Selecta: ‘Open voor alle landaarden’

De geschiedenis van het badcomplex Selecta in Poenten/Batoe, Oost-Java

Op 21 augustus 1933 meldde het Soerabaijasch Handelsblad de komst van een nieuw zwembad te Poenten, in de buurt van Batoe:
“Bevordering zwemsport. De omstandigheid, dat ter hoofdplaats Malang en in de omstreken reeds een tiental gelegenheden gevonden worden, waar men de zwemsport kan beoefenen, was den ondernemende heer De Ruijter de Wildt te Poenten geen beletsel, op zijn landgoed Selecta, ideaal gelegen op de Ardjoenohelling, een zweminrichting te projecteren; het bouwen hiervan is reeds in vollen gang. Het bassin zal voldoen aan de voorschriften van de Oost-Java Zwembond en de afmetingen ervan zijn 42 bij 15 M. Het bassin wordt dus groter dan het Gemeentelijk Zwembad te Malang. De zweminrichting is te midden der djeroektuinen gelegen en men heeft aan alle zijden een onbelemmerd vergezicht op de omringende bergen. Een flink restauratiebedrijf wordt op het terrein opgericht.”

 

Het zwembad Selecta

 

Het zwembad was dus een privé-initiatief van een planter, de heer F. de Ruyter de Wildt, die zijn heil wilde beproeven in het uitbaten van een toeristische attractie. In november 1933 vond de opening plaats in aanwezigheid van vele honderden bezoekers. Na de gebruikelijke toespraken werd een programma met zwemwedstrijden afgewerkt. “ Een lunch sloot dit gedeelte van de zwemdag af en de nijvere helpers en lieve helpsters van de heer De Ruijter de Wildt, die blijkbaar zijne ganse familie gemobiliseerd had, werkten als paarden om iedereen te voorzien van spijs en drank. Specialités de la maison waren wel nasi-goreng en… aardbeien met room! Wij zijn er zeker van, in dit oord de Soerabaiasche en Malangsche zwemmers nog vele malen te ontmoeten!”

Het bad met de bijbehorende bebouwing en groenvoorziening oogstte alom bewondering. In 1935 verscheen een uiterst lovende recensie in de Indische Courant:

“Selecta is overigens voor Indië wel iets bijzonders. Het ligt in een diepe terreinplooi, in een kom tussen de bergen, en alleen naar één zijde heeft men het uitzicht op het verwijderde Batoe, dat vooral ook ’s avonds mooi moet zijn met zijn vele lichtjes.
Op de toppen der lage heuvels rondom groeien dennen en het water in het bassin is groenachtig-blauw — smaragd noemt men dit misschien — en doet denken aan de Middellandse zee.
De gehele omgeving herinnert overigens aan dat deel der aarde. Een paar bomen in de gedaante van cypressen silhouetteren tegen de blauwe lucht. En het badhuis Selecta zelf zweemt in zijn architectuur naar de stijl der oude Romeinen. Platte daken, rechte kolommen, vierkant en wit, waaraan nog slechts de bloemen en de klimplanten ontbreken om de illusie van een Romeinse pergola te vervolmaken. Ook dat zal mettertijd nog komen.
Onberispelijk helder en schoon is alles hier; niets is groenbemost, niets is begroeid en aangekoekt van modderspatten en vegetatie, zoals overal in Indië gebruikelijk.
De tuin is een échte tuin en geen grintwoestijn, nóch een kaal geveegd kleivlak, waarop nooit iets zal willen groeien. Er is hier een Westerling aan ’t werk geweest, en hij heeft het oude met het nieuwe op gelukkige wijze gecombineerd.
Hekken, balustrades en lichtpalen heeft hij gemaakt van gaspijpen met ellebogen en T-stukken — de Ouden gebruikten daartoe kunstsmeedwerk — maar hij heeft het zodanig geplant te midden van zijn andere plastische materialen, dat het volkomen harmonieert.
De verf is fris; de kalk is wit; onberispelijk schoon is alles; en het zwembad, met zijn brede ommegang van lichtkleurige tegels, waarlangs zich aan drie zijden de kleedkamers rijen, is, vooral zoals het op dien doordeweekse morgen daar ledig voor ons lag in de zon, iets bijzonders, dat men niet alle dagen ziet in dit land.”

Aldus de krant. Misschien overbodig hier nog even te wijzen op de tekst dat hier de droom van ‘een Westerling’ was geschapen, gebruikmakend van de allerverhevenste Romeinse architectuur, in contrast met de groenbemoste en bemodderspatte bouwsels van de inlanders. Maar allez, mooi was het wél.

De openingswedstrijden in 1933

Diefstallen

Het complex was van het begin af aan succesvol, en al snel werden een hotel en bungalows toegevoegd. Het had echter ook te kampen met tegenslagen. In 1934 en 1935 kwam het bad regelmatig in het nieuws in verband met diefstallen. Zo schreef het Soerabaijasch Handelsblad: “Het Landgerecht. Zaterdag jl. zitting houdende te Batoe, nam daar in behandeling de diefstalzaak in het zwembad van Selecta en wel de op 23 Juni 1935 gepleegde onregelmatigheid door een Chinees jongmens genaamd T. H. L., oud 16 Jaar, geboren te Pakis nabij Malang en thans alhier woonachtig. Op hem was bij fouilleren bevonden een geldbeurs inhoudende ƒ 23,67 en dit bedrag was van diverse diefstallen afkomstig. (…) Beklaagde deed een relaas van de wijze, waarop hij bij zijn optreden te werk ging. Hij ging daartoe met een bal in het water spelen en gooide dan van het water uit de bal in een kleedhokje, waarvan de deur openstond. Dan ging hij snel de bal terughalen en fouilleerde dan in een oogwenk de zakken der kledingstukken, in het badhokje opgehangen. Teneinde minder in de gaten te lopen nam hij steeds een niet al te groot bedrag uit een portemonnee, zodat tekort aan het licht zou kunnen komen. Als getuige werd nog gehoord de eigenaar van Selecta, de heer F. de Ruyter de Wildt, waarna het vonnis viel. Wegens overtreding van art. 364 W. v. S. (lichte diefstal) werd, overeenkomstig den eis van den Fiscaal-griffier, beklaagde veroordeeld tot 1 maand gevangenisstraf.”

