‘Nette oorlogen bestaan niet’

Historicus Rémy Limpach promoveert op onderzoek naar Nederlandse militairen in Indonesië. Die zouden structureel en extreem geweld hebben gebruikt. Peter van Gelderen zet vraagtekens bij zulk onderzoek.

Door Asing Walthaus

Peter van Gelderen

Peter van Gelderen

Willy van Kammen, 21, sneuvelde als eerste van het bataljon van Peter van Gelderen. Van Kammen, uit Sint Jacobiparochie, was ordonnans van het 3-12 regiment in Nederlands-Indië. Zijn motor werd onderweg beschoten en vloog in brand. Van Kammen werd met messen doodgestoken.

,,Erger dan onmenselijk hoe ze die jongen hebben afgemaakt”, zegt Van Gelderen. ,,Hij werd naakt gevonden, moet je je voorstellen. De daders meldden zich niet, die hadden zich in de kampong verscholen. Het hangt af van de commandant, hoe die reageert, wat er in zo’n geval gebeurt.”

Van Gelderen, gisteren negentig geworden, ging in 1946 als dienstplichtige naar Java. ,,Peter, ga je daar wel heen?”, zei zijn vader, die pacifist was. Maar Peter had in de Tweede Wereldoorlog lang genoeg ondergedoken gezeten en wilde ervaren wat het was.

Het ging in een roes, militaire opleiding in Assen, uitzending naar Bekasi op Java, de andere kant van de wereld. Daar moesten ze orde en rust brengen, wat eerst neerkwam op veel patrouilleren en soms beschoten worden. ,,De natuur op Java was imponerend, maar voor ons gevaarlijk.”  

Op Java was het TNI actief (het republikeinse Indonesische Nationale Leger) en guerrillabendes. Beiden streden tegen de Nederlanders, de koloniale bezetters. De guerrilla’s hielden zich schuil in de kampongs (dorpjes) en konden hard toeslaan. De Nederlandse soldaten konden hard terugslaan; berucht werd Rawagede, waar alle mannelijke bewoners van een dorpje zijn vermoord bij de zoektocht naar een guerrillastrijder.

Militaire oefening op Java,1946 (Foto Willem van de Pol)

Militaire oefening op Java,1946 (Foto Willem van de Pol)

Een nieuw onderzoek van de Zwitsers-Nederlandse historicus Rémy Limpach, die er vandaag op promoveert in Bern, stelt dat geweld van Nederlandse zijde geen ‘exces’ was, maar structureel en extreem is geweest. Daarom zochten we Van Gelderen op, die zich actief met Nederlands-Indië en de veteranen bezighoudt. Net als veel lotgenoten windt hij zich erover op dat er in Nederland weinig waardering is voor de ongeveer honderdduizend jongens die ,,de beste jaren van ons leven, van onze jeugd” hebben gestoken in een oorlog die achteraf,,niet had moeten gebeuren”.

,,En hoe dat steeds weer op het bordje van de militair wordt geschoven… We zijn daar als heel Nederland voor verantwoordelijk geweest.” Wat heeft zo’n onderzoek voor zin, vraagt Van Gelderen zich hardop af. ,,Het zet de hele Indië-kwestie weer op scherp. Een of andere geleerde verdiept zich erin en heeft het over structureel geweld. Je kunt het beter in de context van de tijd plaatsen, in plaats van weer de nadruk te leggen op de eventuele misdaden die er gepleegd zijn.”

Maar was het geweld werkelijk structureel? Werd het gesteund door politiek en rechtspraak? Van Gelderen formuleert zorgvuldig. ,,Ik kan dat vanuit ons eigen bataljon geredeneerd alleen maar ontkennen. Ik hoef ons bataljon niet schoon te praten, maar het had niet de intentie zulke dingen te doen. Dat er toch dingen gebeurd zijn, ten gevolge van guerrillatactieken… Nette oorlogen bestaan niet. Guerrillaoorlogen en oorlogen in het algemeen kennen veel slachtoffers. Niet alleen onder militairen, vooral de burgerbevolking is de dupe. Daarin is elke oorlog hetzelfde, dat zie je nu in Syrië en Irak, waar wij heldhaftig meer straaljagers heen willen sturen. Nog een geluk dat we in onze jaren nog geen straaljagers hadden.”

x

Dit artikel werd eerder gepubliceerd in de Leeuwarder Courant, 15 september 2015.

 

Dit bericht werd geplaatst in 9. Java Post. Bookmark de permalink .

105 reacties op ‘Nette oorlogen bestaan niet’

  1. avdschraaf zegt:

    Bravo mijnheer van Gelderen! Helemaal met uw conclusie eens.
    Ik heb de bersiap tijd persoonlijk meegemaakt, en wij waren maar wat blij dat nederlandse militairen ons konden beschermen tegen de terreurdaden (want dat waren ze) van de z.g. pemoeda’s.

  2. J.L.Schijfsma zegt:

    Nederland is zo began met de Indonesier en vergeet dat er door diezelfde mensen eveneens gruwelijke dingen zijn gebeurd. Dat maak ook mij kwaad. Is er ooit van de Indonesische zijde wel eens een spijtbetuiging geweest, hoevele militairen en ook vele burgers zijn door hun letterlijk afgeslacht.

  3. P. H. J. Holsbergen zegt:

    Indonesie houdt zich aan de afspraak met de toenmalige Nederlandse regering niet meer praten over wat er gebeurd is tussen 1945 en 1950, na de overdracht op 26 december 1949.

  4. H.A. Naberman zegt:

    Het houdt niet op!

  5. Ælle zegt:

    Geweld structureel? Politiek en door rechtspraak gesteund?
    Van Gelderen formuleert zorgvuldig: “Ik kan dat vanuit ons eigen bataljon geredeneerd alleen maar ontkennen. Ik hoef ons bataljon niet schoon te praten, maar het had niet de intentie zulke dingen te doen. Dat er toch dingen gebeurd zijn, ten gevolge van guerrillatactieken… Nette oorlogen bestaan niet. Guerrillaoorlogen en oorlogen in het algemeen kennen veel slachtoffers. Niet alleen onder militairen, vooral de burgerbevolking is de dupe. Daarin is elke oorlog hetzelfde, dat zie je nu in Syrië en Irak, waar wij heldhaftig meer straaljagers heen willen sturen. Nog een geluk dat we in onze jaren nog geen straaljagers hadden.”

    Een bewaarartikel is dan ook dat van het ADpunt nl. 15-01-2015
    Bloednerveus Japan slaat drones en straaljagers in
    Japan heeft officieel geen leger, toch gaat het land een recordbedrag van 35,7 miljard euro uitgeven aan defensie.
    http://www.ad.nl/ad/nl/1013/Buitenland/article/detail/3830329/2015/01/15/Bloednerveus-Japan-slaat-drones-en-straaljagers-in.dhtml
    Bij de foto staat: Leden van de Japanse luchtmacht komen tijdens een oefening op motoren uit een CH-47 JA transporthelikopter, hahahahaha

    “Het is me nogal een boodschappenlijstje zeg. Patrouille- en verkenningsvliegtuigen, drones, F-35-straaljagers.”
    ~ Janny de Jong, hoogleraar Oost-Aziatische betrekkingen

    En wat schrijft Joss Wibisono?
    http://www.dw.com/id/belanda-dan-masa-lampau-kolonialnya-kita/a-18662686
    Kan iemand misschien in ’t kort vertalen?

    • Surya Atmadja zegt:

      Tujuh puluh tahun setelah proklamasi kemerdekaan Indonesia, Belanda si bekas penjajah masih saja dihantui oleh masa lampau kolonial itu. Lalu apa yang harus dilakukan Indonesia?
      =======================================
      Komt er op neer dat 70 jaren na 17088-1945 , Nederland nog steeds las heeft van de koloniale verleden
      Aan NRC noemde R.Limpach 2 redenen :
      1.om de indruk te wekken dat geweld niet structureel en in grote plaatsvond maar
      2. Nederland wil niet vergeleken worden met de Duitse praktijken in Nederland.
      Na de excessen nota van 1969 had de Nederlandse regering tijdens de regering van Piet de Jong altijd volgehouden dat het geweld tijdens de bevrijdingsoorlog v.d Indonesiers excessen waren en NIET de officiele beleid van Den Haag.

      Terwijl de officiele documenten en persoonlijke relaas van de soldaten vertellen iets anders.
      Joop Hueting vertelde voor het eerst over de oorlogsmidaden , en Cees Fasseur kreeg opdracht om onderzoek te starten.Hij was niet eens dat men niet verder ingedoken waren van de toen gevonden feiten.
      Soldaat Louis Sinner(ooggetuige) dat een Nederlandse voertuig met soldaten die naar een kerk wilden (zondag 1948) werd beschoten , een soldaat sneuvelde.
      De komandant Majoor Van de Lede nam een passer en kaart , en alles in het omcirkelde gebied werd door 3 eenheden aangevallen, het leek op de verwoesting van Sodom en Gomora .Erger dan de Puttense aanval door de Duitser.
      In een brief van een KL soldaat staat dat er praktijken plaatsvinden die doet denken aan de moffen en SD praktijken.

      “Kekejaman tentara Jerman ditiru Belanda di Indonesia?”
      Werd de Duitse wreedheden werd nageaapt( sorry slechte vertaling) door Nederland in Indonesia ?

      De schrijver heeft bepaalde link geplaats tussen :
      1.de regeringsstandpunt( excessen, in kleine schaal) en structureel en in grote schaal.
      2, vroeg af of de Indonesiers zulke “excessen” ook op hun geweten hebben als voorbeeld in Timor Timur (Oost Timor).
      —————————————————
      Mijn opmerking: eigenlijk is het inhoudelijk bijna dezelfde zoals wij in Nederlandse media lazen.
      Alleen is het in het Indonesisch vertaald met kritische over Indonesische daden in bijvoorbeeld in Oost Timor.

      Jammer dat schrijver niet veel dieper was ingegaan , mss om de jonge Indonesiers te besparen .
      Laten we eerlijk zijn , veel jongeren hebben ook weinig interesse , ze hebben andere prioriteiten, en kijken naar de toekomst.
      Behalve de Nederlanders , velen zitten nog in een onvoltooid verleden tijd .

      • Ælle zegt:

        Prachtig, Surya Atmadja, hartelijk dank!

      • Ælle zegt:

        Met prachtig bedoel ik mooi vertaald. De inhoud ervan is minder prachtig.
        Wij moeten allemaal vroeg of laat rekenschap afleggen voor onze zowel goede als slechte daden.
        In de eerste brief aan Timotheus staat:
        1 Timotheüs 5: verzen 24 en 25
        ~ De zonden van sommige mensen zijn duidelijk openbaar en leiden direct tot een oordeel, doch wat andere mensen betreft, [hun zonden] worden ook openbaar, [maar] later. Evenzo zijn ook de voortreffelijke werken duidelijk openbaar, en die waarmee het anders gesteld is, kunnen niet verborgen blijven./ Dosa beberapa orang nyata di hadapan umum, langsung mengarah kepada penghakiman, tetapi mengenai orang-orang lain, dosa mereka pun akan menjadi nyata kelak. Demikian pula, perbuatan yang baik nyata di hadapan umum dan jika tidak demikian, itu tidak dapat terus tersembunyi.

        Voortaan gaan we maar de positieve zaken behandelen. Die kunnen ook niet verborgen blijven. Ik ben benieuwd.

      • Ælle zegt:

        Generaal Sherman (William Tecumseh) aka Uncle Billy, die het zeker weten kon, zei:
        “I am tired and sick of war. Its glory is all moonshine. It is only those who have neither fired a shot nor heard the shrieks and groans of the wounded who cry aloud for blood, for vengeance, for desolation. War is hell.”
        Ik ben vermoeid en ziek van oorlog. Haar glorie is louter maneschijn. Alleen degenen die nooit een schot hebben gelost noch het geKRIJS en geKREUN van een gewonde hebben gehoord die schreeuwen het hardst om bloed, wraak en verwoesting. WAR is HELL.

    • Jan A. Somers zegt:

      “Japan heeft officieel geen leger” Japan heeft alleen gezegd geen krijgsmacht overzee te zenden. Zelfverdediging wel. (zo ongeveer, u kunt zelf uitzoeken hoe precies).

  6. Gijs Beynen zegt:

    Was het niet de slag bij Fontenoy, toen de Engelse Kapitein Charles Hay de Fransen toeriep: “Messieurs des Gardes françaises, tirez !” Waarop de franse bevelhebber zei: “Nee, dank U, na U.” In het frans dan. Dat waren nog eens nette soldaten!

  7. appie b. broek zegt:

    En wie is die Remy Limbach dan wel? Was hij erbij? Of hebben ze in Zwitserland documenten waaruit moet blijken dat van hogerhand tot structureel folteren is bevolen en was generaal Spoor dus een doodgewone oorlogsmisdadiger? Wat is dit toch voor een raar land waar men zoveel jaar na dato nog eens ‘oude koeien uit de sloot gaat halen. Ondanks dat men met de tegenstander van toen, Indonesië, heeft afgesproken om dat niet te doen. Of is dit soms allemaal in gang gezet om het KITLV en enkele andere instituties aan wat extra subsidiegelden te helpen?

    • Surya Atmadja zegt:

      Ælle zegt:
      18 september 2015 om 8:12 am
      Wij moeten allemaal vroeg of laat rekenschap afleggen voor onze zowel goede als slechte daden.
      ==============================================================
      Als “bijbelvaste” Moslim ben ik ook van bewust (of geloof) dat wij ooit voor onze daden , slechte en goed werken(amal) moeten verantwoorden bij de hoogste Rechter.

      Ben nieuwsgierig hoe de jonge generatie goed opgeleide Indonesiers zullen reageren als ze bovenstaande “nieuwe”feiten lezen.
      Zoals eventuele betrokkenheid van Gen.Spoor , iemand van de Koninklijk Huis etc , tegenwoordig vindt Nederlandse historici nieuwe lijken in lang vergeten kasten.
      Dat Westerling bepaalde vrijheden kon genieten ( Celebes/APRA) was al tig jaren bekend , heb ik op school moeten leren.
      Dus ouwe kue verhaal , maar hoe zit het als men nu in Indonesia “opgeschrikt”wordt ?
      Wel moeten we voorzichtig zijn om niet in de fout te gaan door alleen maar naar de andere kant te wijzen.
      Mattheüs 7:3-5 :
      wel de splinter in het oog van de ander zien, maar niet de balk in het eigen oog.

    • RLMertens zegt:

      @appiebbroek. Remy Limbach bestudeerde Nederlandse dossier, hier in Nederland!
      Gert Oostindie (hoogleraar KITLTV,Leiden) onderzocht persoonlijke getuigenissen; dagboeken, brieven, memoires en biografische schetsen, alles bij elkaar zo’n 100.000 blz. van 1400 soldaten en stuitte op zo’n 700(!) afzonderlijke gevallen van oorlogsmisdaden. Door vertaald naar 220.000 ( Knil 45000?) uitgezonden soldaten ontstaat een ‘onthutsend beeld’. Ik vrees dat, met vele slagen om de arm, eerder in termen van enkele 10.000 gevallen zou moeten denken. Hij bevestigd daarmee de conclusies van onderzoeker Remy Limbach.– Nederlands Dagblad 20-8-2015.

  8. Bill Zitman zegt:

    @appie b. broek en Ælle
    “En wie is die Remy Limbach dan wel? Was hij erbij? Of hebben ze in Zwitserland documenten waaruit moet blijken dat van hogerhand tot structureel folteren is bevolen en was generaal Spoor dus een doodgewone oorlogsmisdadiger?”
    Hierbij een paar vragen om daar zelf achter te kunnen komen!
    Zou het kunnen dat de NL regering (voor aan de hand liggende redenen) daar geen belang in steld en voor jullie eigen docenten geen funds beschikbaar maakt, zodoende dat ‘academia’ betaling voor hun onderzoek in andere landen zouden moeten zoeken?
    En wat ‘structureel’ – en door “politiek’ en door ‘rechtspraak gesteund’ geweld betreft (Ælle);-
    Het dagboek van 1st Luitenant S.A.Lapré, (commandant I Inf. V) vermeldt op 28-7-47, nadat hij 5 “schuldigen” werd aangewezen door Chinese en Inheemse bevolking, voor het vermoorden van 18 Nederlands-Indiesche en Duits-Indische? (Duitse namen) een jaar daarvoor, en in een ‘sumur’ (waterput) had gevonden, dat hij deze “daders” had laten executeren.
    Hij schrijft ;- “Om zes uur in de namiddag heb ik de gevonden daders ter plaatse laten executeren”.
    De volgende dag 29-7-’47 schreef hij over een eredienst voor de slachtoffers;-
    “Daarbij was ondermeer aanwezig de heer Soleer, controleur van het Binnenlands Bestuur, die instemde met de reeds verrichte terechtstelling van de schuldigen”.
    De schrijver van dit document, waarin deze gegevens, werd in 1949 gewaardeerd door Luitenant Generaal S.H.Spoor (met zijn handtekening) en zijn bepaling…..”omdat er in Nederland nog steeds grote vraag is naar lectuur over de troepen in Indië, maar vooral omdat zijn werk goed en eerlijk is”

    Vraag;- Omvatten deze gegevens ‘politiek’ en door ‘rechtspraak gesteund’ geweld en……maakt dit generaal Spoor een ‘doodgewone oorlogsmisdadiger’? ……Ik weet het niet!
    Wat ‘sommigen’ hier nu kunnen beweren is dat dit nu een kruiwagen (stokpaardje) van mij opinie Is wat ik duw om het hierboven geschreven waar te maken – deze veronderstelling is verkeerd.

    • appie b. broek zegt:

      ‘Ik weet het niet’…Deze ‘bescheidenheid’ siert u; er zijn hier nogal wat die deze eigenschap missen en niet schromen om met hun ‘boekenwijsheden’ een oordeel te vellen. Hun grote voorbeeld is natuurlijk dr.Loe de Jong over wie zolangzamerhand zoveel bekend is dat er ernstig getwijfeld mag worden aan zijn beoordelingsvermogen inzake ‘goed’ en ‘fout’. De Jong was immers ook een typische ‘archiefvlo’, die nog te ‘bang’ was het Manifest tegen het neo-fascisme’ (1944) te ondertekenen. Ik hecht dan ook geen enkele waarde aan het oordeel van deze ‘beambte’ en zijn opvolgers die zich met ‘geschiedschrijving’ bezighouden

  9. van den Broek zegt:

    @ de geachte Heer Somers: afspraak vastgelegd in de amnestieverordening van 1949: het gaat om het NIET-vervolging en bestraffing van hen die aan de zijde van de andere partij aan het con-lict tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Indonesie hadden deelgenomen en daarbij delicten hadden gepleegd, die als een duidelijk uitvloeisel van dat conflict konden gelden. Dus de Republik Indonesie en De Staat der Nederlanden, van wie het initiatief was mag Joost weten, hadden dat Volkenrechtelijk vastgelegd. maw rechteloosheid werd hierbij goedgekeurd door de Nederlandse Staat en met de gevolgen worden wij ook op deze blog mee geconfronteerd.

    Maar dat houdt wel in dat gewone burgers (privaatrechtelijke personen in jargon) een Staat aansprakelijk mag en kan stellen voor de misdaden en daaruit voortvloeiende schade. Dit is wat de weduwen bij het Rawagedeproces hebben gedaan. Het proces ging om de verjaring van hun aanvraag om schadevergoeding. Dus de rechter had de daden van de Nederlandse militairen, oorlogsmisdaden dus al toegewezen. Als bovenstaand Heren de moeite nemen om het betreffende vonnis door te lezen dan zal snel duidelijk worden dat vele bovenstaande argumenten relevant noch een grondslag hebben om de vraag te beantwoorden of de Republiek schadevergoeding of wat danook dient aan te bieden. Degenen vergeten gemakshalve dat Indonesische slachtoffers dmv een proces in Nederland hebben moeten afdwingen. Dhr Pondaag heeft wel eens beweert dat de Excessennota meer dan 300 Rawagedeprocessen bevat. Dus we hebben nog wat te goed.

