´Verzet van weinig belang´

De Radius-affaire in Depok

Op 12 juli 1947 werd door de Nederlandse Temporaire Krijgsraad in Batavia vonnis gewezen in een strafzaak tegen een negental voormalige Kenpeitai-officieren. Onder hen Zenjiro Ogami, beschuldigd van foltering van een aantal gevangenen, in verband met de ´ondergrondse beweging Radius´, in de tweede helft van 1943 in de Pledang-gevangenis te Buitenzorg.

Station Depok

Station Depok

In het kader van deze strafzaak werd door acht van deze gevangenen, allen afkomstig uit Depok, een voor Ogami belastende verklaring afgelegd. Vier van hen verklaarden in augustus 1943 door de politie in Buitenzorg (PID) te zijn gearresteerd. Omdat PID-beambten in dezelfde periode de arts Kayadoe doodsloegen[i], oordeelde de Kenpeitai dat het beter was dat de gevangenen werden overgebracht naar de Pledang-gevangenis, en dat het verhoor verder zou worden uitgevoerd door Kenpeitai-officieren.
De andere vier getuigen werden gearresteerd in oktober van hetzelfde jaar. Alle acht werden door Ogami beschuldigd lid te zijn van de organisatie van sergeant Willy Radius.

Een negatief oordeel

De Temporaire Krijgsraad veroordeelde Ogami tot twintig jaar gevangenisstraf. In het vonnis kwam de Raad tot de volgende conclusie met betrekking tot het verzet in Depok:

´Wanneer deze ondergrondse beweging te Depok is opgericht is nergens uit de stukken gebleken. Zij moet van weinig belang zijn geweest. De leider, Radius, schijnt omstreeks juli 1943 te zijn gearresteerd. De leden van deze ondergrondse beweging E. Laurens, L.G.H. Laurens, Soehega en Noordhoorn zijn allen begin oktober 1943 gearresteerd en gemarteld door beklaagde. Andere leden waren de gebroeders Leidelmeijer, Jonathans, de gebroeders Hoogendoorn en Misseyer. Deze laatste is reeds in augustus gearresteerd en ook door beklaagde gefolterd. Alle arrestanten in deze ondergrondse beweging zijn later door de krijgsraad tot vrijheidsstraffen veroordeeld.´

Opmerkelijk is hier  de toevoeging ´zij moet van weinig belang zijn geweest´, – een kwalificatie die vrij ongebruikelijk was in vonnisstukken. Een soortgelijke kwalificatie vinden we in een verslag van de ambtenaar L.E. Glesener, gericht aan het hoofd van de Netherlands Forces Intelligence Service (Nefis) te Batavia. Glesener, door de Japanners tewerkgesteld bij de Goodyear-fabrieken te Buitenzorg, werd op 20 juli 1943 door de PID gearresteerd. Op het politiebureau onmoette hij een 20-tal andere arrestanten, ´behorend zogenaamd tot de ondergrondse beweging De Toorts´. Glesener, die nooit eerder van deze vereniging had gehoord, kreeg evenals de anderen een lidmaatschap in de schoenen geschoven.

Willy E.A. Radius

Willy E.A. Radius

Begin augustus werden de eerste Depokkers binnengebracht bij de PID: de slachter J.H. Misseyer, de ex-hoofdagenten van politie Micola van Fürstenrecht en Paul Böckel, de ex-sergeant Willy Radius, Waltie en Eddy Laurens en ´Kokong´ Loen. In verband met de dood van Kayadoe werden de mannen op 16 september van de PID naar de Pledang-gevangenis overgebracht. In oktober volgden nog dertig andere arrestaties in Depok.
Een jaar later, op 25 september 1944, werd een groep uit Depok door de Djaksa (Landraad) veroordeeld. De definitieve vonnissen varieerden van één tot acht jaar gevangenschap.
Glesener beëindigde zijn verslag met de mededeling dat hij uit de in de gevangenis gevoerde gesprekken de indruk had gekregen dat er helemaal geen verzet had bestaan, en dat het slechts ging om verdachtmakingen van PID en Kenpeitai.