Dit was niet de enige zaak. In 1934 was bij Selecta een jeugdbende uit Malang (‘Europese jongelui van goeden huize’) actief, die uiteindelijk, in juli 1935, zou worden berecht tot gevangenisstraffen van drie tot vijf maanden. De Europese pers sprak schande van het gebeuren, maar wees tegelijkertijd op de verantwoordelijkheid van de ouders. Méér en beter toezicht zou de oplossing zijn.

Toelatingsbeleid

Voor wie was het bad eigenlijk bedoeld? Welke waarde moet worden gehecht aan de naamgeving?

Over het toelatingsbeleid lezen we het verslag van enkele bezoekers in de Indische Courant: “Reeds in den naam van dit zwembad ligt den wensen uitgedrukt ‘te selecteren’ Nu zou men hier gemakkelijk met enige ironie kunnen vaststellen, dat de directie daarin niet altijd op even gelukkige wijze is geslaagd! In een materialistische maatschappij als de onze selecteert men gewoonlijk op basis van de aardse middelen, die de personen ten dienste staan, en de directie van Selecta volgt dien regel door elk den toegang te weigeren, die niet in staat is twee kwartjes entree te betalen, alvorens haar etablissement te betreden. Waar wij, poor hikers, dodelijk vermoeid waren en snakten naar een stoel en een dronk, getroostten wij ons dit offer, ook al vonden wij, dat het slecht paste in deze beroerde tijden.”

Het lijkt erop dat De Ruyter de Wildt met de naamgeving geen ander doel voor ogen had dan het benadrukken van het unieke karakter van het bad. De naam ‘Selecta’ had hij gewoon overgenomen van zijn al lang bestaande bloemen en fruithandel.

Uit De Zwemkroniek van 1 april 1935: “Het blijft een ideaal zwemoord, het bad Selecta van de heer De Ruyter de Wildt en de vele honderden, die Zondag j.l. uit de Oosthoek naar Batoe zijn getrokken om getuigen te zijn van het jaarlijkse zwemfeest, zullen ook wel weer onder de bekoring zijn gekomen van deze wel bijzonder gelukkig getraceerde zwemgelegenheid. Het was er druk, overdruk zelfs, zonder hinderlijk te zijn, en het was er gezellig, en het was er inderdaad geselecteerd, zodat de naam van het bad alle eer werd aangedaan. Het is nog een hele klim van Batoe naar boven, en men kruipt soms met den wagen langs min of meer ongebaande bergpaden, waar, vooral als er wat regen is gevallen, oppassen de boodschap is. De Oost-Java Zwem Bond zwaaide er den scepter, dat betekent, dat het dik in orde was, wat de regeling van de wedstrijdnummers en de afwerking van het programma betreft. Ook de jury had men zorgvuldig geselecteerd en ook deze selectie bleek buitengewoon goed bij Selecta en het selecte publiek aan te passen.”

Het is duidelijk dat de pers volop gebruik maakte van de naamgeving van het bad, overigens zonder te refereren aan enige regelgeving ten aanzien van verschillende bevolkingsgroepen. Een mogelijk onderscheid naar landaarden lijkt in deze eerste jaren geen issue te zijn geweest. Nog los van het feit dat het zwemmen als sport als typisch Europees werd gezien en dus geen aantrekkingskracht uitoefende op de inheemse bevolking, was voor deze laatste de toegangsprijs een enorme barrière.  Twee kwartjes in crisistijd was heel veel geld!

Advertentie Selecta, 17 februari 1937

En toch, opeens, verscheen op 17 februari 1937 in de Indische Courant en Soerabaijasch Handelsblad het volgende bericht: “De Directie van Selecta ziet zich genoodzaakt, het zwembad, dat tot nu voor alle landaarden toegankelijk was, alleen op maandag en vrijdag open te stellen voor Vreemde Oosterlingen, doch ook op deze dagen niet, indien zij vallen op officiële feestdagen.”

Wat was er gebeurd? Hier tasten we in het duister. In de kranten werd geen melding gedaan van ongeregeldheden in verband met de samenstelling van het zwempubliek. Het aantal niet-Europeanen zal ook gering zijn geweest. Waren er toch klachten van de kant van de Europese zwemmers? Waren deze ingegeven door houding of handelen van niet-Europeanen, of was slechts sprake van vermeende onenigheden? Geen idee. Het bericht in genoemde kranten is ook niet helemaal duidelijk. Wordt onder ‘alle landaarden´ ook inheemsen gerekend? Of alleen Vreemde Oosterlingen (Chinezen, Arabieren)?

