Is ´t genoeg, Kiezers?

In augustus 1861, ruim een jaar na het verschijnen van zijn Max Havelaar, ligt in de Amsterdamse boekhandels een tweede boek van Multatuli, de Minnebrieven. Ook hierin weerklinkt een aanklacht tegen de Nederlandse politiek jegens Indië: ‘Sedert enige jaren bemoeien zich velen met Indië. Die “velen” kunnen onderscheiden worden in twee hoofdsoorten, de behouders en de liberalen. Behouders zyn de personen die gaarne zoveel mogelyk voordeel trekken uit Indië; en liberaal noemt men de zodanigen die gaarne uit Indië voordeel trekken, zo véél mogelyk.’ 
Multatuli stelt daarop een derde partij voor, ‘een party, die eenvoudig de mening voorstaat, dat men den Javaan niet moet mishandelen.’ Daarna vangt Max’ kiezerscampagne aan…

“De Javasche karbouw”, door D.W. Schiff

Door Multatuli

Ik laat nu in het midden, of gy de waarheid weten wilt, maar ik verkies u die waarheid te zeggen. (….)

Ziehier:
Lijst der in de maand Februari 1856 aan de bevolking van één district afgenomen buffels,
toen Max Havelaar adsistent-resident was van de afdeling Lebak,
en terwyl de heer Duymaer van Twist, onder de regering van Willem den Derde, namens de Nederlandse natie de zogenaamde Neêrlands-Indische bezittingen bestuurde.

Naam van den bestolene/desa/getal der gestolen buffels:

Kassib                   Kadoe Gawir        Een buffel
Manggia               Tjibongbong         Een buffel
Oessoep                id.                           Een buffel
Mayasih               id.                            Een buffel
Radaya                 id.                            Een buffel
Hadji Sadik         id.                            Een buffel
Sapioedin            id.                            Een buffel
Moersid               Waloekoe              Twee buffels
Sadjiah                Sanggir                   Een buffel
Ridjal                  Tjimontjong          Twee buffels
Kalar                   Badoer                    Twee buffels
Mamak               Tjipoeroet              Een buffel
Kaliam                Kadoe Leboe         Een buffel
Asmil                  Kadoe Gawir          Een buffel
Rangga               Kadoe Damas        Een buffel
Marni                 Tjisangsang            Een buffel
Sariada              id.                              Een buffel
Djepo                 Tjidadap                  Een buffel
Djaya                  Tjioeroeh                Een buffel
Bayi                    Lebak Tjitra            Twee buffels
Asmil                  id.                             Een buffel
Mayinten           Tjikatampe             Een buffel
Ayim                   Tjilegong                 Een buffel
Moetassi            Tjigingang               Een buffel
Mandaya            Kadoe Lamboe       Een buffel
Arday                  id.                             Een buffel
Ardjiman           Laribongoer            Een buffel
Arpan                 Tjikario                    Een buffel
Abin                    Tjimerak                  Een buffel
Dakir                   Tjiorogdalong        Een buffel
Moektar              Sereweh                  Een buffel
Assih                    id.                            Een buffel

Is ´t genoeg, Kiezers?
Ziet ge wel, hoe verkeerd gy deedt, dien Multatuli te benoemen tot schryver, daar de gehele imposante eentonigheid der Saïdjah-vetelling niets is dan een plagiaat, een kopie van de treurige werkelykheid!
Eén buffel!…  Eén buffel!…
Eén buffel!…  Ja… maar in ´t geheel: zes-en-dertig buffels! ´t Is zovéél niet, meent ge?…
Eilieve: in één maand! Is ´t niet genoeg, Kiezers?
Zes-en-dertig buffels in één maand!…´t Is zovéél niet, meent ge?…
Eilieve andermaal: in één distrikt…  Is ´t niet genoeg, Kiezers?
Zes-en-dertig buffels in één maand, in één distrikt! ´t Is zovéél niet, meent ge?…
Eilieve, nog eens: Lebak heft vyf distrikten…. Vermenigvuldigt, zeg ik u!
Vyfmaal zes-en-dertig is honderd-en-tachtig! Is ´t genoeg, Kiezers?
Honderd-tachtig buffels, afgenomen aan de bevolking van de afdeling Lebak, in één maand tyds! t Is zovéél niet, meent ge?…
Eilieve, tot vervelens toe: er zyn twaalf maanden in een jaar… Vermenigvuldigt, zeg ik u!
Twaalf maal honderd-tachtig maakt ruim tweeduizend! Is ´t genoeg, Kiezers?
Ruim tweeduizend buffels, afgenomen aan de bevolking van de afdeling Lebak, in één jaar! ´t Is zovéél niet, meent ge?…
Eilieve, byna voor het laatst: De reidentie Bantam heft vyf afdelingen…. Vermenigvuldigt, zeg ik u!
Vijfmaal tweeduizend buffels, is tienduizend buffels! Is ´t genoeg, Kiezers?
Tienduizend buffels, afgenomen aan de bevolking der residentie Bantam! ´t Is zovéél niet, meent ge?…
Eilieve, voor ´t laatst: Java heeft, ik weet niet hoeveel, residentieën. ´t Verandert telkens. Neemt de verhouding der bevolking van Bantam, tot die van Java… Vermenigvuldigt, zeg ik u!
Vier-en-twintigmaal tienduizend buffels, maakt tweehonderdveertig-duizend buffels! Is ´t genoeg, Kiezers?
Tweehonderd-en-veertig-duizend buffels, in één jaar afgenomen van de Javase bevolking! ´t Is zovéél niet, meent ge?…
Eilieve, voor ´t allerlaatst: Java is maar een klein deel van Insulinde – ´t is moeilyk met juistheid te zeggen hoe klein – maar de Javase bevolking staat in verhouding tot die van Insulinde, als omtrent één tot drie. Daar echter de welvaart elders geringer is, en er in de andere gedeelten van uw bezittingen – noemt ge ´t zo niet? – niet zóveel als op Java gestolen worden kán, stel ik u vóór ditmaal maar te vermenigvuldigen met twee… Vermenigvuldigt, zeg ik u!
Tweemaal tweehonderdveertig-duizend buffels, maakt vierhonderd-tachtig-duizend buffels! Is ´t genoeg, Kiezers?
Vierhonderd-tachtig-duizend buffels, in één jaar afgenomen aan de zogenaamd Nederlands-Indische bevolking! ´t Is zovéél niet, meent ge?…
Eilieve, voor de werkelyk laatste maal: zo´n Gouverneur-Generaal blyft daar in den regel vyf Jaren… Vermenigvuldigt, zeg ik u!
Vyfmaal vierhonderd-tachtig-duizend buffels, maakt byna twee-en-een-half miljoen buffels!
Twee-en-een-half miljoen buffels, in vyf jaar afgenomen aan de Indische bevolking, onder de regering van één Gouverneur-Generaal die zyn plicht niet doet! ´t Is zovéél niet, meent ge?…
Eilieve, nu waarlyk voor de allerlaatste maal: één buffel kost van vyftien tot dertig gulden. Stel twintig gulden…. Vermenigvuldigt, zeg ik u!
Twintigmaal twee-en-een-half miljoen, maakt vyftig miljoen.
Vyftig miljoen guldens geldswaarde aan buffels die aan de Indische bevolking werden afgenomen onder de regering van één Gouverneur-Generaal, die zyn plicht niet doet! ´t Is zovéél niet, meent ge?
Eilieve, end it nu waarachtig voor de allerlaatste maal: het afnemen van buffels aan de bevolking is het ergste niet! Herendienst, onbetaalde arbeid, onbetaalde levering van allerlei zaken, bedraagt in geldswaarde méér, véél meer, twintigmaal meer, o Kiezers…Vermenigvuldigt, zeg ik u!
Twintigmaal vyftig miljoen maakt duizend miljoen.
Is ´t genoeg Kiezers?
Duizend miljoen guldens geldswaarde, die aan de Indische bevolking wordt afgenomen, onder de regering van één Gouverneur-Generaal die zyn plicht niet doet.

