Het Britse ultimatum

Raadsels rond de ´Werfstraatinternering´ in Soerabaja (II)

Naar aanleiding van het artikel ´Aan de dood ontsnapt´ over de internering van enkele duizenden jongens en mannen in de Werfstraatgevangenis in Soerabaja, kreeg de Java Post een uitgebreide reactie van de heer Jan Somers, één van deze gevangenen. Omdat zijn verhaal bijzonder gedetailleerd is, halen we hier nog een keer dát deel daarvan naar voren dat gaat over zijn internering, en zijn bevrijding op 10 november 1945. De foto´s van de niet meer in gebruik zijnde gevangenis, eigen opnamen van de heer Somers, werden genomen in 1997.

Werfstraatgevangenis, voormalige Nieuw-Hollandstraat (1997)

´Mijn ervaringen in de Werfstraatgevangenis wijken op enkele punten af van de gangbare verhalen, daarom hier een paar van mijn ervaringen.(…)
Tijdens de bersiap werd ik omstreeks 15 oktober 1945 (juiste datum weet ik niet meer) ’s avonds opgepakt. Ik werd langs de Boeboetangevangenis (was vol) en de Simpangclub (was vol) gereden naar de Werfstraatgevangenis. Het woord ‘spitsroeden’ kwam op dat moment niet bij mij op, maar terugdenkend lijkt mij dat tamelijk netjes uitgedrukt, het was nogal ruig. Eenmaal binnen was het veel rustiger. Ik kwam in een grote cel terecht, oorspronkelijk voor ca. 20 gevangenen, waarin we met ca. 110 man zaten. Eén man bleek overleden te zijn aan zijn verwondingen. De volgende ochtend was er een reorganisatie waarna we met ca. 90 man overbleven. In de cel waren aan weerszijden van een looppad stenen verhogingen waarop we zaten/lagen. Aan het eind van het pad was een hurk-wc en een bak met water. Ik kan mij niet herinneren slaag te hebben gehad, laat staan doodsbedreigingen; het was niet vergelijkbaar met mijn eerder verblijf bij de Kenpeitai in deze gevangenis. Er werd eigenlijk nauwelijks naar ons omgekeken. Het eten was weinig en niet best, mogelijk ging het hier ook om capaciteitsgebrek, de gevangenis puilde nou eenmaal uit. Eind oktober kwamen twee maal enkele Gurkha’s langs lopen zonder contact met ons te kunnen opnemen.

9 November herinner ik mij als een tamelijk rustige dag. We wisten dat een Brits ultimatum op 10 november 06.00 uur zou aflopen. Wel was het eten in de war en werd het eten voor de volgende ochtend buiten al klaar gezet. Volgens mij waren dit restanten maïs van de vorige dag, het rook ’s avonds al bedorven. De nacht verliep rustig, maar niemand kon slapen, in afwachting van de gebeurtenissen na afloop van het ultimatum. Wel hoorden wij de hele nacht de uitzendingen van de omroepzuilen buiten de gevangenis. ’s Ochtends ongeveer half zes moesten we zoals gewoonlijk aantreden voor het eten, het stonk nog erger, ik denk dat niemand dit zou eten. Klokslag zes zou zoals gewoonlijk het uitdelen van het eten beginnen, maar nu vielen de eerste zware schoten van het Engelse scheepsgeschut en kwamen met veel uitdagend lawaai Engelse jachtvliegtuigen laag overvliegen. De granaten vlogen over de gevangenis heen. Het klonk onheilspellend, maar zolang je de granaten hoort fluiten is er niets aan de hand. We werden terug de cellen ingestuurd, bij enkele cellen werd vergeten de deur op slot te doen. Het schieten ging de hele dag door. In de middag durfden we de cel te verlaten en werden de andere celdeuren opengebroken met een van tralies gemaakt breekijzer. We bleven achter het hoofdhek staan, soms achter de muren wegduikend als het schieten dichterbij kwam. Op het eind van de middag werden we door Gurkha’s naar de achterkant van de gevangenis gebracht (Nieuw Hollandstraat) en via een gat in de muur naar gereedstaande vrachtauto’s gebracht. Het zal tegen zes uur zijn geweest, in het pikkedonker kwamen we op Tandjoeng Perak aan.

Werfstraatgevangenis, hoofdingang (1997)

Je moet met dit soort geschiedenissen oppassen voor mythevorming, ook bij jezelf: persoonsverheerlijking, opgeblazen verklaringen, je gaat er zelf in geloven. Je praat jezelf een posttraumatisch stresssyndroom aan, moet je op je oude dag nog een uitkering versieren! Mijn ervaringen met mijn bevrijding wijken sterk af van de verhalen die ik later hoorde, zo hoorde ik pas vele jaren later in Nederland het verhaal over Jack Boer. In mijn herinnering kan ik geen Jack Boer terug vinden. Dat is overigens niet zo vreemd, onder deze chaotische toestanden mis je wel eens wat. De Engelsen wisten allang af van de gevangenen in de Werfstraatgevangenis op redelijk korte afstand van hun basis in Tandjoeng Perak, daar hadden ze Jack Boer niet voor nodig. Maar in mijn reconstructie klopt er ook veel niet. Volgens mij was het eten niet vergiftigd, het was gewoon bedorven, oneetbaar. De aangetroffen brandstoffen waren volgens mij voor gebruik in voertuigen, elke pemuda-groep moest voor zichzelf zorgen. Volgens het verhaal van Jack Boer is zijn actie bij de gevangenis om ca. 03.45 uur begonnen. Ik vraag mij af hoe in een stad die in afwachting was van een grote Britse aanval, midden in de nacht militairen met een tank (niet direct geluidloos) de ca. 6 km, ruim een uur lopen, van Tandjoeng Perak naar de gevangenis ongestoord wisten af te leggen. Ook was het rond zes uur (we stonden bij het eten te wachten!) in en om de gevangenis nog rustig, het schieten in de directe omgeving begon pas veel later in de ochtend.´

Tot zó ver het verhaal van de heer Somers. Bijzonder hierin is de verwijzing naar een Brits ultimatum. Hier wordt gedoeld op het schrijven dat generaal-majoor E.C. Mansergh op 9 november 1945 bij de Indonesische gouverneur R.M.T.A. Soerio liet bezorgen. Geëist werd dat alle gijzelaars moesten worden vrijgelaten en dat alle leiders van de pemoedabeweging, het hoofd van de politie en de functionarissen van Radio Soerabaja zich vóór 9 november 20.00 uur moesten melden, hun wapens afgeven en de overgave moesten tekenen.
De zelfde dag werden door vliegtuigen boven Soerabaja pamfletten uitgeworpen met hetzelfde ultimatum. Waarschijnlijk zijn enkele daarvan op het terrein van de Werfstraatgevangenis terechtgekomen, zodat óók de gevangenen werden geinformeerd.

De Indonesiërs weigerden toe te geven, en kwamen bijeen om de verdediging van de stad te bespreken. Een eerste verdedigingslinie werd aangebracht bij de Bataviaweg, net ten zuiden van de Werfstraatgevangenis. Een tweede linie lag weer ten zuiden daarvan bij het spoorwegviaduct. De Indonesische bevolking werd nu via de radio, met toespraken van Soerio en Boeng Tomo, opgeroepen zich te verweren, zij het dat gemaand werd te wachten tot de Britten zouden beginnen.

De volgende morgen, 10 november, ving om 06.00 uur het Britse bombardement aan, en ontbrandde de strijd opnieuw. Van de gebeurtenissen die dag werd, voor zover bekend, door de Britten slechts zeer summier verslag gedaan. Uit een rapport van de 49th Indian Infantry Brigade:

De Britse inname van Soerabaja

´November 9. Ultimatum delivered by General Mansergh to Indonesians. Not accepted with very good grace. Brigade Commander held conference at 1600 hrs for all unit commanders in which plan of attack was discussed.
November 10. Attack opened at 0600 hrs. Went quietly until 0900 hrs when gunfire on certain targets was called down. Interception of Indonesian radio in which certain orders were given out. The two important items being (1) scorched earth policy, (2) any British or Indian taken prisoner was to be killed.
11.00 hrs Concentration brought down on area Court of Justice, Government building used as Headquarters. Field Regiment, two destroyers, and all (…) mortars used. Air strike by 8 Thunderbolts and one Mosquito on same target. (…) Second air strike Simpang area 15.15 hrs. Our casualties by 1900 hrs 1 BO wounded, one VCO seriously wounded, all of 123 Brigade. Estimated enemy casualties 1500. 3500 Dutchmen released from Kalisosok goal and evacuated to Port area.´ (NA 2.22.21/162)

Ook in een ander verslag aan Generaal Mountbatten (Hoofdkwartier South-East Asia Command) werd gesteld dat ´3500 internees had been released as a result of the operation´. (NA, 2.22.21/134/154) Het Britse hoofdkwartier moest later nog met een persverklaring komen naar aanleiding van internationaal protest tegen de vele ´casualties´aan Indonesische zijde.

Jack Boer verklaarde ooit dat de Britten niet wisten van de gevangenen in de Werfstraatgevangenis, dat deze op zíjn aandringen tien man beschikbaar stelden om deze gevangenen te ontzetten, en verder dat deze actie plaatsvond in de vroege morgenuren van zaterdag 10 november, voorafgaand aan de beschieting van de stad.

Er zijn voldoende aanwijzingen om aan deze lezing van de gebeurtenissen te twijfelen. Ten eerste, het komt vreemd over dat de Britten niet zouden weten van de duizenden gevangenen in de gevangenis. Het enorme Werfstraatcomplex lag op slechts enkele kilometers van de Britse uitvalsbasis Tandjoeng Perak, en eind oktober was er sprake geweest van een eerdere (deels mislukte) bevrijdingsactie.  Ten tweede, de Britten hadden op 9 november een ultimatum gesteld, waarin de eis tot vrijlating van alle ´hostages´. Bevrijding van burgergeinterneerden was één van hun hoofdtaken.  Om deze redenen is niet goed te begrijpen dat ze slechts tot actie wilden overgaan dankzij de overredingskracht van Boer. En tenslotte, de door Boer genoemde timing lijkt niet te kloppen. De aanval op het gevangeniscomplex werd pas ondernomen op het moment dat de aanval op alle Indonesische stellingen was begonnen: 06.00 uur ´s morgens. Dit bevestigt de gedachte dat de bevrijding een integraal onderdeel uitmaakte van de herverovering van de stad. 

Dit alles neemt natuurlijk niet weg dat Boer wel degelijk een belangrijke rol kan hebben gespeeld in de bevrijdingsactie. Als tolk, gids of begeleider. Wélke die rol nu precies was, en hoe belangrijk, zullen we waarschijnlijk wel nooit meer kunnen achterhalen.

x

Over de evacuatie van de Werfstraatgevangenen, lees verder ´Met HMS Princess Beatrix naar Batavia´.

Bronnen: Meelhuijsen, W.,  Revolutie in Soerabaja. Walburgpers, Zutphen, 2000.; Bussemaker, H.Th., Bersiap! Opstand in het paradijs. Walburgpers, Zutphen, 2005.

Dit bericht werd geplaatst in 3. Bersiap en Merdeka, 1945-1949 en getagged met , , , , , , , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

101 reacties op Het Britse ultimatum

  1. Peter van den Broek zegt:

    Ik wil toch enkele opmerkingen, meer correcties maken op bovenstaand verhaal, vooral nu ik het boek van Bussemaker heb aangeschaft en beschikking heb over gedetailleerde Britse informatie aangaande de slag in Soerabaja.

    citaat:…..De Indonesiërs weigerden toe te geven, en kwamen bijeen om de verdediging van de stad te bespreken. Een eerste verdedigingslinie werd aangebracht bij de Bataviaweg, net ten zuiden van de Werfstraatgevangenis”………
    Ik heb die informatie tot voor kort als gegeven en juist overgenomen, maar wat lees ik bij Bussemaker in zijn boek: “Bersiap Opstand in het paradijs” (2005)

    p.244 …..”De eerste (indonesische) weerstandlijn werd getrokken langs de West-Oost as: Morokrembangan-Herenstraat-Rode Brug-Kembang Tjepoeng-Kapasan-Kemdjeran en liep dus door de benedenstad”…..
    De weerstandslijn liep dus niet langs de veel noordelijker gelegen Bataviaweg en dat heeft wel invloed op bovenstaand verhaal inclusief het verhaal van Jack Boer.

    Bussemaker geeft op p.220 van zijn boek de positie van de Werfstraatgevangenis (9) aan, die iets ten Noorden ligt van de Indonesische weerstandslijn.

    Nergens wordt vermeld dat de Werfstraatgevangenis een essentieel onderdeel vormt van de eerste Indonesische Weerstandslijn en dat is wel crucieel om de gebeurtenissen rondom de Werfstraatgevangenis i.c. de bevrijdingsactie van Jack Boer te begrijpen.

    • Peter van den Brioek zegt:

      Bataviaweg moet zijn:…….. de Heerenstraat, net ten zuiden van de Werfstraatgevangenis.

      In het verlengde van de Heerenstraat ligt de Rode Brug, die één van de weinige brugverbindingen is tussen de West- en Oostoever van de rivier Kalimas, de rivier die Soerabaja in tweeen snijdt. De Rode brug was voor de Indonesische strijdkrachten strategisch groot belang.

      De Werftstraatgevangenis ligt op steenworpafstand van de Rode Brug en voor de Indonesiers vormde de gevangenis met haar dikke en hoge muren een “natuurlijke” barriere tegen een Britse aanval vanuit het havengebied.

      Indonesische troepen bezetten gebouwen tegenover de (Oostelijke) hoofdpoort van de gevangenis en gebouwen in Noord-Oostelijke richting naar het havengebied. Het Zuidelijke gedeelte van de gevangenis was afgeschermd door Indonesische troepen aan de Heerenstraat.

      Alleen het westelijke deel van de Werfstraatgevangenis was niet door Indonesische troepen bezet.

      Laat nou net Jack Boer en zijn Gurkha’s vanuit Westelijke richting de gevangenis naderen waar een Stuart-tank een gat in de gevangenismuur schoot.

      De vraag blijft open waarom de Indonesische autoriteiten meer dan 3.500 Europese mannen en jongeren in de gevangenis vasthielden, wetende dat een Brirse aanval op komst was!!!

    • Jan A. Somers zegt:

      Bussemaker heeft veel gehaald uit Meelhuijsen (wij zijn zelfs een keer bijeen geweest bij Walburg Pers). Met zijn probleem dat hij 304 pagina’s moest samenvouwen in 70 eigen pagina’s. Met wijzigingen om het leesbaar te houden, dan gaat het geheid mis.
      In de vergadering (9 november?) van leiders van strijdgroepen werd Soengkono (bevelhebber TKR Kota) eenstemmig tot commandant van Soerabaja gekozen. Hierna werd overgegaan tot de orde van de vergadering, de indeling van de stad in diverse verdedigingssectoren. De eerste verdediging moest beginnen bij de Bataviaweg.. [JAS: dat is dus niet alleen een potloodlijn langs de Bataviaweg]. De diepte van de gordel werd in het zuiden bepaald door een lijn vanaf het zuiden van Morokrembangan tot Kedoeng Tjowek, voorbij Kapasan. Op de kaart kijkend lag de Werfstraatgevangenis binnen deze gordel, maar daar heb ik geen verdere opmerkingen over gevonden. Waar dat citaat uit het Javapostverhaal vandaan kwam weet ik niet, wellicht was dit een foutje bij het citeren van Bussemaker/Meelhuijsen. Maar in ieder geval was de route van Morokrembangan naar de gevangenis onbegaanbaar. Het begin van de verdedigingsgordel langs de Bataviaweg komt ook ter sprake bij de korte Engelse legerberichten, waarin sprake is van oponthoud tussen 09.00 uur en 11.00 uur: “Went quietly until 0900hrs” Om 11.00 uur wordt artilleriesteun gevraagd, en vanaf twaalf uur begonnen de granaten over de gevangenis heen te fluiten. Kennelijk gedoe rond de Bataviaweg.

      • Peter van den Broek zegt:

        Wat gaat er mis bij Dr H.Th Bussemaker.?? Er gaat niks mis.

        Voor de Indonesiche verdedigingslijnen raadpleegt hij niet Meelhuijsen, want die is niet duidelijk en nauwkeurig over de bijeenkomst waarbij Soegkono als commandant van Soerabaja-stad en Surachman als commandant te velde. (battle commander) worden gekozen. Want wie waren eigenlijk de leiders van de strijdgroepen, waaronder de BPRI van Sutumo? Bussemaker noemt als Bron Pertempuran Surabawa 127.

        Wat ik niet begrijp, dat Meelhuijsen niet Hario Kecik citeert, toch een betrouwbare bron ooggetuige en een commandant van een legereenheid In Soerabaja in November 1945, die tevens de Indonesische namen geeft van de verdedigingssectoren 1) Babakan Road 2) Pasar Basar viaduct 3)Wonokromodistrict.

  2. Peter van den Broek zegt:

    Wat betreft de Britse granaten die over de Werfstraatgevangenis fluiten.
    Het 3e regiment veldartillerie van ltnt-kol Rendall zou vuursteun geven bij de Britse hoofdaanval, Deze artillerie bevond zich op het vliegterrein Morokrembangan.

    Volgens Britse bronnen schoot de Artillerie om 11:00 vanuit Noord-Zuidelijke richting granaten over de Werfstraatgevangenis, die volgens bovenstaande reactie dan in de buurt van de Bataviaweg moesten terechtkomen. Maar de Bataviaweg ligt wel ten Noorden van de Werfstraatgevangenis!!!!!! Ik kan me niet voorstellen dat deze granaten een haakse bocht maken bij de gevangenis.

    Hier gaat iets goed mis.

  3. Peter van den Broek zegt:

    Back to topic.

    Voordat gen Mansergh (commandant 5e divisie) het ultimatum stelde, had hij 7 november een bijeenkomst met Soerio de gouverneur van Oost-Java over de APWI geëvacueerden en teruggave van wapens. Aangezien geen overeenstemming werd bereikt nodigde Mansergh Soerio uit voor een vervolggesprek op het Britse Hoofdkwartier aan de BATAVIAWEG!!!!! Britse , Indonesische bronnen bevestigen de aankondiging van dit gesprek. Ook M,van Delden en Bussemaker vermelden dat het gesprek op het Britse Hoofdkwartier aan de Bataviaweg zou plaatsvinden.

    Als de Bataviaweg in de Britse linies ligt dan verandert het verhaal over de slag in Soerabaja en de gebeurtenissen rondom de Werfstraatgevangenis, rekening houdend dat er een bufferzone tussen de Britse en Indonesische linies was vastgelegd bij voorgaande besprekingen.

  4. Peter van den Broek zegt:

    In de discussie over wat de Britten wisten van de duizenden gevangenen in de gevangenis en daarmee verband d houdende hoofdtaken dwz Bevrijding van burgergeinterneerden, bestaan misverstanden.

    Britse militairen verstonden onder burgergeinterneerden: degenen uit de Japanse concentratiekampen of “Internees”. In Soerabaja werd brigadier Malaby commandant van de 49e brigade geconfronteerd met Indo-Europeanen, die door de Indonesische nationalisten in de Werfstraatgevangenis werden vastgezet. Om het niet te racistisch te laten klinken noemden de Britten hen in de wandelgangen IFTU Inhabitants Friendly To Us. In eerste instantie hadden ze geen oplossing voor deze IFTU, daargelaten dat ze niet de middelen hadden, naast RAPWI de volledige en bedreigde Indische gemeenschap in Soerabaja te evacueren.
    Dit blijkt wel uit de interne discussies in de Britse legertop en de maatregelen van de Britse militairen in de periode 25 Oktober tot 9 November in Soerabaja.

    Jack Boer is wel degelijk doorslaggevend geweest voor de beslissing van gen. Christison commandant van geallieerde strijdkrachten in Ned. Indie voor de bevrijding van de meer dan 3500 Werfstraatgevangenen, via de Westmuur en op minder dan 900 meter van de Britse linies.

    • Jan A. Somers zegt:

      ” dat ze niet de middelen hadden, naast RAPWI ” Die lui van die brigade hebben geweldig werk verricht. Maar op de intensiteit van de acties van de Indonesiërs was men toch niet voorbereid, men dacht afspraken te kunnen maken met de Indonesische autoriteiten. Zelfs Soekarno en Hatta hadden er geen gezag.
      Wat is er racistisch aan de benaming internees? U heeft waarschijnlijk hun opdracht niet gelezen. Stukjes daaruit:
      5. (…) there are numerous individuals and parties operating under the cover of the republic who are no more than looters and bandits.
      11. (…) are threatening to use Dutch internees as hostages (…). Some Dutch have been murdered in cold-blood.
      “bestaan misverstanden.” Niks misverstanden.De Britten wisten drommels goed wie er in de Werfstraatgevangenis zaten, daar hadden ze de heer Boer niet voor nodig. Zij hadden korte tijd een verbindingspost in de gevangenis, maar beide keren is die bezetting vermoord. We hebben ze nog langs zien komen. In de gevangenis zaten overigens niet alleen Indo-Europeanen maar ook totoks (en buitenlanders), daar was geen onderscheid.
      “naast RAPWI” RAPWI kon met die paar functionarissen niks (die zaten trouwens ook in de gevangenis) daar was de brigade voor bedoeld: 2b. the protection, and where appropiate, the evacuation of R.A.P.W.I.
      “op minder dan 900 meter van de Britse linies.” Hier houd ik maar over op. U weet alles, maar snapt niets van de situatie bij de Bataviaweg.

      • Peter van den Broek zegt:

        Voor de bronvermelding:?
        Ik herhaal met nadruk dat dr Bussemaker in zijn boek op p.243 onderaan en dr Van Delden in haar boek op p. 226 middenin aangeven dat het Britse Hoofdkwartier aan de Bataviaweg ligt. Aan primaire bronnen valt weinig te begrijpen.

  5. Peter van den Broek zegt:

    Prof. Steijlen heeft in 2002 een recensie geschreven over de beperkingen van het boek van dhr W. Meelhuijsen over Soerabaja.