Het bericht geeft wél aan, dat tot dat moment sprake was geweest van een liberaal toelatingsbeleid. De entreeprijs was waarschijnlijk de enige echte drempel. Van een bord met een tekst als ‘inlanders en honden niet toegestaan’ zoals vermeld in sommige beschrijvingen van het vooroorlogse Indië,  zal dan ook geen sprake zijn geweest. We weten overigens niet welke teksten zijn gebruikt bij de entree van het bad vanaf 1937. Het feit, dat  Vreemde Oosterlingen twee dagen in de week welkom waren, duidt weliswaar op rassensegregatie (in de Verenigde Staten werd deze pas afgeschaft in 1964) maar niet op absolute onwil. De tekst ‘de directie ziet zich genoodzaakt’ legt de grond en zwaarte van de beslissing in zekere zin bij anderen, hetzij de Europese- hetzij de niet-Europese gebruikers van het bad.

Europese gebruikers

De afloop

De oorlog woedde ook in Poenten, en werd dus ook Selecta noodlottig. Tijdens de Japanse bezetting werd het badhotel Selecta door de Japanners tot een staatshotel ingericht, waar alleen hoge Japanse militaire en civiele autoriteiten voor herstel of dienstzaken, mochten logeren. Het zwembad werd echter bij het algemene vandalisme gespaard. De eigenaar van het complex, de heer De Ruyter de Wildt, overleed in Japanse gevangenschap in 1945.

Tijdens de eerste politionele actie in Juli 1947 werd het hotel geheel verwoest. Ook van de villa’s, die bij honderdtallen in de omgeving van Batoe en Poenten stonden, bleef weinig meer over.

Badhotel Selecta

Na de souvereiniteitsoverdracht werd het complex weer nieuw leven ingeblazen. Uit De Vrije Pers, van 10 februari 1950: “Naar wij vernemen, is de bevolking van Batoe en Toeloengredjo bezig het zwembad van het indertijd vernielde hotel Selecta te repareren. Blijkbaar wil men het zelf gaan exploiteren. De reparatiewerkzaamheden zullen vermoedelijk in April gereed zijn. Hoe het precies met de eigendomsrechten zit, is ons niet bekend.”

Dit eigendomsrecht was in februari 1950 misschien voor De Vrije Pers nog interessant, later werd er niet meer over gesproken. Het complex was nu in Indonesische handen.

Op 5 juli 1950 schreef de Nieuwe Courant: “Het zwembad werd zo goed als het enigszins mogelijk was, gerestaureerd en bedrijfsklaar gemaakt, waarbij een gewezen employé van het badhotel Selecta, die zo’n beetje de klappen van de zweep in het zwembadbedrijf kende, een belangrijk aandeel had in de werkzaamheden. Thans trekt Selecta weer een genoegzaam aantal bezoekers, hoofdzakelijk van Malang, waarbij het op zon- en andere vrije dagen het heel gezellig druk is.”

En zo is het gebleven. Ook thans is Selecta nog in gebruik, en, gelukkig, open voor alle landaarden.

x

x

Selecta in 1991

Selecta, ca. 2000 (foto Jan Somers)

Selecta thans

Dit bericht werd geplaatst in 9. Java Post. Bookmark de permalink .

50 reacties op Selecta: ‘Open voor alle landaarden’

  1. H. A. Naberman. zegt:

    Het was en is er goed toeven!

  2. Jan A. Somers zegt:

    De eerste hoge plank in mijn leven. Als een kip zonder kop toch springen. Ik hem hem in 1997 terug gezien. Was toen verstandig, niet gesprongen. Verder alles hetzelfde! Met stalletjes appels!

  3. Ziska Kountul-Loth zegt:

    Ik ben er in 1986 geweest. Wel even wennen water was best koud.

    Verstuurd vanaf mijn iPhone

  4. Jeanne zegt:

    3x met schoolreisjes geweest. Ijskoud bronwater brrrrrr

  5. Rubens Agaatsz zegt:

    Ik ben er in 1964 en 1982 geweest .. Vrijwel niks veranderd toen na mijn eerste bezoek . Het water nog steeds …koud!!! Prachtige omgeving

  6. Peter van den Broek zegt:

    Batoe-Poenten-Zonnehuis

    Batoe ligt ongeveer 20 km ten noord-westen van Malang, hoog in de bergen. De plaats Poenten ligt ongeveer 5 km ten noorden van Batoe.

    Begin Oktober 1945 worden 220 vrouwen en kinderen uit de omgeving in een “Republikeins beschermingskamp” in Poenten ondergebracht. Er is een mannenkamp en een vrouwenkamp, direct naast elkaar gelegen. Het vrouwenkamp bevindt zich in het  Zonnehuis, met 5 kamers in het hoofdgebouw en 6 kamers in de bijge­bouwen. De kampbewaking bestaat uit pemoeda’s en circa 10 TKR-soldaten

    Een IRK-rapport maakt melding van totaal vier huizen in plaats van twee: mogelijk zaten de vrouwen en kinderen in meer dan één huis.

    In November 1945 vertrekken 90 vrouwen en kinderen in eerste instantie naar Villa Nijland in Batoe, maar in dezelfde maand naar badhotel Songgoriti in Batoe.

    Op 4 januari 1946 vertrekken de rest van de vrouwen en kinderen (130) ook naar badhotel Songgoriti in Batoe. Van daaruit worden zij in Juni 1946 via kamp de Wijk in Malang geevacueerd naar Batavia

    De mannen en jongens (131) vertrekken in juni 1946 van Poenten naar badhotel Songgoriti in Bato. Later in het jaar, maar mogelijk ook in 1947 worden ook zij en de rest van de vrouwen geevacueerd naar Batavia.