    Wat dhr van Gelderen betreft: citaat Ik hoef ons bataljon niet schoon te praten, maar het had niet de INTENTIE zulke dingen te doen. Dat er toch dingen GEBEURD ZIJN, ten gevolge van guerrillatactieken… Nette oorlogen bestaan niet……
    De weg naar de hel is geplaveid met goede bedoelingen/Intenties… en dat er toch dingen gebeurd zijn…. dus er zijn ook in zijn regiment dingen gebeurt tgv guerrillatactieken!!!!….. Nette oorlogen bestaan niet maar dan bestaan ook VIEZE oorlogen niet. Het gaat erom en dat vergeet dhr van Gelderen dat net/vies niet van toepassing is op oorlogen maar dat hij zodoende de discussie afleid naar platvloerse zaken. Het militaire kader en politieke top zijn verantwoordelijk voor de gang van zaken om deze daden jarenlang als excessen te bestempelen. En daar gaat Limpach over

    citaat L. de Jong deel 12:……‘Ondanks mijn herhaalde aanschrijvingen en waarschuwingen bereiken mij nog steeds klachten over ernstige misdragingen van militairen bij operatieve acties.. . Dit moet nu uit zijn en het zal herhaal zal uit zijn. Wanneer ondercommandanten en manschappen niet kunnen begrijpen dat wreedheden en verkrach­tingen, diefstal en plundering een militair onwaardig zijn. . . dan zal ik er dit met disciplinaire maatregelen in moeten stampen.’
    Al met al was het met de militaire Krijgstucht en vooral discipline van de Nederlandse militairen in Indie ook op basis van de toenmalige normen slecht te stellen, dat dient dhr van Gelderen toch te beamen. Generaal Spoor vond dat een probleem worden en raakte zo in een netelige positie, een paar maanden later liet hij het leven. Het heeft niets met de zaak te maken maar ik zeg het maar. Kapitein Westerling werd alsnog uit zijn functie (commandant KST) ontheven. Hij raakte bij een staatsgreep betrokken. Krijgstucht en discipline zijn toch maar niks voor hem..

    • Indisch4ever zegt:

      Stoer gezegd en ook brave taal van Generaal Spoor, maar hij heeft meerdere coverups gedaan. Het is te vermoeden dat dit structureel was . Van hem, van het officierenkorps, de burgerbestuurders en de hoogste politieke kringen in Nederland.
      De Groene schrijft:

      Spoors laatste communiqués van die strekking tonen zijn frustratie: ‘Wanneer ondercommandanten en manschappen niet kunnen begrijpen dat wreedheden en verkrachtingen, diefstal en plundering een militair onwaardig zijn (…), dan zal ik dit met disciplinaire middelen erin moeten stampen.’ Spoor besloot de majoor die verantwoordelijk was voor het bloedbad van Rawagede niet te laten vervolgen, en hij was degene die uitdrukkelijk adviseerde tegen vervolging van kapitein Raymond Westerling, wiens speciale troepen in Zuid-Celebes (het huidige Sulawesi) duizenden standrechtelijke executies pleegden.

      http://www.groene.nl/artikel/de-excessennota-moet-opnieuw

      • appie b. broek zegt:

        Laten we alles wat ‘De Groene’ over de zgn.’Indonesische Kwestie heeft geschreven, incl. de zgn. ‘soldatenbrieven’, en dan eens kijken hoeveel ‘dikke duimen’ hier aan te pas zijn gekomen.

      • appie b. broek zegt:

        Herstel;’Laten we alles wat ‘De Groene’ over de zgn.’Indonesische Kwestie heeft geschreven, incl.de zgn.’soldatenbrieven’, tegen het licht houden, en dan eens kijken welke ‘dikke duimen’ hierbij assistentie hebben verleend!

      • Indisch4ever zegt:

        @ appie Ik dacht dat er meer bronnen waren die melden dat Generaal Spoor bewust koos voor niet vervolgen van de officieren schuldig aan Rawagede en de Celebesmoorden. Wat dit betreft zie ik de dikke duim niet.

    • Jan A. Somers zegt:

      “maw rechteloosheid ” Twee soevereine staten mogen samen iets afspreken, dat is dan bindend voor beiden. Die afspraken, een volgens het volkenrecht rechtsgeldig verdrag, worden goedgekeurd door de parlementen. Of iets mogelijk rechteloos zou zijn is niet aan mij om te beoordelen.
      “dat gewone burgers (privaatrechtelijke personen in jargon) een Staat aansprakelijk mag en kan stellen ” Wees blij dat dat in de rechtsstaat Nederland mag en kan.
      En over een schadevergoeding door de RI praat ik al helemaal niet. Dat is beneden mijn waardigheid. Dat anderen dat wel doen is hun beslissing.

  10. appie b. broek zegt:

    Beste meneer Indisch4ever, hoe wilt u nu een oordeel vellen over de beweegredenen van gen.Spoor over het al dan niet vervolgen van bij ‘excessen’ betrokken militairen. Het is n.b. 70 jaar geleden en waren de omstandigheden zodanig dat de meesten van oins zich daar geen voorstelling van kunnen maken. Bovendien; hoe betrouwbaar waren die rapporten en krantenbartikelen, want ook dat moest uitgezocht worden. Bepaalde media, waaronder De Groene, wilden de ‘zaak’ nog wel eens extra ‘opkloppen’ om zo de ‘slechtheid’ van het Nederlands optreden te accentueren; ook toen was ‘Jan Soldaat’ al de klos!

    • Indisch4ever zegt:

      Het is toch al uit diverse bronnen bekend dat Generaal Spoor herhaaldelijk daders van excessen niet wilde vervolgen.
      Vandaar dat Westerling nooit voor een krijgsraad is gekomen.
      Dat laatste schrijven van Spoor, enkele weken voor zijn dood, kun je zien als een change of mind. Maar het was al te laat.

      Mevrouw Spoor-Dijkema heeft al eens gezegd dat haar man vaak niet die daders voor de krijgsraad bracht.
      Jaap de Moor heeft een biografie geschreven over Generaal Spoor:
      ” Spoor kreeg alle gevallen op zijn bureau. Hij las alles en werkte elke avond tot laat, zegt ook zijn weduwe. Maar Spoor gaat vrijwel nooit over tot vervolging. Volgens De Moor vooral omdat het de moraal van de troepen zou beïnvloeden, en slecht zou zijn voor de reputatie van Nederland dat toch al onder vuur lag vanwege de acties in Indonesië. “Ja, het is heel erg ernstig en het mag helemaal niet, maar we zullen toch maar niet vervolgen”, concludeerde Spoor volgens De Moor dan vaak.”

      Spoor wilde dus de reputatie van Nederland niet nog meer omlaag halen. Dat was kennelijk een beweegreden voor de coverup.

  11. van den Broek zegt:

    Meneer Appie Broek, Ik raad U aan wat te gaan grasduinen in de literatuur, want dat is het enige bij gebrek aan ooggetuigen wat overeind staat. Gen. Spoor heeft in zijn rapportage wat dingen gemeld zoals gebrek aan discipline, laat staan aan krijgstucht. Als U dat ter discussie wil gaan stellen,dan dient U ter rade te gaan bij gen. Spoor. Zoals U en velen van U redeneren bij gebrek aan studie in de materie, danwel luiheid om zich in enigermate in het onderwerp te verdiepen . Dit is niet te wijten aan de betrouwbaarheid van de bronnen , maar louter en alleen aan uw eigen onverschilligheid en onkunde, over domheid laat ik me maar niet uit.
    .
    De rapportage van Gen. Spoor ligt in het verlengde van diverse commissies (commissie Enthoven maar ook de CGD van de VN) die zich beziggehouden hebben met Ned. indie (zie L. de Jong deel 12, we hebben het niet over de Donald Duck) in die tijd, welke een vervolg heeft gehad in de Excessennota. Dat heeft zijn weerslag gehad in verschillende processen zoals Rawagede, uitmondend uiteindelijk in het doctoraat van dhr Limpach, maar ook al aangegeven door Prof. Oostindie.
    Als U datgene ter discussie wil stellen dan kan ik dat alleen beschouwen als geriatrisch gereutel, zoals Uw verwijzing naar de Omstandigheden, welke danwel, dat laat U wel buiten beschouwing want het is alleen maar gebakken lucht. Maar Gen. Spoor en dhr. Enthoven geven zelf aan wat de omstandigheden zijn, dus wat wilt U, als niet-deskundige met uw vragen??? de Groene wat is dat? toch maar een opinieblad …….geen historisch gebeurtenis maar ik kan het U als amateur-histericus niet kwalijk nemen.

    Het is wel mooi om alles ter discussie te stellen, maar daarmee schieten wij Indischen en speciaal de slachtoffers van de Bersiap geen meter op. Dhr Broek kan zich wel wentelen in zijn eigenwaan, dat is goed voor het ego, maar dan kan ik beter naar de RIAGG gaan als die nog bestaan, heb ik nog gecontroleerd voor het Ziekenfonds in het duistere verleden.

    De excessennota heeft Jan Soldaat de klos gemaakt maar daar zal dhr Limpach aan het sprookje een eind maken . Dus ik zou als ik dhr Rutte was zich maar opmaken voor heel veel excuses voor de sprookjes die tientallen jaren verteld zijn aan zijn eigen, dus Nederlandse volk, waardoor (sprookjes) zich dhr Appie Broek zich ten vollen uit heeft laten conditioneren. Dhr Appie Broek c.s. houdt zich bezig met achterhoede gevechten. Laat hij eens vooruitkijken.

    Dat U geen waarde hecht aan de beambte zoals dhr L. de Jong kan ik me best voorstellen, maar ik kan me nauwelijks voorstellen dat U enig boek van de Geschiedenis van het Koninkrijk der Nederlanden in de 2de WO gelezen heeft, althans U geeft geen blijk van het tegendeel. Wat had U eigenlijk voor Geschiedenis, de Vaderlandse , op de middelbare school?

    Toon maar eens wat voor dikke duimen hierbij assistentie hebben verleend!!! Ben ik wel benieuwd naar, anders is het toch maar barpraat van ene Heer Appie Broek. ik heb me toch wel duidelijk uitgedrukt., want “bedoel” is een varken. Wat U zegt dient U ook waar te maken en daarbij wil ik graag assistentie verlenen.

  12. Indisch4ever zegt:

    Ter verdediging van Generaal Spoor vond ik nog dit over Rawagede:
    Daarop werd de bijna de gehele mannelijke bevolking door de Nederlanders doodgeschoten, 431 mannen in totaal. In 1947 is besloten om de daders van deze oorlogsmisdaad niet te vervolgen, ondanks de aanbeveling van generaal Spoor om dat wel te doen.
    http://www.deboekenbal.nl/jaap-de-moor

    Anderzijds is er een brief van Spoor, waarin hij twijfelt en toch neigt naar niet een rawagededader te vervolgen https://start7mei.files.wordpress.com/2013/01/brief-spoor.jpg
    bron: http://7mei.nl/nl/
    De geadresseerde was de procureur generaal Felderhof die Spoor min of meer een push gaf richting niet vervolgen en en passant de moordpartijen van Westerling verexcuseerde.

    Toch ook wel een bewijs van structureel de excessen willen toedekken en door niet vervolgen een verkeerd signaal geven van : er komt geen vervolging bij een oorlogsmisdaad

    • Ælle zegt:

      Als in de Bukupinter/boekoepienter De Boekenbal, aangehaald door I4E, gedrukt staat dat er 341 mannen in totaal werden vermoord, terwijl in Engelse termen zoiets ernstigs en crimineel, altijd wordt verondersteld, dat heet alleged (said, without proof, to have taken place of to have a specified illegal or undesirable quality waarvan de synoniemen zijn: supposed, so-called, claimed, professed, purported, ostensible, apparent, putative, unproven, rumoured, reputed, presumed, assumed, reported, declared, stated, avowed, described) dan wil ik wel weten hoeveel daders hiervoor verantwoordelijk zijn geweest, indien we toch met aantallen komen aandragen. En wie ze zijn. Voorlopig is dit mijn reactie. Dezen moesten bekend zijn geweest, omdat reeds toen werd besloten deze daders niet te vervolgen.

      • Indisch4ever zegt:

        Fons Wijnen was de commandant, majoor van het derde bataljon van het negende regiment infanterie (3-9 R.I) die de moordpartij deed. Het zou gebeurd zijn op zijn direct bevel. En de namen van dat bataljon zijn natuurlijk bekend,
        Nu weet ik niet precies of dat hele bataljon of een deel ervan betrokken was.
        Maar als de namen van die minderen toen niet bekend was, dan was het omdat de hogere officieren verzuimden dat te noteren. Misschien is er nog wel een lijstje in de archieven ?
        https://nl.wikipedia.org/wiki/Fons_Wijnen

      • Ælle zegt:

        Met dank aan I4E.
        Wat ik nu in het rapport van de rechtzaak court ruling of 14 september 2011 vertaald in het Engels heb gelezen, springen voorlopig twee zaken uit die in mijn ogen noemenswaardig zijn. Punt 1. Majoor Wijnen wordt in een brief gericht aan Mr Felderhof aangewezen door Lt Gen Spoor als hoofdverdachte. Punt 2. Echtgenoot van weduwe #9 de heer Sakam werd tijdens de aanval niet gedood, maar slechts gewond.
        Morgen zal ik hier verder op doorborduren.
        Selamat tidur.

      • Ælle zegt:

        De rechtszaak wordt gehouden op 14 september 2011 tussen de volgende eisers, welke zijn de 9 weduwen uit Balongsari, Indonesië, 1.WISAH BINTI SILAN,2.WANTI BINTI DODO,3.LASMI BINTI KASILAN,4.CAWI BINTI BAISAN,5.TASWI,6.TIJENG BINTI TASIM,7.LAYEM BINTI MURKIN,8.TAIJSI BINTI TIKIN,9.SAIH BIN SAKAM,
        en op de 10de plaats de Foundation (Stichting) Comite Utang Kehormata Belanda, die de zaak aanhangig heeft gemaakt (geregistreerd in Heemskerk) en tegen de Nederlandse Staat (onze Regering), het Ministerie van Buitenlandse Zaken.
        De advocaat van bovengenoemde eisers is L. Zegveld LL M (= meester in de rechten) uit Ansterdam en verdediger GJH Houtzagers LLM (= meester in de rechten) uit Den Haag.

      • Ælle zegt:

        Er wordt zoals het betaamt met feiten en stellingen gesmeten/naar voren gebracht die in totaal 18 (achttien) feiten tellen.
        Feit #5: (Ik vertaal terug uit ’t Engels door beëdigd vertaler G. Schuitemaker)
        Op 9 december 1947 oefenen Nederlandse soldaten een aanval uit op commando van majoor Wijnen op Rawagedeh (een heuvel?) met zicht op Indonesische (TNI) legermacht(/soldaten) die actief (is/)zijn geworden in die contreien.Gedurende deze aanval, wordt een groot gedeelte van de mannelijke bevolking, inclusief de echtgenoten van eisers sub 1 tot 7 zonder proces geëxecuteerd door Nederlandse soldaten. Sakam (zie eiseres weduwe #9: SAIH BINTI SAKAM) is gewond in de aanval.

        NB. Nergens lees ik een genoemd feit betreffende weduwe # 8, wat mij verontrust. Is hier ergens informatie over? Weduwe #8 is ‘verondersteld’ te zijn TAIJSI BINTI TIKIN.

      • Ælle zegt:

        De uitspraak
        Het Hof (Court) heeft beslist dat de Staat onwettig heeft gehandeld jegens eisers 1 to/m 7 door het executeren van hun toenmalige echtgenoten en stelt de Staat aansprakelijk voor de schade.
        Het Hof beveelt de Staat tot het betalen van 334,25 Euro aan kosten eisers 1 t/m 7 en 1.808, — Euro aan advocaat, en Saih Bin Sakam, eveneens 334,25 Euro, die in mei 2011 vlak voor de rechtszaak begint, uiteindelijk overlijdt. Zijn verwonding in 1947 is een schotwond in de hand en in de rug, die hij 63 jaar heeft overleefd.
        Eiser sub 8 en de Stichting ontvangen nil.

        Is eiser sub 8 een con artist gebleken? Wie ’t weet, mag ’t zeggen.

        Feit #11: In 1969 wordt de ‘Excessennota’ geadopteerd. Na een klacht van de zijde van de Republiek, dat een ondergrondse terroristische beweging zich heeft ontwikkeld in de buurt van Rawahgedeh, het vermoedelijke middelpunt.
        In een rapport op 12 januari 1947 gepubliceerd heeft het team van waarnemers van de zekerheidsraad, Committee of Good Offices on the Indonesian Question (HUH?!)

        Feit #12: Er volgt een Parlementaire Debat. PM De Jong verklaart dat er geen (strafrechtelijke) vervolging zal zijn voor ‘crimes not perscribed’ (niet voorgeschreven misdaden?) begaan door Nederlandse soldaten in Indonesië in de periode 1945- 1950.

        Feit #13 haalt er ook nog PM Kok erbij, dus …

        In the name of the King neem ik nu even Time Out. Het proces in 2011 wordt gehouden in the name of the Queen (Beatrix, die van niets heeft geweten. BRRrrr)

      • Ælle zegt:

        Is eiser sub 8 een con artist gebleken? Wie ‘t weet, mag ‘t zeggen.

        Eureka, sub #8 is niet de weduwe, maar een ‘dochter’ van overleden weduwe, mevrouw Kesah Binti Baisan (geboren op 2 oktober 1931, reeds overleden op 29 december 2008) dochter is geboren in 1948, na de aanval op Rawahgedeh.

  13. hélène zegt:

    Beste mensen,
    Ik ben een Nederlandse van na de oorlog en weet dus niets uit eigen ervaring.
    Heb ook geen familieleden die in Indonesië gevochten hebben.
    Ik heb wel van alles in Java Post gelezen, over gruwelijkheden in 1945 en daarna.
    Ik denk:
    De jongens uit Nederland kwamen terecht in een wereld die hen vreemd was.
    Zij waren weliswaar voorbereid om oorlog te voeren, waarbij ze gedacht zullen hebben aan het over en weer doodschieten van mensen.
    Maar zij zullen zich geenszins hebben kunnen voorbereiden op de gruwelijke verminking die ze tegen kwamen bij lijken van collega’s.
    Ik vraag me af sommigen misschien daardoor ‘mataglap’ zijn geworden?

  14. appie b. broek zegt:

    Het ‘rood-wit-blauw’ kunnen we natuurlijk veel beter inwisselen voor het gelijk van de ‘witte vlag’, en dat geldt niet alleen voor ‘indië’ maar ook voor het verschijnsel ‘Zwarte Piet’, om maar eens wat te noemen. De schriftgeleerden zoals de heren Van den Broek en Mertens, beiden indo’s met een KNIL-achtergrond schijnen er een groot genoegen in te scheppen om de Nederlandse militairen die voor hun nummer, of als oorlogsvrijwilliger, naar Indie werden gestuurd, als oorlogsmisdadiger aan de kaak te stellen. Wat is hun motivatie? Ik heb daar zo mijn bedenkingen over en zal de uitdaging van de heer Van den Broek aannemen. Om bijv, de zin en onzin over alles wat er bijv. over Rawagede gezegd en geschreven is, op een rijtje te zetten. Voor ‘Westerling’ en ‘Zuid-Celebes’ geldt min of meer hetzelfde! Het is een ongehoord schandaal dat er juist vanuit Indo/KNIL hoek zoveel ‘lasterlijke’ praatjes hierover worden rondgestrooid. Sommigen noemen dit een ‘vijfde colonne”, m.i. gaat dit veel verder en is de juiste benaming voor dit ‘verraad’ nog niet voorhanden.

    • RLMertens zegt:

      @appieb.broek. ‘schijnen een groot genoegen etc’. Nou moet u niet alles door elkaar gooien en zelfs zwarte Piet bijhalen. -Oorlogsmisdaden werden zowel door Indonesiërs en Nederlanders begaan! Oorlogsmisdaden moeten(!) ten alle tijde veroordeeld worden.
      Niet alle militairen, over en weer, treffen blaam! Echter zij, die dit op geweten hebben en NIET zijn bestraft( zie Excessen nota en dr.L.de Jong dl.12-2e) door de legerleiding, hebben het MET de politieke leiding (!) ( zie Sico Mansveldt uitspraak) voor wanklank gezorgd! Voor onnoemelijk veel leed en verdriet bij hen die slechts voor hun ‘nummer’ hun plicht deden. In elk leger, zitten figuren die het een lust vinden om te moorden en te martelen! Het is vooral gen.Spoor als hoogste militaire leiding, die verzaakt heeft de krijgstucht ten alle tijde(!) te handhaven. En dat is in totale tegenspraak met in zijn welkomstwoord aan alle militairen; ‘zich te houden als hoeder van het recht’. Zij, die nu menen, het optreden van dmv oorlogsmisdaden goed te praten, zijn eveneens figuren die zich vereenzelvigen met de toenmalige daders !