IS DAT NU EINDELYK GENOEG, O KIEZERS VAN NEDERLAND?

 

 

Dit bericht werd geplaatst in 9. Java Post. Bookmark de permalink .

36 reacties op Is ´t genoeg, Kiezers?

  1. Ziska Kountul-Loth zegt:

    Ondanks dat Multatuli eigenlijk va
    n Nederlandse afkomst is; eert Indonesia de man toch met straten die naar hem vernoemd worden.

    Verstuurd vanaf mijn iPhone

  2. leogerritsen zegt:

    Wees eens eerlijk. Onze Nederlandse voorouders destijds waren ook slaven. En . . . wij nu, zijn ook slaafs. Mensen praten over geschiedenis op een leuke luchtige manier. Maar de feitelijkheid over Nederland was (en is) echt niet zo glorieus. We zijn nog steeds plebs en zo worden we ook behandeld door de zogenaamde elitairen.
    Covid, de zoveelste nagel in een doodskist. Democratie, een lachertje (als het hier niet om volkerenmoord zou gaan). Multatuli is in one hart. Je zou ook kunnen zeggen ‘broodje van eigen deeg’.

  3. Jan A. Somers zegt:

    Het Indische bestuur liet toe hoe of de bevolking werd uitgebuit door de eigen hoofden: Saīdja’s vader HAD een buffel.

  4. edewaal zegt:

    De Heer E.D. Dekker, alias Multatuli, had bij zijn beschrijvingen van de misstanden zelf boter op het hoofd. Hij smeekte om een baantje bij het door hem verfoeide bestuur en werd uiteindelijk afgescheept met een post als assistent-resident van Lebak. Daar had de Javaanse vorst nog vrijwel volledige autonomie als gevolg van het Preangerstelsel. Zijn aanklacht zo dus als eerste gericht dienen te zijn aan het adres van de toenmalige vorst. Hij negeerde dus de bestuurlijke werkelijkheid. Dit leidde weer tot vele reprimandes van zijn meerdere. Zie hierover ook W.F. Hermans. Persoonlijk had meneer Dekker nu ook niet een beste reputatie. Hij was gok-verslaafd en schrok er niet van terug om bij zijn schoonfamilie te lenen en nooit meer terug te betalen. Hij maakte de kleine erfenis zijn vrouw afhandig en bestond het om in Nederland de tantes van zijn vrouw geld af te troggelen voor zijn gokverslaving. Zijn vrouw zocht dan ook vele malen hulp en onderdak bij mijn betovergrootvader in Batavia. De heer Dekker is ons nog steeds een aardig kapitaaltje schuldig. Soeda ja, ik wil verder geen soesa. Hij kon tenslotte aardig schrijven!