    Daarnaast is Meelhuijsen’ boek uit 2000 achterhaald, het voortschrijdend inzicht dwz wetenschappelijk onderzoek geeft andere en verklarende inzichten over de gebeurtenissen in Soerabaja in najaar 1945.
    Een kleine greep uit wetenschappers, die Soerabaja in de Bersiap bestuderen:
    – de Nederlandse onderzoekers dr. Bussemaker (2005 Bersiap Soerabaja) en dr. M. van Delden (2007 republikeinse kampen).
    – Maar ook buitenlandse onderzoekers zoals de Engelsman dr. Richard McMillan (2005) met zijn uitmuntende beschrijving van de militaire gebeurtenissen in Soerabaja, -de Australiër dr. Francis Palmos (2013)Surabaya in times of revolution), zie vooral de verhelderende bronvermeldingen.

    Op basis daarvan is het niet meer verantwoord Meelhuijsen’ boek als bepalende factor voor een doordachte analyse over Soerabaja te gebruiken.

  6. Jan A. Somers zegt:

    Is de instructie voor de 49th Indian Brigade Group nu ook veranderd?

  7. Peter van den Broek zegt:

    De Britse kennis over en betrokkenheid met de situatie in de Werfstraatgevangenis beperkt zich tot enkele welomschreven gebeurtenissen zoals
    a) de bevrijding op 26 Oktober van KTZ Huijer en zijn gezelschap, een RAPWI-ploeg w. o. LTZ1 de Back (zie archief van tranen) en enkele Britse militairen door inlichtingenofficier kapitein Shaw met een peloton soldaten en begeleid door Moestopo, commandant van de Indonesische strijdkrachten in Soerabaja en
    b) het bijzondere verhaal van Couwenberg SMGI-code 1261.2, Werfstraatgevangene, over Sikh militairen, die vrouwelijke gevangenen beschermen , de Sikhs worden enkele dagen later door de Indonesiers ontwapend.

    Op een gegeven moment merkt kapitein MacDonald, inlichtingenofficier
    in de staf van de 49e brigade op dat de Indonesiers niet meer praten over de “gevangenen”maar “hostages” in de Werfstraat.
    Dat verontrust de Britten niet, het leidt niet tot een Britse militaire actie ter bevrijding van gevangenenuit de Werftstraat.

    Trouwens, Het evacueren van IFTU stond niet in hun taakopdracht voor Soerabaja, maar gebeurde sporadisch wel. Toen APWI vrouwen en kinderen uit de Wijk waren geëvacueerd kregen Indo-Europeaanse vrouwen en de gelegenheid om te evacueren. Liz Polling-Goldman beschrijft hoe zij en haar familie op 7 November van het Celebesplein in Goebeng op Britse vrachtwagens en begeleid door TNI-militairen naar het havengebied worden vervoerd, van daaruit vertrek zij met honderden andere vrouwen en kinderen en komt op 11 November in Singapore aan.

    De medeplichtigheid van Moestopo bij de bevrijdingsactie van KTZ Huijer en Co schaadt zijn reputatie en enkele dagen later ontslaat Soekarno hem, dat gezag heeft Soekarno wel.
    Onwaarschijnlijk lijkt het dat de Indonesische leiding pas op 9 November één dag voor de Britse hoofdaanval een nieuwe commandant benoemen, die ook even de verdedigingslinies in Soerabaja organiseert.

    • Jan A. Somers zegt:

      “stond niet in hun taakopdracht voor Soerabaja, maar gebeurde sporadisch wel.” Ik snap niet dat u niet leest wat van belang is, alleen maar loeren in Excel. Ik zal het nog maar eens herhalen, gewoon lezen, hoeft niet eens begrijpend. En bedanken voor de moeite is ook niet nodig. Er waren heel wat vrouwen en kinderen naar Singapore geëvacueerd, met heel veel Brits-Indische slachtoffers. Wist u dan niets van bijvoorbeeld het uitgemoorde Goebengtransport van 28 oktober? En uit de instructie van de 49th Brigade Group:
      2. (a) the establishment of law and order
      (b) the protection, and where appropiate, the evacuation of R.A.P.W.I.
      (c) the disarmmamet and rtemoval of the Japanese.

  8. Peter van den Broek zegt:

    Let wel de Britten evacueren vanuit Soerabaja in de periode 25 oktober-9 November meer dan 8000 Internees (APWI). Op 9 november zijn er bijna geen APWI in Soerabaja meer, daarentegen ondernemen de Britten voor de IFTU in de gevangenis geen daadwerkelijke bevrijdingsactie, ondanks dat zij de situatie kennen, ondanks de dreigende taal van de Indonesiers.

    Vreemd genoeg proberen de Britten na de overeenkomst van 26 oktober tussen brigadier Malaby en Moestopo tot tweemaal toe Nederlandse (APWI) gevangenen uit een kamp bij het voetbalveld Thor Wonokitri met geweld te ontzetten. De eerste poging wordt deels een succes, de tweede mislukt toen een groep pemoeda’s tussenbeide komt , de Britten lijden verliezen.

    Waarom de Britten niet vòòr 10 November in de Werfstraatgevangenis ingrijpen, ondanks de aanwezigheid van Sikhs, ondanks de moord op enkele Britse militairen in de gevangenis wordt door Richard L. Klaessen noch door W. Meelhuijsen uitgelegd.

    Uit juridisch oogpunt kan de instructie aan de 49th Indian Infantry Brigade best interessant zijn, maar uit de conversatie tussen brigadier Malaby en zijn inlichtingenofficier MacDonald als zij met een schip Soerabaja naderen, blijkt wel dat zij hun opdracht weliswaar als hopeloos , maar niet als onmogelijk beschouwen , zie McMillan 2005. We zijn tenslotte met Geschiedenis bezig dat een andere methodiek van onderzoek heeft. Excel is daarbij best handig.

    • Jan A. Somers zegt:

      “daarentegen ondernemen de Britten voor de IFTU in de gevangenis geen daadwerkelijke bevrijdingsactie,” Ik zal mijn vorige commentaren maar weer eens herhalen. De Britten hadden zowel in de Boeboetangevangenis als in de Werfstraatgevangenis een peleton gelegerd dat zich bezig hield met onderhandelingen over onze evacuatie. Ik heb ze één keer langs zien lopen, maar ze mochten geen contact met ons maken. Hoe het in Boeboetan verliep weet ik niet, maar in de Werfstraatgevangenis werd de groep vermoord. Naar horen zeggen werd ook een tweede groep vermoord. Een situatie die tekenend was voor de situatie in Soerabaja. Gemeentebestuur noch de PRI hadden gezag over de vele strijdgroepen. Terwijl de gevangenenbewaarders professioneel optraden, infiltreerden steeds groepen tuig. Dat was ook het geval bij de evacuaties van vrouwen en kinderen, Bij de ritten die met gemeentebestuur/PRI waren afgesproken werden steeds dodelijke aanvallen verricht, totdat de chauffeurs het zat waren als schietschijf te functioneren. Op eigen houtje gingen ze in een straat staan, iedereen die weg wilde kon mee. Instappen en wegwezen. Zonder problemen. Maar het beruchte Goebengtransport (naar Darmokamp) dat was afgesproken, werd uitgemoord. Terwijl twee transporten richting Perak die ochtend vanuit dezelfde plek wel slaagden.
      ” ondernemen de Britten voor de IFTU in de gevangenis geen daadwerkelijke bevrijdingsactie,” Gezien de situatie waarin de brigade zich bevond een goede beslissing. Een commandant heeft grote verantwoordelijkheid voor zijn manschappen. De meeste helden worden dat postuum!
      “Vreemd genoeg proberen de Britten na de overeenkomst van 26 oktober tussen brigadier Malaby en Moestopo tot tweemaal toe Nederlandse (APWI) gevangenen uit een kamp bij het voetbalveld Thor Wonokitri met geweld te ontzetten.” Niet zo vreemd, evacuatie was een van hun taken. Ik weet er te weinig van, maar ik dacht dat deze acties kort na 25 oktober plaats vonden, toen de Britten nog uitgingen van een ongestoorde uitvoering van hun taken, zoals overeengekomen. Zie één dag na de landing: “de bevrijding op 26 Oktober van KTZ Huijer en zijn gezelschap, een RAPWI-ploeg w. o. LTZ1 de Back ”
      “in de periode 25 oktober-9 November meer dan 8000 Internees (APWI).” Hierbij is het probleem dat de Indonesiërs alleen de bewoners van een ‘kamp’ beschouwden als internee. Maar hoeveel Europese vrouwen en kinderen waren er in Soerabaja? 15.000? Je kon vrijwillig naar zo’n kamp (deel van een wijk!) en ook evacuatie was op vrijwillige basis. Het begon met drie kampen, in de wijken Ketabang, Goebeng en Darmo. Evacuatie vanuit Ketabang naar Perak was tamelijk eenvoudig. Voor beide andere wijken waren de afstanden groter, met de risico’s van overvallen. Na enige tijd konden niet alle kampen door de Britten worden beschermd en werd begonnen met bijvoorbeeld overplaatsingen (vrijwillig!) vanuit Goebeng naar Darmo. De moord op het Goebengtransport was daar een gevolg van. Mijn moeder en zus zaten toen ook in de wijk Darmo, maar zagen het nut van verhuizen naar dat kamp niet zo in. Dat hebben ze ook geweten!

      • Peter van den Broek zegt:

        Ik weet niet waar bovenstaande informatie vandaan komt, maar Britse situation reports, inclusief dr. Bussemaker geven een andere zienswijze. Trouwens bovenstaande gaat over alles behalve de Werfstraatgevangenis.

        De situatie verandert volledig als de Britse militairen op 9 November pas inzien dat de gevangenen IFTU in levensgevaar verkeren, rekening houdend dat de Werfstraatgevangenis onderdeel is geworden van de Indonesische verdedigingslinie ter bescherming van de strategisch belangrijke Rode Brug. De gevangenen worden op zo’n manier een levend schild tegen een Britse aanval, bewaakt door naar schatting 200 Indonesische cipiers en door hen vrijgelaten Indonesische misdadigers. Deze gebruiken bruut, ook dodelijk geweld tegen weerloze gevangenen.

        Het is niet de laatste keer dat Indonesische nationalisten/regering in hun vrijheidsstrijd gebruik maken van Indo-Europeanen als gegijzelden, die als onderpand gebruikt konden worden om hun politieke doelstellingen te realiseren, zie de republikeinse “beschermingskampen”.

        Deze kampen mogen niet los gezien worden van de Bersiap, in tegendeel zijn een essentieel onderdeel van de Bersiap, gezien als “Etnic Clransing”.

        Opmerkelijk is dat Dr. Bussemaker deze term, uitgebreid tot “cultural cleansing” al in 2005 in zijn boek gebruikt.
        Dr E. Captain, Bersiap-onderzoeker bij het Dekolonisatieproject vindt het gebruik van zulk soort Genocide-achtige termen niet passend. Zij stuurt haar lexicon en veegt zo de genocide onder het vloerkleed. Het wordt op die manier moeilijk überhaupt iets van de Bersiap te begrijpen. We blijven dan steken in onderzoektechnisch weinig bruikbare termen als Wanorde en Chaos.

      • Jan A. Somers zegt:

        Leuk dat u me weer eens dwars wilt zitten. Was ook 100% mijn verwachting!
        “inclusief dr. Bussemaker geven een andere zienswijze.” En ik geef mijn zienswijze (waarom minder dan uw namen? Ik had contact met Herman Bussemaker, ik ken hem van de RHBS in Vlissingen, en is rond 1998 door mijn dochter Nadet geïnterviewd voor de SMGI. Bij WalburgPers , samen met Willy Meelhuijsen vergaderd.) gebaseerd op eigen ervaringen, aangevuld met de ervaringen van mijn zus en moeder en enkele Britse legerrapporten. Voor een VERHAAL (het doel van deze site) voldoende.
        “Deze gebruiken bruut, ook dodelijk geweld tegen weerloze gevangenen.” Waarom heb ik hierover alleen maar verhalen gehoord, en niets zelf ondervonden? De cipiers waren professionele gevangenenbewaarders. Van die strapans hadden we alleen maar last toen we bij de gevangenis aankwamen, die lui waren opgehitst, en wij spitsroeden liepen. Ik dacht dat daarbij ook doden waren gevallen.
        “als de Britse militairen op 9 November pas inzien dat de gevangenen IFTU in levensgevaar verkeren” Hoezo levensgevaar, hoezo pas? Vanaf 05.30 uur alleen de bewakers gezien, die ons om 06.00 uur de cellen terug instuurden vanwege het beginnende schieten. Verder niet. Waren toen naar horen zeggen gevlucht.
        “Deze kampen mogen niet los gezien worden van de Bersiap” Wie heeft dat beweerd? Het was toch ‘bescherming’ tegen het bersiapgeweld? Terwijl ze ons (mijn moeder en zus) gewoon aan de militairen hadden kunnen overdragen.Die bevonden zich toch op loopafstand?
        “vindt het gebruik van zulk soort Genocide-achtige termen niet passend.” Ik ook niet. Genocide is niet zomaar een lemma in een woordenboek, maar een geautoriseerde, zwaar beladen term uit het volkenrecht en mag niet te pas en onpas door Jan en Alleman worden gebruikt. In het internationaal strafrecht zijn daar normen voor.
        “moeilijk überhaupt iets van de Bersiap te begrijpen” Is ook onbruikbaar (en voor die bersiappers) te hoog gegrepen). In mijn boek heb ik hier en daar verschillen genoemd tussen die bendes en de meer reguliere strijdgroepen.
        Ik stop met deze discussie, die zo langzamerhand niemand meer interesseert. Pseudowetenschap i.p.v. verhalen. Ga eens op bezoek in Soerabaja. Leuke stad hoor! Elke keer als ik met de trein Oudenbosch (met de theekoepel in de hortus) passeer denk ik er met plezier aan terug.

  9. Peter van den Broek zegt:

    Iedereen schrijft zijn verhaal maar het moet wel kloppen.

    Bvb het citaat “de Britten hadden zowel in de BOEBOETAN- als in de Werftstraatgevangenis een peleton gelegerd dat zich bezighield met onderhandelingen over ONZE evacuaties”. is natuurlijk de zienswijze van Meelhuijsen, zie Revolutie in Soerabaja p.151-153.

    B227 Maar col. Pugh (primaire bron) , de 2de man van de 49e Brigade vertelt, dat de Britten hadden bij de Boeboetanggevangenis de aldaar gevangengenomen Japanners, geen evacuees dus, bevrijd, teneinde hen in te zetten in hun verdediging tegen aanstormende pemoeda’s. Ook hier werden de Britten en Japanners onder de voet gelopen, nadat de BKR met een tank een gedeelte van de buitenmuur van de gevangenis had doorbroken”.

    Het klopt daarentegen, dat de Britse sectie in de Werfstraatgevangenis eveneens op de avond van 28 oktober werd omgebracht, zonder dat overigens rond en in de gevangenis werd gevochten zoals in de Boeboetangevangenis”. Let wel pas in de ochtend van 10 November is in de Werftstraat gevochten (schotenuitwisseling, waarbij een Gurkha dodelijk werd getroffen) tussen Britten en kampbewakers en door de laatsten vrijgelaten Indonesische misdadigers (niet zo professionele bewakers)..

    Ik heb bovenstaande gecrosscheckt met gegevens over Boeboetang als “republikeins kamp” in die periode en ik citeer: “er zijn geen persoonlijke getuigenissen bekend , die bevestigen, dat hier (Boeboetangevangenis) sprake is van internering van Nederlanders”.(bersiapkampen.nl). WelJjapanners

    Daarnaast houden Britse sectiesin Soerabaja zich niet bezig met onderhandelingen over evacuaties van APWI of IFTU, dat was exclusief voorbehouden aan de brigadeleiding dwz brig. Malaby en zijn staf nl col. Pugh en de inlichtingenkapiteins Macdonalds en Shaw.

    Meelhuijsen heeft wel zijn verdiensten, maar over de militaire gebeurtenissen in Soerabaja laat hij in zijn verhaal steken vallen. Wellicht komt dat dat hij toendertijd niet de beschikking had over cruciale primaire bronnen, m.n. de War Diaries van verschillende units van de 49e brigade. Het voortschrijdend inzicht heeft zijn verhalen achterhaald. Zijn verhaal moet wel kloppen althans geloofwaardig zijn.

  10. Peter van den Broek zegt:

    Een interessante anecdote die de verguisde Jack Boek kenmerkt en ten voeten uit toont:

    B128 Jack Boer. En het Darmo ziekenhuis. 28 Oktober

    Pemoeda’s beginnen met lichte tanks op het met APWI overvolle DarmoziekenhuisI te vuren. De plaatselijke commandant, ovesrte Rendall vraagt aan zijn kapitein Whitmarsh-Knight om een 25-ponder houwitser te sturenn. Zijn tolk Jack Boer biedt aan het kanon naar het ziekenhuis te brengen. De houwitser wordt aan een carrier gekoppeld en Boer vertrekt met 2 sepoys en een aantal kisten munitie naar het ziekenhuis, dat hij na een wilde rit door Darmo bereikt. Direkt na aankomst wordt het kanon in stelling gebracht en verwoest huizen tegenover de ziekenhuisingang waardoor de vijandelijke tanks uit hun stellingen worden verdreven. De gevechten rondom het ziekenhuis luwen toen wat.

    Dat is pas goed tolkenwerk!!!!!!.

    • Jan A. Somers zegt:

      Geweldige held zeg! Ik weet nog meer heldenverhalen van hem, zoals het in eigen gevaar overbrengen van vrouwen en kinderen naar een beschermde plek. In de culturele antropologie heet dat, dat een minderheid behoefte heeft aan helden. In de Indowereld en andere minderheden, zijn daar meer voorbeelden van te vinden! Zelf heb ik mij als tolk/gids/bijrijder, en naderhand als ambulancechauffeur wat rustiger gedragen, denkend aan het adagium dat de meeste helden postuum in die status waren geraakt. De huizen op de Darmoboulevard tegenover het Darmoziekenhuis zijn overigens nooit verwoest geweest, net zomin als mijn geboortehuis in een zijstraat,. Die lagen naast de school (LS, Mulo en MMS) van de zusters Ursulinen, en daar woonden kennissen van mij. Ik zag wel dat die huizen geplunderd waren nadat de bewoners waren weggevoerd. In onze bergingsronde zijn we in al die huizen wezen zoeken. En op 28 oktober wisten twee trucks met evacués vanuit Embong Sonokembang via Embong Tjermee te ontsnappen naar het Darmoziekenhuis. In omgekeerde richting lukte het kolonel Pugh in eerste instantie niet in Embong Sonokembang te komen vanwege barricaden op de Darmoboulevaard. Later wel met een groep brancarddragers, maar daar was al een andere patrouille aangekomen die gewonden matrassen had bezorgd en rantsoenen met hen had gedeeld. Daar, in Embong Sonokembang, werden twee dode kinderen, een dode vrouw, twee gewonde kinderen en drie gewonde vrouwen aangetroffen. Ik heb hierover al vaker geschreven, o.a. in Javapost, maar u schijnt niet te lezen. Afgezien van de moordpartij in Embong Sonokembang was het in Darmo dus niet zo’n wilde toestand. Het beschermde Darmokamp was nog in Britse handen. De Setailstraat,waar mijn moeder en zus woonden, lag daarbuiten. En een 25pounder is geen houwitser. En bediening door twee man (een sepoy is ook geen artillerist die geschut kan bedienen!) is ook niet zo goed mogelijk. Laat staan het sjouwen met kisten gevuld met die granaten van zo’n 12 kilo per stuk. Het is overigens verschrikkelijk moeilijk met een kanon vanuit het terrein van het Darmoziekenhuis de huizen aan de overkant te raken, zonder gevaar voor de eigen geschutsbediening. Maar ja, er moest een goed verhaal komen.

      • Peter van den Broek zegt:

        De versie van Meelhuis is geen primaire bron en gebaseert op achterhaalde feiten, dus weinig geloofwaardig

        (subjectieve) WAARNEMING
        In de namiddag van 26 oktober dringt kapitein Shaw bijgestaan door minstens 60 Britse militairen in een tiental vrachtwagens en begeleid door de Indonesische militaire commandant Moestopoen zijn gevolg de Werfstraatgevangenis binnen en verlangt de vrijlating van KTZ Huijer, zijn gevolg, RAPWI- en Britse militairen, in totaal 38 man(?).

        Ondanks het grote aantal mensen die op dat moment in de gevangenis binnendringen is het merkwaardig dat ik over deze belangwekkende gebeurtenis geen getuigenissen van gevangenen ben tegengekomen. Shaw & Co kunnen toch niet onopgemerkt de gevangenis via de hoofdpoort binnenkomen?

        Is dit een kwestie van selectieve waarneming of hangt het er maar van af waar de gevangenen zich op dat moment in de gevangenis bevonden, dat zij het gezelschap niet konden zien aankomen. ?

    • Peter van den Broek zegt:

      Let wel in Soerabaja is van 27 tot 29 Oktober een ware veldslag aan de gang, dus niet een oefening op de Luenebuergerheide.

      Door Indoensiers in geslaggenomen japanse tanks vallen het door de Britten, met lichte wapens verdedigde Darmo-Ziekenhuis aan .
      Jack Boer, een simpele Nederlandse dienstplichtige, meldt zich vrijwillig aan om een 25 ponder howitzer naar het zieknhuis te brengen. De howitzer, toch niet een licht geval, wordt aan een carrier, wat wat anders is als een racewagen, gekoppeld. Jack Boer zittend achter het stuur van die carrier en met een “ere”escorte van 2 ik herhaal twee militairen brengt het door schietende pemoeda’s omgeven Darmowijk na een wilde rit de carrier, howitzer en munitie bij het ziekenhuis. Ik kan mij levendig voorstellen dat het een prachtig gezicht geweest is Jack Boer gezeten in die carrier en daarachter dat gigantische geschut. Dat zal de Indonesiers toch ook opgevallen zijn. Ongeschonden brengt onze Jack het geschut naar de ziekenhuis. ik vraag me af wat hij op de terugweg vervoerde.

