De dag dat ik een glas brak

Door Rob Cassuto

Rob Cassuto, 1945

Rob Cassuto, 1945

Ik brak een glas en barstte in huilen uit.
Dat is mijn eerste herinnering in Holland.
Het was op een dag in mei 1946 en ik was vijf jaar en ik stond temidden van een uitzinnig vrolijke familie, die op die dag in mei in een overvolle kamer zijn hereniging vierde. Ik was met mijn vader en moeder en haar ouders na tropische kampjaren uit Indië in Den Haag aangeland; de ouders van mijn vader en mijn vaders twee broers hadden op talloze onderduikadressen in Nederland de Duitse vervolging overleefd en waren al eerder weer bij elkaar. Mijn grootvader had kort na de bevrijding een nieuwe pied a terre gevonden op de Badhuisweg in Scheveningen, nummer zesentachtig, een volumineuze villa, waarvan de bel-etage en het daaronder gelegen souterrain de komende jaren de veilige vesting zou vormen voor de hele misjpoche.

Het zal een mooie lentedag zijn geweest en ik stond met mijn glaasje limonade tussen wat ik ervoer als een woud van boomlange volwassenen. Ze lachten en huilden en knuffelden elkaar in Opa en Oma’s woonkamer, waarvan de ramen over het voorbalkon heen uitkeken op de Badhuisweg.
Achterin de woonkamer waren schuifdeuren, die toegang gaven op het achterhuis en die afgeschut waren met zware bronsgroene gordijnen. Aan de ene wand stond de zogenaamde ‘Chinese kast’, een van de weinige meubels die uit de Indische inboedel was overgebleven. Aan de andere kant stond het theetafeltje met daarboven een schilderij van een Drentse hoeve bij zonsondergang. Boven de schouw was een in hout gevatte spiegel met bovenin in de lijst ingebouwd een schildering van een haring op een bord met een citroen. Op de bovenrand van deze lijst stond een Delfts blauw bord met de afbeelding van een heraut en rondom de tekst ‘Nederland herrijst’. Zware fauteuils, duidelijk tweedehands aangeschaft, boden zitcomfort.   

Misschien stond de radio – het was een zo’n houten kastje met gebogen bovenkant en een wijzerplaat met exotische stations als Beromünster – aan en klonk ‘In the mood’ of ‘Chattanooga Choochoo’ of ‘Lilli Marlene’; in een documentaire over deze dag zouden deze nummers er natuurlijk onder zijn gezet. Het zou best gekund hebben dat nadat de stormen van de begroeting geluwd waren de hereniging nog luister was bijgezet door de koffergrammofoon tevoorschijn te halen, zoals zovaak later nog gebeurd was. Met een zwengeltje werd hij opgewonden, een nieuwe stalen naald werd in de kop gezet en een zwarte schellakken plaat werd uit zijn pakpapieren hoes gehaald en opgezet, laten we zeggen een favoriete plaat uit de verzameling operaplaten van mijn opa, zoals ‘Que gelida la manina’, gezongen door Benjamino Gigli.

De Blauwe Tram, 1955.

De Blauwe Tram, 1955.

Dat hoort allemaal bij die dag en natuurlijk reed ook herhaaldelijk de zogenaamde Blauwe Tram knarsend voorbij, de buurttram van Scheveningen naar Voorburg, die over de middenberm van de Badhuisweg reed en een halte had tegenover ons en ook reden jeeps met soldaten in veldgrijs af en aan voor de geelgroene villa aan de overkant van de Badhuisweg, want daar was gezien het wapenschild met rode ‘maple leaf’ boven de deur de Canadese Militaire Missie gevestigd.

Maar dat is allemaal reconstructie, wat ik mij eigenlijk vooral herinner is dat ik dat glas limonade uit mijn handen liet vallen en dat het glas brak en dat ik in huilen uitbrak, een onmatig heftig gehuil, dat in geen verhouding stond tot het accident.

Waarschijnlijk onderbraken mijn familieleden even hun enthousiaste uitwisselingen en werd ik even getroost en gingen ze weer verder en zei mijn vader tegen zijn jongste broertje die nu vijftien was, hoe hij al een echte man was geworden en vroeg hij aan zijn andere broer, die voor de oorlog een eigen schoolband had gehad en liedjes had gecomponeerd of hij nog muziek maakte – en waarschijnlijk hebben ze toen al of de volgende dag een paar van die liedjes samen gezongen – en de anderen grapten natuurlijk tegen mijn vader dat hij zo kaal was geworden, maar dat hij toch ondanks de kampjaren er zo goed uitzag en mijn moeder vroeg misschien aan mijn grootvader of hij nog zoveel in de boeken zat en natuurlijk heeft mijn grootmoeder, die schwärmde met de Franse taal, toen al – of tenminste een paar dagen later – mij Franse woordjes willen leren en mijn grootvader heeft mij waarschijnlijk al heel snel even op schoot gehad, ik zie in ieder geval het beeld van een oudemannenvest (hij droeg altijd een driedelig donker pak) met een horlogeketting daaroverheen en gemorste sigarenas erop en ik hoor zijn stem nog die een kinderliedje zingt, met kinderlijke vervormingen van de woorden, dat vond hij leuk. Hij was toen eenenzestig, ik ben nu ouder dan hij toen was.