      • Jan A. Somers zegt:

        “zelfs zwarte Piet bijhalen” Ik zou dat niet doen, maar ik kan me best voorstellen dat zoiets naar boven komt. Past in de trend om de Nederlanders (dus ook de Indische gemeenschap) steeds zieliger te maken. Voer voor de psych.

      • Jan A. Somers zegt:

        Sorry, zieliger moet slechter zijn. Zou dit typisch Indisch zijn? Half Indonesiër = zielig, half Nederlander = slecht? Aan de andere kant van de geschiedenis kun je dit gewoon omdraaien. Makkelijk toch?

  15. van den Broek zegt:

    Verraad, het geheugen van dhr Appie Broek vertoont lacunes. Ik heb een tijdje geleden op dit blog kritiek geuit op een artikel van de fotografe Mevr. van Pagéé over een door haar ontdekte oorlogsmisdaad veroorzaakt door Nederlandse militairen in het dorp Prambon Wetan. Ik heb punt voor punt haar verhaal ontkracht, de getuigen waren niet directe getuigen maar hadden het van horen zeggen, het document waarom het draait, een verhaal van de dorpssecretaris heeft zij nooit in extenso afgedrukt op dit blog, maar waarom dat wel op aanvraag beschikbaar was mag Joost weten, zij heeft het verhaal nooit in een historische context gebracht, de mariniers werden 3 maanden vòòr de soevereiniteitsoverdracht gevangen genomen. Zij heeft zich wel als Ketoet Tantri verkleed bij de herdenking in Surabaya op 10 November(??), wat veelzeggend is voor haar onafhankelijkheid en betrouwbaarheid. Hierover heb ik nooit iets gehoord van dhr Broek of van Van Santen. Wel wordt ik beschuldigd van anti-Nederlands, anti-Koloniaal en ook van anti-indonesisch en dat allemaal tegelijkertijd. Als het in hun straat past dan zeggen ze niks maar als ik tegen hun vooroordelen schopt dan is elk scheldwoord goed genoeg. Nu heeft dhr Appie Broek het over verraad en dat aan een reserveofficier van de Koninklijke Marine, dus geen KNIL. Weer zo’n gelegenheidsargument van dhr Appie Broek, de opportunist.

    Aangezien inhoudelijk reageren niet één van de sterkste punten van dhr Appie Broek is wil ik dat wel doen en wel op zijn volgende citaat : …… ” De Jong was immers ook een typische ‘archiefvlo’, die nog te ‘bang’ was het Manifest tegen het neo-fascisme’ (1944) te ondertekenen. Ik hecht dan ook geen enkele waarde aan het oordeel van deze ‘beambte”……….Als dhr Appie Broek het Manifest naleest tot aan de laatste regels, ik herhaal laatste regel , dan leest hij dat ene L.de Jong het Manifest ondertekent heeft. Dat dhr de Jong later zich door ene Gerbrandy heeft laten overhalen om zich tegen het manifest te keren is een ander verhaal dat buiten de context van dit verhaal ligt. Dit is niet een vorm van bijziendheid van dhr Broek want het is structureel dat hij alleen dingen leest wat in zijn straatje past. Dat is zijn probleem en daar heb ik <waarwegende problemen mee

    En dan wil dhr Appie Broek met deze bagage zich over Rawagede en Zuid-Celebes buigen.Ik zou hem dat niet aanraden maar als hij, gezien het voorafgaande toch stijfkoppig volhoudt dan raad ik hem aan het vonnis van de Haagse Rechtbank dienaangaande te bestuderen, dit vonnis is in extenso in het Nederlands beschikbaar op het internet . Hij dient wel rekening te houden dat het een civiel proces is. Er is geen aanklager , wel een eiser en een gedaagde de rechter heeft hier een passieve rol. Dat wil zeggen dat hij afwacht welke feiten de eiser (de Stichting van dhr Ponjaard) en de gedaagde (in de persoon van de landsadvocaat) naar voren brengen en luistert naar hun argumenten. Andere feiten mag de rechter niet meewegen in zijn oordeel. Bij het proces heeft de gedaagde, de Nederlands Staat, geen hoger beroep aangetekend en men is gelijk overgegaan naar de toekenning van de schadevergoeding.

    Ik vind het wel moedig dat dhr Appie Broek ondanks of dankij zijn gebrek aan inhoudelijk kennis deze uitdaging aan wil nemen.

    • appie b. broek zegt:

      ‘Het pamflet werd door ons als ‘onzin’ aan de kant geschoven’, zegt Fokke Dijkstra over het zgn,’pamflet van Wamel’ waarin, 1994, een betrokken militair zijn vroeging m.b.t. de 431 doden van Rawagede uitspreekt. Later zal blijken, ‘het bleek dat er een man was geweest die een paar schooljongens tegen beloning had gevraagd een aantal pamfletten in het dorp rond te brengen’, dat hier de eigenlijke, d.w.z. de geldklopperij, affaire Rawagede is begonnen.

      ‘Later bleek dat een bij de staatsgreep van Suharto in 1965 naar Hamburg uitgeweken Indonesische journalist voorzitter was van het Comité Ereschulden Rawagede.

      ‘Dodental Rawagede strookt niet met werkelijkheid’/Java Post.

      Inmiddels weten we ook wie deze ‘journalist’ is geweest, n.l. Batara Hutagalong, zie NRC 17.9.2012.’Indonesiërs eisen na 61 jaar excuses van Nederland’.

      In hetzelfde artikel nog een interessante ‘mededeling'”De schutters zagen er niet Nederlands uit, volgens Saih, ze hadden een donkere huid.’

      Dit is dan weer in tegenspraak met de al vele malen gegeven ‘verzekering’ dat het hier uitsluitend om Nederlandse dienstplichtigen zou gaan.

      Kortom: er valt nog heel wat uit te zoeken en zou het zo langzamer hand eens tijd worden dat de Nederlandse overheid schadevergoeding gaat betalen aan hen die ten onrechte van ‘oorlogsmisdaden’ worden beschuldigd.

      • Ælle zegt:

        Graven maar weer. Alle troep moet de grond uit. Ik had ooit zo’n vervuilde tuin in Dordrecht die uitgegraven moest worden en van de gemeente kregen we, de buren profiteerden er ook van, schone grond in de plaats. Ik had gelukkig foto’s genomen als bewijsmateriaal.
        Dat moet nu ook gebeuren met de leugens uit Rawahgedeh.
        ‘Informatie over het aantal gedode Indonesiërs varieerde van 150 (Nederlandse opgave) tot 433 (door de mohammedaanse priester van Rawahgedeh)’, schrijven de VN-onderzoekers.
        VN-stuk over Rawahgedeh komt na 47 jaar boven water
        Het ministerie van Buitenlandse Zaken heeft dinsdag een VN-onderzoeksverslag uit 1948 vrijgegeven over het optreden van het Nederlandse leger in Rawahgedeh….
        HELLA ROTTENBERG
        16 augustus 1995
        Het rapport – in januari 1948 opgesteld door een Australische, Belgische en Amerikaanse militair van de VN-Commissie van Goede Diensten, de bemiddelingsinstantie tussen Nederland en Indonesië – meldt dat volgens de Nederlandse opgave er in Rawahgedeh op 9 december 150 mensen zijn omgekomen. Van Nederlandse kant is toegegeven dat er vier gevangenen zijn geëxecuteerd. Een Indonesische getuige heeft gezien dat er nog zeven anderen zijn gedood.

        Er staat bij dat volgens de Nederlandse autoriteiten er geen vrouwen, kinderen of oude mannen zijn gedood of gewond en dat deze uitspraak door Indonesische getuigen is bevestigd.De Excessen-nota, de inventarisatie van Nederlandse oorlogsmisdaden in Indonesië die de regering in 1969 uitbracht, nam de Nederlandse opgave van 150 doden over. Van hen zouden ‘plus minus 20’ zonder proces zijn geëxecuteerd.De actie tegen Rawahgedeh was vooral bedoeld om de Indonesische guerrillastrijder Lukas Kustario te pakken. In een interview met NRC Handelsblad verklaart de nu gepensioneerde Kustario dat hij en zijn eenheid in Rawahgedeh tweehonderd mannen in een kuil hebben begraven. ‘Later kwamen mensen uit naburige dorpen’, zegt hij. ‘Die hebben nog zo’n tweehonderd andere lichamen gevonden, in de sawahs en in de moerassen buiten het dorp. Die waren op de vlucht neergeschoten.’Uit het verslag van de Commissie van Goede Diensten blijkt onzekerheid over de getallen. De VN’ers schrijven dat het inwonertal van de dorpen in het gebied van dag tot dag wisselt, omdat landarbeiders van kampong naar kampong trekken. De mensen in Rawahgedeh zijn zo weinig ontwikkeld, schrijven ze, dat ze niet in staat lijken data, uren, afstanden en cijfers met enige nauwkeurigheid te noemen.Maar de conclusie van de waarnemers is er voor Nederland niet minder hard om. ‘De actie van het Nederlandse leger was welbewust en meedogenloos.’ Dit blijkt uit het feit dat er geen enkel slachtoffer aan Nederlandse kant is geteld, dat er slechts enkele gewonden op heel veel doden zijn gevallen, en dat er geen wapens in het dorp zijn aangetroffen. Volgens de Commissie van Goede Diensten was de actie meer dan een ‘zuivering’, ze was ook bedoeld als afschrikking.De Nederlandse regering vond de uitkomst zo ongunstig, dat ze alles in het werk stelde om te verhinderen dat het VN-verslag op tafel van de Veiligheidsraad lag toen de kwestie Indonesië daar aan de orde kwam. De Nederlandse ambassadeur in Washington, de vertegenwoordiger bij de VN en de minister van Buitenlandse Zaken hielden koortsachtig contact met elkaar om Nederland van deze schande te vrijwaren. Hun onderlinge correspondentie hierover is afgedrukt in het twaalfde deel van de bronnenpublikatie de Officiële bescheiden betreffende de Nederlands-Indonesische betrekkingen 1945-1950.De Amerikanen wilden Nederland wel helpen, maar de Belgen en vooral de Australiërs waren niet te vermurwen. Dank zij de invloed van de VS lag het rapport over Rawahgedeh niet als een van de stukken op tafel bij de leden van de Veiligheidsraad. Maar ook de VS konden niet verhinderen dat het wel ter inzage werd gelegd op het secretariaat van de V-raad. Na 47 jaar kan ten slotte ook het grote publiek er kennis van nemen.

        Nu ben ik er klaar mee, tenzij er een nieuwe rechtszaak aan komt zetten. Rechtszaak met een S ertussen, jangan lupa!

      • Ælle zegt:

        Nog even de Volkskrant aanhalen: De Volkskrant, 10 december 2011 / De weduwen glunderen, zij hebben Nederland verslagen
        Hahahahahaha
        Wie heeft dit artikel nog gelezen en bewaard?

      • F. Dijkstra zegt:

        Geachte heer Broek,

        Via een kennis werd ik op de hoogte gebracht van uw correspondentie over de kwestie Rawah Gedeh. U citeert mij wat ik in der tijd schreef onder de titel ‘De aanklacht’. Graag zou ik u nog meer informatie willen zenden. Ik doe dat nu door hieronder een aantal stukken neer te zetten die ik na de aanklacht schreef. Misschien is het nuttig dat u mij uw emailadres laat weten zodat ik u ook recente zaken kan doorsturen. Wat u hieronder kunt lezen is maar een klein deel van het totaal.

        De kwestie Rawah Gedeh nog eens op een rijtje in verband met geplande interview in het prog. “Altijd Wat” van de NCRV
        1. Het eerste wat over Rawah Gedeh bekend werd, was het “Pamflet van Wamel”. Hierin zou een soldaat van de C compagnie 3-9 R.I. mededeling hebben gedaan over zijn wroeging over een actie op 9 Dec, 1947 en ondertekende hij dit met “Parsival””.
        2. Een oud administrateur van de C. Comp.is daarna naar Wamel geweest om dit te controleren. Het bleek dat er een man was geweest die een paar schooljongens tegen beloning had gecharterd om een aantal pamfletten in het dorp rond te brengen.
        3. Ik beschik over een debarcatielijst van de” Waterman”, het schip waarmee 3-9 R.I. terug kwam uit Indonesia eind November 1949, hierop komt geen man voor die Wamel als bestemming had. Na gesprekken met andere mannen van 3-9 R.I. werd het als” onzin” verder aan de kant geschoven.
        4. Toen ik er mee geconfronteerd werd , heb ik mijn dagboek opgeslagen en daarin gelezen dat ik op 9 Dec. 1947 bij aan een actie deelnam met als doel Rawah Gedeh. Aan deze actie namen deel ca 30 man van de Onderst, Cie, waar ik bij hoorde, op de linkerflank. Op de rechterflank en door het centrum groepen van ongeveer hetzelfde aantal van de C comp.
        5. Op de linkerflank kregen wij hevige tegenstand en werden lang tegengehouden door snipers en vuur uit een kampong rand. Na wat 2 inch mortier vuur gingen we met z.g. vuur en beweging toch verder, maar werden toch zolang opgehouden, dat we te laat in Rawah Gedeh aankwamen, want intussen was actie “afgeblazen” en gingen we weer richting Krawang alles lopend, want met carriers of drietonners kon men daar niet komen. Het woord zegt het al ( Rawah is in het Maleis :” moeras “en Gedeh is “groot”) . We gingen zover ik me herinner om ca 6.00 uur op pad, kregen Ca. 10.00 uur het eerste vuur , moesten daarna nog een flink eind lopen. Ik schat dat we 12.00 – 12.30 uur op de afgesproken plaats waren en was de actie voorbij. Het kan zijn dat we Rawah Gedeh zelf niet eens bereikt hebben toen de actie werd stopgezet. Wij dachten dat het weer één de vele acties was waarbij we werden beschoten en waarbij de tegenstanders op de vlucht waren. Een week tevoren had ik ook aan een actie meegedaan van het KNIL en de KST in diezelfde omgeving en noteerde ik in mijn dagboek : ‘’ zo hoeft het voor mij ook niet’ en las later in de “Javabode”dat er 7 kampongs waren afgebrand en ca 150 tegenstanders waren gesneuveld DAT WAS NIET OP 9 DEC,’47, bij de actie onder verantwoordelijkheid van de C comp. van 3-9 R.I.. De actie van 9 Dec, ‘47 was maar een betrekkelijk kleine actie,, want ’s middags ca 5.oo waren we al weer op ons bivak.
        Het bericht in de “Javabode” namen we indertijd met een korreltje zout. Het klonk wel stoer en de lezers van de “Javabode” in Batavia zouden wel content zijn met zo’n bericht.
        Dat op 9 Dec. 431 mannen, vrouwen en kindertjes die hun handjes nog niet eens in de nek konden krijgen zouden zijn doodgeschoten , zoals in het pamflet van Wamel staat geschreven ,is een grove leugen en zelfs onmogelijk in de korte tijd dat deze actie heeft geduurd. Pas na het verschijnen van dit pamflet in ca 1994 spraken we bij een reunie erover en kwam naar voren dat er op die 9 de Dec. ca 20 bendeleden waren doodgeschoten, die zich in de vijver hadden verstopt en door een rietje adem haalden. In 1948 was ik toegevoegd aan een klein detachement van de Onderst. Comp., net buiten Krawang. Rawah Gedeh viel onder ons patrouillegebied , aan de uiterste grens. Van de gepensioneerde oud Ass. Wedana van het gebied, die in Krawang woonde, en waarmee ik contact had gezocht om geïnformeerd te worden over “het wel en wee” in het gebied, kreeg ik toen al te horen dat Rawah Gedeh ook in zijn tijd een beruchte kampong was waar zich altijd veel rampokkers ophielden. Over de actie van een jaar te voren, waarbij volgens “het pamflet zoveel slachtoffers vielen, werd niet gerept. Ik wist het niet en hij schijnbaar ook niet. Wij kregen goede contacten met de kampongs rondom ons. Deze kampongs werden , uit wraak daarvoor ,door de bendes uit Rawah Gedeh op een nacht beroofd van geiten, kippen en huisraad en de huizen werden in brand gestoken. Wij richten, met behulp van de oude ass. Wedana. een actie comité op en zagen kans om hout voor huizen en geld voor kippen en geiten bijeen te krijgen. De bevolking was dubbel dankbaar en wij gaven ze, met medewerking van politiecommissaris Berretty, uit Krawang, zelfs een zestal wapens. Voortaan liepen steeds een klein aantal kampong bewoners mee , met onze patrouilles. Toen ze op een gegeven moment het verzoek deden om naar het ver gelegen Rawah Gedeh te gaan, overlegde ik met de Ass. Wedana. Hij dacht dat de mensen wel het recht hadden om te proberen of ze hun eigen spullen terug konden krijgen. We gingen met ca, 15 man een tiental kampongbewoners. In Rawah Gedeh wapperde de rood witte vlag op het huis van de Loerah ( gekozen gemeente bestuurder). Maar wat moest die man anders, hij zat daar ver van Nederlands troepen, Hij kon alleen maar huilen met de wolven in het bos. De met ons meegekomen kampongleden, wilden zijn huis ook in brand steken, wat ik heb kunnen verhinderen en zover ik me kan herinneren namen ze alleen wat kippen mee. Ik, noch de Ass. Wedana , hebben de datum 9 Dec, ’47 en het grote aantal slachtoffers wat er toen zou zijn gevallen volgens het “Committee” nooit in onze gesprekken aangeroerd. Als mij dat bekend was geweest zou ik beslist niet met zo’n kleine groep daar naar toe zijn gegaan. Bovendien, als het werkelijk zo zijn geweest als wat men 3-9 toe dicht, dan zouden én de kampongbewoners rondom ons én de oude Ass. Wedana ons toch heel anders hebben bekeken. Wij hebben ons daar uitgesloofd, geïnspireerd door het enthousiasme van de bevolking.
        De zoon van de loerah van één van de kampongs dicht bij ons bivak, die in Bandung studeerde schreef me op 17 -9 – 48 een brief waarin hij bedankte voor hetgeen wij voor de bevolking deden en vroeg om vooral zo door te gaan. Zou hij dat ook hebben gedaan als hij wist dat nog geen jaar te voren door 3-9 R.I. honderden mannen , vrouwen en kinderen zouden zijn vermoord ? De man was p.m. 20 jaar, goed ontwikkeld, sprak Hollands en zeker op de hoogte wat er een jaar te voren op 20/30 km van zijn woonplaats gebeurde. Toen ik, vanuit Tandjong Poera, voor een paar weken als mentor werd uitgeleend aan het pas gearriveerde 401 Inf. en naar Madjalenka moest vertrekken kwam er een delegatie uit de kampongs die naar de compagniescommandant van de C compagnie wilde gaan om te vragen of ik niet mocht blijven. Ik heb ze dat uit het hoofd gepraat en was naar ca. 4 weken weer terug. Met andere woorden, wij deden daar goed werk als 3-9 en was er geen sprake van wantrouwen en rancune over wat minder dan een jaar tevoren door 3-9 ZOU zijn aangericht. Ook de bevolking van de kampongs, ca 30 km van R.G. vandaan wisten niets van het z.g. bloedbad.

        Het is absurd dat de kranten schrijven dat wij, jongens van 21/22 jaar uit de Achterhoek, Groningen en Drenthe 431 mannen, vrouwen en kinderen zouden hebben gedood en maar klakkeloos aannemen dat wat een Indonesisch “ Committee” dat een miljard gulden eist ( welk “committee “volgens Hans van Baalen door Indonesia niet eens werd erkend ) het bij het rechte eind heeft, terwijl er uit een gedegen onderzoek , de scriptie van Drs. Scholtens een heel ander verhaal zou zijn te halen.