      Zelfs col. Pugh, ondercommandnat van de 49e brigade maakt melding van het HUZARENstukje.
      Lltntcol. Rendall en captain Whitmarsh-Knight bevestigen het heldhaftig optreden van Boer, zie hun authentieke verklaringen in het boek van Richard L. Klaessen “Macaber Soerabaja” p.47 (primaire bron)

      • Jan A. Somers zegt:

        De ellende begon pas op 28 oktober ’s middags, met het uitmoorden van een transport evacués. Maar een veldslag is wel wat overdreven, er waren slechts drie Brits-Indische infanteriebataljons, verspreid in kleine posten over de hele stad. Bij mijn moeder en zus in Darmo was er niets van te merken. Vanwege toenemende aanvallen werd het wel moeilijker alle wijken te beschermen en met toestemming van de Indonesische autoriteiten werd begonnen bewoners van de wijk Goebeng over te brengen naar het reeds overvolle Darmokamp. De dag na de moord op het laatste Goebengtransport vertelde een bewoonster uit de Brantasstraat over de aanvallen op de geïsoleerd geraakte Britse wachtposten. Hun munitie raakte op. Een Britse post op de hoek van de Brantasstraat en de Brugstraat werd door de massa onder de voet gelopen en afgemaakt. De Britse bezetting van het consulaatgebouw en het Brantashotel trof hetzelfde lot waarmee alle Britse wachtposten in het Goebenggebied waren opgerold. Lijken werden in de Kali Mas gegooid en joelend met stenen nagesmeten. Dit waren de verminkte lichamen die Soekarno en Hatta die middag hebben langs zien drijven.
        De dagen na de moord op het Goebengtransport kwamen de gevechten en de moordpartijen goed op gang. De door generaal-majoor D.C. Hawthorn, de superieur van Mallaby, ingeroepen bemiddeling door Soekarno. Hatta en Slarifoedin leidde tot een wapenstilstand, maar na hun vertrek laaiden de gevechten weer op. Bij de rondrit van een Britse/Indonesische delegatie om de wapenstilstand bekend te maken werd Mallaby doodgeschoten. Hij zat samen met Dr. Soegiri voorop de motorkap van een van de zeven auto’s die door resident Soedirman ter beschikking waren gesteld. Met toestemming van de PRI uitgevoerde voedseltransporten naar het Darmokamp werden niet langer doorgelaten. Ondanks de escalatie van het geweld als gevolg van de moord op Mallaby wisten de Brits-Indische militairen nog een groot aantal vrouwen en kinderen naar het havengebied te brengen waarna de bescherming van het Darmokamp, waar ook mijn moeder en zus waren ondergebracht, moest worden beëindigd. Alle militairen werden teruggetrokken op hun bruggenhoofd rond Tandjoeng Perak. Ruim 6000 vrouwen en kinderen (bronnen tussen 6.100 en 7.097) waren door de Brits-Indiërs geëvacueerd ten koste van 220 doden en vermisten en 80 gewonden. Opmerkelijk was dat in deze roerige tijden, door de Britten nog op enkele pasars kon worden gefoerageerd. Veldslag?
        “een simpele Nederlandse dienstplichtige, meldt zich vrijwillig aan om een 25 ponder howitzer naar het zieknhuis te brengen.” De heer Boer vervulde toen niet zijn dienstplicht! En weer die houwitser. Jammer dat ik mijn foto’s hier niet kan vertonen! Ik kan me overigens geen afdelingscommandant voorstellen die een houwitser meegeeft aan een loslopende Sinjo Soeroboyo. Zonder bijbehorende kanonniers en vuurregelaars! Net zo min dat een eskadronscommandant een tank uitleent aan de eerste de beste sinjo. De Japanners (>Indonesiërs) hadden in die tijd geen zware tanks, ik denk dat het om rupsvoertuigen uit de familie van de Bren Gun Carriers was; (Ook in gebruik bij politionele acties van de Marechaussee in Amsterdam) Aan de overkant van de Darmoboulevard. Weet u hoe of dat moet met een 25 pounder (of houwitser? En voor ondersteuning heb je de heer Boer toch niet nodig. Je pakt de telefoon en je vraagt je baas om ondersteuning. Zo gaat dat bij die sabeldieren. Ik zou hebben gekozen voor een .50,, of een antitankwapen uit de Bazookafamilie. Daar heb je dan inderdaad twee man bij. De schutter en de munitieman. En geen gedonder met het lenen van een tank of 25 pounder (sorry, houwitzer).

      • Peter van den Broek zegt:

        Veldslag in Soerabaja?

        “Casualaties” aan Britse zijde:
        18 gesneuvelde officieren waaronder de commanderende generaal Malaby
        224 manschappen gesneuveld
        894 gewonden
        25% van de brigade is uitgeschakeld en dit voor een vredesmissie.

        De 49e brigade , bestaande uit doorgewinterde beroepssoldaten wordt door nauwelijks getrainde pemoeda’s bijna onder de voet gelopen. Aan gen. Hawthorne CO 23e divisie wordt hulp gevraagd. Zijn baas gen. Christison stuurt de 5e divisie (2 brigades) naar Soerabaja.

        Dat bovenstaande reactie een opeenstapeling is van veronderstellingen,grootspraak en verzinsels blijkt wel uit dat bazooka-verhaal. De Amerikanen experimenteerden in WO2 met de bazooka, maar eerst in de Korea-oorlog werd de bazooka op grote schaal ingezet. De Britten hadden helemaal geen bazooka’s tot hun beschikking in Soerabaja, kon ook niet.

      • Jan A. Somers zegt:

        De slachtoffers van de 49e Brigade zijn in losse straatgevechten gevallen en als chauffeurs/bijrijders van de evacuatieritten. Het oprollen van afzonderlijke wachtposten. Een veldslag is voor mij iets anders.
        “.De Britten hadden helemaal geen bazooka’s tot hun beschikking” Beter lezen, hoeft niet eens begrijpelijk: “of een antitankwapen uit de Bazookafamilie”. En voor de Russische tanks in Boedapest waren in de Hongarijecrisis: Molotovcocktails op de ventilatieroosters effectief. Tanks in een stad zijn waardeloos. (m.u.v brenguncarriërs).
        “Door het vastberaden optreden van Kapitein Shaw en zijn peloton” Dat waren gewoon onderhandelingen over personen waarvan door de Indonesische autoriteiten vanuit Batavia de bijzondere status kon worden vastgesteld.
        “at deze gevangenen in levensgevaar verkeren en wellicht bij hun hoofdaanval op 10 November vermoord zullen worden. ” Daar hadden ze inderdaad de tijd voor tussen 06.00 en 15.00 uur. En we leven nog steeds. Wel interessant steeds te lezen hoe spannend we het wel moeten hebben gehad. Het was inderdaad een prachtige dag.
        “Vanaf de wapenstilstand tot aan 9 November ondernemen de Britten niks, ” In die tijd zijn nou juist de meeste vrouwen en kinderen naar Oedjoeng gebracht, een opvang in het marine-etablissement. De laatsten zijn met ons op 12 november ook naar Batavia gebracht.
        “Maar Richard L. Klaessen verklaart in zijn boek” Is dat meer waard dan een verklaring van Jan A.Somers? Op welke basis?
        Ik heb nog even geteld op mijn foto’s: 25 pounder, 6 man. 105 mm houwitser ook 6 man (5 + stukcommandant). Exclusief artilleriewaarnemer. Aangezien er op de kaart wordt geschoten vergeet ik maar even de rekenaars en verbindingsmensen. Wel knap van de heer Boer, dat hij dat met twee infanteristen klaarde. En geluk gehad dat de Indonesische tanks aan de overkant van de Darmoboulevard bleven wachten totdat uiteindelijk geschoten kon worden. Die foto’s kunt u overigens op de Knobbel zien in het artilleriemuseum. Echt waar dus. Maar u begrijpt het nog steeds niet.

  11. Peter van den Broek zegt:

    Er zit me wat dwars

    25 Pounder Howitzer:

    During the 1920’s it was decided to develop a weapon to include the best features of the 18-pdr and a HOWITZER. The new gun was to fire a heavier shell, with a longer range and higher velocity than the 18-pdr. To do this a multiple charge system would be needed to provide the flexibility of use for the new gun..

    The 25-pdr was one of the best field guns of its day, although it did not fire as heavier shell as the German and American 105mm (4.1-in) weapons, it was easier to handle in action and has an excellent range. It was provided with an excellent anti-tank shot

    • JA. Somers zegt:

      “The 25-pdr was one of the best field guns of its day” Er staat ‘gun’! En geen ‘howitzer’. Hoef je niet eens begrijpend voor te kunnen lezen. Houwitser is krombaan, kanon is vlakbaan. In mijn officiersopleiding hadden we het voornamelijk over de 155 mm lang en de 155 mm houwitser. De 25 pounder ook, maar die meer als nostalgie, dat hoorde bij je opvoeding.. En ik ben geplaatst bij de 8″ houwitser. En in Nederland mag alleen op het artillerieschietkamp Oldenbroek worden geschoten. In het artilleriemuseum op de Knobbel kunt u die zien in mijn fotoreportage die ze daar hebben. (ik was tenslotte ‘hoffotograaf’ die wist wat wel mocht of niet.
      “dringt kapitein Shaw ( ”’) binnen en verlangt (…). Dat dringen en verlangen viel wel mee hoor. Hij vervoegde zich gewoon bij de hoofdpoort.en werd binnengelaten. Daarop volgde de onderhandelingen. Niet zo interessant voor journalisten.
      “Shaw & Co kunnen toch niet onopgemerkt de gevangenis via de hoofdpoort binnenkomen?” Hoezo niet? U had toch een kaart van de gevangenis, met de plekken waar de gevangenen zaten? Een marineofficier kan toch kaartlezen? U kon op het KIM toch ook niet zie wie er allemaal in- en uitliepen? De Mahratta’s die voor onze evacuatie kwamen onderhandelen hebben we toch ook niet binnen kunnen zien komen? Wel toen ze langs onze verblijven liepen, maar dat is niet bij het hoofdkantoor bij de poort. En de ons bevrijdende Gurkha’s, die we op 10 november rond drie uur ’s middags langs zagen komen, hebben we toch ook niet zien binnenkomen. Ik heb al vaker gezegd, u weet het allemaal maar u kunt zich er geen voorstelling van maken. Vandaar dat u het nooit zult begrijpen. Vandaar dat u me nog steeds om 5 uur ’s ochtends laat bevrijden door 11 man.. Omdat u van de situatie tussen Bataviaweg en Kalisosok totaal geen beeld kunt vormen. Dat was geen oorlog volgens het boekje. Over die ene kilometer hebben ze drie uur gedaan!. Met ondersteuning van artilerie en vliegtuigen!
      “de aldaar gevangengenomen Japanners, geen evacuees dus, bevrijd,” ff omkeren. Eerst (proberen te) bevrijden, daarna evacueren.
      “onder de voet gelopen” Zeg maar vermoord, net als bij ons.
      ““er zijn geen persoonlijke getuigenissen bekend , die bevestigen, dat hier (Boeboetangevangenis) sprake is van internering van Nederlanders” Wie heeft u dan over Nederlanders in Boeboetan verteld? Bij mijn internering ben ik na de Simpangclub wel eerst langs die gevangenis gereden. En Japanse gevangenen moeten toch ook worden bevrijd en geëvacueerd? Japanners die ook worden genoemd in de instructie voor de 49th Brigade!
      ” houden Britse sectiesin Soerabaja zich niet bezig met onderhandelingen over evacuaties van APWI of IFTU, dat was exclusief voorbehouden aan de brigadeleiding dwz brig. Malaby en zijn staf nl col. Pugh en de inlichtingenkapiteins Macdonalds en Shaw.” Jawel hoor, commandant en staf doen dat op hun niveau, Andere groepen op een ander niveau. Mallaby c.s. zijn ook niet bij ons in de gevangenis wezen onderhandelen.

  12. Peter van den Broek zegt:

    Dat de Britten wisten van de gevangenen in de Werfstraatgevangenis, is wel duidelijk maar wat deden ze met dit gegeven?:

    Door het vastberaden optreden van Kapitein Shaw en zijn peloton wordt in de namiddag van 26 Oktober KTZ Huijer & Co uit de gevangenis bevrijd.
    De Britten laten wel een sectie, 1 sergeant en 10 Secoy, achter ter bescherming van vrouwen, niet is bekend dat deze sergeant zich met onderhandelingen over meer dan 3500 gevangenen bezighoudt. Deze sectie wordt later uitgemoord, zoook een ander Britse sectie.

    Hou rekening mee dat het Hoofdkwartier van de 49e brigade in het Internatio-gebouw gevestigd is, dat op steenworp afstand ligt van de Werfstraatgevangenis ligt. Ondanks dat ondernemen de Britten geen actie.

    Na de wapenstilstand van 30 Oktober hergroepeerden de Britten de her en der in Soerabaja geplaatste eenheden van de 49e brigade in het vliegkamp aan de haven en wordt het Hoofdkwartier van de 5e divisie van gen. Manserge aan de Bataviaweg geplaatst.

    Aan de Bataviaweg ligt ook kamp B (zie Bersiapkampen.nl) waar ex-geinterneerden APWI werden opgevangen. Door deze twee gegevens met elkaar te combineren is het wel duidelijk dat de Bataviaweg binnen de Britse linies ligt,.

    De Britten hadden de Werfstraatgevangenen naar kamp B of een ander opvangkamp (A of C in het havengebied) kunnen vervoeren, maar ze deden niks voor deze gevangenen.

    • Peter van den Broek zegt:

      Vanaf de wapenstilstand tot aan 9 November ondernemen de Britten niks, ondanks dat gevangenen ook door de Britten bestempeld worden als gijzelaars (hostages).

      Op 9 November bemerken de Britten dat deze gevangenen in levensgevaar verkeren en wellicht bij hun hoofdaanval op 10 November vermoord zullen worden. Blijkbaar gebruiken de Indonesiers de gevangenen daadwerkelijk als gijzelaars!!!

      Er is het verhaal van die Ambonese cipier uit de Werfstraatgevangenis die de Britten waarschuwt, maar hoe werden de Britten gewaarschuwd? De gevangenis ligt in Indonesisch gebied en voor een Ambonese cipier lijkt het mij wel moeilijk om naar de Britse linies te komen, dwars door alle Indonesische wegversperringen heen.

      Maar Richard L. Klaessen verklaart in zijn boek, Macaber Soerabaja op blz 49 ” Een boodschapper bij nacht” het hoe en waarom

      • Jan A. Somers zegt:

        “maar hoe werden de Britten gewaarschuwd?” Gewoon even bij Boer zelf lezen!: (…) kwam een Ambonese burger ‘s-avonds laat aan een grenspost. Twee schildwachten voerden hem door de linies naar de hoofdwacht Hij heette Patiradjawani en was een cipier van de Werfstraatgevangenis (…). Als u al niet leest, wat moet ik dan denken van tellen?
        “moeilijk om naar de Britse linies te komen, dwars door alle Indonesische wegversperringen heen.” Daar had de heer Boer kennelijk geen problemen mee.
        “maar ben deze verklaring NOOIT tegengekomen.” Ik moet het ook ergens hebben gelezen, maar weet niet waar. Ik dacht in een Telegraafverhaal. Ik heb het verhaal wel gehoord van aanwezigen bij een bijeenkomst in Den Haag, waar ik de heer Boer voor het eerst heb gezien. Vergeet niet dat de heer Boer aanbeden werd, er werden allerlei heldendaden rondverteld, het een nog mooier dan het ander. De Britten wisten wel degelijk van ons verblijf in de Werfstraatgevangenis. Tijdens de activiteiten van de 49th Indian Infantery Brigade Group heb ik twee keer militairen langs zien komen, waarvan verteld werd dat zij hier waren om te onderhandelen over onze evacuatie. Beide groepen zijn vermoord. En er was even een contactbureau in de gevangenis.
        “Vanaf de wapenstilstand tot aan 9 November ondernemen de Britten niks,” De restanten van de brigade hadden zich in het havengebied teruggetrokken en de 5e divisie was nog niet klaar voor actie.
        In Meelhuijsen wordt twee keer melding gemaakt over de gijzelaars. Eerst bij een eerste ontmoeting tussen Mansergh en Soerio op 7 november. Nog een keer in het ultimatum op 9 november.

      • Peter van den Broek zegt:

        De bronvermelding is een Telegraafverhaal, nog erger een verhaal gehoord van anonieme aanwezigen bij een willekeurige bijeenkomst in Den Haag: Nou ja, als dat zo is dan is het theorema, het luchtkasteel gebouwd op drijfzand.

      • Peter van den Broek zegt:

        Maar nu iets serieus. Mijn vraag is hoe de Britten werden gewaarschuwd. Natuurlijk ken ik het verhaal van Boer, het staat ook luid en duidelijk vermeld in zijn boek.

        Maar er is iets anders. Richard L. Klaessen noemt in zijn boek, Macaber Soerabaja ook een andere persoon als boodschapper die bij de Britten aanklopt n.l. Norcot Daniel Jansen. Die verbleef in Soerabaja bij een Brits-Indiase vriend, Attar, die een groentenhandel had en leverancier van de Werfstraatgevangenis was. Talib, één van zijn personeesleden, die daar groenten afleverde en had van een bevriende Ambonese cipier (sic) gehoord dat alle Nederlandse gevangenen zouden worden vergiftigd en de gevangenis platgebrand zou worden. Daarvoor hadden de Indonesiers reeds vaten met benzine in gereedheid gebracht.

        De cipier had ook gezegd , dat de bevrijders van de gevangenen de Werfstraatgevangenis van de achterkant moesten binnendringen en niet van de voorkant bij de hoofdpoort. Norcot D. Jansen had met zijn vrienden ook al een veilige route uitgestippeld. De route naar de gevangenis zou door de wijk Dapoean leiden langs de kretek-kruidnagel sigarettenfabriek van Liem Sieng The, naar de achterkant dwz Westkant van de gevangenis. Op basis van deze aanvullende informatie kon Boer, zijn Gurkha’s en de tank met een gerust hart en ongemerkt de Werfstraatgevangenis bereiken. Boer had aan zijn eigen gedetailleerde route zelf iets origineels en verrassend toegevoegd.

        Norcot Jansen kon op goed geluk de Britse linies bereiken en vond een Britse officier die hem bij kol. Pugh bracht, de opvolger van de gesneuvelde brigadier Mallaby, commandant van de 49th Indian Infantry Brigade. Pugh hoorde zijn relaas met argwaan aan, hij kon de betrouwbaarheid van de boodschapper niet inschatten.

        Later op de avond kwam Jack Boer met hetzelfde verhaal bij kol.Pugh, voor zijn betrouwbaarheid en moed konden lt-kolonel J.F.S. Rendall , commandant van zijn 3rd Artillery Regiment en captain Whitmarsh-Knight, directe baas van Boer ten volle instaan. Zodoende was het voor de Britten duidelijk dat het verhaal van Norcot Jansen betrouwbaar was.
        De Britten besloten tot een verrassingsactie, de bevrijding zou vroeg in de ochtend van 10 November vòòr de hoofdaanval plaatsvinden . Een tank zou om 0400 precies een bres in de Westermuur van de gevangenis schieten.

      • Jan A. Somers zegt:

        ” anonieme aanwezigen” Kennelijk heeft u dat boek nog steeds niet gelezen. Daar worden alle bewonderaars genoemd, inclusief handtekeningen. Niet van mij, misschien begrijpt u dat een beetje. Ik begin een beetje te twijfelen aan de kwaliteit van uw onderzoek.

      • Peter van den Broek zegt:

        Wat de kwaliteit van mijn onderzoek is, kan ik pas aan het eind van de rit beoordelen. Wat ik zeker weet is dat ik geen enkel De Telegraafverhaal als bronvermelding zal gebruiken., waarvan akte.

  13. Peter van den broek zegt:

    Er is een zinssnede aan het eind van het topic “Het Britse ultimatum Raadsels rond de ´Werfstraatinternering in Soerabaja (II)” die mij intrigeert: ……“Jack Boer verklaarde OOIT dat de Britten niet wisten van de gevangenen in de Werfstraatgevangeni”…. 

    Ik heb wel wat over hem gelezen maar ben deze verklaring NOOIT tegengekomen. Niet in zijn eigen boek Koninklijke Olie in Indië. de prijs voor het vloeibaar goud 1939-1953, maar ook niet bij
    W. Meelhuijsen Revolutie in Soerabaja, noch bij H.Th Bussemaker in zijn boek Bersiap opstand in het paradijs. De Bersiapperiode op java en Sumatra 1945-1946, laat staan bij Richard L.Klaessen. Macaber Soerabaja 1945 De Werftstraatgevangenis

    De zinssnede behoeft wel enige verklaring tenminste een bronvermelding anders is het theorema dat er op volgt wel een luchtkasteel.

  14. Peter van den Broek zegt:

    Ik kom terug op het topic “Het Britse ultimatum Raadsels rond de ´Werfstraatinternering´ in Soerabaja” want dat is het onderwerp van de discussie

    Het gaat dan om het citaat:…….De Indonesiërs weigerden toe te geven, en kwamen bijeen om de verdediging van de stad te bespreken. Een eerste verdedigingslinie werd aangebracht bij de Bataviaweg, net ten zuiden van de Werfstraatgevangenis. Een tweede linie lag weer ten zuiden daarvan bij het spoorwegviaduct……..

    Dit citaat zou als ik de 2 voetnoten lees gebaseerd zijn op het boek van Meelhuijsen en dat van Bussemaker. Ik veronderstelde dat in het verleden ook maar sinds ik het ene boek in de Koninklijke Bibliotheek zelf gelezen en het andere boek aangeschaft heb, kom ik tot een andere conclusie.
    Ik heb de indruk dat bovenstaand topic en de reacties van dhr Somers meer op de conclusies geschreven zijn. Uit de boeken wordt wel geciteerd maar er wordt selectief dwz meer niet geciteerd, daargelaten dat een topic schrijven op basis van 2 Nederlandse boeken toch wel een zeer beperkte visie op het gebeuren geeft. Ik hou rekening dat Internet de mogelijk geeft om Britse bronnen direct te raadplegen

    • Jan A. Somers zegt:

      Al die details vind ik niet interessant. Voor mij is het geen wetenschappelijk colloquium, maar een verhaal. in een website waar boven staat: Verhalen over Nederlands-Indië. Uw details zijn alleen maar hinderlijk en leiden af van mijn bevrijding, het belangrijkste gebeuren. En voor de brave lezertjes leiden ze af van het verhaal. Waarom stuurt u uw verhalen niet naar het NIMH, daar stoort het niemand.