    • Jan A. Somers zegt:

      “Hij negeerde dus de bestuurlijke werkelijkheid.” Dit was de werkelijkheid van het duale, indirecte bestuur, over heel Indië. De Max Havelaar was een roman die ergens moest worden gesitueerd, dat werd dus Lebak. Mulltatuli was geen antikolonialist waar hij vaak voor wordt aangezien. De Max Havelaar richt zich alleen maar tot het indirecte bestuur dat de gangbare uitbuiting en onderdrukking van het volk door de eigen hoofden mogelijk maakte. Verplicht op de leeslijst op de HBS, verschrikkelijk. Maar als je dit leest ben je in één klap op de hoogte van de misstanden die vanwege het duale bestuur werden toegelaten. Dat heeft in de ethische politiek wel geleid tot meer controle: I.S. 1925, art. 162, Allen die zich op het grondgebied van Nederlandsch-Indië bevinden, hebben aanspraak op bescherming van persoon en goederen (…).
      Over de persoon van de heer Douwes Dekker heb ik geen oordeel. Je hebt mensen in soorten, en een kunstenaar is een van die vele soorten. Niemand heeft scherper dan Douwes Dekker de Nederlandse soevereiniteit over Indië, en de grondslag van het indirecte bestuur, zo ondubbelzinnig weten te plaatsen.

    • RLMertens zegt:

      @edewaal; ‘boter op zijn hoofd etc.’- Hoe weet dat allemaal? Uit de Privé? Toch opmerkelijk dat juist hij als inspirator genoemd wordt door vele Indonesische nationalisten! Op de middelbare scholen in Indië(!) werd zijn boek geboycot. Men vond hem een opruier! In 1996 bezocht ik de streek Lebak. In Rangkasbitung stopte ik bij de jalanan Multatuli! Er is daar nu zelfs een Multatuli museum. – In de laatst gehouden dekolonisatie bijeenkomst in het Pakhuis, Amsterdam, hield ook een Indonesische historicus zijn lezing; Van Multatuli tot Poncke Prinsen. De zaal was muisstil en ……er kwamen geen reacties!

      • Jan A. Somers zegt:

        Gelukkig dat die roman van DD heeft geleid tot het inperken van de vrijheid van uitbuiting door de eigen hoofden. Soms krijg ik het idee dat het in Indonesië op bepaalde plaatsen weer is teruggekomen. maar jammer genoeg geen Indisch bestuur meer. Die roman heeft toch geleid tot een stukje ‘daar werd wat groots verricht’?

      • edewaal zegt:

        Ik heb deze wetenschap uit ons familiearchief. DD was getrouwd met nichtje en petekind van mijn betovergrootouders. Verdere vuile was van DD bespaar ik u. Maar lees vooral W.F Hermans!
        De macht van de hoofden en vorsten werden sinds 1850 steeds verder ingeperkt door geleidelijk afschaffing van de herendiensten(tegen de zin van de conservatieven), maar in de Preanger waren de belangen van inlands bestuur en landsbestuur te zeer met elkaar verweven. In 1869 werd door de toenmalige Minister van Koloniën niet alleen de herendiensten afgeschaft maar ook het Cultuurstelsel. Tegelijkertijd werd het Batig Saldoprincipe overboord gezet(weer zeer tegen de zin van de conservatieven) onder invoering van de Agrarische Wet en de Suiker Wet.

      • Jan A. Somers zegt:

        Ergens in de verte zijn DD en ik ook een klein beetje aangetrouwde familie via mijn Versteegh-tak. Zo ver weg dat ik het pas te weten kwam nadat mijn oudste dochter een stamboom had uitgezocht. En binnen de familie ook slecht bekend, er werd ook nooit over gesproken.

      • RLMertens zegt:

        @JASomers; ‘tot wat groots verricht etc.’- Inderdaad met een goedkope arbeidsmassa, grondstoffen etc. Ja zelfs een afzetgebied voor onze producten van/met Indische grondstoffen!(batik) -Colijn zei het al in 1939; ‘wij hebben Indië succesvol geëxploiteerd’!
        – Mochtar Lubis; ‘duidelijk was ook dat de ethische politiek geen verandering bracht! Het voornaamste belang van Nederland was nl. economische en financiële winst! De ontwikkelde handel maakte ook dat de steden een aantrekkingskracht tot de mensen in de dorpen/desa’s verkreeg. Zodoende ontstonden grote Inlandse gemeenschappen/kampongs aan de randen der steden, die geen gebruik konden maken van de openbare voorzieningen/ elektriciteit/ riolering etc. en …een vaste inkomens. Deze grote groepen minder bevoorrechten vormden de kiem voor ontevredenheid en weerzin tegen de overheid. En een voedingsbodem voor merdeka’! Zie; bersiap in Soerabaja!

      • RLMertens zegt:

        @edewaal; ‘verdere vuile was etc.’- Die vuile was; oa ook het stelen uit staatskas voor armen op Sumatra etc., bracht wel een nationale held voort, die zijn weerklank nu nog heeft. Zelfs in Indonesië! En dat kan men dan niet zeggen van oa onze koning Willem Hendrik….

      • Jan A. Somers zegt:

        “dat de ethische politiek geen verandering bracht! ” Alleen al het onderwijs!!!!! Tijdens de Japanse bezetting namen de Indonesische goed opgeleide mensen het heft in het gemeentehuis over. Het liep gewoon door. En Indonesische huisartsen. Die van ons heeft mij opgeknapt na de Kenpeitai! En een beter toezicht op de eigen hoofden. enz.
        “die geen gebruik konden maken van de openbare voorzieningen” Baboe Soep wel hoor. Er kwamen modelkampongs waar de mensen hun ideeën. konden opdoen. Ik heb van mijn eerste baas bij TNO jaarverslagen van de dienst volksgezondheid gekregen (nu bij IWI). Waarschijnlijk heeft Mochtar Lubis daar nooit van gehoord. Maar je kunt ook niet alles weten.