Maar waarom ik toen zo’n excessieve huilbui had en waarom ik speciaal dat moment herinner, dat is gissen geblazen. Er was natuurlijk een vermoeiende reis geweest, van de Amsterdamse Javakade naar Den Haag. In Amsterdam waren we met de boot gekomen uit Harwich, want we hadden een paar dagen in Londen gelogeerd. In Londen waren we gekomen uit Southampton, waar we waren gearriveerd na een driewekenlange bootreis uit Bombay. In Bombay waren we gekomen na een driedagenlange treinreis uit Calcutta, waar we 4 maanden geïnterneerd waren geweest. In Calcutta waren mijn moeder en ik aangeland na een omslachtige vliegreis vanuit Bandung via Batavia en Singapore.

Maar het kan ook gewoon zo’n hysterische huilbui zijn geweest, die kinderen soms hebben, wanneer het nieuwe teveel is en te overweldigend.

x

Dit bericht werd geplaatst in 4. Nederlands-Indië overzee en getagged met , , , . Maak dit favoriet permalink.

7 reacties op De dag dat ik een glas brak

  1. leuk dat je dat nog goed kan herinneren,een teken van gezond heid,

  2. heerma zegt:

    Wat een reis!~ Bandoeng, Batavia, Singapore, Calcutta, Bombay, Suez Kanaal, Southampton, Harwich, IJmuiden, Amsterdam eindelijk Den Haag bij Opa en Oma. Nee, dan was mijn reis maar een fluitje van een cent. Ik reisde alleen op een schip vol kinderen en wat dames (onder anderen mijn Kamptante en een hartsvriendin van mijn moeder. Wij voeren met de Japara (Rotterdamsche Lloyd) van Tandjung Priok (ik vermoed via Sabang), Suez Kanaal (waar we kleding kregen voor de barre Nederlandse winter (wij vertrokken eind februari en ik had mijn 6de verjaardag aan boord en kreeg van de kapitein een heuse sinaasappel (nog nooit gezien en veel mooier dan een djeroek bali), toen door het Kanaal met als begeleiding mijnenvegers en ook via IJmuiden naar Amsterdam waar ik opgewacht werd door een vreemd echtpaar en met hun auto vertrokken we naar Drente, naar Nieuw Amsterdam waar de broer en zijn familie van mijn vader woonde. ’t Was donker toen we daar aankwamen, geloof ik, zij woonden in een kast van een huis met een heel groot stuk grond erbij. Omstreeks mijn 12de woonde ik ook in Scheveningen, Harstenhoekweg 111, tegenover de remise. Ik zat op de Koningin Emmaschool tot mijn13de. Toen naar de Oranje Nassau MULO. Onlangs ontdekte ik in een email die ik van het Rode Kruis ontvangen heb, dat mijn moeder zich pas op 20 maart 1944 bij de Japanners melded. Mijn moeder heft wel eens verteld dat ze later het kamp inging. De reden dat zij zich aanmeldde was dat het beter was om In een kamp te zitten met een klein kind, voor het geval dat er wat met haar gebeuren zou, Volgens mijn moeder hebben wij in Bandoeng in de kampen Karees en Tjideng gezeten, later zijn we naar Tjihapit en Adek verhuisd. Na de kamptijd heb ik met haar in Hotel des Indes gezeten. Wat een verandering. Nadat mijn vader via Singapore uit Birma terugkeerde heb ik bij mijn vader gewoond, mijn ouders stonden toen op punt van scheiden. Weg bij mijn moeder en bij een vreemde man in huis. Wij woonden toen of op de Van Heutzboulevard of op de Oranjeboulevard. Weet het allemaal niet precies. Mijn vader had in Birma enorme klappen opgelopen en geestelijk ging het toen al niet zo goed met hem. Heel stuk overslaan, want erg veel leuks gebeurde er niet in mijn jeugd. Uiteindelijk ben ik op mijn 27ste naar Australie verkast. Daar woon ik nog steeds, heb vanaf 1968 bij scheepvaartagenturen gewerkt. Ik zou het zo weer doen. Woonde en woon nog in West Australie en net in die tijd groeide de ontginning van vooral ijzerertsmijnen gigantisch, Dat ben ik praktisch van af het begin mee bezig geweest. Wat een tijd!!!! Nooit en te nimmer spijt van gehad, in al die jaren maar 3 keer van baas veranderd. Nu ben ik 73 en ben nog steeds erg geinteresseerd wat er in de scheepvaartwereld gebeurd. Zo, dat is langer geworden dan ik gedacht had en over 2 minuten begint het avondnieuws op de tv. Bedankt voor jou verhaal, het is soms verbazend hoe paden van mensen die je nooit gekend hebben, kruisen. Wens jullie in Nederland een mooie zomer toe. Hebben jullie wel verdiend na de afgelopen winter. Gegroet en houd je taai.

    • Rob Cassuto zegt:

      Dank voor je uitgebreide reactie en verhaal. Na de kamptijd, o.a. in Tjihapit (ook Moentilan en Banjoe Biroe) werden wij, mijn moeder en ik,
      na veel rompslomp herenigd met mijn vader in Calcutta, waar hij na de ontbering aan de Burma spoorweg door de Engelsen heen was gebracht. Het had nog heel wat voeten in aarde voor we met de ss Otranto naar Engeland konden, inderdaad ook via de klerenuitdeling in Ataka, bij het Suezkanaal.

    • Wanneer zat je in Tjideng?
      Ik bezit een foto van mezelf, genomen in Tjideng circa September 1945, met een andere jonge knaap er op, en wie zou dat zijn?

  3. Peggyann Bastiaans Boyd zegt:

    Mijn vader zou mij met de pollepel geslagen hebben, en zonder eten naar bed.

  4. hansvschaik zegt:

    Als je op 5 jarige leeftijd een gebeurtenis nog zo goed herinnert dan zal het wel als iets aangrijpend gevoelt hebben, misschien is de huilbui wel het bewijs ervan?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s