    Via Bersiapkampen.nl is precies na te gaan hoe de stroom mannen, jongens, vrouwen en kinderen zich van plaats naar plaats beweegt.
    De vraag blijft open waarom deze personen ueberhaupt in een kamp in de bergen in Nowhere worden opgesloten en van hot naar her versleept. Even aan Mevr. M. van Delden vragen?

    • Jan A. Somers zegt:

      “Even aan Mevr. M. van Delden vragen?” En nog een vraag voor Mw. Van Delden. Waarom werden vrouwen en kinderen uit de woonwijk en kamp Darmo in Soerabaja niet gewoon overgedragen aan de Britse troepen op een steenworp afstand? Zij stonden onder afdoende bescherming van die Brits-Indiërs totdat zij gedwongen waren die bescherming op te geven. Waarna die vrouwen en kinderen werden afgevoerd, eerst via diverse suikerfabrieken naar Patjet (beschermingskamp?), en vandaar via van hot naar her naar Midden-Java waar ze in juli 1946 vrij kwamen door bemiddeling van het Rode Kruis? Gesjouw voor niks, en die Indonesiërs maakten het zichzelf alleen maar moeilijk. En waarom wel ‘beschermingskampen’ voor inwoners van Batoe, en niet voor het hogerop gelegen Poedjon? Mijn grootmoeder? (En Poenten?). In Soerabaja, op Kembang Kuning liggen wel de verzamelgraven (eufemisme voor massagraven) voor de mensen uit Poedjon, naamloos!

      • Jan A. Somers zegt:

        Sorry, foutje, voor Poenten was wel ‘bescherming’ georganiseerd. Niet voor Soember Brantas.

  7. Ælle zegt:

    Op Krul Antiquarian Books komt men hele leuke foto’s tegen van het zwembad, tijdens de opening
    in 1930 en andere uit 1935.
    Ik geniet van alle foto’s uit die mooie mij onbekende tijd/tempo doeloe.
    Kijkt u mee?
    https://krulantiquarianbooks.nl/

  8. August Pijma zegt:

    Sent from Yahoo Mail on Android

  9. Renée Lok-Wortman zegt:

    Dick de Ruyter de Wildt was een halfbroer van
    mijn vader en de zoon van Maud Sarah Taylor

  10. Jan A. Somers zegt:

    Toegangsprijs was wel hoog voor een gezin. Relatief gezien zelfs hoger dan de Efteling. Zelfs duur voor een gezin van een hoofdambtenaar. Ik ben er vóór de oorlog maar twee keer geweest, vanuit Poedjon, aan de andere kant van de Kawi. Met mensen die een abonnement hadden met de mogelijkheid van (goedkopere) introducees. Wat de meeste mensen niet wisten is dat ze bij wat verder rijden in Soember Brantas kwamen, prachtig gebied! En ook spannend, dit was de bron van de kali waar ik in Soerabaja elke dag langs fietste.
    Als je, komend uit Malang, in Batoe rechtsaf sloeg naar Selecta, had je op de hoek het landgoed van Bouman, een rijke autohandelaar uit Soerabaja. Op dat landgoed had hij ook een katholieke kerk met een priester op zijn kosten. En kampeergelegenheid plus zwembad voor de padvinderij in Soerabaja. Bij slecht weer konden die terecht in een groot clubhuis met slaapzalen. Voor die activiteiten kreeg hij een belangrijke pauselijke onderscheiding. Bij die ceremonie in een kerk in Soerabaja was ik misdienaar. Met een bisschop: mieter op, mieter af enz. Ik had nog nooit zoveel hotemetoten bij elkaar gezien.
    Batoe was ook een centrum voor de teelt van Europees fruit, vooral appels, in het dorp staat daar
    een monument voor, en kraampjes met kunstig gestapelde appels in Selecta. In de bomen de appels in papieren zakjes tegen te veel zon. Ik heb er nog recente foto’s van. Mijn oom James, in Poedjon, deed mee aan die kweek op zijn bloemenkwekerij in Poedjon.
    De ouders van Herman Bussemaker (geboren op 3 februari 1935 te Soerabaja) bezaten een sinaasappelplantage in de bergen boven Batoe (Oost-Java).

  11. Ludolphine Grijns zegt:

    Ook toevallig! Lees ik in een brief van 10-10-1938, die mijn grootmoeder vanuit NL schreef aan vrienden in Malang:”Selecta vond ze een waar paradijs” .’Ze’ is mijn moeder, lerares aan de Plantersschool in Brastagi, die haar ‘grote’ vakantie op Java had doorgebracht en daar door deze vrienden in een auto overal mee naar toe was genomen. Ik had geen idee wat ‘Selecta’ was – dacht dat wellicht de villa van die familie zo heette… En zie…daar komt Java Post met het antwoord!