        DE FEITEN.
        Het verspreiden van het pamflet van Wamel was de opmaat voor het eisen van een schadevergoeding door het”Commitee of Dutch Honorary Debts”.
        Dit pamflet is niet geschreven door een 3-9 R.I. er. Niemand van ons wist wie of wat Parsifal was, zelfs de officieren, destijds er naar gevraagd moesten het antwoord schuldig blijven. Op internet vond ik dat het een figuur uit een opera van Wagner was, die wroeging had over zijn verleden. Nu is de voorzitter van het genoemde “Committee” een journalist die sinds de coupe van Soeharto , uitgeweken was naar Hamburg en men eerder deze journalist, mogelijk wel een kenner van Wagner ’s opera er van kan verdenken dit pamflet te hebben geschreven. De opmaak en stijl doet ook meer denken aan een journalist , dan aan een soldaat van 3-9 R.I..
        Het “Committee” eiste toentertijd een miljard gulden als schadevergoeding bij monde van advocaat Pondaag. Welk deel daarvan als honorarium telt voor de resp. advocaten die zich er mee bezig houden weet ik niet, maar vast een flink bedrag. In diverse Nederlandse kranten werd erover geschreven, alle ongeveer in dezelfde bewoordingen. Krista van Velzen van de SP en Hans van Baalen van de VVD werden geïnterviewd. Ik nam contact op met Van Baalen en kreeg als antwoord : geen aandacht aan besteden, dit “Committee” wordt in Indonesie zelfs niet eens erkend.
        Het “Commitee” had ook geen haast, men kon rustig afwachten tot er van 3-9 geen mannen meer zouden zijn die een weerwoord konden geven. De regering deed ook niets, tot het advocaten kantoor Pulles( ?) en Mevr. Zegveld in het geweer kwamen. Toen gooide de regering het op verjaring en de afspraak met de Indonesische regering, bij de “ overdracht” dat over wederzijdse excessen geen aanspraken zouden zijn. Van de zijde van Indonesia werd geen actie ondernomen, men onthield zich van een mening. Echter, het eenvoudige kleine kerkhof in Rawah Gedeh in I999, was intussen verbouwd tot een nationaal monument, compleet geplaveid met lichtblauwe tegels. Zelfs de looppaden. Wie dat gefinancierd heeft ?
        Nu onze regering nooit de aangevoerde feiten over het z.g. bloedbad op 9 Dec. 1947 heeft bestreden, bleef haar niet anders over dan “de verjaring “ en dat is nu op 14 Sept 2011 als argument afgenomen. Men kan nu niet meer de feiten van het z.g. bloedbad op 9 Dec ’47 gaan bestrijden, want dan zou het Nationale monument in het geding komen , hetgeen gezichtsverlies zou beteken voor Indonesia, met alle gevolgen voor verslechterde onderlinge verhouding tussen Nederland en Indonesia. Rest .. . . . . . betalen.! Daarmee is 3-9 R.I veroordeeld, ,maar daar zal onze regering niet wakker van liggen. Er zijn toch nog maar weinig 3-9 R.I. ers over.

        Waarom men nooit de feiten heeft bestreden, wat gemakkelijk had gekund aan de hand van de gedegen scriptie van Drs. Scholtens van de universiteit Groningen, is mij een raadsel.

        Waarom men nooit heeft gereageerd toen de advocaten een vrouw uit de kampong een brief wilde laten tekenen met een beschuldiging aan Nederland en deze vrouw vertelde dat ze niet kon lezen en schrijven en men dan maar een vingerafdruk op de brief wilde om als bewijsstuk te dienen voor een miljard gulden schadevergoeding is een nog groter raadsel.

        Getallen over vermeende slachtoffers zijn in Indonesia zeer rekbaar, getuige de excuus brief aan Westerling over het genoemde aantal slachtoffers in de Celebes affaire. Een kopiebrief met excuses aan Westerling voor de beschuldiging aan hem van 4000 en later 40 000 slachtoffers in Zuid Celebes is in mijn bezit. In deze brief, van 13 April 1977 noemt het Indonesische instituut voor Militaire historie, dat er “maar” ( woorden van Lt. Colonel Dr.M Natzie Said, SA) 565 slachtoffers in het tijdvak 1945 -1950 zijn gevallen waarvan 256 in de periode Dec. ’46 tot Febr. ’47, en nog hoofdzakelijk door de hand van de “Barican Poke”( georganiseerde massa- het Nederlandse Leger en onder leiding van plaatselijke aristocraten ?????) Zo schrijft Colonel Natzie Said letterlijk in de brief ( Ik heb geen idee wat dit is of wat ermee bedoeld wordt) maar 4000 en 40000, (zo staat er ook weer letterlijk in de brief) is zuiver fictief en gegrond op een politisch ( politiek ??) oogmerk.”

        Een man die op Oost Java gewond was geweest bij een actie, waarbij 2 Nederlanders werden gedood en 2 gewond, ging jaren later terug en wilde de kampong bezoeken waar hij gewond was geraakt. Er stond een bordje waarop aan gegeven dat op die dag 20 Nederlanders waren gesneuveld. Een foto van dat bordje heb ik tussen mijn vele papieren over alles van Rawah Gedeh betreft.

        Zou een goed ontwikkelde zoon van een loerah, die in Bandung studeerde, mij een brief schrijven, nog geen jaar na de datum van 9 Dec. 47, waarin hij zijn dank uitspreekt voor hetgeen wij voor de bevolking deden en vroeg toch vooral zo door te gaan als hetgeen in het Pamflet van Wamel staat de waarheid was geweest? ( kopie van de brief is beschikbaar)

        Waarom Hans van Baalen een hoge Indonesische onderscheiding heeft gekregen is ook zo’n raadsel. Mogelijk verwachtte men van hem wel weerstand, men had die onderscheiding eigenlijk beter aan Krista van Velzen van de SP moeten geven want die was pal voor de erkenning van de schuld.

        Mijn beweegreden om me met de kwestie Rawah Gedeh bezig te houden, is enkel en alleen om aan te tonen dat de aantijging tegen 3-9 R.I, dat op 9 Dec. ’47 431 mannen vrouwen en kinderen met de handjes omhoog zouden zijn neergeschoten op een bewuste leugen stoelt. Het is technisch onmogelijk om dit in zo’n korte tijd te kunnen doen en HET IS NIET GEBEURD.
        Dat men de aantijging later heeft veranderd in : “ de mannelijke bevolking” doet niets af aan de zaak . Wat me nog het meest dwars zit, is dat de kranten maar wat van elkaar overschrijven. In een kleine kampong als R.G. woonden geen 431 mannen dat kan iedereen weten.
        Inmiddels weet ik van een gerenommeerde “krantenman”, dat men zo’n bericht van een ANP bericht overneemt, geen tijd en moeite wil besteden aan een kritisch oordeel, bijv. “hoe kon zo iets plaats vinden en hoe zouden jongens van 20 / 22 jaar in de korte tijd dat ze daar waren, tot deze daad hebben kunnen komen. Nog erger is het dat lezers van de diverse kranten, die ongeveer alle hetzelfde schreven en schrijven , zomaar aannemen dat de aantijging waar is. Ik herhaal wat ik reeds vaker schreef, als Canadese militairen op deze wijze door het slijk werden gehaald zou de ‘ Legion “ de minister van veteranenzaken “er voor” hebben gespannen . In Nederland hebben we wel ca. 40 verschillende veteranenverenigingen en die zijn dan wel verenigd in “Het veteranen Platform”, maar aantoonbaar onjuiste verhalen over moorden op mannen , vrouwen en kinderen laat men voor wat het is
        De man die zich in de 2e kamer heeft laten kiezen onder de leus: “er moet een veteraan in de kamer” gaat er ook aan voorbij.

        F.H.Dijkstra 18 Sept. 2011

        Notities betreffende bezoek aan de ALGEMENE LEDENVERGADERING van de Militair Rechtelijke Vereniging op 28 Juni 2013 in het Ministerie van Defensie
        te Den Haag, Het plein- Kalvermarkt complex, op uitnodiging van Mr. Pieter ’t Hart waarmee ik bij de herdenking van 1-9 R.I. in Havelte kennis heb gemaakt.
        Aan deze alg. vergadering werd , samen met het JURIDISCH NETWERK DEFENSIE (JND), een lezing verzorgd met als onderwerp :

        DE SCHADEVERGOEDING ALS GEVOLG VAN DE EXECUTIES VAN RAWAGEDE

        Deze lezing werd gehouden door Landsadvocaat mr. Bert-Jan Houtzagers, werkzaam bij Pels Rijcken
        Omschrijving van het onderwerp was als volgt : In September 2011 is de Staat veroordeeld tot het betalen van schadevergoeding aan een aantal weduwen van
        mannen die in 1947 zijn geëxecuteerd in Rawagede. Toenmalig Nederlands- Indië, en aan de overlevende van deze executies.. Wat ging er aan deze veroordeling
        vooraf ? Hoe verliep het proces ? Wat waren de overwegingen van de rechtbank en welke belangen speelden hierbij een rol ? Waarom is de staat niet in hoger
        beroep gegaan tegen de uitspraak en is er nu sprake van een precedentwerking ?
        Mr. Houtzagers stond de Staat bij in dit proces en was bereid gevonden om in zijn lezing onder meer deze vragen de revue te laten passeren.
        In deze lezing kwam aan de orde om welke reden de kwestie van de schadevergoeding was gegaan zoals het is gegaan en waarom er geen andere weg meer is
        geweest. In feite kwam het hier op neer : de Staat meende aanvankelijk dat, gezien de afspraken met Indonesië over wederzijdse excessen en geen processen
        zouden komen en toen dat wel het geval was kwam van Nederlandse zijde verjaring aangevoerd. Het feit van de verjaring werd door Zegveld bestreden en is zij
        door de rechtbank in het gelijk gesteld. Zodoende waren er geen mogelijkheden meer voor de Staat en moest worden betaald.
        Hierna werden door enkele deelnemers vragen gesteld over het hoe en waarom en argumenten geopperd, die mogelijk hadden kunnen dienen. Argumenten , op
        Juridische grondslag, die aan mij voorbij gingen.
        Mr. Gazenbeek, de voorzitter, kondigde aan dat ik graag het één en ander zou willen vertellen over de werkelijke gang van zaken op 9 December 1947.
        In mijn betoog heb geprobeerd duidelijk te maken dat de aantijging tegen 3-9 R.I. eenvoudig technisch niet mogelijk was. a. de actie op 9 Dec. van 3-9 R.I.
        was een eendaagse actie, die los stond van de grote actie die een week daarvoor werden uitgevoerd door een combinatie van KNIL en KST. Bij deze actie waren ook
        3-9 R.I. ers toegevoegd, waaronder ik, omdat het ons bataljons vak was. Hoeveel van ons er aan waren toegevoegd is me onbekend. Ik schreef hierover in mijn dagboek :
        “zo hoeft het voor mij ook niet” . In de “ Javabode “ en de “ Nieuwsgier”( kranten die in Batavia uitkwamen) stond dat bij grote acties in het Krawangse ca. 150 extremisten
        waren gedood. De leiding van deze actie was in handen van KNIL/KST . De actie op 9 Dec. ’47 werd uitgevoerd door drie groepen van 3-9 R.I. onder leiding van Majoor Wijnen,
        niet van 3-9, maar van de 2e infanterie brigade en tijdelijk toegevoegd aan de C. Comp.
        Ik heb uitgelegd hoe dat ging, dat wij op de linkerflank flink tegenstand kregen hetgeen bewijst dat Rawah Gedeh wel degelijk in handen was van een gewapende
        bende en de actie alleszins gerechtvaardigd was. De aanleiding tot deze actie was het feit dat enige dagen voor 9 Dec. ’47 door de bendes ,die Rawah Gedeh als
        hun hoofdkwartier gebruikten, 28 mannelijke kampongbewoners met klewangs waren afgeslacht en waarvan de lijken in de rivier, Tjitaroem, waren gegooid.
        Eén man had, ondanks dat hij een hauw in zijn nek had gekregen, kans gezien de overkant van de kali te bereiken en melde zich mij de militaire post is Krawang.
        Dr. Verhagen, bataljonsarts van 3-9 R.I. heeft de man in leven kunnen houden en naar Batavia laten vervoeren. De man heeft het er levend afgebracht.
        Naar aanleiding van dit feit heeft 3-9 R.I. op 9 Dec. ’47 de actie ondernomen. Deze actie begon voor ons om ca. 6.00 uur en waren wij ’s middags ca. 16.30/ 17.00
        al weer terug. Hoeveel tegenstanders wij op de linkerflank kunnen hebben gedood is onbekend. Voor ons was het een actie als zovele, beschoten worden door zich
        schuilhoudende bendeleden, terugschieten , en verder gaan.
        Ik heb genoemd, dat in de korte tijd, dat de centrum groep van de actie in de kampong Rawah Gedeh is geweest, onmogelijk 431 mannen, vrouwen en kinderen
        kunnen zijn vermoord. Hoeveel patronen moet een groep van ca. 25/30 man niet bij zich hebben om dat te kunnen doen. Bovendien moesten zij ook patronen
        bewaren voor op de terugweg. Beelden op T.V. over R.G. laten mannen zien in jungleoveralls en vrachtwagens. Met vrachtwagens kon men daar niet komen.
        Rawah is Moeras en Gedeh is Groot. Daarom was het juist zo’n goede schuilplaats voor een bende. Ook voor 1942 was Rawah Gedeh een broeinest van rampokkers,
        zo wist ik van de gep. Ass. Wedana, waar ik voor inlichten contact mee had gezocht.
        Zegveld spreekt nu ook niet meer over mannen , vrouwen en kinderen die de handjes niet een in de nek konden krijgen, maar over de mannelijke bevolking van R.G.
        Ik heb al die zaken die ik in diverse geschriften heb genoemd ook daar aangevoerd . Over het Pamflet van Wamel en de onmogelijkheid dat dat van een 3-9 R.I er afkomstig
        kon zijn, over Parsifal, waar geen man van ons bataljon ooit iets over had gehoord, over de voorzitter van het COMMITEE ERESCHULDEN RAWAH GEDEH, die als journalist
        wonende in Hamburg ,daarvoor eerder in aanmerking kwam., over het feit dat door de bendes uit R.G. de kampongs die met ons meewerkten hebben overvallen ,hun
        huizen in brand hebben gestoten en hen van kippen, geiten enz. hebben beroofd. Ook dat ik in 1948, toen het pamflet van Wamel nog onbekend ,was met 15 man naar R.G
        ging om de bewoners van “onze” kampongs de kans te geven terug te halen wat van hen was gestolen. Zou ik dat hebben gedaan als ik had geweten van de moord op 431
        personen , 6/7 maanden daarvoor? Ook heb ik genoemd dat Zegveld niet is opgekomen voor de weduwen van R.G. toen bleek dat deze weduwen nauwelijks iets kregen
        van wat hen was toegezegd en de dorpsoudsten wel.
        Daarnaast heb ik laten weten dat pas na het verschijnen van het pamflet van Wamel bij 3-9 R.I. is onderzocht wat er op die dag aan de hand was. en men was te weten
        gekomen dat er een man in Wamel was geweest die aan schoolkinderen een aantal pamfletten had gegeven en gevraagd had deze hier en daar in de brievenbus te stoppen.
        Over dat er20 bendeleden waren doodgeschoten en dat staat ook in de excessennota en in het verslag van de Comm . van Goede diensten.
        Dat waren geen onschuldige burgers, maar juist die mannen die de onschuldige burgen in hun greep hadden.
        Voorts dat Zegveld nu voor Zuid Celebes eenzelfde actie onderneemt, maar ik een excuusbrief bezit , gericht aan Westerling, waarin Kol. Natzier van de het Ind. Inst. voor
        Mil. Historie, verklaard hoe eerst 4000 en daarna 40 000 slachtoffers worden genoemd en waarin deze Kol. Natzier een getal noemt van 572 , waarvan de helft niet door
        Westerling, maar door een Indonesische organisatie.
        Ik heb gezegd dat dit nog maar een paar argumenten zijn, omdat anders het verhaal veel te lang zou worden en dat degene die meer wil weten een adres kaartje van me
        kon meenemen, waarop mijn e-mail adres. Ik zou dat uit mijn bestand het zó kunnen doorsturen. Ik heb zelf aan zeker een achttal mensen, met wie ik na afloop sprak ,mijn
        e-mail adres gegeven en van het aantal wat op de bestuurstafel lag zijn er ook zo’n aantal meegenomen. Nu, na bijna een week heeft nog niemand gereageerd en om meer
        info gevraagd. Ik denk dat dat zo is, omdat men bang is daarna te worden “bestookt” met feiten, nu en in de toekomst en ook omdat men van mening is dat er toch niets
        meer aan te veranderen is. Dat 3-9 R.I. , door de betaling van een schadevergoeding, veroordeeld is , is van minder belang.
        Na afloop waren tijdens ”de borrel “ wel wat vragen, maar meer eigen verhalen. Verhalen die geen betrekking hadden op hetgeen ik had verteld. Hoogstens, “dat was
        wel een interessant verhaal “ en “dit was nieuw voor mij”. Toch kan het van veel belang zijn dat het in deze kringen nu eens anders belicht is. Ook de schromelijke
        overdrijving die in Indonesië gebruikelijk is heb ik met voorbeelden aangetoond.

        Van de namen van deelnemers aan de bijeenkomst, heb ik maar enkele onthouden. Uiteraard was dat Mr. Pieter’t Hart, Mr, Houtzagers, Mr. Gazenbeek Ook sprak ik met
        Kolonel Snellen, voorzitter van “het rechtsinstituut ( ? ) van het Ministerie van Defensie. Zij heeft ook mijn e- mail adres gekregen. In totaal waren er ca 50 personen w.o
        hoge officieren van Leger. Luchtmacht en Marine Een enkeling was is burger, maar dat kunnen ook mensen geweest zijn van de beveiliging.

    • Bill Zitman zegt:

      Gebrek aan inhoudelijke kennis? Dit is iets waar we allemaal mee zouden zitten als we ons eigen onderzoek alleen tot Nederlandse “wetenschap” beperken.
      En zolang de Nederland-Indische militaire dossiers (1945-1950) in Den Haag (met weinig uitzonderingen) gesloten blijven tot 1 januari 2026, zou het voor den heer Naberman (hierboven) ook “niet ophouden”!
      http://www.gahetna.nl/collectie/archief/ead/xml/eadid/2.10.37.02
      Maar er is veel meer materiaal te lezen als jullie b v NIET de buitenlandse docenten afkammen en links laten, zoals onze vriend in Zwitserland, die hier alreeds veroordeeld is voordat zijn research goed gelezen is en vergeleken met die grote puinhoop die veel van de Nederlandse (regering betaalde) historians en auteurs van eigen ‘belevenissen’ en ‘opinies’ (en verhalen van grootvaders) er van gemaakt hebben.
      Als we bij de Japanse capitulatie in NL-Indie zouden beginnen, hiermede een voorbeeld hoe veel buitenlandse docenten de kwaliteit van Nederlands ‘research’ bekijken.
      http://booksandjournals.brillonline.com/content/journals/10.1163/22134379-90003746?crawler=true
      Beide ‘Broeken’ (beter dan ruzie te maken) kunnen hier ook iets in vinden wat hún te pas komt (wie de broek past – trekke hem aan….!)

      • Jan A. Somers zegt:

        “die grote puinhoop die veel van de Nederlandse (regering betaalde) historians en auteurs van eigen ‘belevenissen’ en ‘opinies’ (en verhalen van grootvaders) er van gemaakt hebben.” Vindt u mijn dissertatie en het daaropvolgende boek over de staatkundige geschiedenis ook zo’n puinhoop? Geen belevenissen van grootvaders, die waren al lang dood. Gewoon bronnen raadplegen. Niet door de regering betaald, helemaal uit eigen zak. Kunt u mij duidelijk maken waar die puinhoop uit bestaat, daar kan ik dan ook verder rekening mee houden. Ik houd niet zo van (eigen) puinhopen.

      • Surya Atmadja zegt:

        Bill Zitman zegt:
        20 september 2015 om 7:52 pm

        Gebrek aan inhoudelijke kennis? Dit is iets waar we allemaal mee zouden zitten als we ons eigen onderzoek alleen tot Nederlandse “wetenschap” beperken.
        ==========================================================
        Dat is ook de reden waarom ik zo min mogelijk Indonesische bronnen gebruik , behalve als ik het bijna 100% weet dat het accuraat , vandaar ook soms aangevuld met persoonlijke voorbeelden.

        http://booksandjournals.brillonline.com/content/journals/10.1163/22134379-90003746?crawler=true
        Het heeft mij veeeel moeite gekost om met mijn steenkool Engels de informatie te lezen, maar na veel zuchten en koffie/plas pause is het toch gelukt.

        Terima Kasih.

