slechts een meeloper. Eigenlijk deed hij alles zélf. En dit nu deed hem in deze kleine gemeenschap de das om. De Kaoem Indo had voor de Japanners immers ook een politiek doel. Om dit tot uiting te brengen was L. steeds degene die het Japanse geluid moest laten horen, en dús begonnen anderen hem steeds meer te zien als collaborateur. Ter vergelijking: ook in Bandoeng moesten door de Kaoem Indo pro-Japanse praatjes worden verkocht, híer vond de voorzitter echter iemand anders om dit karweitje op te knappen.

Steun aan de proklamasi

Na de Japanse capitulatie was er voor L. geen weg meer terug. Wat hem een paar jaar daarvóór nog bond aan de Nederlandse samenleving, was hem gedurende de oorlogsjaren ontglipt. Vanuit een nieuwe internering – vanaf oktober werden alle Indo´s door de Indonesiërs vastgezet – werd zijn medewerking gevraagd door niemand minder dan Piet Hein van den Eeckhout. Deze, naast Dahler de werkelijke leider van de Kaoem Indo beweging in  Batavia, had zich na de Japanse capitulatie meteen omgedoopt tot Amir Daeng Mattarang. Hij kwam in Poerwakarta om de geïnterneerde Indo´s op te roepen adhesie te betuigen aan een telegram dat hij naar Soekarno zond:

“Ontvang ons geschenk van trouw uit alle lagen der Indo-Europeanen van de residentie Banjoemas; wij allen zijn steeds trouw en vol liefde en paraat om de wapens op te nemen of ons op te offeren ter verdediging van het vaderland of de naam daarvan hoog te houden, tevens ons ras, leiders en regering en de vlag van de Republiek Indonesia Raya, dat onze vlag is, ´Merdeka´. Namens de gehele Indo-Europese Gemeenschap, w.g. P.H. van den Eeckhout.”  

En wie ging er met de lijsten rond? Juist: de heer L., wederom zoals hij zelf zei: ´omdat niemand anders zich daarmede wilde belasten´. Bijna iedereen tekende, na ´van deze of gene zijde´ met de dood te zijn bedreigd. De hulp van L. bij de rondgang met de lijsten heeft hem overigens weinig opgeleverd. Ondanks zijn keuze voor het warga negaraschap bleef hij geïnterneerd, achtereenvolgens in de Zusterschool in Poerwakarta, Bodjong in Poerbolinggo en – weer met vrouw en kinderen – in het Klampok kamp in Poerworedjo. In 1947 werd hij even vrijgelaten om daarna, bij aanvang van de 1e Politionele Actie, opnieuw door de TNI te worden opgepakt. In augustus 1947 werd het gezin uiteindelijk door het KNIL ontzet en naar Batavia geëvacueerd.  

Beoordeeld en afgereisd

Een paar maanden later – L. had inmiddels weer een functie gekregen bij het Departement van Binnenlands Bestuur – werd een onderzoek ingesteld naar de gedragingen van dit voormalige hoofd van de Kaoem Indo. Een tiental getuigen wist te melden dat zijn gedrag op zijn zachtst gezegd laakbaar was. Het verweer mocht er echter óók zijn. L. wist in stijlvolle bewoordingen aan te geven dat hij het slachtoffer was van de omstandigheden.
Uiteindelijk werd hij slechts uitgesloten van verdere promotie, – naar het oordeel van de procureur-generaal ´een wel zeer humane beslissing van de rechtbank´.

Enkele jaren later – de heer L. was inmiddels gepensioneerd – reisde het gezin naar Nederland. Hier valt slechts te gissen waar L.´s idealen waren gebleven. De loop der gebeurtenissen van de na-oorlogse jaren moet hem hebben aangegrepen. Het vele geweld moet hem hebben doen twijfelen. Er waren natuurlijk ook praktische redenen voor een vertrek. Die ´ingehouden promotie´ stond hem niet meer in de weg, want hij was immers gepensioneerd. Nú echter was hij misschien meer bezorgd om de waardevastheid van zijn pensioen. En zijn kinderen wilden naar Nederland.

En zó gebeurde het dat de man die in Poerwokerto bekend stond om zijn pro-Indonesische uitlatingen, zichzelf terugvond in een portiekflat in Capelle aan den IJssel, of een doorzonwoning in Hoogeveen. Wáár dat precies was, doet er voor het verdere verhaal niet toe. De man had tijd om voor het raam te zitten, en in gedachten terug te gaan naar toen. De geschiedenis had zijn eigen weg gevonden.

x

Dit bericht werd geplaatst in 3. Bersiap en Merdeka, 1945-1949 en getagged met , , , , , , , , , , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s