Bij het Krijgsraad-oordeel en de verklaring van Glesener kunnen enkele kanttekeningen worden geplaatst. De processtukken met betrekking tot Depok bestonden uit zes getuigenverklaringen, opgesteld in het kader van de aanklacht tegen Ogami. Deze verklaringen waren niet opgesteld om inzicht te verkrijgen in de gebeurtenissen in Depok. Wat Glesener betreft: de omstandigheden waarin hij verkeerde moeten van invloed zijn geweest op zijn conclusies. Binnen de gevangenismuren zal het bestaan van een verzetsorganisatie niet zonder omhaal zijn toegegegeven.

Getuigenissen van verzet

Wat pleit voor de veronderstelling dat in Depok wél een verzetsorganisatie heeft bestaan?
In 1946 verklaarde J. Hulsman dat hij op 3 april 1942 in Bandoeng uit krijgsgevangenschap vluchtte. ´Op een valse pas ging ik naar Depok en kwam daar in contact met Dodemont, Hoogendoorn, Radius en Soedirman. Hier bestond nog geen georganiseerde beweging, niettemin werden plannen voorbereid om bij eventuele gebeurtenissen de Jappenwacht, bestaande uit twaalf man, te overrompelen en te doden.´

Een jaar later vertelde Eddy Soedira dat hij op 9 augustus 1943 werd gearresteerd in verband met het bezit van een Nederlandse vlag, slagwapens, munitie en een radio, en het verlenen van onderdak aan Laban Telehala, een vluchteling uit het Xe Bataljon in Batavia. Deze Telehala ondernam in april 1943 samen met C. Jonathans een poging om uit te wijken naar Australië. Verder maakte Soedira melding van het feit dat bij M. Loen en zijn zoon G. Loen voorbereidingen werden getroffen ´om te Depok een ondergrondse Anti-Japanse vereniging op te zetten´. De dochters Loen hadden voor de komende vergadering al enkele tientallen rood-wit-blauwe bandjes gemaakt.

Depok

Freddy Bulham, één van de Depok-arrestanten, verklaarde in 1950 dat hij op 11 maart 1942 zijn krijgsgevangenschap in Soekaboemi ontvluchtte en onderdook in Depok. Gedurende enkele maanden bouwde hij radio-toestellen voor de Deense arts Olav Munck, en onderhield contacten met Van der Burg, Van Dam (schuilnaam van verzetsleider Wernink), van Zalm, De Winter en Tjoa Tek Hoat. In het christelijke Depok deden velen aan illegale activiteiten. De Japanners vertrouwden het niet. Ze stuurden spionnen en verplichtten de Depokkers op straat Maleis te spreken. Op 7 september 1942 meldde Johnny Telehala zich; op 10 december vertrok hij weer, nu in bezit van een zender, samen met Jonathans en Dadang.

´Januari – april 1943: Alle omgang vermeden in Depok, uitgezonderd directe buurtbewoners. Japanners omsingelen Goenoeng Salak en bombarderen dagelijks de bossen. Mei – september: Groot alarm voor alle groepen. Groep Buitenzorg, Tjoeroeg, Paroeng Koeda en Depok en 500 anderen door Kenpeitai gearresteerd en bijeengebracht in de gevangenis Pledang in Buitenzorg. Zelf gearresteerd in oktober.´

Stoutmoedige lieden

In 1965 verklaarde Willy Radius dat hij, na in Bandoeng uit krijgsgevangenschap te zijn ontvlucht, in Depok een aantal ´stoutmoedige lieden´ om zich heen verzamelde, Ambonezen en Indische Nederlanders, om ondergrondse strijd tegen de Japanners te beginnen.