      • Bill Zitman zegt:

        @Jan A Somers. Puinhoop? Nee Jan, ik rangschik U NIET onder die “veel” (door de regering betaalde) historians…. In fact, (met vele anderen) heb ik groot respect voor uw wetenschap en accurate/eerlijkheid combinatie, die u ons hier vertoond. Ook heb ik je boek nog niet gelezen en ga dit nu aanschaffen. Bij voorbaat weet ik al dat ik een eerlijk verslag zal lezen, met onderbouw van uw eigen belevenissen.
        Mijn reden voor mijn assumptie van die “puinhoop” is het feit dat door interactie met jongere historians (geen namen) heb ik gemerkt dat vele de uitkomst van hun “research” alreeds bepaald hebben (voor impact redenen of om ‘iets nieuws’ te verkondigen?), waarna ze dan de gaatjes gaan opvullen om dit waar te maken. Als je dan met enig (tegen) bewijs komt wat daar dan niet in past, wordt dit opzij geschoven.
        In mijn (unqualified) opini is dit geen goede “research”, maar ze kunnen wel hun bonnetjes inleveren om daarvoor betaling te krijgen.

      • Jan A. Somers zegt:

        “met onderbouw van uw eigen belevenissen.” Nauwelijks, die zijn in een betrouwbaar boek niet zo interessant. Die eigen belevenissen zijn heel, heel oud, en dus niet meer betrouwbaar. Wel leuke verhalen gebleven.
        “Gebrek aan inhoudelijke kennis? Dit is iets waar we allemaal mee zouden zitten als we ons eigen onderzoek alleen tot Nederlandse “wetenschap” beperken.” Als u die Nederlandse “wetenschap” hebt bijgehouden valt dat erg mee. Gaat u donderdag a.s. ook naar de promotie van Kees Briët? En heeft u de nieuwe biografie (Van Goor) van JPC al gelezen? Beiden met een enorme bronvermelding. daar ben je wel even zoet mee. Er valt heel veel te beleven in de Nederlandse “wetenschap”. Jammer dat je zo weinig tijd hebt, al ben je gepensioneerd.

      • Bill Zitman zegt:

        @Jan Somers. …”ons eigen onderzoek alleen tot de Nederlandse wetenschap beperken”
        De Britten waren er ook bij en ik stond verbaasd hoeveel Informatie deze zelf hebben over onze bersiap en koloniale oorlog. Soms wel van een ander oogpunt bekeken, maar ik heb o a afschriften van de orders die PJG Huyer van Patterson kreeg.
        Nee, ik heb mijn Nederlandse “wetenschap” niet volledig bijgehouden en ben nu bezig om dit een beetje in te halen. Om eerlijk te zijn, gedurende een heel nieuw leven in Australië, nu al 57 jaar, was het al moeilijk genoeg om mijn Nederlands bij te houden. Ik ben hier helemaal geassimileerd en spreek hier nooit Nederlands.
        Afstand is ook de reden dat ik, helaas, a s donderdag de promotie van Kees Briët niet kan bijwonen. Ook pensioen en op mijn louweren rusten is er voor mij niet bij, maar dit is uit eigen wil – ik ga gewoon door tot het niet meer gaat.

      • Bill Zitman zegt:

        @ Surya, ook ik heb betrouwbare Indonesiche bronnen gelezen, waarvan de onderbouw tenvolle met de Nederlandse bronnen overeen komen, maar daar nog meer aanvullende informatie bij verschaffen.
        Het verschil hier op Java Post is dat velen niet zoals wij, met de development van Indonesië (na de merdeka) zijn meegegroeid, maar in het verleden zijn blijven hangen.
        Ook voor hun die wel zoals ik, de gebeurtenissen van het verleden, zonder na-affecten hebben kunnen afschudden, zou het moeilijk kunnen zijn om deze bronnen in Bahasa Indonesia te lezen (complimenten voor jou om door die Engelse site “geworsteld” te hebben!).
        Maar vandaar mijn suggestie om, in plaats van ruzie te maken, onze koppen bij elkaar te steken om gezamenlijk deze obstakels te overkomen.
        Ik zie dat jij dit wel begrepen had.

  16. RLMertens zegt:

    Gen.S.H.Spoor; ‘ Welkom mannen!. De overtuiging , dat in dit land een enorm werk gedaan moet worden, dat gebaseerd moet zijn op de oudste normen van de humaniteit. Rust en orde, recht en veiligheid. Ook uw houding, uw gebaar en woord, zullen de spoed helpen bepalen, waarmee dit volk zal worden geleid naar het herstel. Uw burgerfatsoen, beleefdheid treft verder dan welke kogel dan ook. Opdat wij later, teruggekomen in Nederland, met gerechtvaardigde trots en overtuiging kunnen zeggen; toen Nederland een critieke tijd doorworstelde, oefenden wij de belangrijke taak uit van; soldaat in Indië’.
    Batavia, dec.1947. De Legercommandant lt.gen.S.H.Spoor.

  17. appie b. broek zegt:

    Beste mevrouw Elle,

    ‘De weduwen glunderen, zij hebben Nederland verslagen.’ Hahahahaha. Het artikel uit de Volkskrant is nog op het net beschikbaar, maar ik ben echter nieuwsgierig naar wie er nog meer reden tot plezier hebben bij het zoveelste ‘falen’ van de Nederlandse overheid. Advocaten en andere ‘belangenbehartigers’? Meneer Batara Hutegalong misschien! Ja, laat de hele boel maar eens boven tafel komen, kunnen we zien hoe er ‘gelogen’ en ‘bedrogen’ wordt! En dat geldt niet alleen voor Rawagede maar elke gelegenheid werd aangegrepen om de Nederlandse soldaten in discrediet te brengen. En nu, na jaren stilzwijgen; de historici waren niet geinteresserd in ‘Indië’, dat viel immers onder ”kolonialisme’ en was dus niet ‘progressief’, meent men, om financiele redenen, het een en ander in te halen en wordt ‘Rawagede’, en andere affaires, maar weer eens uit de kast gehaald. Er zijn landen waar veteranen met respect behandeld worden, hier is dat anders. Een behoorlijke geschiedschrijving kan er niet van af! Gevolg, zij worden een speelbal van de ‘politiek’, zoals de ‘politiek’ ook toen al zich schandelijk misdroeg tegenover hen die, op bevel van diezelfde politiek, in de jaren 45-50 naar Indië werden gestuurd om de kastanjes uit het vuur te halen. Het is dan ook zeer te prijzen dat er op dit blog, Java Post, een mogelijkheid is om te protesteren tegen het ‘gesol’ met de Indië-veteranen!

  18. Bill Zitman zegt:

    Foto’s bestuderen – zoals reeds eerder besproken.
    We zullen hopen dat ze gedurende het maken van de bovenstaande foto van oefeningen op Java in ’46 geen echt ammunitie in hun wapens hadden.
    De derde soldaat van links met z’n Karabijn en de tweede van rechts met z’n Sten, lopen met hun finger op de trekker (argwanend) naar hun wapen te kijken, terwijl dit op de man vlak voor hun is gericht. Dit is het eerste wat je in militaire opleiding leerd om NIET te doen!

    • Jan A. Somers zegt:

      Gebeurt wel vaker hoor, ook op een Nederlandse schietbaan. De pistoolschutter draait zich naar mij toe incl. pistool: Hij doet het niet luit.

  19. van den Broek zegt:

    Mevr. Aelle dient hier even op te letten want dhr Zitman verwijst naar een link en geeft daarbij ongevraagd en gratis raad
    citaat Bill Zitman: ……http://booksandjournals.brillonline.com/content/journals/10.1163/22134379-90003746?crawler=true. Beide ‘Broeken’ (beter dan ruzie te maken) kunnen hier ook iets in vinden wat hún te pas komt (wie de broek past – trekke hem aan….!)

    Ik dacht bij mijzelf , dat kan interessanbt worden en ik opende link en lees het verhaal over Captain Huyer?????? , In het Nederlands is dat kolonel Huyer, Bij de Marine spreekt men een KTZ aan met Kolonel en een KLTZ met Overste tenminste dat was in mijn diensttijdj bij de KM. ik was gewoon Meneer .
    Zulk gelijk verhaal had ik al op een Engelse site gelezen want die zijn nog steeds boos op kolonel Huyer dat hij de overgave van de Japanners eiste zonder dat hij daarvoor de bevoegdheid had- Engelsen hebben altijd duidelijk omlijnde orders aan de Nederlanders gegeven (zie bvb het verslag van Kolonel Asje aan de parlementaire commissie. Het verhaal over kolonel Huyer speelt zich af in de periode september/oktober 1945. Wat ik met dat verhaal aan moet in de discussie nou ja ruzie met dhr Appie Broek is mij een raadsel. … Nu ziet U zelf Mevr. Aelle. Als degene die een link aanduidt niet een korte verklaring geeft van de inhoud, dien ik me onledig te houden met niet-relevante dingen. Dhr Zitman geeft een ander link aan , dus U kan zich indenken wat ik met die link doe.

    Mevr. Aelle, ik heb begrepen dat U de Engelse vertaling gebruikt van het vonnis van de Haagse Rechtbank inzake Rawagede. In uw kommentaar gebruikt U “zekerheidsraad”, dat dient de Veiligheidsraad (Securitycouncil) te zijn- Prescribe in dit verband betekent Verjaring. Daar gaat een groot gedeelte van het vonnis over- De rechter bevestigt in zijn vonnis dat de Nederlandse Staat erkent dat er sprake is van oorlogsmisdaden. . Ik heb de indruk dat sommige mensen op dit blog dat niet willen begrijpen of de consequenties niet van inzien. .

    • Ælle zegt:

      – De rechter bevestigt in zijn vonnis dat de Nederlandse Staat erkent dat er sprake is van oorlogsmisdaden. . –
      Sorry, hoor, maar ik lees … dat het H.O.F. (the Court!), níet de rechter, vertegenwoordigd door meesters in de rechten Schreuder, Van der Helm en Honée, de Staat oordeelt dat ze (de Staat der Nederlanden) onwettig heeft gehandeld tegen eisers 1 t/m 7 door hun echtgenoten te executeren en Sakam neer te knallen.

      En nu wil ik erover ophouden. Ik wacht wel op een nieuw proces, nee, niet die van de Turk.
      U gebruikt het woord onledig, maar u bedoelt vol.
      Ik mag zekerheidsraad zeggen want veiligheidsraad heeft in de eerste plaats met voedsel te maken.

    • Jan A. Somers zegt:

      Mijn samenvattend verhaal over KTZ P.J.G. Huyer heb ik vorige week hier in Javapost gezet onder Java Café. Dat doe ik niet meer, met mijn goedkope en trage computer in combinatie met mijn goedkoop en traag internetabonnement kan ik daar eigenlijk niet meer op terecht. Als er belangstelling voor is kunt u dat wat mij betreft naar een ander topic kopiëren.

      • e.m. zegt:

        @Jan A. Somers zegt: 20 september 2015 om 5:34 pm

        Op 23 september 1945 arriveerde kolonel Asjes als hoofd van het RAPWI-kantoor Soerabaja begeleid door een Japans escorte in het Oranjehotel.
        Op dezelfde dag arriveerde kapitein-ter-zee P.J.G. Huyer met een kleine staf, als eerste geallieerde vertegenwoordiger in Soerabaja. Huyer had van Patterson opdracht gekregen de havens van Soerabaja te inspecteren. Nog dezelfde avond diende schout-bij-nacht Shibata bij Huyer een verzoek aan Patterson in om een deel van de Japanse troepen over te brengen naar een reeds in gereedheid gebracht concentratiepunt in Poedjon, een bergdorp nabij Malang. Het is niet duidelijk of Huyer een goed inzicht had in de revolutionaire situatie en de plaats van de Japanners daarin; hij gaf Shibata toestemming voor de gevraagde evacuatie waarna een groot deel van de Japanse manschappen naar Poedjon vertrok.
        Na het uitbrengen in Batavia van zijn rapportage, kwam Huyer op 29 september in Soerabaja terug met de opdracht van Patterson de overname van Soerabaja door de Britten voor te bereiden. Shibata kreeg van hem de opdracht voorbereidingen te treffen voor de komst van de geallieerde troepenmacht. Shibata riep direct 3000 man terug uit Poedjon, zij werden echter bij aankomst op het station door pemoeda’s gevangen genomen. Nog dezelfde avond werd door een groep voormalige Peta, Heiho en Seinendan-soldaten een actieplan opgesteld: het mobiliseren van het (kampong)volk, het gevangen nemen en ontwapenen van Japanse militairen en het bezetten van de telefoon- en telegraafkantoren. Het eerste doel voor de massale acties was het Japanse centrale wapenmagazijn voor Oost-Java in Don Bosco, voorheen een groot katholiek weeshuis met scholen, sportterreinen, werkplaatsen, een kliniek, een kapel en kloostergebouwen. Na onderhandelingen onder druk van de snel aangroeiende volksmassa moest de Japanse commandant het complex overdragen, waarbij hij een ontvangstbrief kreeg met de vermelding dat de wapens waren overgedragen aan het Indonesische bestuur. Hierop pleegde hij zelfmoord. Daarna werden nog grote wapenvoorraden buitgemaakt in een Japanse garnizoenskazerne en in een groot gebouwencomplex waar voorheen de handelsfirma Lindeteves Stokvis was gevestigd. Met hun overgave hebben schout-bij-nacht Shibata en generaal-majoor Iwabe voorkomen dat er een bloedbad werd aangericht onder de belegeraars gevolgd door wraakacties tegen andere Japanners en Nederlanders. De gebeurtenissen in Soerabaja worden door sommigen wel eens vergeleken met de bestorming van het Hotel des Invalides en van de Bastille in 1789 in het begin van de Franse revolutie. Overal wapperde de rood-witte vlag, op muren en trams waren leuzen gekalkt. Overal stonden pemoeda’s op wacht, gewapend met een Japans samoeraizwaard, een geweer of een pistool. Pemoeda’s denderden in auto’s, vrachtwagens en pantserwagens door de stad. Gepeupel ging zich te buiten aan moord en plundering.
        Nadat de Indonesiërs de wapendepots hadden buitgemaakt werd de situatie steeds grimmiger. Shibata was niet meer bereid (en ook niet in staat) de opstand neer te slaan en droeg zijn commandanten op wapengebruik te vermijden. In de nacht van 30 september verloor Shibata het contact met zijn troepen doordat de telefoonlijnen waren doorgesneden. Japanners werden gevangen genomen, hun wapens en voertuigen in beslag genomen. Het vliegveld en de luchtmachtbasis werden door de opstandelingen bezet. Op 1 oktober gaf Iwabe zich over met de in zijn hoofdkwartier aanwezige wapens. Daarna werd het hoofdkwartier van de Kenpeitai bestormd en na een bloedig gevecht veroverd. Op 2 oktober drong een grote massa Indonesiërs het hoofdkwartier van de marine binnen, waar Shibata zich bevond. Voorts werd de Japanse bewaking van het Oranjehotel overgenomen door de pemoeda’s.
        Op 3 oktober eiste Huyer namens de geallieerden de overgave van de Japanse strijdkrachten, waaraan door generaal-majoor Iwabe en schout-bij-nacht Shibata werd voldaan. Waarschijnlijk als gevolg van de verstoorde verbindingen werden alsnog de munitiedepots en de pyrotechnische werkplaatsen op Madoera opgeblazen waarna de verantwoordelijke Japanse officieren zelfmoord pleegden. De explosies en de vuurzee zorgden in Soerabaja uiteraard voor een toenemende nervositeit. Huyer legde nu de volle verantwoordelijkheid voor de orde en veiligheid bij resident Soedirman. De Japanners dienden te worden beschouwd als krijgsgevangenen en aan de geallieerden worden overgedragen. De Japanse mijnenvegers dienden de hun opgedragen taken voort te zetten en de Japanse piloten dienden de luchtverbindingen te herstellen. Uiteraard was Soedirman niet in staat deze bevelen op te volgen, voorzover hij daartoe genegen mocht zijn. Zowel Christison, Mountbatten, als het Japanse hoofdkwartier hebben naderhand Huyer verantwoordelijk gesteld voor deze ontwikkelingen. Hij zou met de overgave van de Japanse troepen de verantwoordelijkheid voor rust en orde hebben overgenomen zonder zelf over een militaire macht te beschikken. Uit een blik op de opeenvolgende gebeurtenissen en de daarbij horende tijdstippen kan echter worden afgeleid dat de rol van Huyer marginaal is geweest, de revolutie had buiten hem om Soerabaja in bezit genomen. Hij werd de zondebok voor de Britten en het excuus voor de Japanners.@

        Bron(water) Java Café

      • Jan A. Somers zegt:

        Heer E.M., bedankt.

      • Bill Zitman zegt:

        Bedankt E M en Jan.
        Ook ik heb computer problemen op Java Cafe en heb Buitenzorg daarvan verwittigd.
        Ik had Jan’s vervolg op mijn inleiding over (kapitein ter zee PJG) Huyer nog niet kunnen lezen.
        Ik schreef dat op Java Post als reactie op Peter van den Broek, die daar over ene kolonel Huyser (met ’n ‘s’) had geschreven. De enigste kolonel Huyser/Huijser waarvan ik ooit gehoord had, was toen nog te jong, kwam pas uit een jappenkamp en is later generaal geworden.

      • Jan A. Somers zegt:

        Die ken ik wel, Govert.

  20. van den Broek zegt:

    Mevr. Aelle. Op Uw opmerking……………Nu ben ik er klaar mee, tenzij er een nieuwe rechtszaak aan komt zetten. Rechtszaak met een S ertussen, jangan lupa!…………Ik kan U misschien misschien in herinnering brengen dat na het Rawagedeproces er een ander proces aanhangig was— het Zuid-Celebes proces (dhr Westerling o.i.d. speelde daarbij een ondergeschikte rol). Interessant hierij is dat nabestaanden, dus niet alleen weduwen ook recht hebben op schadevergoeding dit i.t.t. de Rawagede zaak waarbij eiseres nr 9 (U geeft dat zelf aan) haar eis niet werd toegewezen, als u tenminste scherp leest.

    • Ælle zegt:

      ~ Interessant hierbij is dat nabestaanden, dus niet alleen weduwen ook recht hebben op schadevergoeding dit i.t.t. de Rawagede zaak waarbij eiseres nr 9 (U geeft dat zelf aan) haar eis niet werd toegewezen, als u tenminste scherp leest.
      Zoals Bob Ross altijd zei, zeg ik: Whatever makes you happy.

  21. Ælle zegt:

    Dit is een verkorte (lange) versie van de Vredeslezing die advocaat Liesbeth Zegveld afgelopen donderdag in Felix Meritis te Amsterdam heeft gehouden. Van deze lezing verschijnt tevens een essay uitgegeven door Felix Meritis.

    OPINIE LIESBETH ZEGVELD Westerse landen moeten open kaart spelen over het aantal burgerslachtoffers tijdens missies, betoogt advocaat Liesbeth Zegveld.
    Het internationaal recht is bijzonder gierig wanneer het gaat om rechtsherstel voor oorlogsslachtoffers
    Het gaat niet goed met de burger in oorlogsgebieden, ook niet met de burger die met onze westerse legers te maken krijgt in bijvoorbeeld Irak of Afghanistan. Hij wordt gebombardeerd, doodgeschoten, zijn bezittingen vernield. De psychische nood die hiervan het gevolg is, de pijn, de angst, het verlies, zorgt voor langdurig lijden tijdens en na de oorlog.

    De doelstelling van westerse landen om aan een oorlog deel te nemen, is vaak juist mede bescherming van burgers. Het is ook niet dat we burgers willen doden, er is geen beleid om burgers om te brengen. We zien het als een kwestie die spijtig is, maar helaas onvermijdelijk. We zeggen dat we ons richten op militaire doelen. Als er toch burgers omkomen, is dat een ongeluk.

    Als advocaat ben ik vooral bezig met het afleggen van verantwoording achteraf. Het is dan al fout gegaan en de slachtoffers willen weten waarom hun kind is doodgeschoten, waarom hun huis is gebombardeerd. Ze willen dat iemand verantwoordelijkheid neemt voor die daden.

    Grote woorden
    Dat die verantwoordelijkheid niet eenvoudig wordt geaccepteerd, weten we inmiddels. De slachtoffers van Srebrenica, de weduwen uit het vroegere Nederlands-Indië, ze hebben tientallen jaren gewacht op erkenning van hun leed. En niet alleen in Nederland. Het internationaal recht is bijzonder gierig wanneer het gaat om rechtsherstel voor oorlogsslachtoffers. De Verenigde Naties hanteren grote woorden over mensenrechten, maar doen weinig voor de slachtoffers die vallen tijdens de missies.

    Als er na het conflict geen animo is om de slachtoffers in ere te herstellen, dan zal dat hoogstwaarschijnlijk gebaseerd zijn op een opvatting over hoe burgers tijdens het conflict behandeld moeten worden. Het recht faalt, omdat de oorlog faalt.

