Auteurs

De berichten in de Java Post zijn, tenzij anders aangegeven, geschreven door Bert Immerzeel. Gelukkig wordt hij steeds meer geholpen door anderen.
Van de volgende auteurs verschenen inmiddels één of meerdere artikelen:

Paul Baro (Djokjakarta, 1941) verhuisde in 1947 naar Surabaya, in 1956 naar Jakarta en een jaar later naar Nederland. Na zijn militaire dienstplicht was hij werkzaam in de detailhandel, bij Philips en bij de gemeentelijke overheid.
In februari 1989 trad hij als general manager in dienst bij Frans Maas (transport en logistiek). In 1995 werd hij benoemd  tot directeur. Na zijn pensionering verrichtte hij nog enige jaren consultancy-werkzaamheden.

Herman Bussemaker (Soerabaja, 1935)  groeide op op een sinaasappel- en citroenonderneming boven Batoe (dessa Oro-Oro-Ombo). Zijn vader, Hollander,  kwam als krijgsgevangene om aan boord van de Yunyo Maru. Zijn moeder, Indisch, runde tijdens Japanse bezetting de onderneming onder Japans toezicht. Tijdens Bersiap verbleven zij onder andere in het Bergenkamp Malang.
In 1950 opgevangen in contractpension in Vlissingen. HBS-diploma 1953, daarna studie chemische technologie, Ingenieur TU Eindhoven 1963. Reserve-officier bij KL. Werkzaam in diverse management-functies bij IBM.
Na zijn pensionering promoveerde hij aan de Universiteit van Amsterdam op dissertatie Paradise in Peril, European colonial power and Japanese expansion in S.E. Asia, 1904–1941  http://dare.uva.nl/en/record/86412. Van 1997-2003 was hij voorzitter KJBB, tevens lid delegatie Indisch Platform betreffende Het Gebaar. Auteur van Bersiap! Opstand in het Paradijs! (2005) en hoofdredacteur van Geillustreerde Atlas van de Bersiap-Kampen  in Nederlands-Indië 1945 – 1947 (2009). Vanaf 2008 voorzitter van het Indisch platform.

Rob Cassuto (Bandoeng, 1941) was samen met zijn moeder geinterneerd in Tjihapit, Moentilan en Banjoebiroe, terwijl zijn vader aan de spoorweg werkte in Birma. Na de komst van het gezin naar Nederland studeerde Rob rechten en psychologie in Leiden en Nijmegen. Beroepsmatig was eerst hij werkzaam als jurist en psycholoog, om zich later op creatieve wijze te uiten in het theater. De laatste jaren geeft hij zijn leven vooral inhoud met werkzaamheden rond levensbeschouwing en (joodse) religie. Naar Rob zelf zegt, wordt zijn leven bepaald door drie elementen: Indië met zijn tropenzon en internering, het Jodendom met zijn plichten en plezier, en tenslotte de calvinistische zeden en Hollandse nuchterheid.   Meer info: http://www.robcassuto.com

Leonie van Daalen-Röell (Soerabaja, 1930) is een Nederlandse schrijfster, die werd geboren en opgroeide in Nederlands-Indië. Na gast te zijn geweest van de Japanse regering, keerde ze naar Nederland terug. In 1953 emigreerde zij met haar man naar de U.S, waar ze 7 jaar bij Air France werkte terwijl haar man verder studeerde, en zij hun leven in een suburb van New York begonnen. Een bank stuurde het gezin van Daalen in 1967 naar Zwitzerland. Sindsdien wonen zij bij Genève. Leonie deed jarenlang mee aan writer’s workshops. Zij schrijft in het Nederlands en voornamelijk in het Engels voor haar enige zoon en zijn familie in Amerika.

Mary C. van Delden (Bandoeng, 1941)  gaf na het volgen van de kweekschool in Den Haag les aan leerlingen op BLO-scholen in Enschede, Schiedam en Leiden, en de katholieke basisschool in Kockengen. Van 1983 tot 1989 studeerde zij culturele antropologie/niet-westerse sociologie aan de Universiteit van Amsterdam. Deze studie sloot zij af met het boek Bersiap in Bandoeng. Een onderzoek naar geweld in de periode van 17 augustus 1945 tot 24 maart 1946. In 2007 promoveerde zij op De Republikeinse kampen in Nederlands-Indië, oktober 1945-mei 1947. Orde in de chaos? Als publieksuitgave verscheen het proefschrift in eigen beheer, onder ISBN-nr. 978-90-811845-1-9.