      • Peter van den Broek zegt:

        Nou details. De vermelde details in het topic zijn duidelijk anders dan mijn details. Beide details zijn gebaseerd op hetzelfde boek van W. Meelhuijsen. Ik heb die ook nog eens gecross-checkt met andere bronnen. Dan mag ik toch grote vraagtekens stellen bij de nauwkeurigheid en betrouwbaarheid van bovenstaand artikel? Het is hier geen Facebook of zit ik hier op het verkeerde adres?

        Ik weet niet wat dhr Somers onder “wetenschappelijk” verstaat, maar als bronvermelding een duister De Telegraafartikel is gehoord van niet nader genoemde (=anoniem) personen op een bijeenkomst in Den Haag worden genoemd dan is de minimum-kwaliteitseis wel gesteld.

        De bevrijding vond plaats en in het hoe en wat verschillen de meningen. In.bovenstaand topic wordt merkwaardige vraagtekens achter het verhaal van Jack Boer gesteld. Ik geef daarop een antwoord zoals:

        Jack Boer leidt een groep Gurkha’s door de gevangenis, zij schakelen de wachtposten op de muur uit en veroveren de hoofdpoort en het wapenmagazijn. Eén gurkha de rifleman MAN BIR ROKA van het 3/9th Gurkha Rifles redde het leven van de leider van de groep maar sneuvelt daarbij. Hij ligt begraven op het War cementry in Jakarta. Zo’n man verdient Hormat en ik zal hem bij mijn volgend bezoek zeker niet vergeten.

        Rifleman Man Bir Roka is toch maar een detail, “is hinderlijk en leiden af van de bevrijding, van het verhaal”, het laatste is wel een gotspé. Het tekent wel de persoon.
        Voor mij was het vinden van zijn naam alle moeite en tijd waard om mijn verhaal over de Werfstraatgevangenis te schrijven.

        Ik laat het maar hierbij

    • Jan A. Somers zegt:

      “de Bataviaweg, net ten zuiden van de Werfstraatgevangenis.” Ik denk dat de auteur zijn kompas even onderste boven heeft gehouden. Ik zou hebben geschreven: tussen de Bataviaweg en de zuidelijk daarvan gelegen Werfstraatgevangenis. Maar een gewone lezer zou daar niet rijker van zijn geworden. De Telegraaf is niet zo’n slechte bron als u denkt te moeten aangeven. Ja, ik kan me niet verenigen met die koptitels met chocoladeletters, die sturing van meningsvorming, die alarmerende redactie. Maar de feitelijke inhoud is volgens mij goed vergelijkbaar met andere Nederlandse kranten. De Telegraaf is de enige krant die een foto heeft gepubliceerd van het hoofgebouw van de Werfstraatgevangenis zoals die in die tijd was.
      ” (=anoniem) personen” Hun namen en handtekeningen zijn in het boek afgedrukt!
      “merkwaardige vraagtekens” Hoezo merkwaardig? Wel van een ooggetuige, daar kunt u nooit aan tippen!

  15. Peter van den Broek zegt:

    Een verschrijving lijkt mij een eufemisme.

    Er is een citaat geïnspireerd op het boek van W. Meelhuijsen :
    …..”De Indonesiërs weigerden toe te geven, en kwamen bijeen om de verdediging van de stad te bespreken. Een eerste verdedigingslinie werd aangebracht bij de Bataviaweg, net ten zuiden van de Werfstraatgevangenis. Een tweede linie lag weer ten zuiden daarvan bij het spoorwegviaduct” ….

    Op de vervolgpagina (223) geeft Meelhuijsen ter verduidelijking een tekening genaamd “Sectorindeling volgens plan van Soengkono op 9 November 1945”. Maar bij zorgvuldige lezing van zijn tekst geeft die tekening helemaal niet het plan van Soengkono weer. Op deze tekening staat ook een derde Indonesische verdediginsglijn aangegeven.

    Meelhuijsen heeft niet door dat op de tekening de eerste Indonesische verdedigingslinie begint bij de Grisseescheweg overgaand in de Heerenstraat en over de Rode brug in een rechte lijn doorloopt naar het Oosten. Dit was wel de bestandslijn overeengekomen tussen gen. Hawthorn, Mallaby en Soekarno op 30 Oktober 1945, maar ook dat heeft Meelhuijsen niet begrepen.

    Dat mag geen hindernis zijn om de militaire situatie in Soerabaja te begrijpen maar de leek Meelhuijsen maakt een andere storende misser. Hij geeft ook een uitgebreide uitleg over onderdelen van de 5th infantry division (p.222) , daarbij merkt of weet hij niet dat de 161st Indian Infantry brigade (group) onder commando van brigadier E.H.W.Grimshaw niet in Soerabaja maar in Jakarta, een ander brits bruggenhoofd werd ingezet. Om het erger te maken geeft hij ook nog eens een bronvermelding aan. Deze bron is digitaal te raadplegen.

    Daarom moet men oppassen Meelhuijsen in militaire zaken lukraak te citeren, er kan wel wat mis gaan. Zijn gegevens zijn niet gebaseerd op primaire of directe militaire situation reports, maar meer op horen-zeggen. Daarentegen maakt het standaardwerk van R. McMillan “The British occupation of Indonesia” dat ik raadpleeg wel gebruik van die primaire bronnen , wel een eis in militaire kennisverwervende beoefening.

    Dan neem ik liever als Nederlands voorbeeld Dr. Bussemaker. Hij geeft op basis van andere militaire bronnen niet alleen een duidelijke beschrijving van de Indonesische verdedigingslijnen maar ook die van de Britten in Soerabaja. Dan wordt op een tekening wel begrijpelijk dat Britse westelijke linies (sector van 49th brigade) op korte afstand van de Werfstraatgevangenis en de centrale Britse linies (sector van de 123st brigade) in de buurt van de Bataviaweg gepositioneerd waren. Dten oosten van de Kalimas zou de 9th Indian Infantry Brigade oprukken langs de kali Semampir.

    Eigenlijk beschrijft Meelhuijsen dat ook op p.222, maar hij begrijpt de betekenis niet: ……“Omdat het Britse leger zich daar (Bataviaweg) reeds in de buurt bevond moest men (commandanten van het Indonesische troepen in Soerabaja het met elkaar eens worden over de verdedigingsposities ten zuiden van deze (Batavia)weg n.l. in de door hen genoemde wijk Krembangan.

    Als jaren eerder in het topic dit was geciteerd dan had dat veel onnodige discussies kunnen besparen. het is een ernstige omissie. Daarom is mijn reactie dat het topic teveel naar de conclusies is geschreven wel gerechtvaardigd.

    • Jan A. Somers zegt:

      “de eerste Indonesische verdedigingslinie begint bij de Grisseescheweg overgaand in de Heerenstraat en over de Rode brug” Wanneer krijgt u het eens door dat een verdedigingslijn geen lijn is? In dit geval een gordel met een diepte van Bataviaweg tot ongeveer de Rode Brug, ten zuiden van de gevangenis. En hoe brengt u in kaart dat in de ochtend van 10 november volgens de legerberichten op een gegeven moment de Ferwerdabrug is veroverd? Die ligt in één lijn met de Bataviaweg, de W-O-verbinding tussen de Perakweg en de brug? De bron hiervan heb ik hier of in I4E al eerder genoemd, die ga ik niet meer zoeken. Voor mij niet interessant.

      • Peter van den Broek zegt:

        Ik heb het over verdedigingslinie en niet lijnen. De woorden worden me weer in de mond gelegd. Meelhuijsen geeft een beschrijving van de Indonesisch verdedigingslinies op 9 November die niet overeenkomen met die op het bijbehorend kaartje in zijn boek. De linies op zijn kaartje waren die van 30 Oktober, maar zijn door de feiten op 9 November achterhaald. . Dhr Somers kan dat zelf in zijn exemplaar van het boek van Meelhuijsen verifieren?

        De bepaling van de Britse en Indonesische linies op 9 November zijn wel belangrijk voor het topic, waarbij details wel een beslissende rol spelen in de discussie. Het topic gaat zelf van deze details uit.

        De in het topic aangegeven bewering dat “militairen met een tank (niet direct geluidloos) de ca. 6 km, ruim een uur lopen, van Tandjoeng Perak naar de gevangenis ongestoord wisten af te leggen” stemt niet met de feiten overeen.
        De Gurkha’s waren net aangeland en konden vanuit het havengebied eenvoudig en snel de Britse stellingen bij het vliegveld Morokrembangan bereiken, waarvoor de 49th Infantry Brigade van col. Pugh verantwoordelijk was. Boer was bij deze brigade ingedeeld..
        De linies van deze brigade lagen dichtbij de gevangenis. De pemoeda’s hadden het gebied tussen deze Britse linies en de Westermuur van de gevangenis niet bezet. Norcot Jansen had deze informatie zelf op 8 November aan col. Pugh CO van de 49th Infantry Brigade, doorgegeven, de Britten en Boer waren gewaarschuwd.

        Jack Boer en zijn Gurkha’s van de 3/9 GR konden van de buitengrenzen van het vliegveld ongemerkt en binnen 15 minuten de westelijke gevangenismuur bereiken. De Stuart tank, die als verbindingspost fungeerde met het Britse hoofdkwartier, was erbij. Zie ter verduidelijking de situatietekening van Boer over de Werfstraatgevangenis , De twee pijlen één voor de groep van Boer en één voor de tank in de Dwars Niet Holland straat. Let wel deze straat was een doodlopende straat, een geniale vondst von Jack Boer om via deze straat vlakbij de gevangenis te komen.

        Hoe de gevechten op 10 November in de buurt van de Bataviaweg zich afspeelden kunnen gegijzelde in de gevangenis zoals dhr Somers nooit beoordelen. Het is niet interessant zoals hijzelf zegt. Het is hetzelfde als een voetbalsupporter zich buiten het stadion een beeld wil vormen van de wedstrijd Ajax-Feyenoord in het stadion. Daargelaten dat we alleen de feiten over de Bataviaweg willen weten die relevant zijn voor de gebeurtenissen IN de Werftstraatgevangenis.

        Ik wacht nog steeds op de datum van het krantenartikel aangeduid als de bronvermelding waarin Jack Boer zou hebben verklaard dat de Britten niets afwisten van de gevangenen in de Werfstraatgevangen. De bewering is Jack Boer in de mond gelegd, blijft dus een theorema en niet relevant voor ons verhaal.

      • Jan A. Somers zegt:

        “verdedigingslinie ” Langs een liniaal trekt u lijnen.
        “Hoe de gevechten op 10 November in de buurt van de Bataviaweg zich afspeelden kunnen gegijzelde in de gevangenis zoals dhr Somers nooit beoordelen.” Dat ik dat zou hebben beoordeeld, is uw fake-verhaal. Gewoon gelezen van Nugroho Notosusanto bij Meelhuijsen. Dat boek kent u toch? ” kan dat zelf in zijn exemplaar van het boek van Meelhuijsen verifieren?” Waarbij de opmars begon in het havengebied, van waaruit de hele Perakweg moest worden veroverd alvorens bij de Bataviaweg/Ferwerdabrug aan te komen. Een verhaal dat ik ook uit den treure moest aanhoren van de Sick-ambulancechauffeurs als wij vanuit de stad naar Perak/Oedjoeng reden. Dus niet van een gegijzelde in de gevangenis.
        “Jack Boer en zijn Gurkha’s van de 3/9 GR konden van de buitengrenzen van het vliegveld ongemerkt en binnen 15 minuten” Maar de heer Boer schrijft zelf: “Ik had de route vanaf Perak uitgezet tot (…)” En Perak is niet Morokrembangan!
        “Let wel deze straat was een doodlopende straat,” Nou, nee. De Dwars Nieuw Hollandstraat kwam uit op de Nieuw Hollandstraat, welke weer een verbinding vormde tussen Heerenstraat en Kalisosok Lor en Constructiestraat.
        “maar zijn door de feiten op 9 November achterhaald.” Juist. U kunt lezen: “(…) moest men het met elkaar eens worden over de posities ten zuiden van deze weg.” Dat is het gebied tussen de Bataviaweg en ergens ten zuiden van de gevangenis. Die Bataviaweg was het eerste obstakel waar de oprukkende troepen om 09:00 uur op stootten. Ook geen verhaal vanuit de gevangenis, maar van Sick’s die erbij betrokken waren.
        “De pemoeda’s hadden het gebied tussen deze Britse linies en de Westermuur van de gevangenis niet bezet.” De legerrapporten liegen er niet om: Vanuit Perak om 06:00 uur was men pas omstreeks twaalf uur in de buurt van de gevangenis, en zagen we de Gurkha’s pas rond drie uur in de gevangenis. Waar nog werd gevochten, zodat we pas omstreeks vijf uur konden worden bevrijd. Volgens getuige JAS in de gevangenis!
        ” datum van het krantenartikel” Ik ga niet zoeken in mijn stapel schoenendozen. U kunt dat toch veel sneller op de website van de Telegraaf?
        “feiten over de Bataviaweg willen weten die relevant zijn voor de gebeurtenissen IN de Werftstraatgevangenis.” Voor mij niet hoor. Van belang was dat we rond drie uur de eerste Gurkha’s zagen die ons rond vijf uur hebben bevrijd.

      • Jan A. Somers zegt:

        Sorry, het waren Sikh’s!

  16. Jan A. Somers zegt:

    Sorry, het waren Sikh’s!

  17. Peter van den Broek zegt:

    1) Fakeverhaal? Hoezo? Ik zeg toch niet ….“ kennelijk gedoe rond de Bataviaweg”, “ de route van Morokrembangan (vliegveld) naar de gevangenis onbegaanbaar was”. Ik beschrijf alles gedocumenteerd door officiële bronnen

    2) De door Meelhuijsen aangehaalde Nugroho Notosusanto was bij de slag om Soerabaja wel 15 jaar oud. Hij kan toch niet als directe en gezaghebbende militaire bron worden aangehaald ?

    3) Sikh-ambulancechauffeurs?
    Eerst wordt beweerd dat in Nederlands-Indie alle Brits-Indische militairen Gurkhas werden genoemd. Nu zou er ook sprake zijn van Sikhs. De verwarring wordt nu wel groot. Waren dit echte “Sikhs” of moeten we eigenlijk spreken van wat door het klootjesvolk genoemde Gurkhas? Als ik de eenheid weet dan kijk ik in mijn situation reports bij welke regiment deze militairen hoorden en of het werkelijke Sikhs waren.
    Bovendien het verhaal over de Sikhs kom ik vreemd genoeg niet als bron in de literatuurvermeldingen van Meelhuijsen, Bussemaker noch in dat van een gezaghebbende Engelse historicus R. McMillan tegen.

    4) Dwars Nieuw Hollandstraat liep dood, maar dan moet wel vanuit de Niew Hollandstraat, vanuit de gevangenis bekeken worden, logisch toch?. Staat ook zo op de kaart

    Ik heb veel literatuur over de slag om Soerabaja bestudeerd, ik laat verdere correcties achterwege, anders wordt het wel eentonig.

    • Jan A. Somers zegt:

      ” de route van Morokrembangan (vliegveld) naar de gevangenis onbegaanbaar” Morokrembangan komt er toch helemaal niet in voor? De heer Boer schrijft uit Perak te zijn vertrokken, de hoofdmacht vertrok uit Perak. Wel zijn twee flankerende strijdkrachten vertrokken vanuit Morokrembangen en Oedjoeng, kwamen dus niet in de buurt van de gevangenis.
      “was bij de slag om Soerabaja wel 15 jaar oud.” Had u al eerder vermeld. Dat waren toch de meeste door u aangehaalde bronnen. Zoals Bussemaker, Meelhuijsen, Somers. Maar ja, u was nog niet geboren, bent daar ook nooit geweest. Gelukkig weet u alles.
      “door het klootjesvolk genoemde” Ook al voor de tweede keer door u vermeld. Ik vond het toen al niet netjes (heel voorzichtig geformuleerd) dat u huidige reageerders, hun ouders en grootouders, zo benoemt. Maar misschien begrijpt u dat niet.
      “Waren dit echte “Sikhs””Ja hoor, met van die wilde baarden. Ik stond bewonderend te kijken hoe of ze die vers gewassen stroken zo keurig rond hun hoofd wikkelden. Met elke strook even breed als de vorige. Ik weet niet hoe hun eenheid was ingevoegd, misschien Indian Field Ambulance. Ze komen oorspronkelijk uit de Punjab. Er waren drie brigades met een Punjab Regiment. Niet zo belangrijk voor een verhaal; in Javapost.
      “het verhaal over de Sikhs kom ik vreemd genoeg niet als bron in de literatuurvermeldingen” ff lezen: Javapost: Onder de vlag van het Rode Kruis
      Geplaatst op 2 mei 2012door buitenzorg Door Jan Somers. Ik heb van die chauffeurs nog rijlessen gehad. En bij ritten vanuit de stad naar Perak of Oedjoeng kwamen ze altijd los over hun avonturen op 10 november rond Bataviaweg/Ferwerdabrug, hun eerste gevechtscontacten. Bij hun vertrek lieten ze de ambulances in onze handen achter. U mag die natuurlijk niet vergelijken met onze tegenwoordige ambulances, die ziekenhuizen in het klein zijn. Het waren gewoon overkapte vrachtauto’s met twee banken langszij, met brancards daarboven. Genoeg om onderweg een bevalling mee te maken. En als we het slachtoffer niet van zinj baleh baleh op de brancard durfden te leggen, ging die met bed al mee. Ruimte genoeg.
      “vanuit de gevangenis bekeken worden, logisch toch?”Bij mij is iets anders logisch, een straat, waarin je aan beide einden alle kanten op kunt, doodlopend?

      • Peter van den Broek zegt:

        citaat…”Er waren drie brigades met een Punjab Regiment. Niet zo belangrijk voor een verhaal; in Javapost”.
        Correctie er waren 3 Britse brigades betrokken bij de slag om Soerabaja: 2 brigades 123rd en 9th met een Punjab Reg. De 49th Brigade van col Pugh had geen Punjab Reg. deze brigade bestond uit 4/5th Mahrattas, 6/5th Mahrattas,5/6th Rajputana Rifles.

        Bovenstaand fout wordt door Meelhuijsen gemaakt omdat hij dacht dat de 161st brigade, ook aan Soerabaja was toegewezen, maar die was aan Batavia toegewezen ter versterking van de Britse troepenmacht aldaar.

  18. Peter van den Broek zegt:

    De heer Boer verklaarde niet dat hij uit Perak vertrok, hij had de route uitgezet vanuit Perak, want hij wist als subalterne natuurlijk niet hoe de Britse linies op 9/10 november precies verliepen.

    Hij verklaarde niet hoe laat precies hij vertrok vanuit Perak, maar dat is niet belangrijk. Al zou hij van het haventerrein Perak vertrokken zijn dan passeerde hij zonder problemen de eerste 5 kilometer de Britse Linies .Eerst na de laatste Britse linies bij het vliegveld Morokrembangan zou hij omstreeks 15:45 de laatste kilometer naar de Werfstraatgevangenis afleggen. De laatste kilometer liep door de wijk Pesapen die niet door gewapende Indonesiers was bezet en Indonesische bewoners hadden vanwege het komende Britse offensief op 10 November de wijk verlaten. Bussemaker, Indonesische bronnen en Norcot Jansen, de boodschapper voor col.Pugh bevestigen dit ook. Let wel het vliegveld Morokrembangan was door de 49th Indian Infantry brigade bezet, de brigade waarin Jack Boer was ingedeeld. Dat was een bijkomend voordeel.

    Boer en zijn 2 groepen zouden uiteindelijk bij de Dwars Nieuw-Hollandstraat uitkomen, een weg die begint bij de Nieuw-Hoillandstraat (Werfstraatgevangenis) en doodloopt op een braakliggend terrein, de weg loopt niet verder naar de Westerbuitenweg i.t.t. het naastgelegen Rusterburgerpad, die laatste is een doorgangsweg naar de grote ringweg om Soerabaja. Op kaarten is dat heel duidelijk te zien.
    Een Indonesische wachtpost op de gevangenismuur zou nooit verwachten, dus hield er geen rekening mee, dat een groep vijandige militairen+tank uit die doodlopende straat zouden komen. Het was het geniale en verrassende idee van de Soerabajaan Boer om juist via die straat de gevangenis te bereiken, onopgemerkt, maar zo was dat niet zo moeilijk als het lijkt

  19. Peter van den Broek zegt:

    Om een reactie van dhr Somers voor te zijn, corrigeer ik mezelf : 15:45 moet natuurlijk 03:45 AM zijn, is een verschrijving. Ik schrijf voor mezelf een verhaal over de bevrijdingsactie en dit is een deel:

    Voor een beter begrip van het Werfstraatverhaal is het van essentieel belang de exacte posities van de Britse en de Indonesische verdedigingslinies op 10 November 1945 te kennen. Daarvoor werd weliswaar in dit topic het boek van W. Meelhuijsen als uitgangspunt gekozen, maar het boek blinkt niet uit in grondige kennis van de militaire gebeurtenissen in Soerabaja

    In het topic en d discussie wordt selectief gebruik gemaakt van passages uit het boek om naar van te voren vastgestelde conclusies te schrijven. Ik noem als voorbeeld:
    Meelhuijsen schrijft (p.222) over de Indonesische verdedigingslinie: “de eerste verdedigingslinie moest beginnen bij de Bataviaweg”. In de discussie wordt verder als argument gebruikt : “moest men (Indonesische militaire commandanten) het met elkaar eens worden over de verdedigings- posities ten zuiden van deze weg”.
    De indruk wordt gewekt dat de Indonesiers controlle hadden over de Bataviaweg en dat daarmee BEWEZEN wordt dat het Britse hoofdkwartier en ook haar linies nooit bij de weg zouden kunnen bevinden.