´Wij hielden ons oorsponkelijk bezig met het doorgeven van berichten betreffende Japanse troepenconcentraties aan Australië, daarna gingen wij ook wapens verzamelen en waar nodig de vijand bezig houden. Er was een plukje Australiërs op de Goenoeng Gede die wij van voedsel voorzagen. Mijn medeverzetsstrijders waren Freddy Bulham, de expert voor het bouwen van radiostations, de gebroeders Soedira, L.F. Jonathans, Ch. Loen, Waldy Laurens. Lodewijk Loen, Marten Soedira, G. Heine, Janie Misseyer, Tom Böckle, Boy Risa, Micola von Fürstenrecht en vele anderen.´

Het verblijf van sergeant Telehala in Depok wordt bevestigd door G. Loupatty. Kort na de oorlog verklaarde deze dat hij op 15 januari 1943 Telehala naar Depok begeleidde en hem daar een onderduikadres bezorgde. Eind april 1943 zou Telehala zijn uitwijkpoging zien mislukken.
Ook in een in 1944 in Hollandia door de Geallieerden gevonden Japans rapport werd melding gemaakt van Telehala. Onder de kop ´Bogor-regio´ werd, in de Engelse vertaling, onder meer het volgende gemeld:

´Those arrested in the Bogor-area consisted of three cases involving underground groups and in one case involving a movement to restore power to the N.E.I. government, a total of 174 persons was seized´.

Arrestaties en vonnissen

Begin augustus 1943 werden de eerste Depokkers gearresteerd. Volgens het vonnis van de Temporaire Krijgsraad en de verklaring van Glesener bevonden zich onder de arrestanten Radius, Micola von Fürstenrecht, Böckel, E. En W. Laurens, J. Misseyer en E. Soedira. In oktober volgden nog meer arrestaties.

Pledang Gevangenis Buitenzorg, ná de Japanse tijd.

In de Pledang-gevangenis haalden de Japanners iedere dag enkele mannen uit hun cel om ze te verhoren. Voor elk van de groepen geïnterneerden was een aparte officier aangesteld: Ogami voor de Depokkers, Tamamini voor de jongens uit Buitenzorg en Yamada voor de Chinezen uit Batavia. Op 20 mei 1944 werden de ´minder gevaarlijken´ vrijgelaten. Krijgsgevangenen werden naar een krijgsgevangenkamp gestuurd.

Eén van de gevangenen zou later verklaren dat er een duidelijk verband was tussen de arrestaties in Batavia, Buitenzorg en Depok, en de arrestatie van de bekende Bataviase verzetsleider Wernink, alias Piet van Dam, in juni 1943.

´De arrestatie van de leiders en de subleiders van de organisatie is het gevolg geweest van een zogenaamd gentlement´s agreement  tussen  de Kenpeitai en Piet van Dam. Als Piet alle geheimen zou openbaren, zou de Kenpeitai de voorlopig gearresteerden vrijlaten, de Europeanen en Chinezen naar burgerinterneringskampen overbrengen en de militairen naar krijgsgevangenkampen.´

Zelfs al was er sprake van een dergelijk agreement, de Japanners hielden zich niet aan de afspraak. De zaak werd tot het bot uitgezocht. Alle relaties tussen Batavia, Depok en Buitenzorg moesten boven water komen. Onnodig hierbij te vermelden dat alle informatie werd verkregen door martelingen.

Volgens Eddy Soedira werden 45 Depokkers gearresteerd. Vijf daarvan werden veroordeeld tot levenslange gevangenisstraf; 17 kregen straffen opgelegd van vier tot tien jaar. In mei 1944 werden negen personen in krijgsgevangenschap opgenomen; dertien werden vrijgelaten.
De vijf gevangenen met ´levenslang´ waren volgens Soedira Radius, Micola von Fürstenrecht, Böckel, W. Laurens en hijzelf. Tenminste elf personen overleden later tijdens hun gevangenschap.
Volgens Radius werden tot levenslang veroordeeld: F. Soedira, W. Soedira, E.R. Soedira en hijzelf.