Louis Doppert (Djombang, 1929) woonde tot 1946 in de Vorstenlanden (Soerakarta, Klaten, Djokjakarta) waar zijn Europese voorouders zich in circa 1795 hadden gevestigd. Als Indo-Europees kind met ongeveer 50% Indonesisch bloed bleef hij in de oorlog buiten de Japanse interneringskampen. Toen na de oorlog de Indonesische Republiek werd uitgeroepen, werd hij geïnterneerd in verschillende Republikeinse ‘beschermingskampen’.
Eind 1947 migreerde hij naar Holland. Hij volgde in Den Haag de Overbruggings-HBS, een stoomcursus voor kinderen uit Indië. Daarna studeerde hij aan de Rijksuniversiteit te Leiden, waar hij promoveerde als doctor in de chemie. Na zijn studie werkte hij als researchchemicus bij de AKZO.
Omstreeks 1975 zette hij zich aan het schrijven van verhalen over zijn verleden. Deze werden gepubliceerd o.a. in Moesson en Tjabe Rawit. In 1990 verscheen zijn verhalenbundel ‘De Eerste Generatie’. Sinds 2006 beheert hij de weblog http://vertellingenvanlouis.blogspot.com met verhalen over zijn jeugdjaren.

Jan van Dullemen (Schiedam, 1954)  interesseerde zich al vroeg voor Indonesië door de kris en wajangpop die een dienstmaat van zijn vader had meegebracht na de politionele akties. In 1976 getrouwd met Maria Tan uit Tegal, midden Java.
Studeerde kunstgeschiedenis te Leiden. In 2008 gepromoveerd aan de universiteit Utrecht op het proefschrift Op zoek naar de tropenstijl: leven en werk van prof. ir. C.P. Wolff Schoemaker, Indisch architect. In 2010 verscheen van dit proefschrift de handelsuitgave: Tropical Modernity, Amsterdam, SUN.
Op dit moment werkzaam als Coördinator Voortgezet Onderwijs bij Stichting ToBe.
Voor lezingen, opmerkingen en vragen: cjvandullemen@hotmail.com.

Liesbeth Hesselink (1943) is historica. Zij heeft een loopbaan in en rond het onderwijs en als politica achter de rug. Daarnaast publiceerde zij enkele artikelen over prostitutie en over de medische geschiedenis in Indië. In 2009 promoveerde zij op het proefschrift Genezers op de koloniale markt: inheemse dokters en vroedvrouwen in Nederlandsch OostIndië, 1850-1915. Het proefschrift is te downloaden op: http://dare.uva.nl/document/128581

Joop de Jong (1941) werkte als hoofd van het Bureau Indonesië en als Aziëdeskundige bij het ministerie van Buitenlandse Zaken. Hij publiceerde verschillende historische artikelen en boeken over Azië, waaronder Diplomatie of strijd. Het Nederlands beleid tegenover de Indonesische Revolutie 1945-1947 en De waaier van het fortuin. De Nederlanders in Azië en de Indonesische archipel 1595-1950. Zijn laatste boek Avondschot werd in 2011 uitgegeven bij Uitgeverij Boom, Amsterdam.

Joke de Jonge (Rotterdam, 1955) heeft een half-Indische achtergrond. Haar moeder is geboren en getogen in Kediri (Tegowangi), haar vader ging na de oorlog als vrijwilliger naar Nederlands-Indië. Haar moeders geschiedenis fascineert haar al vanaf haar puberteit. Haar studies waren: HBO Cultureel Werk, een Supervisie-opleiding en Culturele Antropologie. Ze werkte tien jaar met politieke vluchtelingen bij Amnesty International, daarna in de Interculturele Jongerenuitwisseling en Amsterdamse Thuiszorg. Vanaf 2000 is zij actief als kinderboekenschrijfster met een eigen schrijfbedrijf. De fascinatie met haar moeders geschiedenis leidde tot ‘Strijd overzee – Soldaat in Nederlands-Indië’ en ‘Een schatkist vol geheimen’. Met het Indisch Herinneringscentrum ontwikkelde ze een schatkist met Indisch erfgoed om mee langs basisscholen te reizen. Zie websites: www.dejongeteksten.nl en www.boekenvanjoke.nl.