    Maar tussen de twee bovenvermelde citaten wordt een cruciale zin uit Meelhuijsen boek niet vermeld: …… “omdat het britse leger zich daar reeds in de buurt bevond”.
    Dat verandert natuurlijk de hele betekenis van de citaten.
    Het volledige citaat uit Meelhuijsen wordt dan: “De eerste verdedigingslinie moest beginnen bij de Bataviaweg. Omdat het Britse leger zich daar reeds in de buurt bevond, moest men (Indonesische militaire commandanten) het met elkaar eens worden over de verdediginsposities ten zuiden van deze weg”.
    Hieruit blijkt dat op 8 November de Britse posities zich ten noorden en de eerste Indonesische verdedigingslinies ten zuiden van de Bataviaweg bevonden. Meelhuijsen geeft een uitleg over de Indonesische posities en illustreert dat met een kaartje op de andere bladzijde. Hij begrijpt niet dat dit kaartje de Indonesische posities op 30 Oktober aangeeft, die erg afwijken van die op 8 November.

    Het kaartje van Meelhuijsen geeft niet de Britse posiities aan. Hij verstrekt weliswaar informatie over die posities, maar hij begrijpt niet hoe hij deze in de Britse strategie moet plaatsen. Hij is een beetje de weg kwijt en twijfelt.
    Dat blijkt uit het volgende: De Indonesiers hadden b.v.b. nooit het vliegveld Morokrembangan aan de Britten overgegeven. Het was zelfs niet vermeld in het akkoord tussen Sukarno en de Britten op 30 Oktober. Maar zij hadden zonder instemming van de Indonesiers gewoon het vliegveld bezet. Meelhuijsen begreep dat niet zo goed, hij twijfelde en daarom gaf hij de Britse linies niet aan

    De Britse linies liepen van het vliegveld via de Perak Boulevard naar de Bataviaweg. Ten noorden van deze weg waren de Britse linies gelegen zoals het hoofdkwartier van de Britse 5th division van gen. Mansergh en ook het opvangkamp B voor geinterneerden RAPWI. De Britten vonden de Bataviaweg niet goed verdedigbaar en daarom hadden ze deze weg niet bezet.

    Dhr Somers had gevraagd hoe e.e.a. rijmt met de Britse verovering van de Ferwerdabrug over de Kalimas, de brug, die in het verlengde van de Bataviaweg ligt. Dat heeft allemaal te maken met de exacte positie van de Britse linies aan de Oostkant van de Kalimas, dat was ook voor Meelhuijsen een raadsel.
    Ik leg het uit. De Britten konden, volgens het akkoord met Soekarno op 30 Oktober aan de Oostkant van de Kalimas hun verdedigingslinies vestigen, die in het verlengde zouden liggen van de Bataviaweg, maar die posities waren moeilijk verdedigbaar. Daarom kozen ze voor een verdediginslinie langs de spoorlijn bij het Prins Hendrikstation. De verhoogde Spoorlijn vormde een natuurlijke barriere, was een natuurlijke verdediginglinie tegen de Indonesiers.

    Deze hadden op 8 November hun verdedigingslinies op de Oostoever van de Kalimas , net zoals op de Westoever, naar voren geschoven tot vlakbij de vijandelijke linies bij het station Prins Hendrik. Zodoende hadden ze de controlle over de Ferwerdabrug. Voor hun was de Ferwerdabrug van essentiele betekenis om niet bij een aanval door de Britten in de tang worden genomen.

    Het Britse aanvalsplan zag er als volgd uit: de aanvalslinies waren in drie sectoren verdeeld.
    1) De Westsector bij het vliegveld werd bezet door de 49th brigade van col.Pugh. Die zou het westen van de stad afsluiten voor Indonesische versterkingen vanuit die kant.
    2) De centrale sector ten noorden van de Bataviaweg was bezet door de 123rd brigade van brigadier Denholm-Young. Die zou vanuit het havengebied de aanval openen op de benedenstad ten Westen van de Kalimas. Dit zou het zwaartepunt worden van de aanval.
    3) Ten oosten van de Kalimas zou de 9th brigade van brigadier Brain oprukken langs de Kali Semampir, naar het Industrie terrein te Sidotopo en de Chinese en Arabische wijken.

    Meelhuijsen gaf in zijn boek gedetailleerd de samenstelling van de 5th division aan waarbij hij veronderstelde dat de 161st brigade deelnam aan de slag om Soerabaja. Maar hij bemerkte zelf, dat deze brigade niet was toegewezen aan een sector. Daarom tekende hij niet op de kaart van Soerabaja de Britse linies. Zodoende maakte hij de lezer niet veel wijzer.Dus bekend ehij uit arren moede alleen de Indonesische linies en nog fout ook.

    Meelhuijsen schrijft zelf op p.241, dat:….. “de 123rd brigade en het B-eskadron van de IIde Cavalerie werden belast met de gefaseerde besetting van het noordelijke stadsdeel, NA de bevrijding van de ongeveer 2.000 Nederlandse gevangenen in een gebouw nabij het telefoonkantoor (de Kalisosokgevangenis)”.
    Daarmee geeft ook Meelhuijsen aan dat de bevrijding plaatsvond vòòrdat de hoofdaanval om 0600 uur begon. Dit bevestigt ook mijn gedachte dat de bevrijding het eerste en integrale onderdeel van de verovering van de stad was.

    Het laatste citaat van Meelhuijsen wordt in de gehele discussie onvermeld gelaten, Het geeft des temeer aan dat het topic naar de conclusie werd geschreven: dat Boer alleen maar zijn waarheid vertelde.

    Ik heb ook een verhaal over de gevechten op 10 November,ber, maar dat heb ik deels al verteld en is voor niet-militairen niet zo onderhoudend.

    • Jan A. Somers zegt:

      “Hij verklaarde niet hoe laat precies hij vertrok vanuit Perak” Ik zal het maar ff voorlezen: “Om half vier in de ochtend vertrokken we van de basis naar de Werfstraatgevangenis. Ik had de route vanaf Perak uitgezet tot aan (…). En dan is het niet goed mogelijk met een gekozen omweg via Morokrembangan om daar om uw 03:45 te kunnen vertrekken. Vind ik helemaal niet belangrijk in het kader van mijn bevrijding. De heer Boer heb ik helemaal niet gezien. (pas een keer in Den Haag op 16 april 1988).
      ” 2 brigades 123rd en 9th met een Punjab Reg.” Klopt, ook ik had me verschreven. Maar die twee Punjab regimenten bieden toch veel ruime voor Sikh’s. Als u een beetje had rondgestruind in beide interviewrondes, dan was u regelmatig op Sikh’s gestoten. Mogelijk vanwege hun uitzonderlijke verschijning, maar ook vanwege ongewenste handelingen.
      “aan de Oostkant van de Kalimas hun verdedigingslinies vestigen, die in het verlengde zouden liggen van de Bataviaweg,” Daar zaten de Britten helemaal niet. Die zaten nog steeds in Oedjoeng, en begonnen van daaruit hun opmars. En in het centrum, westelijk van de kali, was het gebied tussen Perak en de Bataviaweg niemandsland (net als het gebied tussen Oedjoeng en de Ferwerdabrug). Dat is in lijn met het eerste legerrapport November 10. Attack opened at 0600 hrs. Went quietly until 0900 hrs when gunfire on certain targets was called down. Bij de Bataviaweg werd kennelijk artilleriesteun gevraagd.
      Ik (behorende tot het klootjesvolk) stop er maar mee. Die details zijn allemaal niet zo belangrijk in mijn eigen perceptie en jubel. We waren vrij!!! Maar dat gevoel mist u jammer genoeg. Nu hoeft ook de rest van het klootjesvolk hier op I4E zich niet meer te ergeren aan die voor hen onbegrijpelijke details. Interessant is wel de opmerking van het Kapittel der Militaire Willems-Orde. Na onderzoek van het overlegde complete(!) dossier is ook nog zelfstandig feitenonderzoek gepleegd, plus onderzoek door de Commissie dapperheidsonderscheidingen. Samenvattend (heel voorzichtig geformuleerd): “(…) zijn niet aangetoond (…)” en “…) een uiteenlopend en te beperkt beeld geven van de actie.(…). Roger and out.

      • Peter van den Broek zegt:

        In het topic worden essentiële gegevens uit het boek van Meelhuijsen onvermeld gelaten. Een verantwoorde beoordeling van de bevrijdingsactie in de Werrfstraatgevangenis wordt zo belemmerd.

        Meelhuijsen verklaart in zijn boek dat de bevrijdingsactie vòòr de Britse hoofdaanval om 0600 uur op 10 November 1945 begon. Dat argument bestrijdt dhr Somers niet.

        Als dhr Somers het argument van Boer over het uitzetten van de route v.a. Perak in zijn JAS voordeel gebruikt doen moet hij consequent zijn en ook het verhaal van Boer dat de bevrijdingsactie bij de gevangenis om ca. 03.45 uur begon in zijn JAS voordeel accepteren. Anders is zijn argumentatie inconsequent, toch een doodzonde voor een wetenschapper. Het geeft duidelijk aan dat er met twee maten wordt gemeten en de conclusies van het topic al voor het schrijven vaststonden.

        Een minister heeft ook onderzoek gedaan naar de bevrijdingsactie in de Werfstraatgevangenis. Hij komt tot de conclusie dat Jack Boer niet de actie leidde. Wie van de Gurkha’s dan wel de actie leidde laat hij volledig in het midden, is maar een detail. Wat de namen van die Gurkha’s zijn wordt onvermeld gelaten, laat staan dat de naam van de bij de actie gesneuvelde Gurkha bekend wordt gemaakt. Allemaal details.

        Ik ga maar verder de wetenschappelijke versie van de bevrijdingsactie af te ronden, met al zijn ontelbare bronvermeldingen.

      • Jan A. Somers zegt:

        “om ca. 03.45 uur begon en ook het verhaal van Boer dat de bevrijdingsactie bij de gevangenis om ca. 03.45 uur begon in zijn JAS voordeel accepteren. Anders is zijn argumentatie inconsequent, toch een doodzonde voor een wetenschapper.” Als laatste keer dan: Ik ben hier helemaal geen wetenschapper, maar een gewone verhalenverteller, een sinjo Soerabaja (lid van een klootjesvolk) die op een prachtige dag grandioos is bevrijd. En niets van een heer Boer heeft gemerkt. En “om ca. 03.45 uur” lag te slapen (weet het niet zeker, was buiten westen), om 05.30 werd gewekt door bewaarders om buiten in de rij te staan voor het eten, maar bij het beginnend scheepsgeschut om 06.00 uur weer de cel is ingestuurd door diezelfde bewaarders. En pas rond 17.00 uur is bevrijd. En aan die feitelijke waarheid consequent moet volhouden. En “moet hij consequent zijn” van iemand die nog niet geboren was en nooit in die omgeving heeft rondgestruind, van nul en generlei waarde mag beoordelen. En dat ook doet.

  20. Peter van den Broek zegt:

    Even noteren: dhr Somers bestrijdt niet de verklaring van Meelhuijsen dat de bevrijdingsactie vòòr de Britse hoofdaanval om 0600 uur op 10 November 1945 begon

    citaat JAS : “Klokslag zes zou zoals gewoonlijk het uitdelen van het eten beginnen”…
    10 November was geen gewone dag, het zou de dag van de Britse aanval worden. De gegijzelden hadden geen benul van tijd. Hun tijdsaanduiding is geen directe waarneming maar een afgeleide van de tijdsaanduiding van de Britten. dan kan in een verschil in perceptie optreden.
    Het lijkt me ook zot dat de Indonesische bewakers de 3500 gegijzelden om 0600 uur voor het eten uit hun cellen zouden hebben gehaald en even later diezelfde 3500 gegijzelden weer naar de cellen zouden hebben sturen. De logica zie ik er niet van in.
    De enige keer dat zij vanwege levensgevaar naar hun cel teruggestuurd zouden kunnen worden, was toen bij een bombardement scherfgranaten dichtbij de gevangenis insloegen. Dat Britten bevestigen dat zo’n kort bombardement om 1100 plaatsvond. Gegijzelden bevestigen dat zij bij het bombardement, dat dicht bij de gevangenis plaatsvond voor hun eigen veiligheid naar hun cellen werden teruggestuurd.

    De ooggetuige Vera Nooy verklaarde dat de vrouwen als laatsten uit het vrouwenblok (6) werden bevrijd en omstreeks 1430 geëvacueerd werden naar het havengebied. Is wel zo galant en logisch. Let wel er moesten 3500 vrouw en man worden geëvacueerd.

    Dhr. Somers werd als èèn van de laatsten volhgens zijn perceptie bevrijd maar hij werd geëvacueerd uit de gevangenis, wetend dat zijn cel het verst van het gat in de Westmuur verwijderd was. dat lijkt me logistiek logisch.
    .

    • Jan A. Somers zegt:

      ” bestrijdt niet de verklaring van Meelhuijsen dat de bevrijdingsactie vòòr de Britse hoofdaanval om 0600 uur op 10 November 1945 begon” Uiteraard. Ik heb bij Meelhuijsen de tekst van p.229, Anti-climax(…) t/m p.243, 11 november, doorgebladerd. Bij alle getuigenissen begon de aanval om 06.00 uur. Wel op p.233 het verzoek van brigade-generaal Robert Loder-Symonds aan generaal Mansergh om een verkenningsvlucht voordat de bombardementen op Soerabaja zouden aanvangen.Voor een leidende artillerieofficier een begrijpelijke actie om het terrein waar zijn artilleriewaarnemers komen te werken, te verkennen. Artilleriewaarnemer is een van de gevaarlijkste functies in een krijgsmacht. Hij is overigens met dat vliegtuig verongelukt.
      “De gegijzelden hadden geen benul van tijd.” Wij waren al weken gewend aan het openen van de cellen om half zes, in de rij staan voor het eten uitdelen om zes uur.
      “zot dat de Indonesische bewakers de 3500 gegijzelden om 0600 uur. Ja dat zou ook zot zijn geweest, ware het niet dat dit om half zes gebeurde, toen er nog niets aan de hand was. “en even later diezelfde 3500 gegijzelden weer naar de cellen zouden hebben sturen” Juist ja, toen de eerste schoten en inslagen te horen waren. “voor hun eigen veiligheid naar hun cellen werden teruggestuurd.” Klopt, niet om 11.00 uur, maar al om zes uur. En het was geen bombardement, maar inslagen van een ondersteuningsbeschieting waardoor we wisten dat de Brits-Indiërs in de buurt kwamen. In mijn herinnering was dit rond twaalf (als de zon hoog staat! Elf uur is zonder horloge niet exact vast te stellen.). Zo hoorden we ook rond negen uur (zon op ca. 45 graden) het ondersteuningsvuur bij de Bataviaweg, na een tijdje stilte voor de echte storm.
      “als èèn van de laatsten volhgens zijn perceptie bevrijd” Niks perceptie. als je rond zes uur (donker) in Perak aankomt was je tegen vijf bevrijd en naar de auto’s gelopen. En gezien het lange doorlopen waren we lang niet de laatsten. Bovendien zat ik in een kleine groep auto’s met ‘kneusjes’ die zowat als laatste vertrok, niet naar Oedjoeng zoals die voorgaande, maar naar Perak waar HMS Princess Beatrix aan het debarkeren was. Eerder kon ook niet, om rond drie uur werd er in de gevangenis nog gevochten, we werden door langskomende Gurkha’s (ja!) gemaand weg te blijven van het hek, en achter de muur te blijven met het oog op schieten. Sorry brave lezertjes, ik kan het niet laten foute boel te repareren. We waren wel klootjesvolk, maar nog niet op ons achterhoofd gevallen.

  21. Peter van den Broek zegt:

    Een element wat voor mij onduidelijk was, kan ik nu ophelderen .

    Bussemaker geeft aan dat het verhaal van het vergiftigde voedsel uiterst bizar is: “Eén van de gevangenen stelde dat de maispap inderdaad niet al te fris rook, maar dat er van vergiftiging geen sprake was. De pap was de vorige dag klaargemaakt en was gaan gisten”.
    Uit de bronvermelding bij Bussemaker begrijp ik dat dit het enige detail is wat hij uit een langdurig interview gehaald heeft.

    Bij Meelhuijsen lees ik “ Was dat ontbijt werkelijk vergiftigd? Volgens Henk Kemper hadden de gevangenen de laatste dagen voor hun bevrijding geen eten meer gekregen. Hij merkte op dat hun eten drie dagen al gereed stond buiten de keuken. Het eten was natuurlijk totaal bedorven, waardoor het gerucht ontstond dat het vergiftigd was”.

    Ik vond het al zo raar dat gesteld werd dat het eten in één dag ging gisten maar Henk Kemper (ex-gegijzelde) geeft er een geloofwaardige verklaring voor.

    Of het eten vergiftigd was wordt achteraf weliswaar door de ex-gevangenen ter discussie gesteld, maar is louter hypothetisch. De eigenwijze gevangenen hadden dat eigenlijk gemakkelijk kunnen controleren. Eén zou een hap nemen van die bedorven maispap en als hij na een uur nog leefde, dan was het niet vergiftigd. In het andere geval had die domme gevangene gwoon pech. Hij zou wel wereldberoemd geworden zijn. Ik zie de krantenkoppen al: Een uit de Werfstraat bevrijde gevangene gestorven aan na de bevrijding gegeten giftig voedsel. Bizar.

    • Jan A. Somers zegt:

      “Volgens Henk Kemper ” Volgens Jan A. Somers: De hele week al normaal eten gehad, niet uitbundig zoals altijd, maar gewoon vers gekookt eten. Op 9 november bleef na het avondeten het restant in de nog halfvolle gamellen buiten staan. In de tropen betekent dat dat het bederf inzet. Op 10 november, 05.30 uur stonden we dan in de rij voor die gamellen, maar het uitdelen om 06.00 uur ging niet door, zoals u al weet. (volgens de heer Boer zouden we allang door hem zijn bevrijd). Als je dan rond drie uur in de middag langs die gamellen loopt ruikt dat niet fris. Of het vergiftigd was heeft niemand (gelukkig) ondervonden. Om de Indonesiërs ongefundeerd van vergiftiging te beschuldigen gaat me te ver.

  22. Peter van den Broek zegt:

    Meelhuijsen noemt in zijn boek Henk Kemper , deze merkte op dat het eten al drie dagen gereed stond buiten de keuken. een detail dat niet over het hoofd mag worden gezien. Dan is het ook te begrijpen en geloofwaardig gemaakt dat dat eten bedorven was Meelhuijsen noemt Henk Kemper uitdrukkelijk maar laat de medegevangene Somers onvermeld!

    Bussemaker vermeldt dat “één van de gevangenen stelde dat…..”. In de bronvermelding maakt hij duidelijk dat de informatie afkomstig is van de Stichting Mondelinge Geschiedenis Indonesie SMGI interview JA Somers. Daarentegen noemt Bussemaker uitdrukkelijk Henk Kemper, die hij volgens zijn bronvermelding persoonlijk gesproken heeft in Breda in 2004. het is een kwestie wie relevant informatie geeft..

    Bussemaker stelt dat gevangenen zoals Huiskes, Menke en Kemper hadden Jack Boer niet gezien, Somers komt niet ter sprake. Dat ze Boer niet gezien hebben, kan best zo zijn maar zegt op zich weinig. Onvermeld blijft hoeveel gevangenen Gurkha’s opgemerkt hebben.

    Toen Boer en zijn Gurkha’s de bijna tweehonderd gevangenisbewaarders uitschakelden. moesten ze met zijn tienen het uitgebreide Werfstraatcomplex beschermen tegen mogelijke aanvallen van buitenaf. De gevangenis was afgezien van de Westmuur omringd door gewapende pemoeda’s. Een gedeelte van de eerst Indonesische verdedigingslinie liep vlak langs de gevangenis (Heerenstraat) en pemoeda’s hadden gebouwen voor de hoofdpoort en de wijk ten Noorden van de gevangenis bezet.

    Boer had daarom geen tijd zich uitgebreid voor te stellen en zich uitbundig met de gevangenen te bemoeien, dat was niet zijn prioriteit. Hij schoot enkele sloten van cellen kapot en vroeg de gevangenen de anderen te helpen zich uit de cellen te bevrijden en van de maispap af te blijven. Daarna sloot hij zich aan bij de negen Gurkha’s om de gevangenis te verdedigen. Het was wel in hun voordeel dat de pemoeda’s zich niet veel druk konden maken om de gevangenis. Zij waren te druk bezig met de Britse hoofdaanval.

    Gevangenen hebben de bewuste dag van 10 november tegenstrijdige verklaringen afgelegd over de bevrijdingsactie van Jack Boer en zijn Gurkha’s maar ook over de verdere Britse acties in en om de gevangenis. Zij zagen het gebeuren uit verschillend posities, een kwestie van perceptie.

    Niet bekend is of Bussemaker, Meelhuijsen en Somers bij hun ontmoeting in de Walburgpers hun verschillen in visie besproken hebben.

    • Jan A. Somers zegt:

      ” hun verschillen in visie besproken hebben” Uiteraard niet. Het was een leuke kennismaking (niet met Herman Bussemaker, die zat twee klassen lager op de RHBS in Vlissingen), een soort feestje. En een kennismaking met het enorme Indisch fonds dat Walburg Pers heeft opgebouwd. Mijn oudste dochter is zelf ook daarin vertegenwoordigd en heeft een tijdje in de redactie van dat fonds gezeten. En Herman vond het leuk dat hij voor die SMGI was geïnterviewd door mijn oudste dochter (ik ben overigens niet door haar geïnterviewd, dat was not done). Dat Meelhuijsen mij in zijn boek niet genoemd heeft is normaal, hij kende mij nog niet bij de presentatie van zijn boek.in 2000.
      “een kwestie van perceptie” En uw perspectief vanuit het CLD in Delft.

  23. Peter van den Broek zegt:

    Maar was Bussemaker wel een ooggetuige, of heeft hij in Soerabaja rondgestruind.? Wat weet hij van de bevrijding van de Werfstraatgevangenis af, hij mist toch dat gevoel?

    • Peter van den Broek zegt:

      Bovenstaande kritiek op Bussemaker geldt ook voor mij, de argumentatie is voor de bestudering en beoordeling van de zaak Werftstraatgevangenis-Jack Boer niet relevant.