      • RLMertens zegt:

        @JASomers; ‘allleen al het onderwijs etc.’- Die armtierige desa scholen? Die paar HIS scholen? Voor 70 miljoen Indonesiërs! Oprichting van eigen opgericht onderwijs werd al meteen door de overheid gedwarsboomd; wilde scholen! Stom houden was het parool! Ten opzichte van het Europees onderwijs voor die 300.000 Europeanen! -In de Japanse tijd ging/moest de hele jeugd naar school! Massaal werd daar gebruik van gemaakt.
        *’model kampongs etc.’- In heel Soerabaja nog geen één tegen gekomen. Ook niet in mijn geboorteplaats Ambarawa met zijn kolossale armoedige kampongs; achter de Europese straten/wijken!

  5. Jan A. Somers zegt:

    De ethische politiek werd (en wordt) door vele Indische mensen belachelijk gemaakt. Ja, angst voor hun eigen maatschappelijke positie, nu we die inlanders hoger op brengen. Het was een zegen voor de Inlandse bevolking, het opende mogelijkheden! Mede dank zij de Max Havelaar.

    • RLMertens zegt:

      @JASomers; ‘een zegen voor de Inlandse bevolking etc.’- Mochtatr Lubis; het Inlands onderwijs bleef noodzakelijkerwijs(!) zeer beperkt omdat er weinig geld ter beschikking kwam. Slechts 46% van 60 miljoen inwoners kreeg (vooral desa)onderwijs. Voor het voortgezet onderwijs kwamen alleen kinderen van Indonesische ambtenaren in aanmerking. Slechts 240 (!!!)Indonesische jongeren deden eindexamen op een Middelbare school! Na 1942 waren er slechts 230 Indonesische academici ! (344 studeerden nog in Nederland). En dat alles op een bevolking van (toen) 60 miljoen!
      Een zegen?

      • Jan A. Somers zegt:

        Bezetting van het ambtelijk apparaat, 1938: Europeanen 14.395. Indonesiërs 57.252.
        Bedenk dat onderwijs geen eerste prioriteit is voor de rijksoverheid, ook in Nederland niet. De belangstelling moet van onderop komen, dan is er een volledige facilitering door de overheid. En op plaatsen waar geen belangstelling is getoond, maar wel nuttig wordt geoordeeld.
        Volksonderwijs:
        1914-1915 159.441
        1939-1940 806.609
        Schoolbevolking Westers Lager Onderwijs (eerste klas, Indonesiërs in %:
        1914-1915: 52.9%
        1938-1939: 58,0%
        Schoolbevolking Mulo eerste klas:
        1914-1915: Europeanen 81,3%, Indonesiërs 10,3%
        1938-1939 Europeanen 31,7% Indonesiërs 50,6%
        Hoger onderwijs,eerste jaars:
        1920-1921: Europeanen 78,6% Indonesiërs 7,1%
        1938-1939 Europeanen 21,4% Indonesiërs 47,9%
        “Voor het voortgezet onderwijs kwamen alleen kinderen van Indonesische ambtenaren in aanmerking.” Nou nee, net als in Nederland (concordant!) met toelatingsexamen. De inheemse ‘1e klas’ lagere school werd Nederlandstalig en in 1914 omgezet in de Hollandsch-Inlandsche School (HIS), en de Hollandsch-Chineesche School. Samen met de Europese lagere scholen boden deze inheemse scholen nu onbeperkt en ongescheiden toegang tot het Europees middelbaar onderwijs (MULO, AMS, HBS, Lyceum, Gymnasium) en vervolgens tot het Europees universitair onderwijs (zie bijvoorbeeld Soekarno, Hatta enz.).
        Wat van belang is, is de verschuiving in verhoudingen. Bedenk dat in die tijd een kind van een timmerman ook timmerman werd. Bij de Indonesische bevolking was dat nog sterker het geval. Waarom zou een kind van een eenvoudige tani naar school gaan, zijn vader was toch ook nooit op school geweest? Ontwikkeling van onderwijs is van lange adem. Zo nam In 1907 Van Heutsz wel het initiatief tot driejarige desascholen of volksscholen, bekostigd uit schoolgeld aangevuld met overheidssubsidies. In de dorpen bestond weinig belangstelling voor dit onderwijs maar het bestuur wist met zachte druk, perintah haloes, de dorpsbesturen toch over de streep te trekken. In 1915 kwam er een vervolg met de Inlandsche Vervolgscholen. Alles kost tijd, en belangstelling.

      • RLMertens zegt:

        @JASomers; ‘onderwijs etc.’- Hoger onderwijs(!) 1938-1939 ; Europeanen 21,4 % en Indonesiërs 47,9 %!! Toon mij een foto van zo’n klas!

      • Jan A. Somers zegt:

        “Toon mij een foto van zo’n klas!” Universiteiten kennen geen klassen.

      • RLMertens zegt:

        @JASomers; ‘Hogere onderwijs etc.’- Het zelfde als een universiteit? – In 1940 volgden 1.700.000 Inlanders onderwijs; van desa scholen tot hoger onderwijs! Tov. 70.000.000 Inlanders = ca 3% dwz 97% analfabeet !!

  6. Peter van den Broek zegt:

    Bovenstaande percentages zijn best aardig om te weten maar zo worden de verhoudingen niet duidelijk.

    Het aantal Nederlanders/Europeanen in Nederlands-Indie in 1930 bestond uit een kleine 200.000 personen en de inlandse bevolking uit meer dan 50 miljoen (factor 1:250) . Dan is gezien bovenstaande gegevens de deelname van de inlandse bevolking aan het onderwijs absoluut en in percentages vele malen kleiner dan dat van de Nederlandse bevolking.