Herman Keppy (Amsterdam, 1960) is de zoon van een Molukse vader en een Nederlandse moeder. Van beroep journalist, bladenmaker, schrijver en projectleider. Hij doet regelmatig research naar onderbelichte feiten uit de Indonesische geschiedenis en wordt daarom nu en dan geraadpleegd als deskundige voor radio en televisie. In 2002 ageert hij succesvol tegen de ‘viering’ van 400 jaar VOC middels het symposium: ‘Wat valt er te vieren?’. Veel media-aandacht in binnen- en buitenland is zijn deel. Hij debuteert als romanschrijver met Tussen Ambon en Amsterdam in 2004, gevolgd door Flat River Flamingo (2006). Meer info: http://hermankeppy.com

Jacques Lisser (Soerabaja, 1925) was scholier op de gouvernements-HBS in Soerabaja. In juli 1942 werd hij geinterneerd. Na een verblijf in de Werfstraatgevangenis, Kesilir en Banjoebiroe, bracht jij het laatste oorlogsjaar door in in 1944 kamp Tjikoedapoeteuh, Bandoeng. Tijdens de bersiapperiode was hij gevangen in de Boeloegevangenis te Semarang. Als deel van de bemanning voer hij op Liberty schip ‘Fort Nassau’ (later omgedoopt in ‘Delft’) en troepentransportschip ‘Tabinta’. Met dit laatste schip arriveerde hij in Amsterdam op 14 april 1946.
Na zijn Londens Diploma te hebben gehaald, studeerde hij aan de T.H. Delft. In 1952 afgestudeerd als elektrotechnisch ingenieur. Nadien was hij werkzaam als R+D-ingenieur bij middelgrote elektrotechnische bedrijven, met als specialisme vermogens-electronica.

Herbert van Rheeden (Djember, 1937 – Rotterdam, 2014) groeide op in de paradijselijke omgeving van de koffie-en rubberplantage Kebon Silosanen. Tijdens de oorlogsjaren woonde bij familie van zijn moeder in Malang. Aan het eind van de oorlog verhuisd naar Soerabaia en daar de Bersiap beleefd. Zijn vader bleek te zijn overleden aan de Birma-spoorweg. In maart 1946 `gerepatrieerd´ naar Nederland, en daar terechtgekomen bij Hollandse pleegouders in Den Haag. In 1955 na voltooiing HBS naar de kunstacademie, in 1959 afgestudeerd. Tekenleraar tot 1976, o.a. aan de academie Minerva in Groningen. Van 1976-2002 gewerkt aan het Kunsthistorisch Instituut der Universiteit van Amsterdam. In 1988 gepromoveerd op de geschiedenis van het kunstonderwijs in Nederland en Nederlands-Indië. In 2014, ná de publicatie van verschillende van zijn verhalen in de Java Post, is hij overleden.

Peter Ronner (Wildervank, 1955), werkzaam als bestuurder bij een onderwijsstichting, kwam als verzamelaar van Nederlandstalige misdaadliteratuur op het spoor van de Indische detectiveroman. Gevoed door de familieverhalen over ‘hun’ tijd in Indië/Indonesië leidde dit tot het verzamelen van Indische misdaadromans. Won detective-schrijfwedstrijden van de Geïllustreerde Pers en Vrij Nederland. Publiceerde in 2002 ‘Eindhalte Hamdorff’ (Ellessy) en in 2012 de verhalenbundel ‘1927 de verdwijning van Agatha Christie’ (Parelz).
Voor lezingen resp. op- en/of aanmerkingen: p.ronner@wxs.nl
NB. Gezocht: Indische detectiveromans!

Sabina de Rozario (Ermelo, 1974)  is dochter van een Indische vader en een Nederlandse moeder. In 2005 publiceert zij het boek Door blauwe ogen, een onderzoek naar de derde generatie Indischen in Nederland. Voor Het Indisch Huis maakt zij het magazine en de korte docu Jongeren en herdenken. In 2010 vestigt zij zich op Bali en onderzoekt alles wat te maken heeft met Indisch-zijn, Indischen en het land van herkomst: van de derde generatie Indischen geboren en getogen in Indonesie tot eerste generatie Indischen die teruggaan naar de roots. Het leven op Bali als Indische vrouw, de confrontaties met het Indische verleden en de Balinese samenleving, zijn onderwerpen waarover zij schijft voor het boek Indo in Bali.