      Lees ik het topic nogmaals door, dan wordt weliswaar beweert dat de bevrijdingsactie onmogelijk om 0400 uur had kunnen beginnen, maar een onderdeel vormde van de hoofdaanval die om 0600 begon.
      Dat kan zo gesteld worden maar dan mag voor de duidelijk aangegeven worden wanneer de verrassende bevrijdingsactie dan wel begon? Dat zou dan gebeurd zijn op klaarlichte dag bij aanwezigheid van meer dan 100 goed bewapende cipiers en een 7- tal tot cipiers omgeturnde levensgevaarlijke strappans, die gijzelaars bij het minste of geringste zwaar mishandelden, waarbij ook doden vielen. Ondanks dat vielen er geen gewonden slechts één slachtoffer was te betreuren, een Gurkha.
      Let wel die Gurkha sneuvelde op luttele meters afstand van cellencomplex 5 , waarbij een schotenwisseling plaatsvond en drie handgranaten werden geworpen. dat blijkt niet opgemerkt te zijn!!!!!!

      In de gevangenis werden wilde indianenverhalen verteld over de bevrijdingsactie.

      • Jan A. Somers zegt:

        “dan wordt weliswaar beweert dat de bevrijdingsactie onmogelijk om 0400 uur had kunnen beginnen” Wie heeft wat en waar beweerd? Ergens heb ik wel mijn vraagtekens geplaatst, op grond van de heersend situatie. Plus dat ik er niet wakker van ben geworden, en om zes uur de oude vertrouwde bewaarders nog hun werk deden. Verder heb ik gemeld de heer Boer daar niet te zijn tegengekomen.
        “dat blijkt niet opgemerkt te zijn!!!!!!” Klopt!
        “In de gevangenis werden wilde indianenverhalen verteld” Dat klopt helemaal. Vanaf zes uur toen we in de verte de eerste schoten en inslagen hoorden. En toen rond twaalf de eerste inslagen dicht bij de gevangenis plaats vonden, en een uurtje later de granaten over je hoofd floten. Wat hebben we rondgeluld! Spannend, en vol vreugde! En die vliegtuigen die laag over scheerden met een hoop lawaai! Wat een dag!!!
        Die gevangenis is overigens niet zo groot zoals vaak wordt beweerd. Wel erg beknopt gebouwd. U noemt steeds complex 5, maar daar zijn er meerdere van. Tijdens mijn Kenpeitaitijd was het tussen ons cellenrijtje (bij Boer nr. 23) en de verhoorkamers (bij Boer nr. 22) ongeveer vijf minuten lopen. Op de luchtfoto (KITLV) zie je duidelijk hoe complex die gevangenis in elkaar steekt.

      • Peter van den Broek zegt:

        Ik zal ook het laatste geheim van mijn verhaal verklappen

        Volgens de perceptie van dhr. Somers deden de oude vertrouwde Indonesische bewaarders om 0600 uur nog hun werk. Deze bewakers deden hun werk, omdat niet alle cipiers (niet gelijk aan strappans) uit de gevangenis waren gevlucht. Tenminste één bleef achter maar dhr Somers bevestigt dat het meer geweest moeten zijn. Dat weerspreek ik niet. Ik kan het verhaal wel rondmaken, opdat de waarneming van dhr Somers ook in mijn verhaal past.

        Tenminste één Indonesiers werd ‘smiddags met een bos sleutel gevonden en door Boer gedwongen een cel te openen. Dit verklaarde een ooggetuige!!!!!!!!! Het verhaal van dhr Somers past nu precies in mijn verhaal halve natuurlijk het tijdstip dat hij gewoonlijk te eten kreeg, maar dat is tijdstip was volgens de Britten wel vòòr klokslag 1100 uur..

      • Jan A. Somers zegt:

        “werd ‘smiddags met een bos sleutel gevonden en door Boer gedwongen een cel te openen.” Hé, ik heb altijd begrepen dat wij al rond zes uur ‘s-ochtends waren bevrijd!
        “hij mist toch dat gevoel?” En u in nog sterkere mate!
        ” tijdstip dat hij gewoonlijk te eten kreeg, maar dat is tijdstip was volgens de Britten wel vòòr klokslag 1100 uur.” Ik was nog zoveel bij kennis dat ik hier het tijdstip zes uur kon vermelden, en krachtens het rekenonderwijs op de broederschool in Soerabaja was dat inderdaad vóór 11.00 uur.
        “Hoe groot was de gevangenis dan wel ??? ” vijf minuten lopen over een hele afstand van Kalisosok Lor en Kalisosok Kidoel. (had ik al geschreven). Een hele zijde van het oppervlak!
        “het bevel geeft om 1100 uur een “bombardement” op 100 yards van de gevangenismuur” Het was geen bombardement (er is nauwelijks tot niet gebombardeerd) maar een artillerie ondersteuning vóór de oprukkende troepen. Als bevel voor ons niet van belang. Bovendien lijkt het mij vreemd dat een ‘bevel’ tot ondersteuning helemaal van boven van een generaal komt. In de praktijk van de artillerie, vraagt een plaatselijke infanteriecommandant dat aan de artilleriewaarnemer die dat doorgeeft aan zijn afdeling. En in mijn verheel heb ik de vele gebeurtenissen van dat tijdstip samengevat met ‘rond twaalf uur. Het moment dat wij begrepen dat de troepen in de buurt kwamen.
        ” en niet maatgevend voor de Britse acties.” Maar daar wisten we toch niks van? het waren onze ervaringen van de situatie. En die was verheugend!
        “de uiterst moeilijke opdracht de nietsontziende Indonesiers via huis-aan-huis en man op mangevechten in de dichtbewoond kampongs” De heer Boer had daar toch geen moeite mee?
        ” Daarom werden de gegijzelden in de gevangenis van de hoofdpoort weggehouden, wat dhr Somers ook bevestigd.” Waar heb ik dat bevestigd? Ik heb gemeld dat wij onze celdeuren open hadden gebroken zodat wij op het pleintje vóór onze celblokken konden komen. Maar het slot van de hoofdport naar de binnenstraat van ons cellenblok niet konden openen. Wij bleven dus achter dat hek staan, maar werden dor de langskomende Gurkha’s gemaand daar weg te gaan en achter de muur te blijven vanwege de gevechten.
        “De gegijzelden moesten voor hun eigen veiligheid terug naar hun cellen.” Dat moesten wij om 06.00 uur van de bewaarders. Jammer dat ik al deze voor ons onbelangrijke details voor de zoveelste keer moet corrigeren.

      • Jan A. Somers zegt:

        Sorry voor de vele typefouten. Ik heb mijn vingers op het toetsenbord niet altijd in de hand. (ik heb wel klachten, maar ik mag niet klagen!)

      • Jan A. Somers zegt:

        Mijn foto uit 1997 bij het artikel toont ongeveer de helft van de lengte van de muur aan de Nieuw Hollandsstraat. Gezien vanuit de richting Heerenstraat richting Kalisosok. Tot aan het gat dat uiteraard niet meer te zien was. Ik heb nog een jongere foto, met in graffiti een eerbetoon aan de slag. Mijn dochter omstreeks 2011, heeft een foto van een half opgeruimde ruïne.
        “De gevangenis was groot genoeg om 3500 gegijzelden met bijn” Ja hoor, we konden er allemaal in. De cellen waren bedoeld voor 20 gevangenen. De eerste nacht zat ik er met ruim honderd. Dat is de daaropvolgende dagen gereorganiseerd tot ca. 95. Je had een ligplek ter breedte van iets meer dan je heup.

      • Peter van den Broek zegt:

        Ter verduidelijking: Kan dhr. Somers met zijn ervaring als artillerist en dienstplichtige op de Lüneburger Heide aangeven wat het verschil is tussen een Brits bombardement en ondersteuningsvuur voor oprukkende troepen in de stad Soerabaja? .Hoe lang duurt een bombardement en hoe lang duurt ondersteuningsvuur.

      • Jan A. Somers zegt:

        ” aangeven wat het verschil is tussen een Brits bombardement en ondersteuningsvuur voor oprukkende troepen” ff een klein lesje algemene ontwikkeling voor marineofficieren:
        Een bombardement gebeurt met bommen. (geen vuurwerkbommen of zure bommen), afgeworpen door bommenwerpers. Bij mijn weten niet toegepast in Soerabaja. Niet handig in een stad, vanwege de onnauwkeurigheid veel collateral damage, burgerslachtoffers, huizen e.d. Denk aan Den Haag, Leiden, Nijmegen enz. Een bombardement is een typisch strategisch wapen, massaal. Denk aan Rotterdam, Duitse steden, Engelse steden, Japanse steden, atoombom (economie: slechts één vliegtuig en één bom nodig). Soms worden vliegtuigen ook tactisch ingezet, beschietingen, maar ook deze zijn onnauwkeurig. Laatst nog tactisch bombardement op een IS-munitiefabriek (specifiek doel) in Syrië met veel burgerslachtoffers. Ook tactisch ingezet als afschrikwekkend wapen. Laag overvliegen met gierende nabranders, ongericht schieten met een hoop.lawaai. Kijk maar even op de TV-reportages van de aanval op de Molukse bezetters van een trein. Geen schade, geen doden, maar wel direct effect. Dit soort inzet is wel in Soerabaja op grote schaal ingezet. Wij vonden dat natuurlijk prachtig, ze gierden op lage hoogte over je hoofd.
        Ondersteuningsvuur gebeurt met mitrailleurs, mortieren en diverse soorten veldartillerie. Oprukkende troepen ondervinden (uiteraard) weerstand van de vijand. Met ondersteunend vuur (vóór de oprukkende troepen uit) wordt die vijand in dekking gedwongen zodat het oprukken verder kan. Zie ook bij die Molukse kapers: met mitrailleurvuur werden die kapers weggehouden van schietposities, zodat infanterie en mariniers de trein konden benaderen. Ik weet het wel, het is slagveldtheorie, de werkelijkheid is altijd anders, maar in ieder geval het uitgangspunt. In Soerabaja is scheepsartillerie kort ingezet bij het begin van de actie, toen de veldartillerie nog geen posities had ingenomen. Tactisch gebruik dus, maar zeer onnauwkeurig. Veel schade. Maar wel weer het afschrikwekkend effect.
        Dit ondersteuningskarakter geeft ook de werkverdeling aan. Veldartillerie ondersteunt zowel infanterie als cavalerie. Onze toegewezen radiofrequenties liggen dan ook tussen (met overlapping) de frequenties van beide ondersteunde legeronderdelen.Die ondersteuning gebeurt niet op bevel van hogerhand, maar op verzoek van de onderdelen die ondersteuning nodig vinden. De commandant en de S3 van de artillerieafdeling zijn dan ook niet bij hun afdeling, maar bij het ondersteunde onderdeel. In die staf wordt de beslissing genomen. De S3 geeft dit door aan de toegevoegd S3 in het vuurregelingscentrum (VRC) van de afdeling artillerie en aan de artilleriewaarnemers bij de ondersteunde infanterie/cavalerie. Deze waarnemers nemen dan contact op met hun VRC en leiden het vuur. Die waarnemers zitten in gevaarlijke posities,helemaal vooraan! Ik heb me laten vertellen dat in de Vietnamoorlog een hele klas artilleriewaarnemers is omgekomen.
        Sorry ik kon het niet korter. Maar een beetje marineofficier kan het zelf toch terugvinden in zijn handboeken?

      • Peter van den Broek zegt:

        Interessante reactie maar wel gebaseerd op de ervaringen van een dienstplichtige op de Lünerburger Heide in vredestijd. Dat is totaal niet relevant voor de oorlogssituatie op 10 November 1945 in Soerabaja.

        De Heer Somers mag toch wel langzamerhand begrijpen dat ik mij documenteer.

        De Britten hadden de raad van een dienstplichtige militair niet nodig, ze dachten er in Soerabaja op 10 November 1945 iets anders over. Ze hadden voor de slag bij Soerabaja ook Havilland DH-98 Mosquito’s light bomber/tactical bomber, naast de de P-47 Thunderbolt, jachtbommenwerpers ingezet.
        Ik geef als voorbeeld: Dhr Somers heeft ook de brigadier Robert-Loder Symons genoemd, de jonge officier (32), verantwoordelijk voor de artillerie van de 5th division verongelukte in een toestel, dat neerstortte toen deze tijdens de start een gunpoint raakte. Het vliegtuig waarin hij verongelukte was wel een Havilland DH 98 Mosquito. Dat verhaal heb ik gecheckt, totdat ik zelf op het registratienummer van het verongelukte vliegtuig kwam: RF948. Bussemaker geeft in zijn boek het verongelukte vliegtuig van het type Piper Cub aan maar hij heeft waarschijnlijk teveel Amerikaanse oorlogsfilms bekeken.
        Als ik het iets niet weet dan kan dit nu gemakkelijk opgezocht worden, maar parate kennis is wel belangrijk.

        De volgende zinsnede is ook een gevolg van onwetendheid …”In Soerabaja is scheepsartillerie kort ingezet bij het begin van de actie, toen de veldartillerie nog geen posities had ingenomen”………. Onzin. Natuurlijk had de veldartillerie al posities ingenomen. Dat is op foto’s van die tijd al te zien dat de veldartillerie van de 49th brigade zich op het vliegveld Morokrembangan had ingegraven. dat doe je niet even op een zomerse namiddag.

        citaat: ………Daarnaast wordt ondersteuningsvuur wordt ingezet voor oprukkende troepen!!!!…….Op 10 November 1945 om 1100 uur rukten geen Britse troepen op dicht in de buurt van de Grisseescheweg/Heerenstraat. Een eenheid van de 49th brigade rukte wel later op in de wijk Presapen, maar dat was veel Noordelijker , om de evacuatieroute van de Werfstraatgevangenis naar het havengebied Perak veilig te stellen.

        Ook Indonesische bronnen geven aan dat ver sprake was van een bombardement op hunverdedigingslinie en commandoposten. Ik dacht dat Indonesische autoriteiten en commandanten door het bombardement genoodzaakt waren hun commandoposities te verlaten en zich terug te trekken op andere linies..

        Apropos, een (Brits) bombardement hoeft niet alleen met bommen plaats te vinden maar dat weten echte militairen beter. Ik vervulde mijn dienstplicht aan een opleidingsinstituut van de Koninklijke Marine in Den Helder. Ik weet wel wat van militaire historie.

      • Jan A. Somers zegt:

        Tja, deze dienstplichtige was inderdaad geen leraar aan het KIM. Wel luitenant bij de veldartillerie. Toegevoegd S3, een kapiteinsfunctie. En bij gebrek aan een echte, ook functionerend S3, een majoorsfunctie. “Lünerburger Heide in vredestijd.” Klopt, (met de correcte naam Lüneburger Heide) twee keer per jaar, meer ruimte dan Artillerie Schietkamp Oldenbroek. Met de Russen op een paar km afstand. Koude oorlog, Hongarijekwestie, NAVO-alarm. Onze zware artillerie had een plaats binnen een NAVO legerkorps. Allemaal veel leuker dan de dagelijkse gang tussen leslokaal en koffiehoek
        Interessant dat Bussemaker per vergissing de Piper Cub. noemt. En niet uit Amerikanse oorlogsfilms. In mijn tijd was dat vliegtuig bij de veldartillerie in gebruik als verkenningsvliegtuig en ook in gebruik door de luchtwaarnemers. We vlogen ermee vanaf het vliegveld Seppe bij Breda.
        ” de nietsontziende Indonesiers via huis-aan-huis en man op mangevechten in de dichtbewoond kampongs ten noorden van Werfstraatgevangenis te bestrijden. Dat is toch ook mijn verhaal. De inslagen van het ondersteuningsvuur waren ten noorden van ons, vlakbij. Rond twaalf uur. Maar het duurde nog even voordat ze er waren. Al die tijd zaten we in onze cellen opgesloten te wachten, (wachtend op de heer Boer!). Dat klopt met “dat was veel Noordelijker , om de evacuatieroute van de Werfstraatgevangenis naar het havengebied Perak veilig te stellen.”
        “Dhr Somers bevestigd dat hij één van de laatste geëvacueerden was.” Klopt, ik zat in een groep auto’s voor kneusjes, en er werd gewacht totdat er niemand meer uit de gevangenis kwam. Rond vijf uur.
        Die dag heb ik rond de gevangenis meerdere luchtacties meegemaakt. Hoop lawaai, wij een hoop lol. Maar geen bombardement, met bommen. Overigens zit ik wel met het probleem dat iedereen uit het klootjesvolk een luchtaanval een bombardement noemen. Goed dat het binnenkort weer de tijd van de zure bommen is.
        “dat doe je niet even op een zomerse namiddag.” Misschien kunt u eens een excursie maken van het ‘ingraven’ van een afdeling artillerie. Bent u gauw klaar mee hoor. Lichte artillerie, zoals 25 pounder of 110 houwitser, is vanuit rijdend in een kwartier schietklaar. Dat ingraven betreft alleen de schoppen aan de benen. Zware artilerie zoals onze 8 inch houwitser deed er langer over, ruim een half uur. Dat kun je dus een paar keer doen op een zomerse namiddag. Jammer dat ik u hier mijn foto’s niet kan laten zien.

  24. Peter van den Broek zegt:

    Hoe groot was de gevangenis dan wel ??? De gevangenis was groot genoeg om 3500 gegijzelden met bijna 200 man gevangenispersoneel te herbergen

    Wat de Indianenverhalen betreft:
    Meelhuijsen maakt het in zijn boek bont door tijdens een ontmoeting met de gevangene Henk Menke en Jack Boer de conversatie volledig in de Engelse taal te laten voeren.
    Menke: “Hello Jack!”
    Boer: ” Hello Henk!”
    Menke: “What are you doing here?”
    Boer: “I am a captain in the British Army, fought with them through the war”
    “See you later!”
    Vandaar dat gerucht dat Boer een officier was!!!!!

    Gevangenen hadden in de gevangenis geen benul van tijd. Als volgens de Britse militaire rapporten gen. Mansergh commandant van de 5th division het bevel geeft om 1100 uur een “bombardement” op 100 yards van de gevangenismuur te laten uitvoeren. , dan voeren zijn ondergeschikten dat stipt om 1100 uur uit omdat ook andere militaire acties daarmee gecoördineerd werden. (zie ook WO203/2455 report up to 11 november 1945).

    Lange tijd waren deze report onder embargo . Eerst in 1972 werden ze vrijgegeven en de historicus R. McMillan is de eerste geweest die zijn boek over de British occupation of Indonesia 1945-1946 voor het grootste gedeelte op de originele situation reports van de militaire eenheden met toelichtingen van stafofficieren baseert.
    Dat gegijzelden in de Kalisosokgevangenis dat anders beoordelen is toch hun perceptie en niet maatgevend voor de Britse acties.

    • Jan A. Somers zegt:

      Mijn reactie is per ongeluk verkeerd terecht gekomen, zie hierboven: Jan A. Somers zegt:
      12 december 2019 om 2:00 pm. Zie ook de schaalaanduiding op de tekening van de heer Boer!

  25. Peter van den Broek zegt:

    Om overbodige vragen te voorkomen volgt hier een beschrijving wat zich militair buiten de gevangenis op 10 November afspeelde ?

    Bussemaker maakt in zijn boek een storend fout door aan te geven dat de 3/9 Gurkha Rifles van de 123rd brigade in de centrale sector de Werfstraatgevangenis in de loop van de ochtend niet bereikten, maar ruim geïnterpreteerd “Naderden” , maar liepen in de middag tegen de Indonesische weerstandslijn. De Gurkha’s hadden de uiterst moeilijke opdracht de nietsontziende Indonesiers via huis-aan-huis en man op mangevechten in de dichtbewoond kampongs ten noorden van Werfstraatgevangenis te bestrijden. Ondanks dat waren hun verliezen miniem. Van het bataljon sneuvelde welgeteld 1 man in drie weken van uiterst bloedige gevechten.

    Bussemaker ziet over het hoofd, dat de Indonesische troepen de toegang tot de hoofdpoort op 10 tot minstens 1700 uur op 10 November bezet hielden. Zij beschoten van daaruit op de gevangenis. Daarom werden de gegijzelden in de gevangenis van de hoofdpoort weggehouden, wat dhr Somers ook bevestigd. De gevangenen werden in de loop van de middags niet vanuit de hoofdpoort, maar vanuit het gat aan de Westmuur geëvacueerd naar het havengebied Perak . De evacuatie van 3500 vrouw en man duurde totdat het donker werd. Dhr Somers bevestigd dat hij één van de laatste geëvacueerden was.

    Bussemakers verwarde de Gurkha’s met de versterkingen, die van de Westzijde de gevangenis bereikten. Hij verbeeldde als rechtgeaarde Hollander overal Gurkha’s te bespeuren.
    De Indonesische historicus Nugroho Notususanto schrijft over de slag: een deel van de Britse troepen (49th Brigade) rukten op in de richting van de sigarettenfabriek en de bioscoop Sapoerna in de kampong Presapen ten Westen van de Werfstraatgevangenis. De Indonesiers probeerden deze troepen tegen te houden en deden vanuit de Grisseescheweg een uitval naar het Noorden. Hier streden indonesische jongeren van 17 en 18 jaar . Onder zware druk van Britse troepen trokken zij zich terug op de kampong Presapen, maar ze konden hun linies niet houden en vielen terug op het spoorwegviaduct . De Britten hadden de Indonesische stellingen en commandocentrales gelokaliseerd en om 1100 vond hier een kort maar hevig Brits bombardement plaats, waarbij granaatscherven in de buurt van de gevangenis insloegen. De gegijzelden moesten voor hun eigen veiligheid terug naar hun cellen.

    De Britse troepen zuiverden de kampong Presapen van sluipschutters en stelden zodoende de evacuatieroute van de Werfstraatgevangenis naar het havengebied Perak veilig. Omstreeks 1430 uur kon de evacuatie van de 3500 gegijzelden uit de Werfstraat beginnen. De vrouwen werden als eersten geëvacueerd.

  26. Peter van den Broek zegt:

    Ik kom terug op Jack Boer. Hij was ingedeeld bij 3rd Indian Field Regiment van lt-col Rendall, dat volgens de Britse militaire stafkaarten en ook volgens Itzig Heine, overlevende van het Goebeng transport na 1 november 1945 gelegerd was op Tandjoeng Perak Airport, zie verslag Goebeng Transport Itzig Heine in Archief van Tranen.
    Jack Boer was zoals ik eerder memoreerde ingedeeld bij het regiment van lt-col Rendall DUS hij bivakkeert op 9 november 1945 ook op Tandjoeng Perak Airport. Dat vliegveld ligt wel op minder dan 1 km van de Werfstraatgevangenis.