    Het beeld voor de Nederlanders is vertekend. Tienduizenden kinderen van Nederlandse ouders in Nederlands-Indie volgende hun opleiding in Nederland. Dat verhoogde niet alleen hun status maar ook de kans op een baan in Nederlands-Indie, als zij tenminste teruggingen naar de kolonie. Als die in Nederlands-Indie hadden gestudeerd, dan was er van het Inlandse aandeel weinig overgebleven.
    Daarnaast besteedde het Indisch Gouvernement aan onderwijs per Nederlands kind meer dan aan onderwijs per inlander.

    Nederlands was de voertaal op de door het Indisch gouvernement gesteunde scholen. Dan hadden inlandse kinderen minder kans voor het toelatingsexamen voor het concordaatsexamen te slagen laat staan de opleiding af te ronden, dan Nederlandse kinderen. Ik heb het idee dat Nederlanders hun kinderen voor onderwijs naar Nederland stuurden om zodoende het toelatingsexamen in Indie te omzeilen, het voordeel van de braindrain was wel dat het gemiddeld intelligentiequotiënt in Nederlands-Indie steeg en dat in Nederland daalde.

    Het schoolgeld was een grote hindernis voor de Inlandse bevolking om een school te volgen. Als een koelie 2 tot 3 cent per dag verdiende dan bleef er weinig geld over om zijn kinderen naar school te sturen. Niet alleen voor koelies maar voor een groot deel van de inlandse bevolking was daardoor goed onderwijs onbereikbaar.

    De kans op toegang tot onderwijs voor Inlanders was door al deze factoren ook kleiner. Indonesiers zagen het belang van onderwijs wel in en stichtten eigen scholen, de wilde scholen.

    Nederlands-Indie sloeg in vergelijking met andere koloniën een slecht figuur, slecht 8% van de inlandse bevolking was gealfabetiseerd. daarmee was Nederland wel hekkensluiter. Ik heb eens op de achterkant van een bierviltje uitgerekend hoe lang het zou duren totdat meer dan 95% van de inlandse bevolking gealfabetiseerd zou zijn. Dan hebben opeenvolgend Indonesische regeringen het toch beter gedaan.

    De sociale mobiliteit in Nederlands-Indie was nagenoeg nihil, wie voor een dubbeltje geboren werd, werd nooit een kwartje. De zgn repatriëring naar Nederland was wat dat betreft een uitkomst

  7. Jan A. Somers zegt:

    “Nederlands was de voertaal op de door het Indisch gouvernement gesteunde scholen.” Ja. De dochter van baboe Soep zat op de HIS, wij moesten Nederlands met haar spreken. Nederlandse taal vanwege concordant onderwijs.
    ” dat Nederlanders hun kinderen voor onderwijs naar Nederland stuurden om zodoende het toelatingsexamen in Indie te omzeilen,” In Nederland was ook toelatingsexamen nodig voor HBS en Gymnasium. In Vlissingen wilde de directeur van de RHBS mij op school hebben, maar besefte zich dat ik met glans zou zakken voor het toelatingsexamen. De tweede klas wordt in dat systeem daarbij niet genoemd, ik werd dus meteen in de tweede klas ‘geplaatst’ (niet ‘toegelaten’ dus!).
    “wie voor een dubbeltje geboren werd, werd nooit een kwartje. ” Klopt, we hebben het dan ook over vóór de oorlog, precies als in Nederland. De zoon van de timmerman werd ook timmerman. En de meisjes op huishoudschool (Maar de dochter van baboe Soep? Vóór de oorlog!) Mijn Zeeuws meisje heeft ook moeten knokken voor haar vervolgopleidingen. Niet alleen omdat ze meisje was, maar er was in dat gezin gewoon geen geld voor. Dus: werkstudent plus beurs.
    “Het schoolgeld was een grote hindernis voor de Inlandse bevolking” In Indië precies hetzelfde als in Nederland. Het onderwijs werd voor het grootste deel bekostigd door de overheid. Er was alleen schoolgeld, ik dacht alleen administratiekosten en extraatjes. Bijvoorbeeld godsdienstonderricht. En bij armlastige gezinnen was er dan geen schoolgeld, of daar was subsidie voor. De verhoudingsgetallen weet ik niet, alleen voor universitair onderwijs een tijdje terug. Collegegeld € 2000,–, kosten van de overheid €22.000,–. Voor mijn promotie ving de vakgroep € 35.000,– van de overheid.
    “de wilde scholen.” Oppassen. De meeste ‘wilde’ scholen kwamen binnen de inheemse bevolkingsgroepen tot stand in de jaren ’20 en ’30. Moehammadyah spiegelde zich aan de activiteiten van missie en zending waarbij naast ziekenhuizen en weeshuizen ook scholen werden opgericht. Daarnaast werden vele scholen opgericht met een antikoloniale indoctrinatie. Tan Malaka had in 1921 een school gesticht binnen een marxistische afdeling van Sarekat Islam. In 1925 bestonden er al enkele tientallen van dit soort scholen maar deze werden na ingrijpen van het gouvernement voor een groot deel weer opgeheven. Meer succes hadden de door Soewardi Soerdjaningrat vanaf 1922 gestichtte Taman Siswa-scholen. Ook deze scholen werden gewantrouwd door het gouvernement vanwege hun antikoloniale sentimenten, maar hun kwaliteit werd wel gewaardeerd. Dewantoro huldigde aanvankelijk het non-coöperatiebeginsel, maar aanvaardde naderhand wel gouvernementssubsidie. Ondanks klachten over het anti-Nederlandse karakter van het onderwijs, hebben al deze scholen toch een aantal jaren subsidie genoten. Dit soort scholen zouden in Nederland ook geen overheidssubsidie krijgen. Maar daar was een systeem voor: Bijvoorbeeld : religieuze genootschappen mogen best scholen stichten (CLD in Delft!) maar krijgen alleen subsidie als ze het reguliere onderwijs inrichten volgens landelijke normen en landelijke inspectie. Voor godsdienstonderwijs moet dan het schoolgeld worden aangesproken of subsidie van de stichters.
    Bah! ik ben weer veel te lang bezig geweest.