  12. DP Tick zegt:

    Mijn vader is v 1931 in Malang en hij had het er vaak over.Dus ik moest er dan ook maar eens heen in ca 2011.Het is inderdaad goed toeven daar.Maar vooral de ligging en de mooie natuur/bloemperken erom heen is zeer aangenaam.Malang is al koel gelegen,maar het zwembad was helemaal fantastisch.Overigens:ben nu met KRO/NCRV,bechezig om een schedel ve opgehangen vrijheidstrijder(Demang Lehman)v Leiden terug te laten brengen naar Banjarmasin.De schedel was daar om antropologische redenen.Zeer gevoelig onderwerp.We hopen hiermede verzoening tussen Banjarmasin(sultanaat werd in 1860 opgeheven)en Nederland te bewerkstelligen.Een team v journalisten hoop binnenkort hiervoor naar Banjarmasin af te reizen. We kregen hier grote medewerking v de Indonesische regering.In september reist een ander,TV,team naar Banjarmasin,wat een toeval..of een zegen v Boven?!;om onderzoek te doen naar objecten o.,a de zeer grote Banjarmasin diamant,naar objecten die toch verkregen zijn met onnodig veel politieke druk(uitleg v 2019).Dat is voor de TV serie DE BUIT”Hopenlijk mogen beide projecten met de welwillende medewerking v Indonesische regering tot een goed einde gebracht worden.Zodat de banden tussenbeide landen ietsje meer mogen opbloeien.Ik heb het initiatief en medewerking eraan mogen verlenen.Ben ik zeer trots op.O.a. daar mijn vrouw de afstammelinge is vd laatste sultan v Banjarmasin(die de diamant gaf en na zijn dood in 1857 er een geschil tussen NL en Banjarmasin werd uitgevochten wie de nieuwe sultan mocht worden.Na het einde vd volle strijd werd ook Demang Lemang vw verraad geexecuteerd.Zijn hoofd eraf gehakt om te voorkomen dat er mensen zouden opstaan en zeggen dat ze Demang Lemang waren.Dank U Donald Tick facebook: Donald Tick

  13. R.L.Mertens zegt:

    ‘selecta: open voor alle landaarden’- Uit Ellen Utrecht(echtgenote prof.E.Utrecht); Twee zijden van een waterscheiding; ‘er wel degelijk plaatsen en instellingen waar een selectief toelatingsbeleid ten opzichte van de Indonesiërs werd toegepast. dit betrof onder meer sommige recreatieve gelegenheden, zoals het zwembad Selecta, een bergoord in de buurt van Malang. Er werden wel Indonesiërs toegelaten, maar op zeer geselecteerde basis. Mijn man vertelde mij, dat hij in zijn schooljaren met zijn vrienden in Selecta kwam zwemmen, naar het administratiekantoortje bij de ingang van het zwembad werd geroepen en daar moest uitleggen, waar zijn vader werkte en in wat voor functie, en op welke school hij was ingeschreven. Voor deze ongebruikelijke gang van zaken- het was hem nog nergens anders overkomen- kon hij geen ander verklaring vinden dan, dat hij een donkere huidskleur had. Een paar jaar voor de oorlog uitbrak, kwam Selecta met iets nieuws, waarover de mensen spraken; het stelde op één weekdag zijn zwembad voor iedereen; inclusief alle Oosterlingen! Dat was de dag vóór de wekelijkse schoonmaak van het bad!’

    • buitenzorg zegt:

      ….waarmee is aangetoond dat deze herinnering niet conform de werkelijkheid was.

      • R.L.Mertens zegt:

        @buitenzorg; ‘deze herinneringen etc.’- Slechte herinneringen……..

      • RLMertens zegt:

        @Buitenzorg; ‘verboden voor etc.’- Geert Mak; De eeuw van mijn vader; Bordjes ‘verboden voor inlanders’ bestonden in Medan niet, maar geen Indonesiër zou het ooit wagen om het zwembad te betreden waarin mijn ouders de middag doorbrachten.

      • Jan A. Somers zegt:

        “maar geen Indonesiër zou het ooit wagen” Dat is in het Nederlands toch wat anders dan verbieden? Ik denk niet dat u het waagt bij de sociëteit van het DSC binnen te gaan. (staat overigens geen verbodsbord, behalve misschien ‘fietsen niet voor de deur te plaatsen’. Misschien op uitnodiging voor een concert van de DSCband?

      • R.L.Mertens zegt:

        @JASomers; ‘wat anders dan verbieden etc.- Mi.nog erger dan verbieden! Door heel Indië een ‘berucht/beroemd’ bord. Uitsluitend bestemd voor de geletterde Inlander, die het waagt….

    • Peter van den Broek zegt:

      Was dhr. Somers lid van het DSC? Dan worden vele dingen mij wel duidelijk.

      Voor de gezondheid is het niet aan te raden om daar binnen te gaan

      • Jan A. Somers zegt:

        Nou, die duidelijkheid valt dus vies tegen. DSCband, daar ben ik wel een fan van. Voor een vereniging had ik geld noch tijd, dat had u al (begrijpend) kunnen lezen. Jammer he, dat u me weer niet dwars kunt zitten. Het was al een paar dagen ongebruikelijk rustig. Kon zeker niets tegen mij vinden? Neem maar alvast een slaappilletje.

  14. joost van bodegom zegt:

    Ik ben er in 1938 bijna verdronken. Op verkenning over het hekje van het pierenbadje geklommen en langs de rand van het diepe verder tot ik kopje onder ging.. De badmeester heeft me er uit moeten halen door er in te springen. Ik herinner het me nog als de dag van gisteren….
    Het werd het begin van een jarenlange onaangename herhaal verdrinkingsdroom. Die hield pas op na mijn 15e. Toen ik in dat jaar weer eens dromend “verdronk” kon het me niets meer schelen en liet ik me rustig naar de bodem van het Paterswoldse meer zakken. Daarna nooit meer last gehad…. Dat Selecta toch.