Gerard Samson (Palembang, 1933) was tijdens de oorlogsjaren geinterneerd in het Tjidengkamp in Batavia en het Baroskamp in Tjimahi. In de jaren ´70 vertrok hij naar Zweden en studeerde daar af als historicus aan de Universiteit van Stockholm. Sindsdien heeft hij in dit land gewerkt als leraar geschiedenis en maatschappijleer. Zijn interesse voor Zweden is groot, maar zijn interesse voor Indonesië misschien nog wel groter, getuige zijn (Zweedstalige!) website: http://www.indonesienshistoria.se/

Piet Scheele (Axel, 1927) arriveerde als dienstplichtige in mei 1947 a/b van de Volendam in Belawan bij Medan. Enkele weken later begon vanuit hier de 1e Politionele Actie. Voor het begin van de 2e Politionele Actie werd hij overgeplaatst naar Padang. In 1950 voer hij terug naar Nederland met met het Franse troepenschip Pasteur.
In zijn latere werk was hij als districtsbestuurder van de Industriebond NVV betrokken bij de cao-onderhandelingen voor de werknemers in de chemische industrie. Over zijn Indische jaren maakte hij een eigen website: http://members.chello.nl/pscheele/

Peter Schumacher (Oost Borneo, 1933) verbleef tijdens de Japanse bezetting in verschillende interneringskampen in Bandoeng. Eind december 1949 vertrok hij met zijn ouders en zussen naar Nederland. Na een loopbaan als fotograaf verlegde hij zijn werk naar de journalistiek. Van 1975 tot 1993 werkte hij als redacteur/verslaggever voor NRC Handelsblad. Tussen 1982 en 1988 verschenen er vier drukken van zijn boek De Minderheden. Na zijn vervroegde uittreding in 1993 schreef hij nog een aantal gespecialiseerde boeken en tijdschriftartikelen, voornamelijk over Indonesië, dekolonisatie en WO II. Zijn laatste boek, Ogenblikken van genezing, verscheen in 2011 bij Uitgeverij Van Gennep, Amsterdam.  Meer info: http://www.peterschumacher.nl/

Jan Somers (Soerabaja,1930) heeft roerige jeugdjaren meegemaakt in Soerabaja. In de bersiapperiode zat hij gevangen in de Werfstraatgevangenis. Na zijn komst naar Nederland volgde hij een opleiding tot civiel ingenieur aan de Technische Hogeschool in Delft. Als wetenschappelijk onderzoeker was Somers werkzaam bij TNO. In 1996 studeerde hij af op Nederlands recht, staatkundig-juridisch, aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. In 2001 volgde promotie aan de Erasmus Universiteit op het proefschrift De VOC als volkenrechtelijke actor. In 2005 verscheen uiteindelijk zijn opus magnum Nederlandsch-Indië: Staatkundige ontwikkelingen binnen een koloniale relatie.

Ed Vermeulen (Alkmaar, 1942),  volgde het Baarnsch Lyceum en de Kweekschool voor de Zeevaart, Amsterdam. Tot begin 1969 gevaren in diverse stuurmansrangen bij Van Nievelt, Goudriaan en Co’s Stoomvaart Mij. te Rotterdam. In 1964 getrouwd met Martje Edith van der Wal (Magelang, 1939). Van 1969 tot 2002 werkzaam bij muziekbedrijf Polygram International in diverse repertoire- en marketingfuncties. Schrijft historische verhalen over diverse onderwerpen waaronder zeemansverhalen en familiegeschiedenis. Heeft met verschillende verhalen bijdrage geleverd aan boektrilogie De Zeeman vertelt, uitgeverij Lanasta. Werkt momenteel aan beschrijving van de geschiedenis van de voormalige Gemeentelijke Zeevaartschool Texel (1913-1933), te lezen op www.oneindignoordholland.nl.

Hans Vervoort (Magelang, 1939) behoort tot de laatste generatie schrijvers die is opgegroeid in Nederlands-Indië. Hij schreef in 1974 het bekende reisverslag Vanonder de Koperen Ploert. Zijn meest recente “indische” publicaties zijn Kind van de Oost, een bundeling autobiografische jeugdverhalen en Retourtje Tropen, een reis door Sumatra en Java (beide uitg. Nijgh en van Ditmar, 2005). Weg uit Indië, zijn eerste kinderboek, verscheen in 2012 bij Uitgeverij Conserve.
Website: www.hansvervoort.nl

x

2 reacties op Auteurs

  1. W.J.Hissink zegt:

    Leonie van Daalen heeft een boek geschreven: Go, not knowing where, dat vermoedelijk in eigen beheer is uitgegeven. Ik zou graag een exemplaar hiervan op een of andere manier willen verkrijgen.
    W.J.Hissink

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s