    Het is lastig ons een goed beeld te vormen van concrete oorlogshandelingen, maar we kunnen wel iets vinden van de informatie die ons over de oorlog bereikt. En dan bedoel ik: de openheid van staten – of het gebrek daaraan – over de slachtoffers die ze veroorzaken, de aantallen, wie deze slachtoffers zijn en hoe ze zijn gevallen. De aantallen slachtoffers zeggen zelf ook iets over de wijze van oorlogvoering. Militair geweld is genormeerd geweld. Grote aantallen slachtoffers horen daar niet bij.
    ~ Ontkenning
    Westerse landen doen niet aan ‘body counts’, of ze schermen de informatie af. We weten dus niet óf er slachtoffers vallen, hoeveel dat er zijn en hoe ze zijn gevallen. Het komt dicht bij een ontkenning van burgerslachtoffers. Onze onwetendheid over aantallen slachtoffers betekent dat een van de belangrijkste maatstaven om de oorlog te ‘meten’ ontbreekt.

    Er zijn praktische complicaties zoals de veiligheid en het ontbreken van centrale registratie in bijvoorbeeld Irak en Afghanistan. Maar die complicaties zijn niet de enige reden dat we de slachtoffers niet kennen. We willen niet weten wie we doden.
    Meest belangrijk lijkt te zijn dat het tonen van slachtoffers niet past bij het beeld van een schone oorlog. Een oorlog die wordt gevochten in het belang van de mensenrechten. De notie van de burger speelt een centrale rol in de communicatie van westerse staten over hun oorlogen. Aantallen gewonden en doden bepalen hoe de bevolking van deze landen tegen het conflict aankijken en hun steun voor de oorlog.
    Het negeren van burgerslachtoffers leidt tot woede en onbegrip bij de lokale bevolking.
    Geen prioriteit
    Een andere reden om niet te willen registreren wie we precies ombrengen, is van militair-strategische aard. Bij vrijwel ieder dodelijk incident in Afghanistan wordt meteen gemeld dat de slachtoffers uit het kamp van de vijand komen. Dat er uitsluitend of vooral taliban zijn omgekomen. Burgerdoden worden niet geregistreerd, simpelweg omdat het geen prioriteit is. Het kost veel tijd en het brengt te veel risico’s mee voor het eigen personeel, terwijl het geen duidelijke militaire doelen vervult, althans dat is de perceptie. Onze onwetendheid over de slachtoffers die we maken, komt dicht bij ontkenning. Er vallen geen of nauwelijks slachtoffers. En dat komt ons goed uit.

    Het afschermen van de slachtoffers is niet alleen een juridische, het is ook een militaire, politieke en morele fout. Als we de slachtoffers niet bijhouden, weten we niet of onze militaire operatie effectief is. Juist omdat de militaire operatie vaak (mede) tot doel heeft burgers te beschermen en te zorgen voor lokale veiligheid, moeten we weten hoeveel burgers we doden en hoe dat is gebeurd.

    Er is nog een politieke reden waarom we de slachtoffers moeten tellen: terwijl wij niet tellen, telt de vijand en lokale burgerbevolking wel. Het negeren van burgerslachtoffers leidt tot woede en onbegrip bij de lokale bevolking. Het drijft burgers in de armen van de rebellen.

    Bovendien gaan aantallen een eigen leven leiden. Nederland heeft bijvoorbeeld nooit de moeite genomen te tellen hoeveel mensen zijn leger in het voormalig Nederlands-Indië heeft geëxecuteerd. Dat heeft ruimte geboden aan verhalen over aantallen die mijlenver uit elkaar lopen. Het niet bijhouden van de doden biedt ruimte aan verschillende versies van de werkelijkheid.

    Morele fout
    Die verschillende werkelijkheden hebben zo hun eigen gevolgen. Ze hebben een negatieve invloed op de houding van de lokale bevolking en hun steun voor de oorlog. Astronomische getallen over aantallen slachtoffers die de ronde doen, leiden tot woede en een gevoel van ontkenning bij burgers en zetten aan tot meer geweld.

    Het negeren van burgerslachtoffers is ten slotte een morele fout. Respect voor de medemens is het meest fundamentele argument dat je voor de erkenning van slachtoffers kunt maken. Het oorlogsrecht is precies op dit concept van menselijke waardigheid gebaseerd. Het zijn de burgers die de bommen op hun huizen krijgen en wier kinderen worden doodgeschoten bij checkpoints. Zij verdienen aandacht. Hun dood doet ertoe.

    Ik kom terug op het recht. Er zijn sterke morele, strategische en politieke argumenten te geven voor het registreren van slachtoffers. Maar ook het recht lijkt dit voor te schrijven, en niet alleen in algemene zin (de plicht burgers te beschermen). Het recht pleit ook voor de specifieke plicht om de slachtoffers te registreren. Dat is een plicht waar we minder over gehoord hebben en waarvan staten zich niet bewust lijken.

    Geliefde
    Tijdens oorlog vinden op grote schaal verdwijningen plaats. Standrechtelijke executies en illegale detentie zijn aan de orde van de dag. Of de regels inzake gedwongen verdwijningen ook toezien op slachtoffers van ‘regulier’ oorlogsgeweld, zoals het doden door middel van een bombardement, is de vraag. Maar juist om uit te sluiten dat iemand als verdwenen wordt aangemerkt, kan beargumenteerd worden dat ook de doden van regulier oorlogsgeweld geregistreerd moeten worden. Slachtoffers hebben het recht niet vermist te zijn, hun familie heeft het recht om niet een eindeloze zoektocht te moeten beginnen naar hun geliefde.

    De plicht de doden te registreren is ook onderdeel van de plicht onderzoek te doen. De plicht van staten om het recht op leven niet te schenden, omvat tevens onderzoek naar de feiten. Om onderscheid te kunnen maken tussen een misdrijf en een ongeval, zijn de feiten nodig. Verdwijningen laten de mogelijkheid van een misdrijf open, zoals executie en mishandeling.

    De prijs van de oorlog wordt consequent geminimaliseerd, fout weergegeven en voor ons verborgen gehouden. Het gevolg is dat de prijs van de oorlog door ons wordt onderschat en niet begrepen. Oorlogsgeweld moet niet afgeschermd worden. Opdat er verantwoording kan worden afgelegd en wij onze rol als burger in een democratie ook kunnen vervullen, namelijk een geïnformeerde beslissing nemen over de prijs van de oorlog. Over de vraag of we ons leger in een conflict laten meevechten.

    Ook kunnen we door registratie de slachtoffers rechten geven, en door hier voor ze op te komen, eisen dat hun rechten worden gerespecteerd. Niet alleen moeten we voor ze zorgen, ze eten en medicijnen geven. Ze hebben recht op rechten. We kunnen ze mondig maken door ze hier een gezicht te geven, door ze met ons te verbinden.
    Liesbeth Zegveld: Vredeslezing
    Datum:
    19/09/2013
    Tijd:
    20:00
    Locatie:
    Felix Meritis
    Keizersgracht 324
    Amsterdam
    Beschrijving:
    In aanloop naar de Vredesweek 2013 spreekt Liesbeth Zegveld (advocaat en hoogleraar Internationaal Humanitair recht) dit jaar de Vredeslezing uit.

    Vaak wíllen wij eigenlijk niet weten wie de burgers zijn die slachtoffer worden in oorlogssituaties, maar zien wij hen liever als actoren in het conflict. Voor Nederlandse beleidsmakers is het ook helemaal niet van belang te weten hoeveel burgerslachtoffers er vallen. Zegveld bespreekt in haar lezing hoe wij, burgers en politici, oorlogsslachtoffers zien.

    Zegveld bespreekt in de Vredeslezing hoe wij, burgers en politici, oorlogsslachtoffers zien. En vraagt ons: hoe kan men na een oorlog aan rechtsherstel en wederopbouw van een land denken als wij niet weten wie de slachtoffers zijn? Zegveld meent dat burgers in oorlogsgebied niet moeten worden gezien als probleem maar als bondgenoten, als ‘civilian ally’, alleen zo ontstaat er goede samenwerking.
    Zegveld zal na haar lezing in gesprek gaan met Bas Kromhout, gespreksleider en redacteur van het Historisch Nieuwsblad.
    Over Liesbeth Zegveld
    Liesbeth Zegveld is partner bij Böhler Advocaten, hier is zij lid van de sectie Internationaal Recht & Mensenrechten, waar haar onderzoek zich concentreert op Internationaal Humanitair Recht, en dan met name op rechtsherstel voor oorlogsslachtoffers. Daarnaast is Zegveld hoogleraar Internationaal Humanitair Recht, in het bijzonder de Rechten van Vrouwen en Kinderen aan de Universiteit Leiden.
    Georganiseerd door Felix Meritis en financieel mogelijk gemaakt door het vfonds.

    • appie b. broek zegt:

      ‘Zegveld meent dat burgers in oorlogstijd niet moeten worden gezien als probleem maar als bondgenoten, als ‘civilain ally’, alleen zo ontstaat er civiele samenleving.

      Ik weet niet uit welke tak van ‘wetenschap’ dergelijke ‘pseudo-wijsheid’ afkomstig is maar ik stel me zo voor dat een of ander, aan een Amerikaanse universiteit verbonden academica, zich hiermee in de picture van de redactie van een wetenschappelijk tijdschrift heeft gewerkt en zodoende deze gevaarlijke onzin de wereld is rondgegaan en er overal lieden, zoals L.Zegveld, dit gebruiken om hun ‘pacifistische’ praatjes enig cachet te geven.

      Want waarom zou een militair de burger als vijand zien; dat hangt helemaal van de situatie af. De ‘burgers’ in Indië waren over het algemeen maar wat blij met het optreden
      van de militairen om hen van de terroristen te bevrijden. Speciaal in Zuid-Celebes was men zeer dankbaar van de rampokkers bevrijd te zijn en het normale leven weer door kon gaan. Maar ja, dat zegt Liesbeth natuurlijk niet, die doet niet aan ‘waarheidsvinding’ maar gebruikt dergelijke nep-wetenschap om de Nederlandse overheid nog wat extra centjes uit de zak te kloppen. Maar ja, elk land krijgt de ‘professoren’ die het verdient, en dat is dus Liesbeth Zegveld!

      Zo’n dikke 60 jaar geleden had ik een tante die, ter compensatie van haar eigen kinderloosheid, pedagogie had gestudeerd en was ik, haar enig neefje, het proefkonijn voor alles wat zij op de universiteit had geleerd. Sindsdien heb ik een groot wantrouwen, en meestal terecht, tegenover alles dat ‘wetenschap’ heet. Mevrouw Zegveld, inclusief al haar titels, tante was ook dr., zeggen mij dan ook helemaal niets!

      Gelukkig was mijn vader zo wijs om zijn zuster te verbieden zich nog langer met mijn opvoeding te bemoeien en ik toch nog een min of meer ‘normaal’ mens heb kunnen worden.

      Er is echter goed nieuws uit Japan; in de jaren 80 van de vorige eeuw nog het voorbeeld voor onze eigen economie,:

      ‘Many social sciences and humanities faculties in Japan are to close after universities were ordered to ‘serve areas that better meet society needs.’

      Dat maakt de weg vrij voor ideeën en oplossingen waar de samenleving nu werkelijk mee geholpen is; het aan de kaak stellen van de leugens en laster vanuit ‘academische’ hoek m.b.t. het optreden van Nederlandse militairen in de jaren 1945-1950, bijvoorbeeld!

      • appie b. broek zegt:

        ‘Georganiseerd door Felix Meritis en financieel mogelijk gemaakt door het het vfonds’, lees ik aan het eind van het ‘stuk’ over Liesbeth Zegveld en net nadat ik mijn reactie verstuurd heb. Het ‘vfonds’, hoe bestaat het! Is dat niet het fonds bestemd voor veteranen maar in werkelijkheid groot begunstiger van de VARA en ‘geleid’ door FNV-voorzitter Ton Heerts. Doet enigszins denken aan de activiteiten van het KITLV en hun driedelige, 2194 pagina’s, boek over de Indonesische communistische ‘agent’ Tan Malakka, waar men o.l.v. directeur Harry Poeze, jaren aan gewerkt heeft en is betaald met Nederlands subsidiegeld!

        Voor 103.00 €, honderd en drie, bent u de eigenaar van deze door ‘Gekke Henkie’, gefinancierde uitgave.

  22. van den Broek zegt:

    Ach mevr. Aelle. Ik schrijf nu alles op uit het hoofd en dan kunnen er kleine fouten optreden zoals de Haags Rechtbank en niet de rechter die geoordeeld heeft over de Rawagedezaak. U heeft het over het Hof (gerechtshof?) , maar dat is weer een fout in de vertaling, maar ook een gebrek aan kennis van het Nederlands Rechtsysteem. Ik raadt U een link aan http://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RBSGR:2011:BS8793

    Daarnaast heeft U gelijk dat ik me volledig bezighoudt met niet-relevante zaken zoals het bovenstaande mijn woorden bevestigen en dat artikel in de Volkskrant waarnaar U op zoek bent. Ik heb dat artikel ook maar uit armen moede opgezocht ( ik dien toch op de argumentatie van de Ander in te gaan) en dat glunderen is toch de volledige voor rekening van de mallotige journalist, dei ook de weg kwijt is, dat heeft hij toch verzonnen, dat is toch de grootste onzin, daar gaat een normaal denkend mens (woorden van dhr van Geenen) niet op in laat staan dat een krantenartikel A.D. stenen tijdperk onderwerp van discussie is in een Rechtzaak zoals Rawagede).

    En wat Mvr. Zegveld betreft. Zij is een groot voorvechter van en specialist in de mensenrechten, zie Rawagede, Celebes, Molukse kapers en Srebrenica. Zij had Bersiapslachtoffers best effectief kunnen helpen, ik heb begrepen dat zij door enkele slachtoffers ook is gevraagd maar het schijnt dat zij geantwoord heeft dat zij twee partijen in dezelfde zaak (????) niet kan bijstaan/verdedigen. Opmerkelijk antwoord…. Maar als ik nalees wat vele Indischen op bepaalde blogs over haar geschreven hebben, dan zou ik in haar plaats de gifbeker ook voorbij laten gaan. Dat is toch wel jammer want zij had best een betrouwbare en geloofwaardige oplossing voor redenering Indonesische Staat -Pemoeda’s – Bersiapslachtoffers kunnen geven, dus niet over de schuldvraag danwel verantwoordelijkheid, maar hoe de lijn/redenering mbt de mensenrechten gevolgd dient te worden.. Zij zou hele zinnige dingen daarover kunnen zeggen die de Bersiapslachtoffers een oplossing kunnen geven om Recht te krijgen al dan niet voor een Rechter, daarvan ben ik overtuigd.

    Helaas, zij, de would-be woordvoerders en ervaringsdeskundigen die zich opwerpen voor de Bersiapslachtoffers, wentelen zich om in heilige verontwaardiging en kunnen ellenlang de oorlogsmisdaden gepleegd door SOMMIGE Nederlandse Militairen in de koloniale oorlog goedpraten een oplossing bieden voor de Bersiapslachtoffers ho maar. Om een voorbeeld te noemen de bersiaptijd zijn er meer vermisten (20.000 ???) dan doden (3.500 en meer)., ik kan me daarbij niets voorstellen en ik ben het verhaal ook niet tegengekomen, misschien is dat het oeverloos probleem van de aantallen. Het enige dat zeker is, is dat ze verdwenen/vermist zijn. Dat interesseert zeker die ervaringsdeskundigen niet hoe die vermisten ontstaan en die zijn toch ook ergens geregistreerd???

    Ik word er wel een beetje gallisch van om elke keer mensen te corrigeren. Dat is mijn taak niet, maar als ik keer op keer en veelal bij dezelfde mensen pertinente onjuistheden, vooroordelen, vastgeroeste mythes etc. tegenkom, ik veelal met redeneringen word geconfronteerd waarvan ik de juistheid betwijfel, ik weet het vaak niet zeker maar ga dat natrekken. dan slaat mij niet alleen de schrik om het hart, maar schaam mij als een goedgekeurde Indo, ik ben tenslotte opgegroeid in een schaamcultuur. Het is de ervaringsdeskundigen en hun generatie die zich daarvan rekenschap dienen te geven. We spreken over 70 jaar na dato en wat heeft het gebracht??

    Ikzelf ben van oorsprong geïnteresseerd in Indischen in WO2 (veelal Buitenkampers), Indischen in de koloniale oorlog en Indischen met de consequenties van de koloniale oorlog. Maar nu dien ik me ook bezig te houden met politionele acties in het algemeen en oorlogsmisdaden van Nederlandse militairen in het bijzonder. Wat heb ik als Indische daarmee te maken, dat is toch een Nederlands probleem? Dan blijken plotseling bakken vol Indischen te zijn die dat tot hun probleem maken. Of je daardoor meer Nederlander wordt.

  23. Jan A. Somers zegt:

    Waar oorlogen al dan niet kunnen beginnen!

  24. van den Broek zegt:

    Ik werd door dhr Keller (SiBo) attent gemaakt op een opmerking over de betrokkenheid van Indonesische officieren bij de Bersiapmoorden. Na enig gezoek stuit ik op een interessante scriptie:SOERABAJA IN DE VROEGE REVOLUTIE DE GEWELDDADIGHEDEN TEGEN NEDERLANDERS EN INDO-EUROPEANEN IN SOERABAJA HALVERWEGE OKTOBER 1945 door Gilles Bertus. Het is wel overzichtelijk geschreven, de ervaringsdeskundigen kunnen hun hart ophalen, NICA was niet zo erg geliefd bij de Indonesiers. Helaas wordt in deze scriptie geen opmerking gemaakt over deze betrokkenheid. De Historicus W. Frederick heeft de bedoelde opmerking gemaakt en ben nu op zoek naar de bron.

  25. Ælle zegt:

    Sorry, maar toch nog een allerlaatste aan-/invulling van de SAGA (oorsprong IIJsland) Rawagede, aka Rawahgedeh, aka Balongsari anno 2011, d.d., 19 september van de hand van Twan van den Brand.
    http://www.strafkolonie.nl/index.php?p=1_24_Rawagede-de-uitspraak
    Voor wiens PC kaduuk, sloom of in revisie is, kopieëer en plak ik hier alvast de tekst. (Om te bewaren?) Veel leesplezier!