    • joost van bodegom zegt:

      Een merkwaardig toeval’
      Een tiental jaren geleden logeerde ik bij een kampvriendje uit BB XI in Allentown, VS.
      Hij had een mooi buitenverblijf even ten noorden van die plek, Treetops genaamd. Pieter Knibbe is zijn naam. Vanuit dat huis maakten wij diverse wandelingen. Een daarvan eindigde voor mij bijna fataal. Ik maakte een kleine buiteling van een rotspunt en kwam ongelukkig met mijn mijn achterhoofd op een steen terecht. Even buiten bewustzijn, met slechts een kleine snee maar bloedend als een rund. Enfin, alles is goed terecht gekomen . Maar het toevallige zit hem in de mededeling van vriend Pieter, die eergisteren bij mij logeerde, dat een van de vorige eigenaren van Treetops een mevrouw De Ruyter de Wildt was. Jawel, de dochter van….

      • Renée A. Lok zegt:

        Heel toevallig, de halfbroer van mijn vader was Dick Ruyter de Wildt. Hij was een zoon van Maud Sarah Taylor.
        Selecta was voor hen een bron van plezier

  15. Jan A. Somers zegt:

    Op mijn nu ook geplaatste foto zie je een moderniteit. Een helikopter! Ik heb maar niet naar de prijs van de rondvlucht gevraagd.

    • ælle zegt:

      Is die 3 en een half de diepte in meters, Jan? Wel erg diep toch.
      Minimaal olympisch is 2 meter.
      Ik kan niet zwemmen, nooit geleerd; bijna verdronken ik Cipanas toen ik ondergedompeld werd door een trut/ klasgenote! Niemand zag ’t gebeuren, maar ik vergeet nooit.

      • J.A. Somers zegt:

        “Is die 3 en een half de diepte in meters, Jan?” Weet niet, zal toch wel? Je staat als jongen van 10/11 op het eind van de hoge plank (op zichzelf al stom!). Ziet er diep uit! Omdraaien om terug te lopen durf je niet. Kruisje slaan, ogen dicht, eentweedrie in Godsnaam, springen. Leef nog. Was dus waarschijnlijk 3,5 m.

      • R Geenen zegt:

        @@Is die 3 en een half de diepte in meters, Jan? Wel erg diep toch.
        Minimaal olympisch is 2 meter.@@

        Er zijn eisen voor de diepte van een pool in verhouding tot de hoogte van de duikplank. Duikplanken kunnen op 1.5 meter, 3 meter of 10 meter hoog geplaatst worden. Zwembad in mijn achtertuin loopt van 3 treden tot ongeveer 2.20 diep. Heb geen springplank, maar een glijbaan.
        Op ongeveer 1 meter diepte kan ik via de wanden een touw spannen, zodat kinderen en mensen die niet kunnen zwemmen, weten hoe ver ze kunnen gaan.

      • Jan A. Somers zegt:

        Sorry, weet het gewoon niet als sinjo van 10/11.

  16. Peter van den Broek zegt:

    Bussemaker verwijst in zijn boek “Bersiap Opstand in het Paradijs” naar een vooraanstaand historicus Robert Cribb. Die geeft in zijn dissertatie “Jakarta in the Indonesian revolution 1945-1950” (1984-) aan dat bij de ingang van het Tjikinizwembad een bord stond “verboden voor inlanders en honden”. Hij baseert zich op 2 interviews .
    Bussemaker vindt in zijn onderzoek en gesprekken geen bevestiging hiervan en verwijst dit staaltje van discriminatie naar het rijk der fabeltjes.

    Wel een kromme redenering van Bussemaker. Zo werkt dat niet in de wetenschap. Als Bussemaker zelf niets vindt, dan betekent het niet dat het bordje niet bestaat, want wat is dan de waarde van door Cribb aangehaalde interviews?

    Bussemaker maakt zijn kromme redenering nog erger , want hij haalt een hooggeplaatste Indonesier aan,Hoessien Djajadinigrat, die aangeeft datTjikini wel degelijk gebruikt werd door hen (hoge inlanders). Dat zegt natuurlijk niks over het bestaan van het bewuste bordje, daarnaast draagt Bussemaker maar 1 geinterviewde/getuige aan.

    Belangrijk in de discussie is wel de positie van de getuige in de toenmalige Indische maatschappij, de pikorde Het valt mij dan op dat de waarde van getuigenissen van Indonesiers/inlanders over het bestaan van het bord anders wordt gewaardeerd, dan de getuigenissen van niet-Indonesiers., dwz Europeanen Dat is toch een vorm van koloniale bijziendheid.

    • buitenzorg zegt:

      Kromme redeneringen zijn er in vele vormen en maten. Ik heb met mijn artikel aangetoond dat een dergelijk bord bij Tjikini ondenkbaar was. Ik word een beetje moe van het reageren op reacties als bovenstaande. Mertens en Van de Broek gaan niet in op mijn artikel, maar komen met verklaringen van-horen-zeggen. Nu hoor ik ook veel, maar dat schiet niet op.
      Laat ik het op een andere manier duidelijk maken. Als ik onderzoek doe, dan doe ik dan niet voor niets. Als de niet-gelovigen mij niet in mijn redenering willen volgen, dan accepteer ik dat, maar slechts op voorwaarde dat zij met grondiger tegenargumenten komen dan dat verschillende Indonesiërs of blanda’s ooit schreven dat een dergelijk bord er wél heeft gestaan. Natuurlijk kan ik niet ál die getuigenverklaringen falsificeren, onmogelijk. Maar maakt dat hun redenering houdbaarder dan de mijne? Niet, dus.