    Sommigen zoals dhr Somers beweren, dat Jack Boer bij zijn reddingsoperatie van 10 november 1945 vanuit Tandjoeng Perak vertrok, daarbij veronderstellend op basis van ik weet niet wat maar zeker niet vanuit de feitelijke gegevens) dat Jack Boer vanuit de HAVENS van Tandjoeng Perak vertrok (in het Engels “The Docks”) , dat op 6 km afstand ligt van de Werfstraatgevangenis. Volgens hen kon Jack Boer onmogelijk binnen 15 minuten. vergezeld door een Stuarttank de muren van de Werfstraattgevangenis bereiken.

    Maar Jack Boer vertrok helemaal niet vanuit de havens van Tandjoeng Perak maar vanuit het vliegveld van Tandjoeng Perak, waar zijn regiment gevestigd was dweep tip minder dan 1 Km van de Werfstraatgevangenis. Klaarblijkelijk was de naam van het vliegveld “Morokrembangan” te moeilijk om uit te spreken en daarom gebruikten de Britten in hun stafkaarten de benaming Tandjoeng Perak Airport en datzelfde deed ook Jack Boer toen hij sprak over Tandjoeng Perak, waarmee hij het vliegveld Tandjoeng Perak Airport/Morokrembangan bedoelde.

    De Britten hadden de havens van Tandjoeng Perak gereserveerd om de 2 brigades van de 5th division van gen. Mansergh te ontvangen en opvangplaatsen voor de ex-geinterneerden te creëren.

    Ik kan mij voorstellen dat dhr Somers las dat Jack Boer sprak over Tandjoeng Perak, hij dacht dat Jack Boer het over de havens van Tandjoeng Perak had, maar Jack Boer bedoelde het vliegveld “Morokrembangan” waar hij met het Britse regiment gelegerd was op 9 November 1945.
    probleem opgelost.

    Wanneer ik het verhaal zo leet, klopt de beschrijving van Jack Boer tot in de details, zo ook dat de reddingsmissie om 03.45 in de morgen van 10 november 1945 begon.

    Q.E.D.

    • Jan A. Somers zegt:

      ” na 1 november 1945 gelegerd was op Tandjoeng Perak Airport, zie verslag Goebeng Transport Itzig Heine” In het verslag van Itzig Heine (september 1991) staat niets over de dislocaties en over de plek van 3rd Indian Field Regiment van lt-col Rendall, In zijn boek (voor Nederlandse lezers) heeft de heer Boer het steeds over Tandjoeng Perak, en niet (volgens u) over vliegveld Tandjoeng Perak Airport/Morokrembangan. En hij schrijft vertrokken te zijn van de basis. En hij schrijft zelf ook dat het ging om 2384 gevangenen, geen 3500.
      “Dat vliegveld ligt wel op minder dan 1 km van de Werfstraatgevangenis.” Hemelsbreed 2 km!, gemeten vanaf het midden. “Tandjoeng Perak vertrok (in het Engels “The Docks”) , dat op 6 km afstand ligt van de Werfstraatgevangenis.” Hemelsbreed 2,4 km, gemeten vanaf het midden. Maar dat is allemaal niet interessant. De heer Boer schrijft om half vier vertrokken te zijn van de basis (maakt niet uit welke). Kan dus om vier uur (u noemt 03.45) met zijn actie zijn begonnen. Kan om vijf uur klaar zijn met de bevrijdingsactie. Om half zes worden wij gewekt door de bewaarders (die nog leven) en gaan in alle rust in de rij staan voor de voedsellamellen. Als om zes uur het uitdelen van eten begint, begint het schieten en moeten we van de bewaarders (die nog steeds leven) de cellen weer in. Iets klopt er niet! En ik was toen echt nog niet zo aftands als nu! Zelfs niet in deerniswekkende toestand zoals de heer Boer schrijft.

      • JA. Somers zegt:

        Sorry, gamellen.

      • Peter van den Broek zegt:

        In het topic staat “in de nacht militairen met een tank (niet direct geluidloos) de ca. 6 km, ruim een uur lopen, van Tandjoeng Perak”.
        Ik herhaal dat argument en dan wordt dat gecorrigeerd door hemelsbreed 2,4 km, gemeten vanaf het midden.
        Zo kan ik ook een discussie met mezelf voeren en krijg altijd het laatste woord.

      • Jan A. Somers zegt:

        “de ca. 6 km, ruim een uur lopen, van Tandjoeng Perak”.” Als u nou eens een beetje begrijpend zou hebben gelezen, is dat het ene hemelsbreed is en het andere lopend. Dat stond er toch? Wirwar van straatjes enzo tussen Bataviaweg/Ferwerdabrug en gevangenis. En die tank maar ratelen tussen al die huizen en gebouwen. En die inlanders maar doorslapen. Maar daar zult u nooit zijn geweest.
        “en krijg altijd het laatste woord.” U heeft het er maar druk mee. Verveling in de Coronasaaiheid?

      • Peter van den Broek zegt:

        “En die tank maar ratelen tussen al die huizen en gebouwen. En die inlanders maar doorslapen”:…….

        Bovenstaand is weer een veronderstelling, een verbeelding van dhr Somers, hij sliep op dat moment in zijn cel in de Werfstraatgevangenis. Hij kon niks horen. Die Inlanders konden de tank ook niet horen, want dat zit zo:

        De Stuarttank reed in de ochtend van 10 november vanaf Toendjoeng Perak (Airfield) achter Jack Boer en zijn 10 Gurkha’s aan door de kampong Pesapen naar de Westmuur van de Werfstraatgevangenis. De burgerbevolking had reeds de benedenstad ontruimd. Ook de kampong Pesapen was leeg.
        Tenminste dat schrijft Bussemaker in zijn boek Bersiap! opstand in het Paradijs op blz 250.
        Dan mag zo’n tank wat lawaai maken, wordt toch niet gehoord.

        Het is een kwestie van de gebeurtenissen over de Werfstraatgevangenis helder en klaarwakker in de juiste volgorde te lezen. Iemand vroeg wat voor methodologie ik gebruik. Toen moest ik even nadenken, want sommige dingen doe ik werktuigelijk. In mijn werk gebruik ik bij analyses bepaalde methodes waarbij uit een tijd-volgordelijke opzet of de activiteit-relaties (event-driven process chain) gekozen kan worden.
        Deze methodieken gebruik ik uit verveling nu ook bij geschiedenisonderzoek, een beetje ongebruikelijk maar met ongebruikelijke resultaten.

      • Jan A. Somers zegt:

        “Somers, hij sliep op dat moment in zijn cel in de Werfstraatgevangenis.” Goed zeg, helderziend. Typisch Indisch! Ik heb er een stelling in mijn dissertatie aan gewaagd: 12a. ‘Ik geloof er niet in maar houd er wel rekening mee’ is de opvatting van de Indische Nederlander over in Indië gangbare paranormale en occulte verschijnselen, maar moet ook de grondslag zijn voor een correcte (natuur)wetenschappelijke attitude. Het aantal stellingen bij dit proefschrift zou dan ook als ongepast moeten worden beschouwd.
        Ik sliep inderdaad. Allemaal sliepen wij! Heel veel kabaal tussen vier en vijf, schreeuwen, schieten, knallen e.d. Niks van gehoord. De heer Boer is twee keer langs geweest, heeft met veel kabaal de celdeur opengebroken en riep ons toe: mannen, jullie zijn vrij!!!!.Wij terugschreeuwen: Weg wezen, wij slapen. Tot de gevangenenbewaarder ons wekte om half zes, en wij netjes buiten in de rij voor de etensgamellen gingen staan. Maïspap. Maar om zes uur weer naar binnen moesten omdat er werd geschoten. Vond die bewaarder zielig voor ons. Wij vroegen hem nog: wie was die man vannacht: Antwoord: Hoge officier, heeft jullie bevrijd. Nu hup, die cel in!

      • Jan A. Somers zegt:

        ff vergeten. De uittocht van de bewoners begon na het begin van de actie. Een hoop drukte. Die opmars ging dan ook heel erg langzaam. Niet alleen door die vluchtelingen maar ook door de strijdgroepen die ook in die wijken waren en kennelijk diep sliepen.

  27. Peter van den broek zegt:

    Om te begrijpen wat Jack Boer bedoelde met zijn “basis” dan is kennis over de ligging van zijn Britse eenheid in Soerabaja vòòr de Britse aanval op 10 november van essentieel belang. Ik geef het verhaal met bronvermeldingen aan.

    De 49th Indian Infantry division group trok zich na de gevechten van 28-30 oktober 1945 terug op stellingen ten Noord-Westen van de stad Soerabaja dwz het vliegveld, bron: H. Th. Bussemaker “Bersiap, opstand in het paradijs, tekening p.248 en beschrijving op p.249-250.
    Op Engelse stafkaarten van Soerabaja is dat aangegeven als “Tandjoeng Perak Airfield”, bron: Itzig Heine in Archief van Tranen – Gubeng transport p.19 Bijlage A .
    Ook R. McMillan geeft het in zijn standaard werk aan “the British occupation of Indonesia”, townplan of Surabaya p.201.
    Itzig Heine geeft in zijn verslag in Bijlage B de samenstelling van de 49th divisie met de drie bataljons weer. Hij tekent zelf aan dat het 5th batalion Rajputana Rifles onder bevel stond van de Commanding Officer CO de lt.col Rendall, die ook de leiding had van de 3rd Indian Field Regiment, waarbij Jack Boer was ingedeeld, zie verklaring lt col Rendall en P.Whitmarsh Knight in R. Klaessen “Macaber Soerabaja 1945 p.50-51.
    Als Jack Boer zegt dat hij op 10 november 1945 van “de basis” vertrok, dan bedoelt hij de basis waar zijn onderdeel was gelegerd en dat was Tandjoeng Perak Airfield.

    N.B. De haven van Soerabaja wordt op deze stafkaarten aangeduid als Tandjoen Harbour , terwijl de Engelsen in hun Situation Reports ook spreken van “The Docks”.

    Pas toen de granaten vanuit de Britse linies uit het Noorden/Noord-oosten over de Werfstraatgevangenis zouden vliegen , bestond het risico dat de granaatscherven de gevangenen zouden raken. Daarom moesten de gevangenen de cellen weer in.

    Gen. Mansergh Commanding Officer CO van de Britse eenheden gaf pas om 11:00 uur het bevel de Indonesische verdedigingslinies dicht ten Zuiden van de Werfstraatgevangenis te beschieten. Toen pas vlogen de (scherf)granaten over en kwamen dicht bij de gevangenis neer. Dit wordt ook door getuigenissen van gevangenen bevestigd.

    Ik trek de conclusie dat dhr Somers wellicht door oververmoeid en de spanning door het eerste bombardement om 06:00 uur heeft geslapen. Dit bombardement vond plaats ver ten Noorden van de Wrefstraatgevangenis plaats, zie Britse situation reports
    Daarbij teken ik aan dat hij niet wist hoe laat het precies was op 10 november 1945 , hij veronderstelt dat alleen maar.

    • Jan A. Somers zegt:

      ” Itzig Heine in Archief van Tranen – Gubeng transport p.19 Bijlage A .” Bijlage A geeft de oorspronkelijke dislocatie van de 49th brigade weer. U ziet daarop het artillerie regt gelegerd in de wijk Darmo. Dat is dus niet zoals u schrijft “De 49th Indian Infantry division group trok zich na de gevechten van 28-30 oktober 1945 terug op stellingen ten Noord-Westen van de stad Soerabaja dwz het vliegveld,” Met als bijzonderheid ” dwz het vliegveld,” Die gehavende brigade trok zich terug op het hele haven/vliegveldgebied als bruggenhoofd voor 5th divisie! Zowel havens als vliegveld werden aangeduid met Tandjoeng Perak, met toevoegingen. Vergeten wordt dat de marinehaven Oedjoeng eveneens tot het bruggenhoofd behoorde. Daar was juist het opvangkamp voor geëvacueerden gevestigd in het marine-etablissement.
      “Itzig Heine geeft in zijn verslag in Bijlage B de samenstelling van de 49th divisie met de drie bataljons weer. Hij tekent zelf aan dat het 5th batalion Rajputana Rifles onder bevel stond van de Commanding Officer CO de lt.col Rendall,” Dat is een schema uit Meelhuijsen. En het 5th batalion (onder bevel van de Commanding Officer CO de lt.col Rendall, is wat anders als het 3rd Indian Field Regiment.
      “Pas toen de granaten vanuit de Britse linies uit het Noorden/Noord-oosten over de Werfstraatgevangenis zouden vliegen , bestond het risico dat de granaatscherven de gevangenen zouden raken. Daarom moesten de gevangenen de cellen weer in.” Ik weet het nu niet precies uit mijn hoofd, maar bij de eerste inslagen (ver weg in het Noorden) om precies zes uur moesten we de celen weer in. Niks scherven, de bewaarders wilden er vandoor. Rond twaalf uur hoorden we de inslagen vlak bij, ten noorden van ons. En ik dacht rond 2 of 3 uur vlogen granaten over de gevangenis, met inslagen ten zuiden van ons. Ze waren in de buurt! In de gevangenis hoefden we niet bevreesd te zijn voor scherven. Dat is pas het geval als er granaten met tijdring worden gebruikt. Maar die worden niet in de nabijheid van eigen troepen gebruikt,

      • Peter van den Broek zegt:

        Ik bezit een kopie van het legerrapport WO 203/2255 Allied Forces Netherlands East-Indies in de periode oct-dec ’45 en jan ’46.

        Ter ondersteuning van mijn verhaal geven Britse commandanten in het situation report (5th division van gen. Mansergh aan waar in Soerabaja hun eenheden waren geplaatst. De eenheid van Jack Boer was in de nacht van 9 op 10 november 1945 gelegerd op het Tandjoeng Perak Airfield. Dat was zijn basis en van daaruit vertrok hij in de ochtend van 10 november voor zijn reddingsactie in de Werfstraatgevangenis

        Als dhr Somers het beter weet dan de Britse militairen dan begin ik toch te geloven in paranormale en occulte verschijnselen als grondslag voor een wetenschappelijke attitude.

        Ik kan dit rapport niet in mijn reactie kopiëren en heb het daarom opgestuurd aan de webmaster, wellicht lukt het hem wel.

      • Jan A. Somers zegt:

        “Als dhr Somers het beter weet ” Ik zocht alleen op een mij gewezen kaart in het rapport van Itzig Heine.. Daarop was die eenheid geplaatst ergens in Darmo. En op een alinea uit een boek waaruit ik moest opmaken dat Tandjoeng Perak en Oedjoeng niet door de 49the Brigade ingericht waren als bruggenhoofd. Ik wist het niet beter zoals u denk, ik verbaasde mij. En de vreemde opmerking ” bestond het risico dat de granaatscherven de gevangenen zouden raken” Overvliegende granaten fluiten alleen, hebben geen scherven. Behalve als ze met een tijdring zijn uitgerust, wat in een opmars niet de gewoonte is. Bovendien floten er om zes uur in de ochtend geen granaten over de gevangenis. (hoefde toch niet, wij waren toch bevrijd door de heer Boer? Is mij althans op 16 april 1988 in Den Haag verteld.

  28. Peter van den Broek zegt:

    Heer Somers, U schept alleen maar verwarring door deels of slecht te citeren. Ik kan mij niet voorstellen dat U het niet begrijpt if weet, want wat staat er op de bovenste alinea van bijlage A: Outline Order of Battle of 49th Indian Infantry Brigade Group, October 25-30, 1945
    Ik schrijf dan:… De 49th Indian Infantry division group trok zich NA de gevechten van 28-30 oktober 1945 terug op stellingen ten Noord-Westen van de stad Soerabaja dwz het vliegveld Tandjoeng Perak Airfield.,”

    En wat die granaten betreft. De Britten schoten om 11:00 uur met zgn Sharpnelgranaten op de Indonesische stellingen bij de Heerenstraat ten Zuiden van de dichtbij gelegen Werfstraatgevangenis. Ik hoef toch niet aan een artillerie-officier uit te leggen wat voor granaten dat zijn en waarom juist deze bij de gevechten op 10 Novemberin Soerabaja werden gebruikt.

    Dhr Somers beproeft zijn gebruikelijke salami-tactiek door de voor zijn tunnelvisie bruikbare stukjes eruit toe halen en uit zijn verband te rukken. Ik kan zo aanwijzen waar hij dat weer doet en natuurlijk gebruikt hij geen bronverwijzing.
    Foei dr.Somers, een man van Uw wetenschappelijke statuur hoeft zich toch niet te verlagen tot zulke doorzichtige trucjes?

    • Jan A. Somers zegt:

      “Sharpnelgranaten” Is Shrapnel! “Met de komst van relatief ongevoelig explosieven die kunnen worden gebruikt als vulling voor schalen, bleek dat de behuizing van een goed ontworpen brisantgranaat gefragmenteerd effectief. Bijvoorbeeld de ontploffing van gemiddeld 105 mm schaal produceert enkele duizenden hoge snelheid (1.000 tot 1.500 m / s) fragmenten, een letale (op zeer korte afstand) blast overdruk en, indien een oppervlak of suboppervlak burst, een bruikbare kraters en anti-materieel effect – alles in een munitie veel minder complex dan de latere versies van de Schrapnel.”
      Ik ken de shrapnel techniek alleen in handgranaten, met als variant de spijkerbom, gebruikt voor terroristische acties. De artillerie shrapnelgranaten alleen uit de geschiedenis der artillerie. Misschien nog te zien in het Legermuseum in Soesterberg. Ik wist niet dat het als artilleriegranaat nog was gebruikt in Soerabaja, dat ze überhaupt nog bestonden.
      In mijn tijd was die techniek al lang vervangen door de normale brisantgranaat, maar dan met een tijdbuis erop gedraaid in plaats van de schokbuis. Was gevaarlijk voor de eigen, ondersteunde eenheden vanwege de onnauwkeurigheid. Maar dat alles was niet zo relevant voor uw opmerking “De Britten schoten om 11:00 uur met zgn Sharpnelgranaten op de Indonesische stellingen”en ” Maar u had al eerder opgemerkt dat we om zes uur terug de cellen in moesten vanwege het gevaar van scherven. Welke scherven? En later schrijft u: “Gen. Mansergh Commanding Officer CO van de Britse eenheden gaf pas om 11:00 uur het bevel de Indonesische verdedigingslinies dicht ten Zuiden van de Werfstraatgevangenis te beschieten. Toen pas vlogen de (scherf?)granaten over en kwamen dicht bij de gevangenis neer. Dit wordt ook door getuigenissen van gevangenen bevestigd.” Ja, maar toen waren er geen bewaarders meer om ons de cellen in te sturen. Waar we overigens al vanaf zes uur weer in zaten.
      “dat hij niet wist hoe laat het precies was op 10 november 1945 , hij veronderstelt dat alleen maar.” Niet zo moeilijk doen Het was gewoon half zes wekken en in de rij, tellen, en zes uur, uitdelen ven eten. Rond twaalf uur hoorden we de inslagen vlak bij, ten noorden van ons. En ik dacht rond 2 of 3 uur vlogen granaten over de gevangenis, met inslagen ten zuiden van ons. Ze waren in de buurt! ” Dat was toch geen zes uur?
      “De 49th Indian Infantry division group trok zich na de gevechten van 28-30 oktober 1945 terug op stellingen ten Noord-Westen van de stad Soerabaja dwz het vliegveld, bron: H. Th. Bussemaker “Bersiap, opstand in het paradijs, tekening p.248 en beschrijving op p.249-250.” En lieten dus Perak en Oedjpeng over aan de Indonesiërs!!!
      “De eenheid van Jack Boer was in de nacht van 9 op 10 november 1945 gelegerd op het Tandjoeng Perak Airfield.” En waar kwam die tank dan vandaan?

      • Jan A. Somers zegt:

        ff vergeten. Het was geen 49th Indian Infantry division group , maar de brigade group. Da’s wat anders.

  29. Peter van den Broek zegt:

    Feiten
    Wat vast staat dat Jack Boer en zijn 10 Gurkha’s vanuit de basis Tandjoeng Perak Airfield vertrokken.

    De reddingsactie bij de Werfstraatgevangenis begon om 03.45 in de ochtend van 10 november 1945

    Bij de reddingsactie sneuvelde één Gurkha. Geen der meer dan 3500 gegijzelden werden gewond of gedood bij deze reddingsactie.

    Waar die tank vandaan kwam? Wat voor archaïsche vraag is dat, moet U niet aan mij vragen, ik hou me niet bezig met logistiek. ? Die tank was er bij de Westmuur van de Werfstraatgevangenis. Hoe anders kon dat gat dan ontstaan?

    Ik heb vragen gesteld en antwoorden gegeven. Q.E.D.