Het verzet in Depok

Willy Radius na de oorlog, met zijn echtgenote Halimah

Willy Radius na de oorlog, met zijn echtgenote Halimah

Teveel bronnen wijzen op het bestaan van een verzetsbeweging in Depok om het bestaan daarvan te ontkennen. Van een hechte organisatie is geen sprake geweest. Niet alleen wijst de door de Japanners toegepaste strafmaat hierop (er waren geen doodvonnissen), maar ook het feit dat door de getuigen verschillende namen worden genoemd van aangesloten personen.
De groep moet zijn ontstaan in april/mei 1942, toe  een aantal krijgsgevangenen, weggelopen  uit verschillende kampen, terugkeerde naar Depok. Het initiatief lag bij Radius. De activiteiten hebben bestaan uit het verzamelen van inlichtingen, pogingen deze door te seinen naar Australië, en het voorzien van voedsel en andere goederen aan Australiërs op de Goenoeng Salak.
Het is niet waarschijnlijk dat de groep nog actief is geweest in 1943. Het georganiseerde verzet in Buitenzorg en Batavia was toen al beëindigd, de Aussies gearresteerd, en de pogingen inlichtingen naar Australië te seinen alle mislukt. Uit het Hollandia-rapport mogen we opmaken dat de Japanners vooral de hulp bij de uitwijkpoging van Telehala zwaar hebben opgenomen.

n

Lees verder over Depok: Bevrijding en Merdeka in Depok (30 september 2010) 

Bronnen:
Vonnisstuk TKR Batavia 30/1947, NA, Nefis/CMI, 15; NA, Nefis/CMI, 875, 1854, 2207, 2209, 2211, 2214; NIOD, IC-065359; 0600812-060814; 002661-002666; Pelita, WIV 31233, 31984.

Bijlage: Arrestanten in verband met de ´Radius-affaire´ te Depok:
F. Bacas, P.F. Böckel, Bakarbessy, F. Bulham, F. Esser, G. Heynen, Hofmeyer, A.F. Hoogendoorn, B. Hoogendoorn, Jan Hoogendoorn, Marinus Hoogendoorn, H. Jonathans, C. Jonathans, Leo F. Jonathans, Eddy Laurens, Jack Laurens, L.G.H. Laurens, Waldi B. Laurens, Ovie Leidelmeyer, Teddy Leidelmeyer, Kalangi, A. Leander, G. Leander, E. Leander, E. Loen, G. Loen, M. Loen, Ch. Meyer, F. Micola von Fürstenrecht, J.H. Misseyer, M. Nefkens, A.A. Noordhoorn, C.W. Pakaila, Leo Palmer, Willy E.A. Radius, R. Rambelje, De Roo, Boy Risah, C. Samuel, D. Samuel, Z.M. Samuel, Eddy F. Soedira, Martinus Soedira, S. Soedira, W. Soedira, F.F. Soehega.

Foto´s:
Beide foto´s van Willy Radius werden ons toegezonden door zijn zoon Edward Radius uit Depok.


[i] Deze dr. Jeremias Kayadoe, een gewezen gemeenteraadslid uit Batavia, was broer van het Volksraadlid A.E. Kaijadoe.

Dit bericht werd geplaatst in 2. Japanse Bezetting en getagged met , , , , , , , , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

5 reacties op ´Verzet van weinig belang´

  1. im children from W E A Radius.
    thanks.

  2. JJ Jonathans zegt:

    Wie oh wie kent mij, of mijn familie nog . Ik ben Jan Jonathans. Mijn broers waren, Wim,Claude,Ben, en Henry. Mijn zusters: Fransje,Wilma en Thea. Mijn ouders Mathijs Jonathans getrouwd met Leontien Misseyer. Wij woonden vroeger aan de Middenweg (Jalan tengah). Na de oorlog zijn wij naar Jakarta verhuist.

  3. F.E. van der Burg zegt:

    Was er een connectie tussen de ‘groep Welter’ en de ‘beweging Radius’?

    • buitenzorg zegt:

      Daar ga ik wel van uit, ja. Buitenzorg was te klein om elkaar niet te kennen, zelfs als het verzet betrof. Ik schreef dit artikel echter té lang geleden om me de details te kunnen herinneren. Sorry.

      PS Familie van J.A. van der Burg?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s