      Mijn uitdrukkelijk verzoek: blijf scherp, maar wel gefundeerd.
      Indien niet, dan komt een dag dat ik scherper ga modereren. Al was het alleen maar om mijn plezier in het bijhouden van de Java Post te behouden.
      Ik hoop dat ik hiermee duidelijk ben….

      • R.L.Mertens zegt:

        @Buitenzorg; ‘kromme redeneringen etc.- U heeft met het artikel helemaal niet aangetoond dat een dergelijk bord bij Tjekini ondenkbaar(!) was. Negens in uw artikel werd over een verbodsbord gerept. En natuurlijk niet! Wel is gesproken/geschreven aangaande het raciale toelatingsbeleid! Dat alles, bij de opening van het zwembad. Maar wat dacht u wat er daarna gebeurde; zie de kranten citaten over inlanders in de pers!
        Ik citeerde M.Ferguson; Angst op Java; die als HBS -ster in Tjekini gezwommen heeft en over dat bord heeft geschreven. Dus hoezo van horen zeggen? Ik dacht, dat mijn gefundeerde bijdragen juist een aanzet is om scherp (over Indië) te blijven. En Javapost open blijft voor allerlei (spannende) polemieken!

      • buitenzorg zegt:

        Natuurlijk verwees ik naar mijn artikel ‘verboden voor inlanders en honden

  17. Peter van den Broek zegt:

    De vraag
    Is het logisch-technisch te bewijzen dat iets niet bestaat?

    Het antwoord
    Of om het wat dichter bij huis te halen: kunnen we bewijzen dat kabouters (i.c. bord verboden voor honden en inlanders) niet bestaan? Antwoord: nee, dat gaat niet. Je kunt misschien bewijzen dat iets wel bestaat, bijvoorbeeld omdat je het kunt zien. Bewijzen dat iets er helemaal niet is, dat kan niet.

    Probeer het maar eens uit met de kabouters. We kunnen het bos intrekken en lang, heel lang zoeken. We zullen de kabouters waarschijnlijk niet vinden. Maar daarmee is nog niet gezegd dat ze er niet zijn. Ze kunnen zich misschien geweldig goed verstoppen. En het is onmogelijk om het niet-bestaan van kabouters direct waar te nemen; hoe zou dat niet- bestaan eruit moeten zien? Bewijs dat kabouters niet bestaan, hebben we kortom niet.

    De bewering dat kabouters niet bestaan is trouwens wel een respectabele wetenschappelijke bewering. Dat is het althans volgens de wetenschapsfilosoof Karl Popper. Hij vond een uitspraak wetenschappelijk als die door de feiten kan worden weerlegd. En inderdaad, met het spotten van een enkele kabouter weten we genoeg. Verder kan door lang en vruchteloos zoeken wel waarschijnlijk gemaakt worden dat kabouters niet bestaan. Tenminste, dat kunnen we wanneer we bij aanvang al onze twijfels over kabouters hebben. Ook dat wordt in de wetenschapsfilosofie, om precies te zijn in de confirmatietheorie, netjes uitgelegd.

    Helemaal vrij van twijfel zijn we echter nooit. Ook wanneer we willen bewijzen dat iets er wel is, dan moeten we er vanuit gaan dat we niet door onze zintuigen bedrogen worden. Om met de filosoof Descartes te spreken: we moeten geloven dat we niet door een kwelgeest bedrogen worden. Of door kabouters.

    Maar hoe zit het met dat “logisch-technisch”? Misschien is het idee dat sommige beweringen helemaal uit zichzelf bewezen kunnen worden. Misschien zijn kabouters, goed begrepen, niet verenigbaar met het bestaan als zodanig, zoals bijvoorbeeld het hele idee van een cirkel niet verenigbaar is met het hebben van hoeken. Maar dat gaat mij toch wat te ver. Dat wil ik die arme kabouters niet aandoen.

    Met vriendelijke groet,
    Prof. dr. J.W. Romeijn Afdeling Filosofie Rijksuniversiteit Groningen

    • buitenzorg zegt:

      Nuttige uitleg. Met dank aan Romeijn.
      Zullen we de ‘verboden voor inlanders en honden’-borden dan maar blijvend tot de kaboutercategorie rekenen?

      • Jan A. Somers zegt:

        En met dank al al die overgeschreven filosofen.

      • RLMertens zegt:

        @Buitenzorg; ‘kabouter catagorie etc.’- Echter wel, dat die kreet; verboden voor honden en inlanders, voor de Indonesiërs thans, het kenmerk is geworden van onze tempo doeloe!

    • Jan A. Somers zegt:

      “bewering dat kabouters niet bestaan (…) een respectabele wetenschappelijke bewering.” En de kabouterrepubliek dan? Of was dat van vóór uw tijd?

  18. Peter van den Broek zegt:

    Vòòrdat ik verder ga laat ik anderen aangeven wat het verschil is tussen feit en mening, wel essentieel in deze discussie. Ik laat weer die filosfen aan het woord, die geven handvaten voor een bruikbare discussie.