    ~ William Roy Hodgson was een kleine man met een mank been, die voortdurend op een stok leunde. In zijn latere jaren althans. Het fysieke ongemak had hij te danken aan een Turkse (Ottomaanse) sluipschutter die hem in de heup raakte. Dat gebeurde in 1915, tijdens La Grand Guerre, toen de jonge twintiger met de Australische troepen in Egypte was geland.
    Kolonel Hodgson? Hoddy voor zijn vrienden? Nooit van gehoord, zegt u? Hij heeft Nederland pijn gedaan, ernstige pijn. Als de Australische gezant bij de Verenigde Naties haalde hij in december 1948 snoeihard uit. Het ging over Indonesië, waar de tweede politionele actie aan de gang was, de oorlog tegen de nationalisten van Soekarno. Hodgson, gekend vanwege een doorgaans weinig verhullend taalgebruik, uitgesproken met een rauwe stem: “Wat Nederland heeft gedaan tegenover Indonesië, is erger dan wat Hitler heeft gedaan tegenover Nederland.”
    Dat voelde, zo kort na de bevrijding, als een mokerslag. Na overleg met Den Haag besloot de Nederlandse VN-vertegenwoordiger Jan Herman van Roijen om niet te reageren. Althans om het te houden bij: “Deze vergelijking acht ik te diep beneden onze verachting om er op in te gaan”.
    Ik moest aan Hodgson, wijlen sinds 1958, denken vanwege de recente uitspraak in de zaak-Rawagede. De Haagse rechtbank oordeelde 64 jaar na datum dat zeven nabestaanden recht hebben op een schadevergoeding vanwege de massamoord in hun dorp. Daarbij kwamen tussen de 150 en 431 kampongbewoners om het leven, het hangt er maar vanaf waar je precies navraag doet.
    Het hoogste van de beide cijfers komt van Indonesische zijde. De 150 doden worden daarentegen gemeld in onder meer de Excessennota. Dat aantal is ontleend aan een rapport van een onderzoekscommisie van de Verenigde Naties, die de plaats des onheils bezocht, overigens in gezelschap van Nederlandse militairen.
    Begin 1948 bracht deze Commissie van Goede Diensten verslag uit. In februari kwam het aan de orde in de Veiligheidsraad. In de Excessennota wordt verwezen naar een verslag in de Nieuwe Rotterdamse Courant (NRC), later samengegaan met het Handelsblad, van 19 februari ‘48. Letterlijk citaat: “Verslag zitting Veiligheidsraad. Russ. Afgevaardigde Gromyko spreekt van Ned. Gruweldaden te Rawahgedeh, die vergeleken kunnen worden met optreden van Hitlerianen in bezette gebieden tijdens de tweede wereldoorlog.”
    Andrej Gromyko, later Sovjet-minister van buitenlandse zaken en altijd goed voor enig gegrom, ging getuige de NRC kolonel Hodgson dus voor in deze pijnlijke vergelijking.
    Executies
    Rawagede. Op 9 december 1947 trokken Nederlandse militairen het dorp binnen op zoek naar Lukas Kustario, een Indische onafhankelijkheidsstrijder. Tijdens een ondervraging hielden de dorpsbewoners vol dat hij niet in de buurt was. Waarop de slachting begon.
    De Excessennota meldt daar het volgende over: “Na een klacht van Republikeinse zijde is door waarnemers van de Commissie van Goede Diensten ter plaatse een onderzoek ingesteld. Het waarnemingsteam komt (…) tot de conclusie dat zich in het betrokken gebied een terroristische ondergrondse beweging had ontwikkeld (…) De tegen Rawahgedeh gerichte actie van de Nederlandse troepen werd in het rapport niettemin ‘deliberate and ruthless’ genoemd. O.a. was immers van Nederlandse zijde – na een aanvankelijke ontkenning – toegegeven dat enkele gevangenen na ondervraging zonder vorm van proces waren doodgeschoten, hoewel tijdens en na de actie, die volgens Nederlandse opgave in totaal 150 Indonesiërs het leven kostte, geen wapens in de kampong waren aangetroffen (…).”
    Deliberate and ruthless, opzettelijk en meedogenloos. De nota meldt tevens dat de officier die de leiding had over ‘de executie van de – in totaal ongeveer twintig – gevangenen’, niet is vervolgd ‘uit overwegingen van opportuniteit’. Majoor Alphons Wijnen wordt niet met name genoemd.
    Twee maten
    Koos van Dam, voormalig ambassadeur in Indonesië, maakte in 2008 excuses aan de bevolking van Rawagede. Dat was tegen de zin van zijn bazen in Den Haag. Hij vermoedde dat zij bij een openlijke knieval bang waren voor schadeclaims.
    In een interview met de Volkskrant geeft Van Dam aan dat je weliswaar een streep kunt zetten onder een conflict, maar het verleden niet mag vergeten. “Ik vrees dat we in Nederland met twee maten meten. Als we kijken naar andere volkeren zoals de Japanners of de Duitsers, dan eisen we excuus en schadevergoeding, maar veel Nederlanders willen onze koloniale geschiedenis en de negatieve kant daarvan niet kennen.”
    De nabestaanden van Rawagede werden in hun juridisch gevecht voor schadeloosstelling bijgestaan door Liesbeth Zegveld. Die advocaat en hoogleraar zei eerder dit jaar in dezelfde Volkskrant het volgende: “Laatst werd ik gebeld over een film over Nederlandse interneringskampen in de periode 1940-1947, waar duizenden mensen hebben vastgezeten: NSB’ers uit Indië, Duitsers uit Suriname. Het is geschiedkundig een interessant onderwerp, omdat het te maken heeft met de verwerking van ons verleden. Maar geen oud-generaal of oud-politicus die bereid is er iets over te zeggen. Men is bang de vingers te branden, bang dat er een claim uit voortkomt.”
    Het aantal van duizenden is overdreven tenminste als het alleen over de NSB’ers en Duitsers gaat. Haar uitspraak sloeg onder meer op Jodensavanne, de strafkolonie in Suriname waar 146 vermeende leden van de Indische NSB vastzaten. Zonder vorm van proces verscheept naar het andere eind van de wereld, een deel van hen nooit lid geweest van die partij. Twee mannen werden door Nederlandse militairen koelbloedig geëxecuteerd, zes anderen overleefden het kamp evenmin.
    De gevangenen noch hun nabestaanden hebben ooit een excuus gekregen van de Nederlandse regering. Bang voor claims? In de jaren ’90 bracht toenmalig minister van Defensie Joris Voorhoeve een bezoek aan Guus Besier, de advocaat van enkele ex-gevangenen. Wat er in Jodensavanne was gebeurd, kreeg van Voorhoeve de kwalificatie: “Schandalige gebeurtenissen die het zelfbeeld van de Nederlanders beschadigen”. Besier, inmiddels overleden, berichtte aan zijn cliënten dat hiermee ‘het uiterst mogelijke’ was losgepeuterd van de Nederlandse regering.
    Had hij nog geleefd, de advocaat zou het roerend eens zijn geweest met oud-ambassadeur Van Dam. Een streep kun je zetten, het verleden mag je niet vergeten. Maar op zijn idee dat het maximale aan excuus was bereikt in Den Haag zou hij terugkomen na de uitspraak in de zaak-Rawagede, ook al is die vanwege mitsen en maren niet zonder meer aan andere drama’s te verbinden.

    • Ælle zegt:

      ~ Hodgson, gekend vanwege een doorgaans weinig verhullend taalgebruik, uitgesproken met een rauwe stem: “Wat Nederland heeft gedaan tegenover Indonesië, is erger dan wat Hitler heeft gedaan tegenover Nederland/letterlijk: ….even worse than what Hitler did to the Netherlands in 1940′”.
      Ik las ergens dat hij alcoholist was (Whisky; om de pijn in zijn been te verdoven zogenaamd) en we weten dat dronkaards en kinderen de waarheid zeggen.

      • appie b. broek zegt:

        ‘Hodgson’? De naam kwam me bekend voor en na enig ‘gezoek’ had ik ‘m te pakken:

        ‘En moest deze wereld-opinie zich enkele jaren na die tweede wereldoorlog dan zo laten ringeloren en verdringen door de vuige taal en laster van de ruige Australische colonel Hodgson? Dat pleit zeker niet voor de wereldopinie, want beledigende taal van iemand van de standing van ‘colonel’ Hodgson betekent voor de beledigde partij evident een compliment.

        ‘Na Englandspiel Indonesienspiel? F.H.Krijsman pag. 2

    • appie b. broek zegt:

      Voor dat men weer de archieven induikt om daar uit correspondentie, rapporten enz. ‘nieuwe’ feiten op te duikelen, is het misschien goed om van het volgende kennis te nemen;

      ‘Jonge Amerikaanse en Australische officieren, aangewezen als militaire waarnemers voor de Verenigde Naties, zijn er van overtuigd dat hun feitelijke rapporten werden verdraaid, voordat ze naar Washington, Canberra en Lake Succes werden doorgegeven. Zij zeggen dat het doelloos is anti-Republikeinse of pro-Nederlandse rapporten in te sturen.”

      Dit schreef de Amerikaanse journalist S.Burton Heath in een postuum verschenen artikel over zijn bezoek, in het gezelschap van 14 andere journalisten, aan Indonesië in de zomer van 1949, waarbij zij erachter waren gekomen hoe eenzijdig het Amerikaanse publiek werd voorgelicht omtrent de werkelijke toestand in Indonesië.

      Een collega, eveneens omgekomen bij de crash met het KLM-toestel ‘Franeker te Bombay, William H.Newton, schrijft hierover:

      ‘Amerikaanse waarnemers die de Verenigde Naties hier vertegenwoordigen, verklaren dat zij niet in staat zijn objectieve rapporten betreffende de situatie in Indonesië te zenden, noch aan de Verenigde Naties, noch aan de regering der Verenigde Staten. In plaats hiervan worden hun rapporten ‘samengevat’ of verdraaid ten bate van de Republikeinse zaak, zeggen zij”

      ik vertel niets nieuws; bovendien is de VN nog even corrupt als dat ze toen was. Zie o.a.’Darfur’.

      Meer gegevens over de trip van Amerikaanse journalisten naar Indonesië en het ‘ongeluk’ waarbij 13, van de 15, van hen om het leven kwamen in het boek ‘De crash van de Franeker’ en de brochure ‘Laatste Getuigenis’ Amsterdam 1949.

      • appie b. broek zegt:

        “Deze rapporten gaan door de handen van de Australische Brigadier C.E.Prior en de Amerikaanse kolonel W.B.Carlock, tot wier verantwoordelijkheid het behoort deze rapporten samen te vatten tot een homogeen beeld van wat er gebeurt.”

        Dit is het vervolg op hetgeen hierboven door de journalist Burton Heath over het ‘bewerken’ van de Indonesische VN.Rapporten zegt. Komt van pas bij het beoordelen van het VN rapport over Rawagede waar het optreden van de Nederlanders ‘opzettelijk en meedogenloos’ wordt genoemd. En dan te bedenken dat het onderzoek van de ‘Commissie van Goede Diensten (VN) een maand na de feitelijke gebeurtenissen plaats vond.

      • RLMertens zegt:

        @appieb.broek; De Laatste Getuigenis uitgave De Vrije Amsterdammer, orgaan van de VVD, Amsterdam sept.1949; De beschouwingen zijn allemaal (toeval ?)Batavia, dd.juli 1949 gedateerd. Dus na de wapen stilstand, de dood van gen.Spoor op 25 mei 1949 en nadat op last van de VN Djokja dd.30 juni 1949 door de (gedesillusioneerde) Nederlandse troepen ontruimd moest worden!
        Een brochure vol van waarschuwingen/aantijgingen, na inzet/propaganda van de Nederlandse Voorlichtingsdienst voor het Communistische gevaar, dat de westerse alliantie kan treffen indien er niet een ‘standvastige regering’ wordt gevestigd.
        Was dit nou niet toen al; ‘als mosterd na de maaltijd?’. En nu na 70 jaar na dato er mee voor de dag komen? Waarheidsvinding voor het archief (van koloniale adepten)?

  26. Surya Atmadja zegt:

    “NICA was niet zo erg geliefd bij de Indonesiers”
    ===================================================================
    Was bijna synoniem aan mata-mata ( spionnen) , de voorhoede van de terug gekeerde bezetters .
    De Indonesiers hebben bloedhekel aan de Anjing Nica .
    Letterlijk vertaald : de NICA Honden.

    Bussemaker :Hij richt zijn aandacht voornamelijk op het gebrek aan leiderschap en de gemeenschappelijke drang naar vrijheid om het bloederige fanatisme te duiden(.5)
    In de chaos en de toegestroomde vrijwilligers uit de regio! na de oproep van de geestelijke leiders konden de BPRI,BKR de situatie niet meer beheersen.
    Sommige leiders van de PRI en zelfs Bung Tomo werd opgepakt door de MOBS( Hario Kecik schreef over de rol v.d mobs) .
    Van de bijna 100-120.000 strijders kwamen bijna 90.000 uit de regio die niet onder de controle van PRI of BKR, BPRI staan.

    Staat ook :*
    *Uiteindelijk konden enkele BKR officiëren en Bung Tomo een einde maken aan de slachting.

    *Een van de belangrijkste vragen die bij deze gebeurtenis opkomt is of de gevangennemingen al dan niet centraal zijn aangestuurd. Kwam de opdracht tot arrestatie misschien zelfs vanuit Jakarta?
    Opmerking : De lijn tussen Djakarta en Surabaja is lang en er was afspraken gemaakt over decentralisatie.
    Dus toen Sukarno cs in Surabaya aankwam om te bemiddelen was zijn missie eigenlijk niet gelukt.
    * Frederick en Cribb(?) hadden over “sociale”revolutie , opstand van de arme bevolking tegen de regering/autoriteiten( lurah, of foute ambtenaren die met de Nederlanders collaboreren .
    Volksverraders.)
    Opmerking : het is niet helemaal juist, want de hele toplaag nationale leiders , prijaji’s blijven gewoon op hun post en de zijde van de Republik gekozen.
    Gilles Bertus en vele historici vergeten(?) te melden over de invloed van Amir Sjarifudin ( ex Komintern groep) .
    Bung Tomo kwam naar Djakarta om A.Sjarifudin te spreken (bron G.Bertus) waar hij geconfronteerd werd door de acties van Nederlandse zijde .

    * De opstand in Surabaya was in de eerste instantie gericht tegen de komst van de Engelsen, is te beluisteren in de bekende radio oproep van Bung Tomo.
    Het aanroepen van Allah , met de takbir Allahuakbar is geinspireerd door de oproep en besluit van de Moslim leiders( Masjumi) .
    Dat werd ook niet vermeld door Westerse bronnen (tenminste heb ik nog niet gelezen.)

    *Hierin komt van Wulfften Pathe dus net als Colombijn en Lindblad uit bij diepere structuren in de Indonesische cultuur die het geweld.
    Opmerking: hoe zit het dan met de overleg cultuur van middels van musyawrah (overleg) te komen tot mufakat(beslissing).

    *De Polisi Istimewa van Surabaya was onder leiding van Inspecteur(?) M Jasin , ze waren de ex Mobile Brigade.

  27. Ælle zegt:

    Omdat ik geen verstand heb van het begrip NICA, heb ik het archief van Afscheid van Indië geraadpleegd.
    NICA, Netherlands Indies Civil Administration
    Op 3 april 1944 wordt in Australië de Netherlands Indies Civil Administration (NICA) opgericht. De organisatie is verantwoordelijk voor het burgerlijk bestuur en de rechtspraak in de Nederlands-Indische gebieden die op de Japanners heroverd worden. De NICA houdt zich bezig met het herstel van het Nederlandse gezag totdat de gebieden worden overgedragen aan de Nederlandse regering. De organisatie vormt de schakel tussen de Nederlands-Indische regering en het geallieerde opperbevel in het bevelsgebied van de South West Pacific Area (SWPA). Het personeel van de NICA is militair of gemilitariseerd en draagt een uniform. Luitenant-gouverneur-generaal H.J. van Mook en generaal Douglas MacArthur, opperbevelhebber SWPA, komen begin 1944 overeen dat de Amerikaanse troepen in de heroverde gebieden van Nederlands-Indië voor de bestuurstaken de NICA inzetten. Door politieke tegenstand van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken – dat wil dat Nederland zich vastlegt op een datum waarop de kolonie onafhankelijkheid of volledige autonomie krijgt – duurt het tot 10 december 1944 voordat de Van Mook-MacArthur Civil Affairs Agreement wordt ondertekend.
    In april 1944 gaan de eerste NICA-detachementen aan land in Hollandia (Nieuw-Guinea). De algemene leiding is in handen van kolonel C. Giebel die de rang heeft van Staff Officer Nica (SONICA). Elk detachement staat onder leiding van een Commanding Officer Nica (CONICA) die belast is met het plaatselijke bestuur. Omdat de op 10 mei 1940 ingevoerde staat van beleg nog steeds van kracht is, heeft een CONICA de bevoegdheid noodmaatregelen (verordeningen van het militair gezag) uit de vaardigen. Vóór de capitulatie van Japan landen Nica-eenheden alleen in Nieuw-Guinea (Hollandia, Biak, Noemfoer en Manokwari), de Molukken (Morotai) en Borneo (Tarakan en Balikpapan).
    De Amerikaanse bevoorrading aan de NICA valt nagenoeg stil als bekend wordt dat na 15 augustus 1945 Nederlands-Indië (minus Sumatra) naar het bevelsgebied van SEAC wordt overgeheveld. Ook de bevoorrading van de 250 voor Java geplande NICA-detachementen levert problemen op. De herbezetting van Sumatra, Java, Bali en Lombok is nu een Britse verantwoordelijkheid. De herbezetting van Borneo, Celebes, de Molukken en de andere eilanden in Oost-Indonesië een Australische. Op 24 augustus wordt daarom met de Britten een nieuwe Civil Affairs Agreement gesloten. In september 1945 komen de eerste NICA-vertegenwoordigers aan in Batavia. Omdat door de Indonesiërs fel reageren op de komst van de NICA (en de naam Netherlands Indies) wordt in januari 1946 de naam gewijzigd in AMACAB (Allied Military Adminstration-Civil Affairs Branch). Ondanks haar naam bestaat de organisatie volledig uit Nederlands-Indische ambtenaren.

    • Ælle zegt:

      Hilarisch, dat Franssprekenden zich nu ook interesseren in ‘ons’ verleden.
      https://asialyst.com/fr/2015/08/20/indonesie-les-premieres-annees-de-l-independance/

      Les Néerlandais, de leur côté, entendent récupérer leur colonie. Dès novembre, ils réoccupent l’archipel. Un conflit à la fois politique, militaire et diplomatique va opposer l’administration qu’ils mettent en place, la NICA (Nederlands Indië Civil Administratie, « administration civile des Indes néerlandaises »), aux autorités de la jeune république d’Indonésie.

      • Ælle zegt:

        Wat Anda Djoehana Wiradikarta schrijft over de Nederlanders mbt de taal in Indonesië is voor Franssprekenden zeker interessant.
        ~ Ils (Hij noemt ze hier de Hollanders) utilisent le malais pour certains aspects de leur administration des territoires dont ils prennent le contrôle : d’abord pour diffuser le christianisme, puis comme langue d’enseignement dans les écoles chrétiennes. Plus généralement, les Néerlandais communiquent avec la population indigène en malais. Ce dernier devient officiellement la deuxième langue d’administration en 1865, aux côtés du néerlandais.
        Hier worden les Hollandais weer Nederlanders genoemd.
        ~ Les Néerlandais qualifiaient le malais de « langue simple, enfantine »*. Néanmoins en 1900, il existe déjà une presse et une littérature en malais bien vivantes. Le mouvement national donne naissance dans les années 1930 à une littérature moderne qui se veut « indonésienne » et non plus « malaise ». Pendant l’occupation japonaise (1942-1945), l’usage des langues européennes est interdit et celui de l’indonésien encouragé, ce qui favorise le développement de ce dernier. Avec la proclamation de l’indépendance en 1945, l’indonésien peut prendre son essor comme langue nationale.

        Hoe partijdig/biaisé kan en mag een journalist/schrijver zijn?!

    • Surya Atmadja zegt:

      Omdat door de Indonesiërs fel reageren op de komst van de NICA (en de naam Netherlands Indies) wordt in januari 1946 de naam gewijzigd in AMACAB (Allied Military Adminstration-Civil Affairs Branch). Ondanks haar naam bestaat de organisatie volledig uit Nederlands-Indische ambtenaren.
      =======================================================
      Zou de allergische reactie van de Indonesiers en beschuldiging dat de Nederlanders meeliften( mengGONTJENG) met de de SEKUTU (Geallieerden) hierdoor verklaard kunnen worden ?
      Zelfs mijn ouwe heer, een softie (sorry pa)was ook niet zo erg te spreken over de NICA .

      • Jan A. Somers zegt:

        Het is een beetje anders. De NICA was de tijdelijke verbinding tussen het Indische bestuur in Australië en SWPA. MacArthur maakte daar graag gebruik van. Na 15 augustus was het onderdeel van SEAC geworden. Toen tot overdracht van SEAC aan het Indische bestuur was besloten was ‘Civil Administration’ in NICA onbruikbaar door het herstel van de Indische regering. SEAC was nog het tijdelijke militaire bestuur, en dat vind je bij AMACAB terug in Allied Military Adminstration, en daarvan de burgerlijke zaken Civil Affairs Branch. AMACAB was in tegenstelling tot NICA dus een Engels orgaan binnen SEAC. Uiteraard waren het Nederlandse ambtenaren, Engelsen wisten niks van het Indisch bestuur. mata-mata ( spionnen) was natuurlijk helemaal verkeerd, het waren geen spionnen, het was gewoon Indisch bestuur. En de andjing NICA waren niet de ambtenaren van NICA maar de KNIL-militairen die onder gezag van het bestuur (NICA) stonden. Ook dat begrip ‘meeliften’ met de geallieerden is natuurlijk vreemd. SEAC had het tijdelijk (militair) gezag. Daar hadden ze geen troepen genoeg voor, dus werden beschikbare KNIL-eenheden ingezet onder SEAC-commando. Kleine eenheden in Batavia, en de eenheden uit Australië in Borneo en de Grote Oost. Deze laatsten kwamen onder gezag van de Indische regering. Dat gezag was door Australië aan het Indische bestuur overgedragen.