  30. Jan A. Somers zegt:

    Wat ben ik toch een tevreden mens. Met prachtige herinneringen aan 10 november 1945, behoort tot het rijtje mooie dagen uit mijn rijke leven. Hoef me niet druk te maken waar de heer Boer is vertrokken. hoe laat hij, volgens allerlei bronnen mij zou hebben bevrijd, enz enz. Net als andere mensen heb ik gelukkig ook mijn feiten. Dat we in de nacht van 9 november hebben geslapen net als voorgaande nachten. Dat ik om half zes ben gewekt door een bewaarder (hé, die man was toch dood?) Dat ik om zes uur in de rij stond voor de gamellen, geteld worden. Dat we bij de eerste schoten in de verre verte de cellen weer in moesten. Dat we aan de inslagen rond twaalf uur wisten dat ze dichtbij waren. Dat we aan de overvliegende granaten rond drie uur wisten dat ze voor de deur stonden. Dat we toen celdeuren gingen forceren (hé, die waren toch al door de heer Boer geopend?). Dat we buiten gingen rondlopen en bij de poort naar de binnenstraat naar de langskomende Gurkha’s zwaaiden. Dat we van die plek weg moesten, te gevaarlijk. Dat we om rond vijf uur de gevangenis uitwandelden, Om tegen zes uur in gereedstaande auto’s weg te rijden en in het pikkedonker op Perak arriveerden, een prachtig tafereel om te zien!. Wat interesseert het dan van waaruit de heer Boer zegt te zijn vertrokken. Dat het niet interessant was dat hij in een kwartiertje bij de gevangenis was, waar een hele Brits-Indische divisie 12 uur over heeft gedaan. Ik was vrij!. En dat neemt niemand me weer af. Ik ben zijn naam voor het eerst tegengekomen in een verhaaltje in de Telegraaf, ik dacht ergens jaren ’80. En ben hem tegengekomen in Den Haag op 16 april 1988. Een bijzonder mens! Op het schild geheven door zijn volgelingen, maar zelf geen woord over zijn heldendaden.
    “salami-tactiek ” ? Ja, problemen met uit mijn geheugen reageren op warrige wetenschappelijk verantwoorde verhalen, gevonden bij allerlei figuren die zich ermee bemoeiden, met rapporten enzo. Er niet bij waren, en dus geen mooie dag hebben gehad.. Niet belangrijk, alleen moeilijk op een rijtje te beantwoorden (nooit goed gelukt, sorry). Gelukkig dat ik gewoon in een praethûûs ben, geen wetenschappelijk colloquium! Geen dr., maar een Mr. Dr. Ir. in ruste. Maakt mij niet uit, behoren ook tot het rijtje mooie dagen.

  31. Peter van den Broek zegt:

    De Britse militaire rapporten geven aan dat er , afgezien van het ondersteuningsvuur aan de troepen er op 10 november 1945 , de dag van de reddingsactie in de Werfstraat 3 keer sprake is van een bombardement, waarbij vliegtuigen, scheeps- en veldgeschut betrokken waren.

    06.00 uur bij het begin van de aanval van de Britten

    11.00 uur. gen Mansergh Co van de 5th division geeft de order om de Indonesische stellingen te bombarderen in de omgeving van de Heerenstraat op minder dan 100 yards ten zuiden van de Werfstraatgevangenis, te bombarderen. De Britse artillerie schiet vanuit haar posities over de Werfstraatgevangenis heen.

    In de namiddag omstreeks 14:30, het is maar mijn verhaal (zonder bronvermeldingen) en zie mijn voorgaande commentaren

    • Jan A. Somers zegt:

      De Britse militaire rapporten geven aan dat de heer Boer rond vier/vijf uur in de ochtend de gevangenen in de Werfstraatgevangenis heeft bevrijd. Alle gevangenenbewaarders en PRI dood, of gevlucht.
      De rapportage van Jan A. Somers geeft aan dat die gevangenen om half zes zijn gewekt door gevangenbewaarders die volgens andere, door de heer van den Broek genoemde rapportages, al dood hoorden te zijn. Gingen zoals gewoonlijk in de rij staan voor uitdeling van eten. Dat er om zes uur inslagen waren veraf, ten Noorden, de aangekondigde bevrijding van Soerabaja was begonnen, volgens plan. Terug de cellen in, de deuren weer op slot. Volgens de rapportage van de heer Boer zou dat niet kunnen, die sloten had hij al kapot geschoten.
      Geen luchtbombardementen bij de gevangenis. Wel laag overscheurende vliegtuigen, met open nabranders, imposant, prachtig. In de verte hun mitrailleurvuur horend. De rapportage van Jan A. Somers geeft verder aan dat er rond twaalf uur inslagen waren vlakbij, ten Noorden van de gevangenis. De rapportage geeft voorts aan dat er rond drie uur de eerste granaten floten over de gevangenis, geweldig. Dat dit het sein was alle celdeuren open te breken. Volgens rapportage van de heer Boer hoefde dat niet, deze waren al door hem geopend. De rapportage van Jan A. Somers geeft verder aan dat we kort na drie uur de eerste Gurkha’s door de binnenstraat zagen lopen. Dat het slot van de traliedeur naar de binnenstraat tegen vijf uur werd open geschoten (waarschijnlijk door de heer Boer ff vergeten), waarna we naar buiten wandelden, door een woonwijk, waar we werden getrakteerd, naar de lange rij wachtende auto’s. In die wijk zagen we een man die de roodwit graffiti van de Indonesiërs van een blauwe baan voorzag. De enige (domme) gedachte van Jan A, Somers was: waar haalt iemand, in deze situatie, zomaar een pot blauwe verf vandaan? (heb ik niet in huis!)
      Bij alle inslagen van artilleriegranaten was er geen sprake van gezamenlijk uitwerkingsvuur, het waren losse schoten. In een stad kan veldartillerie niet veel uitrichten. Alleen maar schrik aanjagen..

  32. Peter van den Broek zegt:

    De gevangenen/gegijzelden, hebben een andere perceptie van het buitengebeuren op 10 november 1945 , maar wat wil je als ze meer dan 2 weken onder erbarmelijke omstandigheden in een gevangenis door 70 wrede strapats en meer dan 100 reguliere cipiers worden bewaakt.

    Maar ze hebben ook verschillend percepties in het binnengebeuren, in de gevangenis

    03:45 uur Jack Boer en zijn 10 Gurkha’s beginnen hun reddingsactie in de gevangenis. Ze “neutraliseren” de wreedaardige strapats, de rest van de 100 cipiers slaagt erin via een zijpoort uit de gevangenis te ontsnappen. Hun vluchtweg loopt langs de cel waarin dhr Somers gevangen zit, hun vlucht wordt niet door alle gevangenen opgemerkt, kennelijk slapen enkelen door het lawaai heen.

    06:00 uur Jack Boer en zijn Gurkha’s slagen erin de gevangenen zoals gepland vòòr de Britse hoofdaanval te redden.

    Een Ambonese cipier heeft de vorige avond de Britten gewaarschuwd dat het voedsel voor de gevangenen vergiftigd is. Jack Boer in persoon verbiedt de bevrijde gevangenen uitdrukkelijk het gereedstaande ook bedorven eten aan te raken. ***Jack Boer was toen al aanwezig in de gevangenis, hoe anders konden de bevrijde gevangenen weten dat het eten was vergiftigd!!!!!! Ander eten wordt klaargemaakt voor de meer dan 3500 bevrijde gevangenen***

    11:00 uur De gevangenen kunnen gaan eten maar worden voor hun eigen veiligheid weer naar hun cellen gedirigeerd omdat een bombardement van scherfgranaten op minder dan 100 yards van de gevangenis plaatsvindt.

    14:30 uur Britse versterkingen halen de eerste bevrijde gevangenen, voornamelijk vrouwen uit de gevangenis en vervoeren ze met militaire vrachtwagens naar Tandjoeng Harbour waar opvangkampen voor hen gereed staan, sommigen gaan ook te voet naar de opvangkampen.

    17:00 uur De laatsten van de meer dan 3500 bevrijde gevangenen verlaten de gevangenen en gaan naar Tandjoeng Harbour.

    Niet mag onvermeld blijven dat van 06.00 tot 14.30 uur Jack Boer en zijn 9 overgebleven Gurkha’s de Werfstraatgevangenis met meer dan 3500 gegijzelden beschermen tegen bloeddorstige pemuda’s.
    Het kan zijn dat niet alle bevrijde gevangenen Jack Boer zagen , maar hij moet met zijn kleine groep op de gevangenismuur en bij de gevangenispoort de wacht houden, vandaar.

    • Peter van den Broek zegt:

      Het klinkt misschien gek maar ik wil dhr Somers hartelijk danken voor zijn kritische opmerkingen. Ik heb moeite om na meer dan 30 jaar uit Nederland, eerst Zwitserland en nu in Italië mij in het Nederlands nauwkeurig uit te drukken. Nederlands begint voor mij langzamerhand een vreemde taal te worden en dat is te merken. Ik heb altijd met veel interesse zijn opmerkingen over mijn taalgebruik gelezen.

      Wat de research naar feiten betreft is dat toch wat anders. Ik besloot een aantal jaren geleden aandacht te geven aan de affaire Jack Boer, daarbij een andere dan de gebruikelijke methode volgend. De tot dan toe gebruikte beschrijvingen baseren zich veelal op informatie van de ex-gegijzelden in de Werfstraatgevangenis , maar die wisten natuurlijk niet wat de Britse militairen buiten de gevangenis uitvoerden, Ik richtte me daarom op Britse militaire primaire bronnen wat problematisch is , aangezien ik in Italië woon. Ondanks dat ben ik er in geslaagd veel bronnen te bestuderen en ik hoop binnenkort een streep achter het verhaal te trekken.

  33. Peter van den Broek zegt:

    Bussemaker vermeldt in zijn boek “Bersiap! opstand in het paradijs” 2 maal dhr J.A.Somers.

    p.216 Somers noemt 90 man in een cel. Hij beschrijft hoe de gevangenen elkaar verhalen vertelden . Volgens hem was het eten niet zo slecht.
    p.246 Eén van de gevangenen stelde dat de maispap inderdaad niet fris rook maar dat er van vergiftiging geen sprake was……… Om kwart voor zes stond men in de rij voor deze pap ….. even later vielen de Britten aan.

    • Jan A. Somers zegt:

      “Bussemaker vermeldt in zijn boek “Bersiap! opstand in het paradijs” 2 maal dhr J.A.Somers.” Klopt. Dochter Nadet had hem geïnterviewd voor de SMGI, en ik maakte hem indertijd attent op die verzameling van de 720 interviews. En hij pikte er o.a. die van mij uit.
      “90 man in een cel”. Ja, de eerste avond was dat nog ca. 120, de dag daarop was er een reorganisatie.
      “Verhalen vertellen” Er waren een paar oude Indische heren die elke avond wel een spookverhaal hadden over Kembang Koening of Peneleh. Niet waar? Toch leuk!
      ” erbarmelijke omstandigheden” Dat viel wel mee hoor, het was eerder saai. Ja, de huisvesting was slecht, kale beton om op te zitten/slapen, met één open hurkplee in het midden, met een bak water ernaast. Maar de gevangenenbewaarders bemoeiden zich niet met je. Af en toe paradeerden er een paar pemoeda’s op de binnenplaats, met van alles uitgedost, met zwaarden e.d..Daar lachte je vriendelijk tegen. En er zat een stevige traliedeur tussenbeide!
      “was het eten niet zo slecht. Maar wel saai, elke dag maispap, en te weinig. Ik denk dat de keuken/belandja die massa gevangenen niet aankon. In mijn tijd daar bij de Kenpeitai kreeg je tenminste nog gekookte lobakbladeren (de knollen waren voor de Japanners), maar dat was dan wel variatie, en goed voor de vitamines.
      “dat de maispap inderdaad niet fris rook” ‘s-avonds 9 november was de pap voor de volgende ochtend al neergezet, waarschijnlijk vanwege het aflopen van het ultimatum. De tropische temperatuur maakte dat het die ochtend al niet fris rook, maar we kwamen toen niet aan eten toe. Dat deden we pas rond drie uur de volgende middag, toen we ons hadden bevrijd. Heel weinig van gegeten, niemand dood. Ook niet netjes om de Indonesiërs ongegrond te beschuldigen van vergiftiging en in brand steken. Tot zover Bussemaker.
      “hun vlucht wordt niet door alle gevangenen opgemerkt, kennelijk slapen enkelen door het lawaai heen.” Nou zeg, die actie van de heer Boer ging toch vergezeld van schreeuwen, schieten, handgranaten enzo? Daar slaap je toch niet doorheen. En welke gevangenenbewaarders hebben dan om half zes onze celdeuren geopend, en geteld? En ons weer de cellen ingestuurd?
      “vòòr de Britse hoofdaanval te redden.” Hebben we niets van gemerkt.
      “hoe anders konden de bevrijde gevangenen weten dat het eten was vergiftigd!!!!!!” Dat wisten we niet, dat heb ik pas later in Nederland gehoord. Vandaar dat we er zowat allen een beetje van hebben gegeten. Er was niemand die ons tegenhield, behalve de bedorven lucht.
      “Ander eten wordt klaargemaakt voor de meer dan 3500 bevrijde gevangenen*” Wanneer, door wie? Niks van gemerkt. Mijn eerste maaltijd was op de Prtincess Beatrix, op 11 november ‘s-avonds Wat is overigens het verschil tussen ruim 3500 en precies 2384 bevrijde gevangenen? Een verschil van ruim duizend!
      Voor de zekerheid: Ik heb niets tegen de heer Boer, ik ken hem niet, behalve één keer in Den Haag gezien. Het gaat er mij om dat mijn ervaringen heel anders zijn, en niet van mij alleen. Jammer dat mijn toenmalige werkgever al gestorven is, anders had u het hem ook kunnen vragen. Ik kwam samen met hem op Perak aan waar we afspraken dat hij zou proberen naar zijn melkbedrijf te gaan en onderweg naar mijn moeder en zus te zoeken. Ik zou proberen naar mijn vader in Singapore te gaan, en daar zoeken naar zijn vrouw en dochtertje. Ik herinner me het nog als de dag van gisteren. Ik hoef alleen maar de film in mijn hoofd af te draaien. Als ik dood ben kan Zeeuws meisje hetzelfde verhaal woordelijk navertellen. Een van de mooiste dagen uit mijn leven.

    • Jan A. Somers zegt:

      Het vervolg op mijn bevrijding was ook spannend en avontuurlijk. Ik was na mijn bevrijding naar een wat apart staand groepje auto’s verwezen. We gingen naar Perak en niet zoals de andere auto’s naar het opvangkamp in Oedjoeng. Het bleek dat ik op een slechte conditie (???) was geselecteerd om met de Prinses Beatrix naar Singapore te gaan. Kwam mij goed uit, mijn vader zat daar, en Engelse matrozen vertelden me dat alle vrouwen en kinderen naar Singapore waren geëvacueerd. Dus(!) ook mijn moeder en zus, ik had in Soerabaja niets mer te zoeken. Op de Princess Beatrix werden we overvloedig getrakteerd, vette karbonaatjes, gebraden kippetjes e.d., besprenkeld met lemon juice (laxerend!!). Op dat schip,was alleen het nautisch- en gevechtspersoneel Engels de rest was de oorspronkelijke Nederlandse bemanning.
      Onderweg kregen we te horen dat we naar Batavia gingen. Singapore zat vol. We werden daar opgevangen op het hospitaalschip Van Heutsz. Weer grote traktatie: erwtensoep met worst. Onze magen waren al dat vet niet gewend, lange rijen voor de wc’s, velne al met spuutpoep in hun broek!
      We werden gehuisvest in de gevangenis Struiswijk. In een rij voor Amerikaanse keuringsartsen. Al je kleren op een grote hoop, daar kregen we schone nieuwe voor terug. Onder de douche, ik denk DDT. ‘s-avonds Amerikaanse films, zoals Two girls and a sailor, en reportages over Vera Lynn. Ik sliep in een cel met een oude man die er beroerder aan toe was dan ik. Hij mocht van mij op de houten brits slapen, maar dat was geen succes: wandluis in de scheuren.
      We konden telegrammen versturen/ontvangen, zo hoorde ik al snel van mijn vader dat mijn moeder en zus niet in Singapore waren gearriveerd, ook de vrouw en dochtertje van mijn baas op de melkerij niet. Via veldpost konden we wat ruimer corresponderen. Ik had niets meer te zoeken in Batavia, en in overleg met mijn vader zou ik proberen naar Soerabaja terug te gaan. Kon al snel. Het Rode Kruis zocht vrijwilligers om in Soerabaja bezig te zijn met opsporen en bergen van bersiapslachtofers, en het weer in gereedheid brengen van twee ziekenhuizen, het Leger des Heilshospitaal en het daar tegenover gelegen Katholieke ziekenhuis. Vanwege gebrek aan luchtvervoerscapaciteit eerst nog een weekje in Batavia rantsoenen rondgebracht naar de vrouwenkampen. Die hadden we samengesteld uit eenpersoons Amerikaanse dagrantsoenen. Heel compleet met legergroen toiletpapier en een tinnetje sigaretten (die lang niet allemaal bij de vrouwenkampen aankwamen!).
      Met een Dakota naar Soerabaja, daar eerst een laagvliegende rondvlucht gemaakt. Daarna naar het Leger des Heilshospitaal. Overal klonk nog schieten, maar ja, daar kon je je toch niet druk overmaken zolang die militaire chauffeurs bleven rijden. In twee leeggeplunderde huizen naast het ziekenhuis maakten we ons bivak, met overgebleven meubilair uit andere huizen. Ben meteen naar ons huis in de nabijgelegen Setailstraat gegaan, leeggeplunderd, geen moeder en zus. Wel mijn postzegels over de vloer.
      Zie verder Javapost, 2 mei 2012, Onder de vlag van het Rode Kruis.

  34. Peter van den Broek zegt:

    Resumé

    Bij mijn onderzoek naar de reddingsactie in de Werfstraatgevangenis reconstrueer ik de gebeurtenissen gebaseerd op Britse militaire dagrapporten en het verhaal Jack Boer op 9 en 10 november 1945.
    Bij een vergelijking van mijn verhaal met die van dhr Somers zijn er 3 essentiële verschillen:

    1) In de ochtend van 10 november 1945 geeft gen.maj. Mansergh commandant van de 5th Infantry division bevel dat er om 1100 uur een artilleriebeschieting op de Indonesische stellingen bij de Heerenstraat ten zuiden van de dichtbijgelegen Werfstraatgevangenis plaatsvindt.

    2) Bij de reddingsactie in de gevangenis vind er hemelsbreed op minder dan 20 meter afstand van de cel van dhr Somers een schietpartij plaats, waarbij tenminste 1 handgranaat tot ontploffing komt, één Gurkha sneuvelt bij deze actie.

    3) Bij de reddingsactie vluchten een hondertal Indonesische cipiers door een gangpad dat leidt naar de zijpoort van de gevangenis. Het gangpas grenst aan de deur van de cel van dhr Somers.

    ad 1) De beschieting vindt buiten de gevangenis plaats, de granaten vliegen over de gevangenis en slaan op minder dan 100 yards van de Werfstraatgevangenis in. Omdat het gevaar bestaat dat granaatscherven in de gevangenis terechtkomen, worden de gevangenen, die in de buitenlucht op hun eten staan te wachten voor hun eigen veiligheid weer naar hun cellen gedirigeerd. Het verschil in interpretatie van de gebeurtenissen ligt voornamelijk aan de bepaling van het tijdstip van de beschieting op de Indonesische stellingen ten zuiden van de gevangenis.
    Let wel: de gevangenen hebben geen benul van tijd dwz hebben geen éénduidige tijdsmeting en moeten ACHTERAF afgaan op de door de Britten aangegeven tijdstip van de beschieting nl. 1100 uur.

    ad 2 en 3) zijn gebeurtenissen die binnen de gevangenismuren plaatsvinden, Dhr Somers merkt de beschieting en de vlucht van de cipiers niet op, althans hij is er zich niet van bewust. Deze feiten vallen buiten zijn waarneming.

    Uit de drie bovenstaande feitelijke gebeurtenissen concludeer ik dat dhr Somers met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid eerst pas omstreeks 1100 gewekt werd en werktuigelijk naar de uitdeelplaats van het eten ging. Toen de beschieting begon en granaten over de gevangenis vlogen keerde hij terug naar zijn cel.

    • Jan A. Somers zegt:

      Ik zal proberen uit uw rommeltje te komen.
      1) Niets gemerkt van beschietingen in de buurt, dat was pas voor het eerst een paar inslagen rond twaalf uur ten noorden van ons. En pas rond drie uur enkele granaten over de gevangenis heen. ook dat waren brisantgranaten met een schokbuis, geen tijdbuis. “worden de gevangenen, die in de buitenlucht op hun eten staan te wachten voor hun eigen veiligheid weer naar hun cellen gedirigeerd.” Lijkt mij moeilijk, wij zaten al sinds zes uur in onze cellen. Een keer eerder schreef u al dat er rond elf uur kon worden gegeten. Wie heeft dat voor ons gemaakt, waar, en waarvan? Ik schreef al dat er na zes uur geen gevangenispersoneel meer was, door u bevestigd met vluchten. Of dacht u aan aardige pemoedi’s die vielen voor onze reebruine, hongerige ogen? En dan weer “op de door de Britten aangegeven tijdstip van de beschieting nl. 1100 uur.” De eerste inslagen in de buurt, ten Noorden van ons, waren om rond twaalf uur. Ik vermoed dat ze toen klaar waren met de Bataviaweg en Ferwerdabrug (volgens legerrapportage begonnen om negen uur), en toen opschoven richting gevangenis.
      “de gevangenen hebben geen benul van tijd” En u geen benul van wat wij wel in huis hadden. Enkelen hadden nog een horloge, zo’n opwindding, gelijk stellen op de etenstijden. Exacte tijdkennis om zes uur, twaalf uur en vijf uur. Bovendien had mijn vader (weliswaar slechts een gewone burger zeeman, geen hoge marineofficier) mij al van jongs af bekend gemaakt met het hemelgebeuren. Sterrenbeelden, zonnestanden, zonnetje schieten, sextant, octant. Om zes uur, twaalf uur en zes uur, kennis van de zonnetijd +/- een kwartier. Om negen uur en drie uur (45 graden) +/- een half uur. Goed genoeg voor ons dagelijks leven en mijn persoonlijke tijdlijn.
      “ad 2 en 3) zijn gebeurtenissen die binnen de gevangenismuren plaatsvinden, Dhr Somers merkt de beschieting en de vlucht van de cipiers niet op, althans hij is er zich niet van bewust. Deze feiten vallen buiten zijn waarneming.” Hoeft ook niet, de eerste schietpartijen binnen de gevangenis merken we kort na vijftien uur, als we daarvoor gewaarschuwd waren door de langskomende Gurkha’s. En ik heb inderdaad toen geen cipiers zien vluchten. Dat kon ook niet, die waren allang verdwenen.
      “concludeer ik dat dhr Somers met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid eerst pas omstreeks 1100 gewekt werd en werktuigelijk naar de uitdeelplaats van het eten ging. Toen de beschieting begon en granaten over de gevangenis vlogen keerde hij terug naar zijn cel.” Weer een opmerking om mij dwars te zitten. Onfatsoenlijk, u uit hier leugens, u liegt! Ik vind u het niet meer waard om als gesprekspartner op te treden. Ga eerst maar eens een ei leggen, kunt u weer kakelen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s