  8. Peter van den Broek zegt:

    Nederland zag er vòòr de oorlog anders uit dan Nederlands-Indie. Het grootste verschil was de verzuiling, waarbij Nederlanders verdeeld werden naar geloof of geen geloof. Bvb Scholen waren verdeeld naar geloof: er was een katholieke school, een protestantse school en een openbare school. . Het voordeel van de verzuiling was dat er in de zuil geen duidelijk sociaal onderscheid werd gemaakt.

    In Nederlands-Indie was er helemaal geen sprake van verzuiling, het was een rangen- en standenmaatschappij en het verschil tussen Europeanen, Inlanders en anderen was ook eens wettelijk vastgelegd. Daarom loopt een vergelijking tussen Nederland en Nederlands-Indie mank. Trouwens het waren toch ook zelfstandige rechtspersonen.i.d.

    Her komt erop neer dat de inlander niet alleen weinig kans had op goed onderwijs, maar dat de vooruitzichten op een goede baan bijkans nihil waren. Bij de Koninklijke Marine had een inlander als officier geen kans, behalve in de laagste rangen en met minder salaris. . Bij het KNIL waren de hoogste rangen vergeven aan zoontjes van KNIL-officieren, een inlander werd bij uitzonderingssubaltern officier. Indonesiers (Molukkers, Menadonezen) kwamen voornamelijk in de lagere rangen (onderofficieren en manschappen) voor en tegen een minder salaris dan de Europeanen. Het zelfde laken een pak was dat bij het Gouvernement. De hoogste rangen waren voorbehouden aan totoks. De hogere rangen werden bezet door degenen die in Nederland hadden gestudeerd. De lagere rangen werden in eerste instantie door Indische Nederlanders maar later ook Indonesiers bezet. Die laatsten hadden wel een lager traktement.
    De ongelijkheid was ingebakken in het systeem.

    • Jan A. Somers zegt:

      In Indië was het katholieke en christelijke lager onderwijs overheersend, zowel in initiatieven als kwaliteit. Vond het gouvernement best. Die lui zorgden voor een redelijk grote financiering.

      • Peter van den Broek zegt:

        Overheersend? Wat moet ik me daarbij voorstellen, kan dat kwantitatief onderbouwd worden?

        In Nederland was een duidelijke scheiding tussen het openbaar en bijzonder onderwijs. Maar waar in Nederland gedurende de negentiende eeuw vooral particuliere organisaties, gerangschikt in hun eigen zuil, het opvoedende element invulden en afbakenden tegenover de ‘zorg’ van de staat, was dat in Indië veel minder of helemaal niet het geval. De zogeheten schoolpacificatie die in 1917 in Nederland werd bereikt en leidde tot financiële gelijkstelling, had geen effect op de situatie in onze koloniën.

        Ikzelf heb mijn gegevens uit o.a. de volgend bronnen gehaald:

        Bij d lees gebleven? Opvoeding en Onderwijs in de koloniën https://openaccess.leidenuniv.nl/bitstream/handle/1887/72729/20-02-16-LELYVELD.PDF?sequence=1

        Het onderwijs in Nederlands-indie in de XXste eeuw
        https://www.persee.fr/doc/rbph_0035-0818_1966_num_44_4_2659

      • Peter van den Broek zegt:

        Moet zijn “Bij de les gebleven.? Opvoeding en Onderwijs in de koloniën

    • Jan A, Somers zegt:

      “een rangen- en standenmaatschappij en het verschil tussen Europeanen, Inlanders en anderen was ook eens wettelijk vastgelegd.” Hoezo? Vastgelegd?

      • Peter van den Broek zegt:

        was dat dan niet WETTELIJK vastgelegd? Het lijkt mij een retorische vraag van dhr Somers. Hij is aan zet.

  9. Jan A. Somers zegt:

    “Hij is aan zet” Niks retorisch, gewoon: hoe komt u hieraan? U kent toch uw literatuur? Voor de zoveelste keer, zucht:
    Art.163. Wanneer bepalingen van deze wet, van algemeene en andere verordeningen, reglementen, keuren van politie en administratieve voorschriften onderscheiden tusschen Europeanen, Inlanders en Vreemde Oosterlingen, gelden voor hare toepassing de navolgende regelen.
    (2). Aan de bepalingen voor Europeanen zijn onderworpen:
    1o. alle Nederlanders;
    2o. alle personen, niet begrepen onder no. 1, die uit Europa afkomstig zijn;
    3o. alle Japanners en voorts alle van elders afkomstige personen, niet begrepen onder nos. 1 en 2, die in hun land onderworpen zouden zijn aan een familierecht, in hoofdzaak berustende op dezelfde beginselen als de Nederlandsche;
    4o. de in Nederlandsch-Indië geboren wettige of wettelijk erkende kinderen en verdere afstammelingen van de personen, bedoeld onder nos. 2 en 3.
    (3). Aan de bepalingen voor Inlanders zijn, behoudens den bij ordonnantie te regelen rechtstoestand der Inlandsche Christenen, onderworpen allen, die behooren tot de inheemsche bevolking van Nederlandsch-Indië, en niet tot eene andere bevolkingsgroep dan die der Inlanders zijn overgegaan, gelijk mede zij, die, behoord hebbende tot een andere bevolkingsgroep dan die der Inlanders, zich in de inheemsche bevolking hebben opgelost.
    (4). Aan de bepalingen voor Vreemde Oosterlingen zijn, behoudens den bij ordonnantie te regelen rechtstoestand dergenen onder hen, die het Christendom belijden, onderworpen allen, die niet vallen in de termen van het tweede of van het derde lid van dit artikel.
    (5). De Gouverneur-Generaal is bevoegd (…) de bepalingen voor Europeanen toepasselijk te verklaren op personen, daaraan niet onderworpen. …. .
    Ziet u in deze wet een “een rangen- en standenmaatschappij”?
    Ja, ik zie wel een “verschil tussen Europeanen, Inlanders en anderen”.Maar wel goed lezen:
    “Wanneer”!!! Het gaat zoals u weet om een pluriform bestuur waarbij sommige wetten gelden voor iedereen, maar sommige alleen voor een bijzondere bevolkingsgroep. Die Indische wetgeving zoekt u zelf maar op, hier alleen voorbeelden. Chinezen kenden adoptie, Nederlanders toen niet. Inlanders kenden grondbezit, Nederlanders en Vreemde Oosterlingen niet. niet. Inlanders uit sommige streken kennen het matriarchaat. Nederlanders en Vreemde Oosterlingen niet. Begint het te dagen? In Nederland heet dat ieder het zijne.
    U bent niet de enige hoor die het niet (wilden) snappen. In Indië was het een goudmijn voor advocaten. Van Vollenhoven (staatsrecht overzee) noemde het (netjes) een janboel.