  28. Surya Atmadja zegt:

    Anda Djoehana Wiradikarta was born in Paris from Dutch-speaking Indonesian parents. His first language was Dutch and he is a native speaker in both French and Indonesian. He has also learned German.
    ========================================================
    Is hij een zoon ? van Prof.Dr Raden Moehamad Djoehana Wiradikarta (born 18 September 1896 in Bandung, Indonesia – died in 1986 in Bandung) was a professor in microbiology and serology at the Bandung Institute of Technology and the faculty of medicine at Padjadjaran University, also in Bandung.
    Djoehana was born in what was the Dutch East Indies. His father, Raden Rangga Wiradikarta, was wedana (“subdistrict head”) of Majalaya south of Bandung, and belonged to the Sundanese nobility, as his mother was.
    ——
    Die zal wel een lange stamboom/silsilah hebben.

  29. van den Broek zegt:

    Al die afkortingen zijn wel aardig, de organisatie zag er op papier mooi uit maar wat hebben de Nederlandse instanties gedaan voor de mensen in en buiten de kampen. Ik lees wel dat een kolonel (aanspreektitel) Huyer aan crisisbeheersing deed en de puinhoop werd alleen maar groter. Het zijn toch de Engelsen die voor de bescherming van de kampen zorgen,en ik spreek niet over de beschermingskampen van de Republikeinen, immer een punt van discussie in Indische kringen. Ik bestudeer wat literatuur en mijn eerste indrukken zijn dat ik steeds meer begin te begrijpen waarom de ltnt-GG van Mook weinig woorden vuil maakt aan de Bersiapslachtoffers, laat staan dat andere Nederlandse instanties daar wat aan doen, hoog in het vaandel staat Order en Rust handhaven.

  30. van den Broek zegt:

    Ik vind op psychotraumanet.org ” ‘Redt hen, zij vergaan’: de opvang van de burgergeïnterneerden in Indië na de Japanse capitulatie (15 augustus 1945 -15 april 1946) volgende uitspraak:………Tevens besloot de Britse generaal Christison eind oktober de zo gehate NICA te vervangen door een geallieerde bestuursorganisatie, de Allied Military Administration Civil Affairs Branch (AMACAB). Deze organisatie zou onder meer belast worden met de distributie van goederen en het opzetten van welzijnsdiensten in de sleutelgebieden24, en zou op korte termijn de taken van de RAPWI over moeten nemen….
    dat zegt toch iets anders dan hetgeen hierboven staat. Misschien veranderen de namen maar de poppetjes blijven hetzelfde.

    Apropos de uitspraak is van Dr. Elly Touwen-Bouwsma, antropologe, zij is hoofd van de Indische Afdeling van het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie RIOD.

    • Jan A. Somers zegt:

      Christison had niks te vervangen, en al helemaal niet een Nederlands orgaan. Het waren inderdaad steeds dezelfde poppetjes, maar de doelstellingen veranderden steeds. Eigenlijk waren er nauwelijks doelstellingen, er werd gehandeld zoals het nuttig leek. Ik zal proberen het op een rijtje te zetten, het rijtje is wel goed, maar de chaos bleef.
      Nica was een orgaan van de Indische regering in Australië als verbinding met SWPA. MacArthur beschouwde NICA voor Nederlandse civiele aangelegenheden in geallieerd gebied als een passend orgaan, de samenwerking verliep vlot. Dit hield op op 15 augustus 1945 toe we onder SEAC kwamen. NICA werd toen buiten Nederland om ondergeschikt (niet als verbindingsorgaan!) aan de Britse Director of Civil Affairs waardoor in Indië slechts kon worden opgetreden na overeenstemming met SEAC. Volgens mij werd NICA door de Britten toen alleen in Borneo en de Grote Oost gezien als lokaal bestuursorgaan van de Indische regering. Begin 1946 werd overeenstemming bereikt over de terugkeer van het Nederlandse gezag waardoor het orgaan NICA geen bestaansrecht meer had,. Nederland speelde toen weer mee, maar dat bestuur (NICA) moest dan wel worden losgeweekt van SEAC. Maar waar laat je RAPWI dan, dat was een orgaan van SEAC waar Indië ook gebruik van maakte. De kunstgreep was dat civiele activiteiten werd losgemaakt van het 100% Britse SEAC. Daarvoor werd een geallieerd (dus Engels-Nederlands) orgaan bedacht: Allied Military Administration Civil Affairs Branch. De Indische opvangactiviteiten voor gevangenen waren al onder de RAPWI geplaatst, en tussen 24 januari en 15 april 1946 werden de RAPWI-afdelingen opgeheven, en hun civiele taken ondergebracht bij die AMACAB. Sorry, ik kan alleen de formele ontwikkelingen weergeven, in de werkelijkheid leverde het steeds verwisselen van petten en verantwoordelijkheden nogal wat gedoe op. Zelf maak ik daarom af en toe ook fouten in mijn verhaal. Hoe ingewikkeld het was? In april 1946 was RAPWI feitelijk al opgeheven, Maar mijn vader kon in juni pas met recuperatieverlof na indicatie van een RAPWI-arts!!! En dat gold voor mijn moeder en zus ook in juli nog!

      • RLMertens zegt:

        @Somers; ‘Christison had niks te vervangen en al helemaal niet een Nederlands orgaan’.Nou, nou hr.Somers wat wrevelig opgemerkt ….. Eigenlijk is het absurd, dat niet een Nederlands onderdeel bv.mariniers niet is toegevoegd aan de intocht van de geallieerden in Batavia ipv. een civiele Nica onderdeel.(zoals ook gen.de Gaulle als Frans onderdeel bij de intocht in Parijs) Een blunder van onze legerleiding/ politiek beleid mi. Vandaar dat de Republiek helemaal niet onder de indruk was van ons Nederlands gedoe… en al helemaal niet bij Christison.

      • Jan A. Somers zegt:

        Intocht? Die Nederlandse mariniers zaten nog in de VS. En er was geen sprake van geallieerden, SEAC was een 100% Britse tijdelijke militaire gezagsmacht. Geen bezigheid voor Nederlandse legerleiding en politiek. Net zo min als Nederlandse legerleiding en politiek in Nederland rond 5 mei 1945. Intocht? Op 29 september aankomst en ontscheping van een bataljon (800 man) Seaforth Highlanders versterkt met een kleine eenheid (200 man) KNIL. Daarvóór al, op 16 september, de aankomst per vliegtuig van NICA-functionarissen onder leiding van kolonel Abdoelkadir Widjojoatmodjo. (NICA was ondergeschikt aan SEAC!) Op 2 oktober arriveerde per vliegtuig van Mook en zijn staf in Batavia en nam zijn intrek op het Koningsplein, zoals voorheen. Gewoon, rustig, zonder poeha. Op 4 oktober aankomst van de Van Heutsz met hulpgoederen, militair personeel en NICA-functionarissen. Allemaal rustig zonder poeha, intocht e.d. Maar als u dat mist: binnenkort in Nederland wel een intocht, Sinterklaas. Kunnen we ons weer lekker druk maken over Zwarte Piet. Gezegend dit land waar de mensen zich druk maken over Zwarte Piet (met zo nodig politionele acties), ( en ook bang zijn dat vluchtelingen onze kuise dochters zullen aanranden).

      • RLMertens zegt:

        @Somers. ‘Mariniers zaten nog in de VS. Waarom? Indië moest toch bevrijd worden? Geen bezigheid voor voor de Nederlandse politiek’? Nederlands Indië was/is toch toen nog Nederlands grondgebied. Niet urgent voor ons beleid in het Oosten?
        Deze politieke nalatigheid heeft zeker mi. parten gespeeld/ prestige verlies etc.
        Wederom ‘een stap te laat’. Wij moesten het maar met de Britten doen, en met; ‘eens komt de dag dat Neerland zal herrijzen’. Waarbij wij hen(de Britten) van ‘slapheid’ betichten. Wij verloren Indië door de Britten, die waren altijd al jaloers op ons Indië etc.
        (achteraf) Wat een onzin.

      • Jan A. Somers zegt:

        “Mariniers zaten nog in de VS. Waarom” Heel eenvoudig, OVWers die pas in 1945 aan hun opleiding waren begonnen en waren ingedeeld om met MacArthur begin 1946 tegen de Japanners te vechten (de atoombommen waren tijdens de conferentie van Jalta nog niet in zicht!). Je bent niet in een paar maanden marinier!
        “Nederlands Indië was/is toch toen nog Nederlands grondgebied.” Ja zeker. Maar voor de afwikkeling van de oorlogssituatie waaronder snelle opsporing en in veiligheid brengen van gevangenen was het militaire gezag in de Pacific tijdelijk ondergebracht bij MacArthur en Mountbatten. Dat gold ook voor Frans Indochina, Siam, Birma enz. Conferenties van Jalta en Potsdam. In Nederland was het tijdelijk militair gezag in mei 1945 ook even ondergebracht bij de Engelsen. En via het Nederlandse leger totdat het civiele bestuur het gezag weer kon overnemen. En Duitsland was ook Duits grondgebied, onder tijdelijk militair gezag van de vier grote mogendheden.
        “Geen bezigheid voor voor de Nederlandse politiek’? ” Maar wel voor het Indische bestuur dat eerst nog orde op civiele zaken moest stellen. Als er in de Japanse capitulatievoorwaarden terugkeer naar de vooroorlogse status quo is gesteld, dan moet daar wel aan worden gewerkt. Dat is door Van Mook c.s. begonnen tot dat het gezag van de Engelsen half maart 1946 kon worden overgenomen. En dat we de Engelsen alle rottigheid in de schoenen schoven is heel normaal, iemand (niet ik, maar de ander) moet de schuld krijgen. Maar ik ben toch maar fijn door die Engelsen bevrijd! En onthaald op de Princess Beatrix (onder Engelse vlag! zie oude Javapost)

      • RLMertens zegt:

        @Somers. Nederland werd in Mei 1945 bevrijd. ‘En nu Indië was de slogan’. Waarom dan niet meteen een Nederlands onderdeel (bv.Pr.Irene brigade, Knil onderdeel dat Hollandia, Nw.Guinea herbezette) door sturen naar de Oost om zich onder de hoede te stellen van de Geallieerden? Wie dan ook. Om in elk geval in Batavia aanwezig te zijn bij de intocht ( dus niet dat halve gedoe met Nica). Ik denk eerder dat onze politieke/leger leiding niet doortastend genoeg is geweest. Toen van Mook zijn intrek nam in het op het Koningsplein met de Hollandse driekleur in top , werd hem 2 Britse schildwachten ter beschikking gesteld(!) En dan nog ‘poeha hebben/maken om niet met de Republiek( Soekarno) te willen spreken etc. Geen wonder dat Christison geen hoge dunk had van die Dutchies. En nog minder zin had om in een confrontatie, tbv. Nederland, met de Republiek.
        En wij, als een ‘echte Hollandse Sint, de Britten de zwarte Piet toespelen’.

      • Jan A. Somers zegt:

        “in Batavia aanwezig te zijn bij de intocht ” Wij, Nederlanders, zijn niet zo protserig met intochten e.d. Die Prinses Irenebrigade stelde niet zoveel voor, de OVW-ers uit het vroeg bezette zuiden mochten van het geallieerde hoofdkwartier ook niet worden uitgezonden, zij waren in Europa zelf nodig. En de Nederlandse maritieme transportcapaciteit bleef geblokkeerd in de geallieerde transportpool. Als je als klein land weinig inbrengt in de geallieerde inspanningen, ben je uiteraard ook afhankelijk van de grote geallieerden. Dat kleine beetje KNIL in Nieuw-Guinea en Australië diende om in de hele Grote Oost + Borneo (een enorm gebied!) het gezag van de Australiërs over te nemen. En daar bleef het dan ook rustig. Maar te weinig capaciteit voor een show in Batavia. Waarom zou ja dat ook doen? De intochten in Nederland gebeurden ook door onze geallieerde bevrijders.
        ” met de Hollandse driekleur in top ” Ja, dat is gebruik bij dit soort gebouwen. En die schildwachten ook. Daar was SEAC verantwoordelijk voor, die was belast met het tijdelijk gezag. In Nederland wordt ook gevlagd op de woning en werkpaleis van de koning. En je moet je melden bij de Marechaussee die op wacht staat. Wij doen niet aan shows met schildwachten. Hooguit wat als burger gecamoufleerde agenten. Bij de Indonesische ambassade in Den Haag hangt ook het rood/wit. En zo nodig dat witte politiehokje, met Nederlandse (geen Indonesische) politie er in. Nederland is verantwoordelijk voor de veiligheid van de ambassade.
        “nog ‘poeha hebben/maken om niet met de Republiek( Soekarno) te willen spreken” Als in Nederland de collaborateurs terecht staan, zelfs met enkele doodstraffen, kun je in Indië niet met collaborateurs doen of je neus bloedt. Dan worden in Nederland alle collaborateurs vrijgesproken! Sjahrir heeft Soekarno hierover aangesproken, en Soekarno begreep dat heel goed. Hij heeft er volgens mij ook geen probleem van gemaakt, Sjahrir werd als onderhandelaar naar voren geschoven, en dat was een goede keus. Er werd dus wel degelijk met de republiek gesproken, na kennismaking op de Hoge Veluwe. (en eerder al door Van Mook in Batavia.) Er was wel de mythe dat Soekarno samen met koningin Wilhelmina de kwestie wilde regelen, als staatshoofden onder elkaar. Als dat waar zou zijn is dat wel een leuke, maar ook een vreemde gedachte. Staatshoofden onderhandelen niet, zij zijn onschendbaar.

      • RLMertens zegt:

        @Somers. -De discussie is; ‘waarom Nederland als bezitter/bezetter van Indië zo ‘afwezig was na de bevrijding’. Indië was toch prioriteit(!), na de bevrijding van Nederland? Waarom dan niet, na het debacle met Japan( prestige verlies bij de Inheemsen) ‘alles op alles’ zetten zich ‘alles overwinnaar onder de geallieerden’ te presenteren bij de intocht van Batavia. Hebben politiek/legerleiding dit overwogen? En bij de geallieerden er niet op aangedrongen? Geen bezigheid voor onze politiek/legerleiding?Of was men inderdaad bang voor een confrontatie met de Republiek? Met zekerheid is te stellen dat door de radio uitzending dd. sept.1944 van Soekarno rechtstreeks tot onze regering in Australië, dat Indonesië alles in het werk zal stellen het te voorkomen en dus op hoogte was van eea. Ook door de mislukte missies/landingen( verraad/gedood) in bezet Indië, wist men dat de Indonesiër niet meer gebrand was op ‘her kolonisatie’. De legerleiding hield al rekening met een te voeren oorlog à la Atjeh of Java oorlog. Mi. dacht/ vertrouwde/hoopte onze regering meer( door het agreement) dat dit via de Geallieerden makkelijker te bereiken was. De Britten doorzagen dit en vertrokken. En Nederland moest zijn ‘eigen klusje'( dat Republiekje) opknappen.
        -Soekarno een collaborateur noemen is natuurlijk een farce! Een onderdrukte onderdaan/inlander,die indertijd door/voor zijn mening zelfs werd verbannen/ in het gevang werd gezet te vergelijken met een Nederlander die collaboreert was een aantijging(!) Een (zware/kassar=groffe) belediging rechtstreeks tegen ‘de ziel van de Inlander’. Waardoor -Belanda haat (amok) opkwam en mi. ‘bersiap werd ingeluid’.
        note; mi. heeft het hele Nederlandse bestuur(!) tijdens de Duitse bezetting met de Nazi’s gecollaboreerd= samen gewerkt. Het kon toch niet anders? Zo ook Soekarno ivm. zijn bevrijding van Indonesië!

      • Jan A. Somers zegt:

        Eigenlijk hoef ik geen discussie meer. Er is al zoveel over geschreven dat ik het niet meer kon bijbenen. Uw vragen aan mij kunt u dan ook beter daar beantwoord zien. Hoef ik mijn grijze plaat niet meer op te poetsen.

  31. Surya Atmadja zegt:

    Daarvóór al, op 16 september, de aankomst per vliegtuig van NICA-functionarissen onder leiding van kolonel Abdoelkadir Widjojoatmodjo.
    ============================================
    Kol (Raden) Abdoelkadir Widjojoatmoda , als hij een Sundanees was zou hij Abdoelkadir Widjajaatmadja heten.
    Hij tipte zijn baas ( Van Mook) over de veranderde politieke situatie op Java .
    Dat zijn landgenoten ( hij schijnt 7 broers te hebben) en een rondreis had gemaakt om de politieke situatie te verkennen op Java .

    • Jan A. Somers zegt:

      Ik heb die naam ook maar uit een rapport, ik weet dus niet of hij een Soendanees was. In Nederland het verschil tussen Jansen met één s of twee ss-en.

  32. Surya Atmadja zegt:

    Hij is niet echt populair bij sommige Indonesiers.
    Toen hij in Yogya kwam werd hij de omstanders (mss mobs ?)bespuugd en kreeg bagger over zich heen.Hij is een Javaan.
    Als “Indonesier”kan je het niet maken om de hoofd ? van NICA te zijn .
    M.a.w de belangen van Nederland te dienen.

    Weet nog dat mijn ouders(vooral mijn vader) heel blij was om hun oude schoolgenoot en gezin te ontmoeten in Amsterdam (bij ons huis) te ontmoeten.
    Mijn vader Indonesische ambtenaar , hun vriend was hals over kop Indonesia had verlaten, hij zat bij de Nefis.

    • Jan A. Somers zegt:

      “Als “Indonesier”kan je het niet maken om de hoofd ? van NICA te zijn .” Ja, ik ben ook niet altijd gelukkig met sommige mensen waar ik mee moet samenwerken. Het was zijn keus om bij de NICA te werken (was hij van de KMA?), waarschijnlijk was het een goeie, en daardoor carrière gemaakt.

  33. Ælle zegt:

    Op deze zonnige frisse morgen terwijl de verwarming 19 graden aanwijst, lees ik op een nieuw ontdekte site, geschreven door Ton van Steenoven onder Strijd in Nederlands-Indië (’45- ’50 algemeen) het volgende uit een 4-kant uitgeknipte, vergeeld krantenbericht, wat niet mag ontbreken op de Java Post. Het is niet gedateerd.
    ~ Het Eerste Kamerlid, de heer Algra, heeft den minister president (?) vragen gesteld over onlangs in enige volgens dagbladen – o.a. Ons Noorden – verschenen berichten, volgens welke verscheidene Kerstpaketten , bestemd voor onze soldaten (> in blauw inkt aangestreept) in Nederlands-Indië bij aankomst te Tandjong Priok ontsierd bleken door opschriften als “Vrolijk Kerstfeest, ploerten, “Vrolijk Kerstfeest, moordenaars (> in blauw inkt aangestreept) en “Vrolijk Kerstfeest, ellendelingen”. De heer Algra vraagt of inderdaad bij onderzoek is gebleken, dat deze opschriften bij het inladen te Amsterdam zijn aangebracht. Voorts vraagt hij of de regering, indien mocht blijken, dat deze berichten juist zijn, bereid is een streng onderzoek naar de daders in te stellen en van de uitkomsten van dit onderzoek alsmede van de maatregelen, waartoe dit aanleiding mocht geven, verslag te doen.

    Het verloop van dit incident is mij onbekend gebleven. De scheldwoorden die gebruikt zijn klinken wel Amsterdams in de oren. …als gouden appels? Echt niet!

  34. Ælle zegt:

    Onder ‘Leeftijdgenoten’ op pagina 12 met Hank Heijn las ik in de radio en tv-gids Max magazine een stuk over de weduwe van de ontvoerde en vermoorde AH-directeur Gerrit Jan Heijn.
    De vraag waarmee het artikel begint, luidt in donkerblauwe hoofdletters; Hoe heeft uw jeugd in Nederlands-Indië uw verdere leven bepaald?
    Vanzelfsprekend horen de Javapostlezers dit te weten. Zij is één van ons.
    Omdat de Vader van Hank niet naar de universiteit mocht van opa en oma, besloot hij in 1930 naar Indië te gaan. Er werd snel getrouwd en een jaar later werd het dochtertje Hank Engel in Sumatra geboren.
    Vier jaar lang was ze met haar moeder en broertje in jappenkampen geweest. Tot en met haar elfde jaar zat ze eerst in een internaat waar ze iedere ochtend werd mishandeld met een schoen op de blote billen.
    Toen ik de gids gisterenmiddag in de andere supermarkt zomaar kocht, verwachtte ik niet dit verhaal te zullen lezen.
    De passende titel ervan is dan ook “Toen zijn auto gevonden werd, was het voor mij weer oorlog”.
    Ik wens Hank Heijn en haar familie het beste toe.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s