    Stelling: Wie rotsvast vertrouwt op het feit, verliest de waarheid uit het oog

    Doorgaans stellen we ‘feiten’ tegenover ‘meningen’ en denken we dat het uiteindelijk en vooral gaat om de feiten, waarover iedereen dan vervolgens zijn eigen mening kan hebben.
    Maar die gangbare tegenstelling is niet helemaal correct. Beter is het om te zeggen dat de kennis van feiten staat tegenover de mening die we kunnen hebben over… Ja, waarover eigenlijk? Ik denk: over de betekenis – dat wil zeggen, over wat die feiten ons te zeggen hebben.
    Zonder onze mening over de betekenis hebben de feiten geen enkele betekenis, hebben ze ons niets te zeggen.
    Het is dus correcter om te zeggen dat de feiten op zich er niet toe doen. Zolang ‘waarheid’ wordt geïdentificeerd met feitenkennis, is ook die waarheid niet van belang. Dat wordt ze pas door onze mening daarover. De vraag is of ook die mening ‘waar’ kan zijn. Maar hoe dat ook zij – wie in zijn menen niet naar waarheid zoekt, veroordeelt zichzelf tot stomme vanzelfsprekendheid.

    Paul van Tongeren
    Emeritus hoogleraar ethiek, Nijmegen

    
Wie rotsvast vertrouwt op wetenschappelijke feiten, verliest niet zozeer de waarheid uit het oog. Zo iemand heeft eerder last van een tunnelvisie. Een wetenschappelijk feit is het resultaat van een specifieke benadering van de werkelijkheid. Zo leert de scheikunde dat we een mengsel van 78,09 procent N2 en 20,94 procent O2 ademen, maar dat ervaren we niet als we inademen. Evenmin voelen we H2O-moleculen langs onze huid glijden – we zwemmen in water en dat voelt nat. Herakleitos, op zijn beurt, keek naar het stromende water in de rivier en stamelde dat alles stroomt. Deze verschillende ervaringen – de wetenschappelijke, alledaagse en filosofische waarneming – vormen verschillende perspectieven op dezelfde werkelijkheid. De wetenschappelijke waarneming is één manier om naar de wereld te kijken. Alléén uitgaan van wetenschappelijke feiten leidt echter tot een tunnelvisie en een vervreemding van onze leefwereld en onszelf. Het versmalt onze blik. Daarmee doen we de rijkdom van de wereld geweld aan.

    Elize de Mul
    Promovendus techniekfilosofie, Leiden

    ‘Bloße Tatsachenwissenschaften machen bloße Tatsachenmenschen’, schreef Husserl in zijn cultuurkritische analyse van de wetenschappen en de fenomenologie. Feiten zijn onderdeel van de werkelijkheid, maar niet de hele werkelijkheid. Feiten zijn substantieel voor de waarheid, maar niet de hele waarheid zelf. In je ontwikkeling als mens is het belangrijk om ook kennis van, en gevoeligheid voor, die dingen te ontwikkelen die voorbij de zuiver meetbare feitelijkheid gaan. Dat feiten en waarheid niet aan elkaar gelijkgesteld mogen worden, blijkt bij uitstek uit het feit dat de kunsten ons begrip van en voor de wereld vergroten. Wat het is om te lijden en door ziekte verteerd te worden, begrijp je pas ten volle wanneer je De dood van Ivan Iljitsj leest, niet wanneer je een autopsierapport doorneemt. Wat de waanzin van de Holocaust betekent, kan een roman beter weergeven dan tabellen met cijfermateriaal over wie waar en in welk jaar de dood in werd gejaagd. Als de mens enkel naakte feiten (er)kent, miskent hij een groot deel van zijn mens-zijn.

    Alicja Gescinska
    Politiek filosofe en schrijfster

    • R Geenen zegt:

      De feiten en meningen van wetenschappers en historici verschillen bijna altijd van elkaar. Waarschijnlijk heeft dat te maken met nationaliteit, politiek, geloof en ook opleiding. Ik geef meer waarde aan de onderzoeker die het zelf heeft meegemaakt. Ook de feitelijke waarnemingen van de nog levenden geven mij meer duidelijkheid. Daarnaast kunnen we gewoon vergelijkingen maken en de waarheid heel dicht benaderen.

      • Maud Lebert zegt:

        Welke waarheid? Kent u het ‘Rashomon effect’ daar gaat het ook over waarheden!!

      • Jan A. Somers zegt:

        Verhoren van getuigen bij de rechtbank: Tien waarnemers van het ongeluk hebben hetzelfde gezien, maar vertellen verschillenden verhalen. Het gaat niet alleen om de waarneming, maar ook om de perceptie. Als de rechter een getuige-deskundige hoort, weet hij/zij alles. Als diezelfde rechter twee getuige-deskundigen hoort weet hij/zij niets meer. Verhalen over de Werfstraatgevangenis in de bersiaptijd hebben het over levensbedreigend, heel erg enzo. Mijn verhaal over de\zelfde gevangenis op dezelfde dagen: Saai. er gebeurde al die tijd niets. (natuurlijk los van diezelfde gevangenis in mijn Kenpeitaitijd. Maar dat was een heel andere situatie).

  19. Maud Lebert zegt:

    Sinds wanneer hebben we op dit portaal filosofen nodig voor een ‘bruikbare discussie’? Kunnen de heren niet zelf nadenken? Iedereen heeft zijn eigen waarheid. Nou en? Sinds jaren heeft iedereen en niemand hier zijn eigen ‘waarheid’, of juist of niet, kunnen verkondigen. Ik heb er absoluut geen zin in al deze filosofische ideen ook nog te moeten lezen. Misschien kan Buitenzorg een extra website voor zulke abstruse ideen installeren? sorry Buitenzorg, was alleen maar een mop!

    • Jan A. Somers zegt:

      Meneer is van mening dat verhalen over Nedetrlands-Indie verheffing behoeven. Jammer dat ik er niets van snap. Waarschijnlijk ben ik er niet intellectueel genoeg voor. En is mijn oordeel hierover prietpraat.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s