    • RLMertens zegt:

      @JASopmers; ‘begint te dagen …’- En wat was dan de uitwerking van art.163 op de Indische maatschappij? prof.Wertheim; ‘dat de verschillende bevolkingsgroepen verschillen in rechtsbehoeften vertoonden en dat men dus niet naar gelijkheid maar naar
      ‘gelijkwaardigheid’. Een typische koloniale neiging om het bestaande overwicht met redelijk klinkende argumenten te motiveren. Het maatschappelijk leven in het dualisme(!) volgens het ras criterium. De wetgeving in betekenis zelfs nog verre overtrof’. Wie wil het nog niet snappen? – De Indische maatschappij was raciaal bij wet vastgelegd!

      • Jan A. Somers zegt:

        ” in het dualisme(!)” Nog erger! Pluriform! Hebben wij racisme van gemaakt. En zo de wet gelezen. Vonden vooral de Indo’s prachtig. Zij behoorden tot de groep waarvoor Europese regels golden. En niet tot de inlanders, met kleine i.

      • Jan A. Somers zegt:

        “niet naar gelijkheid maar naar‘gelijkwaardigheid’” Klopt. Ze zijn inderdaad niet gelijk, de Europeanen zijn blank, de Indo’s licht getint , de Inlanders bruin, de Chinezen geel (naar men zegt).

      • RLMertens zegt:

        @JASomers; ‘gelijkwaardigheid etc.’- Het resultaat; ongelijkwaardigheid! Vooral benadrukt door oa. de instelling van ; Staatsblad Nederlander! Een Inlander, die zich met hart en ziel overgaf aan het Nederlanderschap! Zich koloniaal kon gedragen tov. eigen groep. Wat een pantomime! * ‘ vonden vooral Indo’s prachtig etc.’- Indo’s zijn Europeanen! Als was je bruiner dan de Inlander. Echter te veel pigment…..minder payement!

  10. Peter van den broek zegt:

    Nou dat zeg ik toch het verschil tussen Europeanen, Inlanders en anderen WAS ook eens wettelijk vastgelegd. Heb ik geen omhaal van woorden nodig, zucht. Anders had ik …… waren geschreven.

    En hoe het onderwijs in Nederlands-Indie was leggen anderen uit. Schaak en mat.

    • Jan A. Somers zegt:

      En de door u genoemde rangen- en standenmaatschappij, in de wet vastgesteld? En wat doet u dan met Art. 163 (5)? Weet u bijvoorbeeld onder welk recht een Chinees viel, die woonachtig op Formosa het Japanse onderdaanschap had verworven, en zich daarna vestigde in Indië? Ook Siamezen, Filippino’s, Turken en Egyptenaren vielen onder Nederlands recht. Het systeem was in beginsel een functionele decentralisatie, gegrond op de voorheen zo vaak toegekende exterritorialiteit. Het zijn als het ware verwijsregels in een quasi-internationaal privaatrecht.
      “particuliere organisaties, gerangschikt in hun eigen zuil, het opvoedende element invulden en afbakenden tegenover de ‘zorg’ van de staat, was dat in Indië veel minder of helemaal niet het geval. ” Juist heel sterk! Niet in de wet, maar in bestuurlijke afspraken. Bijvoorbeeld de missiegebieden waar openbaar lager onderwijs praktisch ontbrak. Zo was bijvoorbeeld Nieuw-Guinee verdeeld tussen de zending in het noorden en de missie in het zuiden. In die gebieden maakte de overheid ook graag gebruik van de medische zorg door missie/zending. Dat ging in één adem makkelijk samen. Ik denk nog altijd aan pater Geurtjens. Die was volgens mij blijer met een medische post en schooltje erbij dan een paar zieltjes erbij. Daar zorgde God later zelf wel voor.
      In Soerabaja: Een katholieke jongens lagere school (bestaat nog steeds) plus AMS/Mulo. Een katholieke meisjes lagere school (bestaat nog steeds) plus MMS/Mulo. Een openbare lagere school. ik weet niet of die van de gemeente was of een particuliere stichting. En een gemeentelijke HBS en een gemeentelijk gymnasium. U ziet een keurige samenwerking resulterend in elkaar aanvullend.
      Ook verdeelde krachten op medisch gebied: In Soerabaja een katholiek ziekenhuis, een Leger des Heils hospitaal en een gemeentelijke CBZ (waar ik geboren ben). Los van het marine hospitaal in Goebeng.

  11. Peter van den Broek zegt:

    De zogeheten schoolpacificatie, die in 1917 in Nederland werd bereikt en leidde tot financiële gelijkstelling, had geen effect op de situatie in onze koloniën. Dwz het bijzonder onderwijs. katholiek en protestants onderwijs in Nederlands-Indie kreeg officieel geen financiële steun van het Gouvernement, daardoor werd de financiële hindernis voor de inlanders nog groter. Het gebrek aan financiële steun aan het bijzonder onderwijs in Nederlands-Indie was wel begrijpelijk.

    Zoals in de literatuur vermeld werd, waren de islamitische scholen het hete hangijzer voor het Gouvernement. Toekenning van financiële steun aan het bijzonder onderwijs heette in de praktijk dat voor islamitische scholen een oplossing moest worden gezocht en dat wilde het Gouvernement niet. Het Gouvernement wilde met alle macht voorkomen dat Islamitisch onderwijs in wat voor vorm en wat daarbij hoorde enig voet aan d grond kreeg in Nederlands Indie, zonder de islamitische bevolking tegen het hoofd te stoten. Het zouden maar brandhaarden van nationalisme worden.

    Het is toch een beetje vreemd dat in een overwegend islamitisch land (>90%) wel katholieke ziekenhuizen bestonden, maar ik ken geen islamitisch ziekenhuis!!!! Dan is een “keurige samenwerking resulterend in elkaar aanvullend” toch een opmerking die nergens op slaat!!!!.

    • Jan A. Somers zegt:

      Hoe vaak moet ik het herhalen. De overheid bemoeit zich in principe niet met initiatieven voor wat onderwijs betreft. Alleen een aanvullende taak, Die dan met openbaar onderwijs wordt opgevuld. Zowel in Indië als in Nederland. En voor bijzondere scholen natuurlijk dezelfde kwaliteitseisen en Inspectie (en bekostiging) als voor de openbare scholen
      Voorbeelden voor Nederland: Delft: Lager onderwijs zowel door katholiek als christelijk onderwijs zelf geregeld. Gemeente vult aan met openbaar lager onderwijs. Middelbaar onderwijs zowel door katholiek als christelijk onderwijs zelf geregeld. Gemeente vult aan met openbaar onderwijs, gemeentelijke HBS en Gymnasium. Als de Islamitische gemeenschap geen school heeft gesticht, dat is dan zo. De gemeente kan geen islamitische school stichten. Walcheren: katholiek als christelijk lager onderwijs zelf geregeld. Gemeente vult aan met openbaar lager onderwijs. Overheid vult aan met openbare lagere scholen, RHBS in Vlissingen en gemeentelijk gymnasium in Middelburg. (Dat heten tegenwoordig schoolgemeenschappen) net als in Delft. Als de Islamitische gemeenschap geen school heeft gesticht, dat is dan zo.
      In Indië bemoeide de overheid zich, gelijk als in Nederland, in principe niet met initiatieven voor onderwijs. Ook alleen gaten vullen, kwaliteitseisen en Inspectie. Als de Moslimgemeenschap scholen wilde stichten, maar zich niet aan de kwaliteitseisen en inspectie wilde voldoen, dan is dat jammer: geen Islamitische school. En de overheid mag geen Islamitisch onderwijs brengen. Voor Soerabaja: Lager onderwijs (plus Mulo) zowel door katholiek als christelijk onderwijs zelf geregeld. Gemeente vult aan met openbaar lager onderwijs. Gemeente zorgde voor openbaar, gemeentelijke HBS en Gymnasium.
      Voor bijvoorbeeld technisch- en beroepsonderwijs zijn er zowel in Nederland als Indië nauwelijks kerkelijke initiatieven. Naar behoefte hier en daar stichtingen voor openbaar onderwijs, verder alles overheidsonderwijs. U ziet, kerkgenootschappen en particuliere stichtingen nemen de initiatieven, de overheid vult aan, met openbaar onderwijs. Dat zoeken de Islamitische gemeenschappen zelf maar uit, of doen dat niet. Voor Indonesisch onderwijs was er in de missiegebieden alleen belangstelling bij de kerkgenootschappen (waar de Moslims niet aan meededen.) Verder stichten door de overheid, bijvoorbeeld HIS, HCS, kweekscholen, OSVIA, STOVIA, NIAS. Naast de genoemde opleidingen ook een heel scala aan scholen voor beroepsonderwijs, zoals ambachtsscholen, technische scholen, handelsscholen, landbouwscholen, geneeskundige scholen, zeevaartscholen en huishoudscholen, zowel voor de inheemse als Europese bevolkingsgroepen, en deels gemengd. Zowel het Europees lager onderwijs als het middelbaar- en universitair onderwijs waren concordant aan het onderwijs in Nederland. Eenvoudig toch? ” geen islamitisch ziekenhuis!!!!” Klopt helemaal! Zie hierboven. De overheid gaf, net als in Nederland, voorrang aan levensbeschouwelijke initiatieven. Als de Moslimgenootschap daar niet bij is. dan is dat dan zo. Zowel ni Nederland als in Indië was er geen gebrek aan medische zorg.
      In de missiegebieden waren er andere afspraken. Primair onderwijs was alleen mogelijk op laag niveau, lezen, schrijven, rekenen. En dat werd overgelaten aan kerkelijke en particuliere groeperingen. En waren hier geen vaste overheidseisen en Inspectie mogelijk. Ook hier lieten de Moslims (die in die gebieden nauwelijks aanwezig waren), verstak gaan.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s